De Babylonische Astronomische Dagboeken

Voorbeeld van een Astronomisch Dagboek. Op dit tablet staat de Komeet van Halley vermeld, die in 164 v.Chr. zichtbaar was (British Museum, Londen)

Mesopotamische historiografische documenten zijn niet zo makkelijk te lezen als de Griekse en Romeinse. Sinds de Renaissance hebben Europese historici hun teksten immers gemodelleerd op klassieke voorbeelden, zodat we het (niet zelden valse) gevoel hebben Griekse en Romeinse teksten te begrijpen. Toch heeft het zin eens te kijken naar de Mesopotamische historiografische teksten, die méér hebben te bieden dan informatie over lang vergeten gebeurtenissen. De Mesopotamische kronieken en hun voorstadium, de Astronomische Dagboeken, vertegenwoordigen een vroege aanzet tot wetenschappelijk denken. Daarover nu twee blogstukjes.

Maar eerst het begin. In het begin schiepen de goden de hemel en de aarde. Ze bouwden hun hemelse paleizen, regelden de kalender en schiepen de sterren, de zon en de maan. Vervolgens bouwden ze een stad om het Nieuwjaarsfeest vieren: Babylon, het fundament van de hemel op aarde. En tot slot schiepen de goden mannen en vrouwen, opdat die het land zouden bewerken en het voedsel produceren dat ze offerden aan hun scheppers.

Het enige dat de goden nog te doen hadden, was de planeten zó te verplaatsen dat de mensheid begreep welke arbeid van haar werd verwacht. Als de goden bijvoorbeeld de zon verplaatsten naar de waterige sterrenbeelden Waterman en Vissen, wisten de mensen dat de Eufraat en Tigris gingen overstromen en konden ze voorzorgsmaatregelen nemen. Sinds de eerste helft van het tweede millennium v.Chr. wisten de Mesopotamiërs dat de bewegingen van de hemellichamen de toekomst voorspelden, en sindsdien hadden de Assyrische en Babylonische heersers astronomen in dienst, die hun informeerden over de gevaren die ze liepen en de kansen die er lagen.

Vanuit ons perspectief is de aanname achter de Mesopotamische wetenschap verkeerd: de loop van de planeten voorspelt de toekomst niet. De methode van de toenmalige astronomen is echter zuiver wetenschappelijk. (Ik noem ze daarom astronomen en geen astrologen.) Ze begonnen – dit is stap één – met het observeren van de hemel en legden vervolgens hun waarnemingen vast in de zogenaamde Astronomische Dagboeken. Hier is een fragmentje uit een dagboek uit de vierde eeuw voor Christus:

Jaar 42 van Arses, die Artaxerxes wordt genoemd, koning van het land, maand IX.
Nacht van de 2de: Wolken in de lucht.
Op de 2e: Zon omgeven door halo.
[…]
Nacht van de 13e, begin van de nacht: maan 7° voor ζ Tauri.

Dit soort teksten vinden we op de voorzijde van een kleitablet. Op de achterkant noteerden de astronomen de gebeurtenissen die hierdoor waren voorspeld.

In de achtste maand kwamen vijanden naar de stad Sippar. Ze kampeerden stroomopwaarts en stroomafwaarts en namen veel buit van het land. In de negende maand bracht de zoon van de koning, die was uitgezonden om Sippar te beschermen, hun een nederlaag toe en nam de buit terug.

Omdat we de dateringen van de kleitabletten (“Jaar 42 van koning Artaxerxes, maand IX”) simpel kunnen omzetten naar onze eigen kalender, en omdat we – als de datumformule ontbreekt – de planeetstanden kunnen benutten om de gebeurtenissen te dateren, hebben we dankzij de Astronomische Dagboeken een overzicht van de gebeurtenissen in Mesopotamië, bezien door de ogen van de astronomen in de stad Babylon. Die waren geïnteresseerd in zaken als oorlog, religie, voedselprijzen en de datum waarop het belangrijkste afwateringskanaal van Babylon werd geopend.

Toegegeven, dat is een beperkte visie op de toenmalige actualiteit, maar historici kunnen hier wat mee. De gebeurtenis die ik zojuist noemde, valt te dateren in november 363 v.Chr. en is niet uit andere bronnen bekend. Jammer natuurlijk dat de naam van ’s konings zoon onbekend is en dat we de identiteit van de plunderaars niet kennen.

Nu stap twee. Gewapend met deze dataverzameling probeerden de antieke astronomen patronen te herkennen, die ze vervolgens noteerden in de Voortekencatalogus. Ze ontdekten bijvoorbeeld dat een maansverduistering betekende dat binnen honderd dagen een koning zou sterven. Voor u nu in lachen uitbarst: dit is correct. U mag het controleren bij een maansverduistering: binnen honderd dagen zal er wel ergens een regeringswisseling zijn. Er zijn namelijk nogal wat regeringen en daardoor is de kans dat dit klopt nogal groot, ongeacht de dag waarop je begint te tellen. Dus ook als je begint op de dag van een maansverduistering.

Nu ze dit hadden ontdekt, wilden de astronomen méér. Ze leidden meer specifieke details over regeringswisselingen af uit het deel van de maan dat het eerst werd overschaduwd, uit de richting van de wind, uit de datum, uit het nummer van de maand en uit het moment van de nacht. Een voorbeeld uit de Voortekencatalogus:

Wanneer in de tweede maand de maan tijdens de avondwacht verduistert, zal de koning sterven. Zijn zonen zullen strijden om de troon maar zullen deze niet bestijgen.

Wij kunnen de tekortkomingen van dit soort futurologie herkennen, maar dat betekent niet dat de astronomen geen echte wetenschappers waren. Ze onderkenden de mogelijkheid dat de herkende patronen onjuist waren en daarom bevat de Voortekencatalogus een appendix van verouderde patronen. Kortom, we zien de empirische cyclus: observeer de verschijnselen, leid patronen af, toets die en gebruik nieuwe waarnemingen om de patronen te bevestigen of te falsifiëren.

Eén van de ontdekte patronen was de Saros-cyclus, die werd gebruikt om de onheilspellende maansverduisteringen te voorspellen. Alexander de Grote was diep onder de indruk toen hij hoorde dat de Babylonische astronomen niet alleen de maanverduistering hadden voorspeld die enkele dagen vóór de slag bij Gaugamela had plaatsgevonden, maar dat ze ook de exacte uitkomst van het gevecht hadden geweten én de richting waarheen de verslagen Perzische koning Darius zich had teruggetrokken. Het is maar al te begrijpelijk dat de Macedonische koning meteen beval de Babylonische astronomische literatuur in het Grieks te vertalen. Binnen negen maanden was de Griekse kalender hervormd.

Morgen maken we de stap van de Babylonische Astronomische Dagboeken naar de Babylonische kronieken.

[Dit waren het 323e voorwerp in mijn reeks museumstukken.]

9 gedachtes over “De Babylonische Astronomische Dagboeken

  1. FrankB

    Gooi de goden eruit en de Mesopotamische hemelkoekeloerders hadden het behoorlijk goed gezien. Hier ben ik het dan ook niet echt mee eens:

    “de loop van de planeten voorspelt de toekomst niet.”
    Dit is correct indien voorspelling causaliteit impliceert. Maar waarom zou dat zo zijn? Voor een betrouwbare toekomstvoorspelling is een sterke correlatie al voldoende.

    1. jan kroeze

      Sterke correlatie al voldoende? Voldoende voor oorzaak en gevolg? Mag je uitleggen, wat mij betreft. Wat bedoel je precies?

      1. FrankB

        “Sterke correlatie al voldoende?” Ja.
        “Voldoende voor oorzaak en gevolg?” Nee.
        “Mag je uitleggen.” Sorry; gelukkig voor mij moet het blijkbaar niet.
        “Wat bedoel je precies?” Wat ik schreef – niets meer en niets minder.

      2. FrankB

        Misschien helpt een voorbeeld – gisteren was ik een beetje moe en had ik geen zin om er één te bedenken.
        Ik durf wel te voorspellen dat het in Nederland ook dit jaar op 15 augustus weer warmer zal zijn (dwz. een hogere temperatuur) dan met Kerstmis. Temperatuur is niet de oorzaak van Kerstmis; andersom evenmin. Men hoeft verder niets te weten van temperatuur en Kerstmis om deze voorspelling te doen. De sterke correlatie is voldoende.
        De Mesopotamische deden iets vergelijkbaars.

        1. Beste Frank, mijn dank voor je antwoord, ik snap wat je bedoelt. Ik kon het alleen niet uit de tekst halen, maar dat is niet erg, je bent nu erg duidelijk, ik zat op een volstrekt ander spoor, vandaar.

  2. Martijn N.

    Ik blijf mij verbazen over de breedte en de diepgang van je belangstelling. En kennis. Ik ben het niet altijd met je eens (bij die onderwerpen waarover ik zelf iets hoop te weten), maar ik leer elke dag iets bij door je fantastische blog. Ik vergeet te vaak je daarvoor te bedanken, dus bij dezen. Geweldig leuk stukje weer!

  3. Marc

    Mee eens dat Mesopotamiërs ons veel te vertellen hebben. Ik ben net begonnen aan een cursus Akkadisch in Munster. Het geeft zoveel meer diepgang als je je via de taal kunt inleven in die oude cultuur. Hele goede docent.

Reacties zijn gesloten.