De munten van Paestum

Poseidon op een munt uit Paestum (© Nationale Numismatische Collectie, Amsterdam)

Volgende maand, op 25 april om precies te zijn, beginnen in het Rijksmuseum van Oudheden (Leiden) twee exposities. De ene is gewijd aan de Romeinse villa’s in Limburg. Hier, in een uit het zuiden geïmporteerd ondernemingstype, werd het geld verdiend dat de Romeinen uitgaven aan de militaire periferie. Het is een ingewikkeld onderwerp, waar ik nog eens over zal bloggen. Ik ben in elk geval benieuwd.

De naam Paestum

De andere tentoonstelling is gewijd aan de Zuid-Italische stad Paestum, waarover ik op deze plaats al eens eerder heb geschreven. Destijds leek het mij een leuk idee om drie tussenkopjes te gebruiken om de drie bewoningsfasen aan te duiden. Die namen kende ik uit een oudheidkundige encyclopedie en zijn gebaseerd op de muntopschriften. De Griekse kolonie heette Poseidonia, “Poseidonstad”; toen de Lucaniërs (een Italisch volk) de stad rond 410 v.Chr. hadden overgenomen, noemden ze haar Paiston; en de Romeinen maakten daar Paestum van. Ruurd Halbertsma, die de expositie organiseert, vertelde me echter dat het niet klopte. Ook encyclopedieën verouderen.

Rond 410 werd Poseidonia een Lucaanse stad, maar de Griekse taal, gewoontes en gebouwen bleven in gebruik. Ook bleef Poseidonia zilveren en bronzen munten slaan, die niet verschilden van eerdere munten met Poseidon en stier en opschriften in het Grieks. De munten laten tevens zien dat de naam van de stad niet veranderde.

Dat schrijft Paul Beliën in de nog te verschijnen catalogus van de Paestum-expositie. Munten met het opschrift Poseidonia komen dus niet per se uit de Griekse tijd, maar kunnen dateren uit de periode na 410. En munten met het opschrift Paistano, waarvan mijn encyclopedist nog meende dat ze de Lucaanse naam Paiston documenteerden, blijken te dateren uit de tijd na de Romeinse machtsovername.

Twee voorbeelden

De muntgeschiedenis van Paestum is ondertussen interessant. De oudste Griekse munten dateren van rond het midden van de zesde eeuw v.Chr. en Poseidonia sloeg haar eigen geld al rond 520. Dat is heel vroeg. Op die vroege Griekse munten stond – u raadt het al – de zeegod Poseidon. Zie boven. Hij heeft zijn drietand in de rechterhand, maar om te verhinderen dat het wapen voor het hoofd gaat, heeft de graveur die maar achter zijn hoofd geplaatst. De menselijke anatomie staat de pose toe, dus goden zullen dit ook wel kunnen, maar het is wel curieus.

Hier is nog een leuke munt. Dit keer uit de Romeinse tijd.

Mineia op een munt uit Paestum (© American Numismatic Society, New York)

Aan de ene kant een mevrouw Mineia; de letters M.F. staan voor Marci filia, “dochter van Marcus”. Aan de andere kant een gebouw. Het lijkt erop dat Mineia dit gebouw, mogelijk een basiliek op het marktplein, aan de stad heeft geschonken. Een vorm van évergetisme: het doen van een schenking aan de burgers van de stad om het aanzien van de familie te bestendigen. Mineia investeerde zo in de politieke toekomst van haar kinderen.

Paestum sloeg nog munten ten tijde van keizer Tiberius (r.14-37). Beliën wijst erop dat het, afgezien van Rome, de laatste Italische stad was die munten sloeg. Het was dus niet alleen een van de eerste maar ook een van de laatste steden in Italië met eigen geld en heeft dus een opvallend lange numismatische geschiedenis. Waarom dat zo is, weten we niet want – oudheidkunde zijnde oudheidkunde ofwel de wetenschap van de dataschaarste – we hebben weer eens veel te weinig informatie. Maar we weten dus wel dat het niet de Lucaniërs waren die de stad Paiston noemden.

Deel dit:

2 gedachtes over “De munten van Paestum

  1. Christo Thanos

    Het RMO heeft een heel mooi 19e eeuws model van kurk van de tempel. Halbersma gaat er een lezing over geven in de Week van de klassieken (geloof ik).
    Zou ook een leuk onderwerp zijn van blogjes: Grand Tour, reizen in de 19e eeuw naar Italië en Griekenland.

Reacties zijn gesloten.