Domitianus in Nijmegen

De splitsing van Waal en Rijn (of eigenlijk: het Pannerdens Kanaal)

De inscriptie schijnt gigantische afmetingen te hebben gehad. Ze stond ooit bij de Sint-Jan van Lateranen in Rome en is daar gezien door de veertiende-eeuwse geleerde Francesco Petrarca. Ook andere humanisten hebben de inscriptie beschreven, maar hij is verloren gegaan. Meestal wordt aangenomen dat de ik-figuur keizer Domitianus is, die van 81 tot 96 regeerde en oorlog heeft gevoerd aan de Rijn en het Rijnland herorganiseerde en later streed aan de Donau. Het gedichtje heeft de vorm die “elegisch distichon” heet, wat wil zeggen dat zesvoetige en vijfvoetige regels elkaar afwisselen. Die vorm werd geschikt geacht voor korte gedichtjes die tot nadenken hoorden aan te zetten.

Progressus victor usque ad divortia Rheni
pervasi hostiles depopulator agros.
Dum tibi bella foris aeternaque sudo trophea
Hister pacatis lenior ibit aquis.

Hier is een vertaling. De keizer richt zich tot Rome.

Als overwinnaar voortgeschreden tot aan de splitsing van de Rijn,
heb ik als vernietiger de vijandelijke akkers doorkruist.
Terwijl ik voor u zweet op oorlogen in het buitenland en eeuwigdurende zegetekens,
zal de Donau met tot vrede gebrachte wateren kalmer stromen.

Degenen die dit lazen – en omdat mensen destijds vaak hardop lazen, luisterden anderen mee – moesten dus nadenken over de inspanningen hun keizer zich getroostte. Omwille van de vrede was de vorst, van wie bekend is dat hij graag gedichten schreef, helemaal naar het noorden gegaan, tot aan het verre Xanten, ja zelfs naar de Bataven, mensen die een beschaafde Romein de stuipen op het lijf konden jagen.

Er is wel geopperd dat deze inscriptie stond op de twaalf meter hoge sokkel van het zes meter hoge standbeeld van Domitianus dat stond opgesteld op het Forum Romanum. Het toonde de keizer als ruiter, met een beeldje van zijn lievelingsgodin Minerva in de hand, gezeten op een paard dat de Rijngod vertrapte, het symbool van de verslagen Germaanse volken. Misschien is de inscriptie inderdaad het opschrift van dat standbeeld, al komt de vraag wel op wat mensen heeft bewogen om de loodzware steen dan weg te zeulen naar het Lateraan, waar genoeg andere stenen te vinden waren voor wie bouwmateriaal nodig mocht hebben.

Een andere vraag: hoe ver is Domitianus gekomen? Alles draait om de divortia Rheni, de splitsing van de tweehoornige Rijn. Was dat het punt waar de Rijn zich afsplitste van de Waal, dus zeg maar Millingen? Dan zal de keizer nog wel even verder zijn gereisd tot aan Nijmegen, waar de legerbasis was van het Tiende Legioen Gemina. De keizer zal zijn troepen hebben willen inspecteren en zal ook met eigen ogen hebben willen zien hoe de Bataven zich sinds hun mislukte opstand waren gaan gedragen.

Ik zou ook dit willen overwegen: antieke vorsten stelden er een eer in door te reizen naar de randen van de aarde, dus de Oceaankust. Alexander bevoer de Indische Oceaan, diverse Romeinse generaals waren er trots op de Noordzee te hebben bevaren, Trajanus wilde per se naar de Perzische Golf en dat rijtje gaat nog wel even verder. Het is moeilijk voorstelbaar dat Domitianus deze gelegenheid tot het maken van propaganda heeft laten liggen. Ik zou niet willen uitsluiten dat hij is gevaren naar het einde van de Rijn, dus naar Katwijk, of naar de gedeelde monding van Waal en Maas, het Helinium bij Naaldwijk.

11 gedachtes over “Domitianus in Nijmegen

  1. Rudmer Koopal

    Ik vind het als inwoner van de stad een leuke gedachte, Domitianus in Nijmegen, maar of dat was om te bekijken hoe overwonnen de Bataven waren lijkt me gezien een andere gebeurtenis onwaarschijnlijk.
    In 89 kreeg Legio X Gemina in Nijmegen de eretitel Pia Fidelis Domitiana als dank voor hun steun aan de keizer tijdens de opstand van Lucius Antonius Saturnius, stadhouder van Germania Superior. Kans bestaat ook dat hij persoonijk naar Nijmegen is geweest om ze te bedanken en gewissen van steun in de toekomst.
    Theorerisch zou het in 83 ook al mogelijk zijn geweest, maar dan om te kijken of de Bataven nog steeds trouw stonden achter de keizer na de opstand van de Chatten. Domitianus kreeg daarna de eretitel Germanicus. Kan zijn dat inscriptie uit zelfde jaar is als toekennen eretitel, maar dan gaan we wel heel erg speculeren.

    1. Rudmer Koopal

      Heeft volgens mij niets te maken met provinciaals. Ik denk eerder dat het niet bekend was. Ik kende de inscriptie ook niet. En ik kan me ook niet herinneren dat ik hiet iets over in het museum van Xanten heb gezien.

      1. Het is een oude bekende. Ik meen dat hij wordt genoemd door Byvanck. Ik denk dat de verklaring is dat Nijmegen niet geassocieerd wil zijn met een keizer die er, anders dan Trajanus, in de bronnen slecht vanaf komt. Dat de naam van Domitianus niet in de inscriptie staat, zal een goed excuus zijn geweest.

  2. Gek eigenlijk, dat we er in Nijmegen er zo weinig mee heeft gedaan. Ik vrees dat we te besloten zijn en te weinig lezen wat buiten Nijmegen is gepubliceerd. Te provinciaals.

      1. frayek

        Daarom mijn vraag. Waren er tegelijk twee Tiende legioenen? Kan natuurlijk maar het is niet wat men verwacht.

        1. Erfenis uit de burgeroorlog na de dood van Julius Caesar. Gedemobiliseerde soldaten keerden terug naar hun oude onderdelen – alleen gebeurde dat zowel aan de zijde van Marcus Antonius (Caesars rechterhand) en aan de zijde van Gaius Octavius (Caesars erfgenaam).

          1. Rudmer Koopal

            Legioenen gaven ook niet graag hun nummer op. Het was een soort van identiteit en trots. Van Legio III waren er zelfs drie.
            Gemina wijst op samenvoeging van legeronderdelen. Er waren drie Leioenen met deze naam.
            Na Augustus richten keizers nieuwe legioenen op en begonnen soms weer bij één waardoor het er niet overzichtelijker op werd.

Reacties zijn gesloten.