[Derde van vier blogjes over het verblijf van Alexander de Grote in Babylon. Het eerste was hier.]
Hoewel de gezaghebber in Babylon, Mazaios, naar de Macedoniërs was overgelopen, waren Alexanders mannen op hun hoede en ze rukten in slagorde op naar de beroemde stad. Het moet hen hebben teleurgesteld dat de muren minder imposant waren dan Herodotos van Halikarnassos had beweerd, maar van de andere kant: ze waren nog nooit eerder in een stad geweest met ruwweg 100.000 inwoners. Ter vergelijking: Athene was half zo groot.
[Tweede van vier blogjes over het verblijf van Alexander de Grote in Babylon. Het eerste was hier.]
Alexander wist niet beter of de stad die hij op het punt stond in te nemen, Babylon, was de grootste ter wereld. Ze was omgeven door een stadsmuur van honderd meter hoog. Dat had althans de Grieks onderzoeker Herodotos van Halikarnassos geschreven en ook Aristoteles was van mening dat de muren eerder een compleet land omringden dan een enkele stad. Zulke verdedigingswerken waren zelfs voor het leger dat Tyrus had ingenomen te hoog.
Onderhandelingen
De Babylonische Astronomische Dagboeken bewijzen dat de koning van Macedonië het niet wilde laten aankomen op een belegering. Al in een vroeg stadium opende hij onderhandelingen. Daarbij probeerde hij zich te presenteren als een goede Babylonische vorst, een attitude die hij tot het einde van zijn leven heeft bewaard. Hier is de tekst van zo’n dagboek.
Algemeen schema voor een maansverduistering (niet op schaal) (klik=groot). De rode kleur die de maan tijdens de totale verduistering aanneemt wordt veroorzaakt door zonlicht dat via straalbreking in de aardatmosfeer alsnog het maanoppervlak bereikt.
Wie vanavond vlak na zonsondergang, bij helder weer, de oostelijke horizon in ogenschouw neemt, kan een bijzonder astronomisch verschijnsel waarnemen: het opkomen van een totaal verduisterde maan. Ongeveer drie kwartier later begint de roodgekleurde maan langzaam uit de kernschaduw (umbra) van de aarde te treden, een uurtje later is de maan helemaal uit de kernschaduw en nog een uurtje later is de maan ook uit de bijschaduw (penumbra) en prijkt zij als een heldere volle maan aan de hemel. Meer details hierover onderaan dit blogje.
Zons- en maansverduisteringen kort uitgelegd
Zoals bekend treden zons- en maansverduisteringen alleen op tijdens nieuwe maan of volle maan. Echter, niet elke nieuwe maan leidt tot een zonsverduistering en niet elke volle maan leidt tot een maansverduistering. Omdat de maanbaan een kleine hoek (ca. 5°) met de schijnbare zonsbaan (ecliptica)noot In oude Nederlandse astronomische en scheepvaartkundige werken ook wel de taankring of taanrond genoemd. maakt, gaat de maanschaduw bij nieuwe maan meestal boven of onder de aarde langs, terwijl bij volle maan de aardschaduw evenzo meestal boven of onder de maan langs gaat.
Kleitablet met vermelding van de komeet van Halley (British Museum, Londen)
Je ziet niet dagelijks een komeet en in elk geval ik heb de komeet nog niet gezien die door het leven gaat met de naam 12P/Pons-Brooks. Ik begrijp dat die momenteel ergens tussen de sterrenbeelden Andromeda en Pegasus is te zien; dat is in de vroege avond in het noordwesten, een beetje laag. U moet voorlopig een verrekijker hebben om de staartster te zien maar dat kan natuurlijk veranderen.
Ik mag dan 12P/Pons-Brooks niet hebben gezien, het kleitablet hier boven zag ik wel. Het behoort tot de Astronomische Dagboeken waarover ik eerder blogde. Dit tablet is in 1880 ergens in het huidige Irak gevonden en arriveerde een jaar later in Londen, waar het sindsdien deel uitmaakt van de collectie van het British Museum. En het vermeldt de komeet van Halley, die in september 164 v.Chr. aan de hemel stond.
Gisteren was het 2345 jaar geleden dat Alexander de Grote in Babylon overleed. De gebeurtenis markeert het begin van een deprimerende reeks burgeroorlogen waarover ik al eens blogde. Ze markeert echter tevens het einde van de historische belangstelling voor Mesopotamië. Althans in het Engelse taalgebied. Een voorbeeld is de Routledge History of the Ancient World. Amélie Kuhrt beëindigt haar geschiedenis van het Nabije Oosten in 330 v.Chr. en het boek van Graham Shipley over het hellenisme laat Mesopotamië, de Iraanse hoogvlakte en Baktrië onbehandeld. Als we de Engelstalige oudhistorici mogen geloven, gebeurde er na 11 juni 323 v.Chr. niets in wat nu Irak heet.
Dat is natuurlijk onzin en gelukkig is er ook literatuur die wetenschappelijk is, zoals het onlangs verschenen La Babylonie hellénistique van Laetitia Graslin-Thomé e.a. Het betreft een collectie vertaalde bronnen over Irak in de hellenistische tijd, met zeer uitgebreid commentaar.
Het Romeins klimaatoptimum maakte de bewoning van de woestijn mogelijk. Dit is het badhuis van Bu Njem. Uit ostraca weten we dat er zelfs genoeg hout was om het warm te stoken.
Al ruim twee jaar schrijf ik elke week een stukje over de laatste druk van het handboek waaruit ik ooit oude geschiedenis leerde, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek. Dat doe ik niet om de auteurs de levieten te lezen, maar om te kijken of mijn kennis in de pas loopt met recente inzichten. Ik schrijf dan meestal over zaken die de auteurs, een handboek zijnde een handboek, moeten overslaan of vereenvoudigen. Feitelijk verken ik de stof van het werkcollege naast het handboekcollege, waarbij de docenten de complexiteit uitleggen. Soms denk ik echter: dit moet echt anders. Zoals nu. Een van de grote innovaties van de eenentwintigste eeuw ontbreekt: de klimaatwetenschap. Ik lees broksgewijs en kan iets over het hoofd zien, maar het Romeins klimaatoptimum lijkt onvermeld te zijn.
Wetenschapsleer voor eerstejaars
Verplaats u even in de eerstejaarsstudent voor wie het handboek is bedoeld. Die leert bij de colleges wetenschapsleer dat onderzoekers werken met data – denk aan opgravingen, denk aan tekstuitgaven – maar dat patronen niet spontaan zichtbaar worden. Die herken je pas als je een vraag gaat stellen en die vraag is een reactie op de actualiteit. Vandaar het hoge in-de-Oudheid-hadden-ze-ook-gehalte van mijn vak: terwijl de huidige onderzoekers kijken naar ecologische en klimatologische kwesties, keken ze in de jaren negentig naar globalisering en wereldgeschiedenis, was in de jaren tachtig gender een populair onderwerp en was er in de jaren zeventig aandacht voor de sociale en economische verhoudingen. Je vertrekpositie verandert voortdurend. En dus verandert ook de Oudheid voortdurend.
[Dit is het tweede van vier stukjes over Alexander de Grote. Het eerste vindt u hier en een poging de veroveringstocht te contextualiseren vindt u daar.]
In de zomer van 331 v.Chr. staken de Macedoniërs de Eufraat over. Ze zouden, net als Xenofon, hebben willen oprukken langs die rivier richting Babylon, maar de Perzische bevelhebber Mazaios wachtte hun op. Dat dwong hen tot een noordelijker route, die hen bracht naar de vlakte ten oosten van de Tigris. Bij Gaugamela wachtte Darius III Codomannus Alexander op. Helaas voor de Perzische koning was er een maansverduistering, en de voortekenen waren uiterst ongunstig: precies dit voorteken voorspelde een nederlaag voor de heerser van Babylonië en Perzië, plus een succesvolle, achtjarige heerschappij voor een indringer uit het westen. Dit bleek een self-fulfilling prophecy: de enige contemporaine bron waarover we beschikken, de Babylonische Astronomische Dagboeken, vermeldt hoe Darius’ mannen hun koning in de steek lieten.
Het Astronomische Dagboek dat de slag bij Gaugamela vermeldt (British Museum, Londen)
Ik liet u gisteren achter met de vraag wat er bij Gaugamela gebeurd kon zijn. Vast staat alleen dat de Macedonische koning Alexander de Grote er zijn Perzische collega Darius III Codomannus versloeg. Het gevecht voltrok zich in een stofwolk. Daarom kunnen we moeilijk kiezen tussen de twee bronnen die we hebben. De ene bron, Arrianus, beweert dat Darius als eerste op de vlucht sloeg en zijn leger meesleepte; de andere bron, Diodoros, meent dat de Perzische vleugels desintegreerden en dat Darius als laatste het slagveld verliet. Op basis van deze bronnen kunnen we niet bepalen wat er gebeurde. Gelukkig is er meer.
Het Astronomische Dagboek
Het is waarschijnlijk gegaan zoals Diodoros zegt. Dat valt af te leiden uit een Babylonisch kleitablet in het British Museum. Voor de liefhebbers: het Astronomische Dagboek van AD -330, obv. 14-18. (“AD -330” is astronomenjargon voor 331 v.Chr. en obv. staat voor de voorkant.)
Mesopotamische historiografische documenten zijn niet zo makkelijk te lezen als de Griekse en Romeinse. Sinds de Renaissance hebben Europese historici hun teksten immers gemodelleerd op klassieke voorbeelden, zodat we het (niet zelden valse) gevoel hebben Griekse en Romeinse teksten te begrijpen. Toch heeft het zin eens te kijken naar de Mesopotamische historiografische teksten, die méér hebben te bieden dan informatie over lang vergeten gebeurtenissen. De Mesopotamische kronieken en hun voorstadium, de Astronomische Dagboeken, vertegenwoordigen een vroege aanzet tot wetenschappelijk denken. Daarover nu twee blogstukjes.
Maar eerst het begin. In het begin schiepen de goden de hemel en de aarde. Ze bouwden hun hemelse paleizen, regelden de kalender en schiepen de sterren, de zon en de maan. Vervolgens bouwden ze een stad om het Nieuwjaarsfeest vieren: Babylon, het fundament van de hemel op aarde. En tot slot schiepen de goden mannen en vrouwen, opdat die het land zouden bewerken en het voedsel produceren dat ze offerden aan hun scheppers. Lees verder “De Babylonische Astronomische Dagboeken”→
[Het is vandaag op de kop af 2336 jaar geleden dat in Babylon Alexander de Grote stierf. Alle reden om een oud artikel over de grote veroveraar, ooit verschenen in Spiegel Historiael, online te plaatsen. Hier is het slot. Deel een was hier.]
Wat te maken van deze gebeurtenis? Om te beginnen is het geruststellend dat we drie bronnen hebben, die elkaar weliswaar hier en daar tegenspreken, maar op het belangrijkste punt overeenstemmen. We hebben drie onafhankelijke getuigen die beweren dat een gevangene op de troon ging zitten, dat hij werd terechtgesteld en dat Alexander vervolgens geëmotioneerd was. We kunnen de mysterieuze gebeurtenis niet met absolute zekerheid interpreteren, maar Ptolemaios’ verslag biedt een belangrijke aanwijzing.
Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.