De invloed van Mommsen

Italische soldaat, vierde eeuw v.Chr. (Museum für Kunst und Gewerbe, Hamburg)

Ik geloof dat ik al eens heb verteld dat een van de plannen die ik voor de wat langere termijn heb voor deze blog, een geschiedenis is van Rome in de vierde eeuw v.Chr. Die bestaat in hoofdlijnen uit de boeken zes tot en met tien (“de tweede pentade”, in jargon) van de Romeinse geschiedschrijver Titus Livius, in combinatie met andere bronnen, zoals Diodoros, en het archeologisch materiaal. In deze periode wist Rome, dat in 387 v.Chr. nog een nederlaag had geleden tegen een schare Gallische krijgers, centraal Italië aan zich te onderwerpen en de rest met verdragen aan zich te binden. In 295 v.Chr. was, met de slag bij Sentinum, een grootmacht ontstaan die het kon opnemen tegen de hellenistische staten in het oosten.

De materie behoort niet tot de “grote” oudheidkundige thema’s, zoals de Atheense democratie, de antieke economie of het keizerschap van Augustus. De Romeinse geschiedenis begint eigenlijk pas met de Tweede Punische Oorlog, terwijl archeologen meer belangstelling hebben voor archaïsch Italië – denk aan de Nederlandse opgravingen in Satricum en Crustumerium. Wat natuurlijk niet betekent dat er nóóit iets wordt opgegraven uit de vierde eeuw, maar ik heb niet de indruk dat er veel gebeurt.

Lees verder “De invloed van Mommsen”

Rome, Napels en Paestum

Wapenrusting uit de tijd van de Samnitische Oorlogen (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

De Italiaanse havenstad Paestum is gesticht als een Griekse nederzetting aan de Tyrrheense Zee, bij het land van de Lucaniërs. Rond 410 v.Chr. namen die de macht in de stad over. Dat was geen ongebruikelijke gang van zaken. Op dat moment namen wel meer volken uit het Italische binnenland de steden aan de kust over. Het is ook niet zo dramatisch als het lijkt: er waren al heel lang intensieve culturele uitwisselingen. Op een zeker moment volgde echter een nieuwe machtsovername: Paestum kwam in Romeinse handen. Dat dateren we meestal rond de tijd van de oorlog tegen Pyrrhos, dus zeg maar rond 275 v.Chr. Maar wanneer was het eerste contact?

Dat is ingewikkeld. In de jaren dertig van de vierde eeuw v.Chr. groeiden in Centraal-Italië twee regionale grootmachten. De ene was Rome, dat de Latijnse steden had onderworpen. De ander was Samnium in de Abruzzen, dat geconfronteerd was geweest met een invasie van een Grieks leger, gecommandeerd door Alexandros van Molossis. Deze oorlog had de bewoners van Samnium, de Samnieten, gedwongen tot samenwerking. De relatie tussen de twee staten-in-opbouw was niet slecht; er waren afspraken over de grens en hoewel er aanwijzingen zijn voor een “Eerste Samnitische Oorlog”, is de consensus lange tijd geweest dat die niet heeft plaatsgevonden. Inmiddels zijn er theorieën dat er misschien toch iets is gebeurd, maar ook dan was het een kleinschalig conflict.

Lees verder “Rome, Napels en Paestum”

De Rostra

De Rostra uit de Keizertijd

Rome heeft, om er eens een cliché tegenaan te gooien, nogal wat monumenten waar een geschiedenis aan zit. Eén van die plekken is het sprekersplatform op het Forum Romanum. Of beter, op dat deel van het Forum Romanum dat het Comitium heette en dat lag voor het Senaatsgebouw. Van het oorspronkelijke platform, de zogeheten Rostra, is niets over, afgezien van een kniehoge steen voor het huidige Senaatsgebouw.

Maar die kniehoge steen hè. Daar zitten verhalen aan vast. De Grieks-Romeinse auteur Ploutarchos beschrijft hoe redenaars zich vanaf dit platform richtten tot hun toehoorders:

Wanneer ze het volk toespraken, bleef Tiberius Gracchus rustig op één plaats staan, maar Gaius was de eerste Romein die op het Sprekerspodium heen en weer liep en tijdens het spreken zijn toga van zijn schouder wierp … Bovendien intimideerde Gaius zijn gehoor met een spreekstijl die op het pathetische af hartstochtelijk was, maar hanteerde Tiberius een stijl die mild was en gericht op het wekken van mededogen. Tiberius’ woordkeuze was correct en goedverzorgd, die van Gaius meeslepend en briljant.noot Ploutarchos, Tiberius Gracchus 2.2-3; vert. F.J.A.M. Meijer en J.A. van Rossum.

Lees verder “De Rostra”

Achilleus, Memnon, Paestum en de Samnieten

Achilleus en Memnon (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Afgelopen dinsdag ben ik in Leiden wezen kijken naar de nieuwe expositie in het Rijksmuseum van Oudheden over Paestum. Het is een mooie expositie, heel rustig van opzet, die de hele geschiedenis van de oude havenstad behandelt: de fase van de Griekse kolonisatie, de klassieke periode waarin de bewoners de beroemde tempels bouwden, de tijd waarin de inheemse Lucaniërs de macht overnamen en de Romeinse tijd. De rode draad zijn de godinnen van de stad, maar ook andere onderwerpen komen aan de orde, zoals de vervaardiging van rozenparfum en de strijd tegen de Samnieten (een volk uit de Abruzzen, achter de Lucaniërs).

De dwingende reden waarom u moet gaan kijken is de verzameling grafschilderingen. De allerberoemdste, de Duiker, is er niet. Die schildering is beschermd Italiaans kunstbezit en mag Italië niet verlaten. Daaraan wijdt het museum een filmpje. De schilderingen die wel in Leiden zijn, zijn echter adembenemend. Ik zal er nog weleens over bloggen. Voor het moment zeg ik alleen “gaat dat zien”, want een bezoek aan het museum in Paestum is niet voor iedereen weggelegd.noot Met de internationale trein is het overstappen in Brussel en Parijs voordat je in Milaan bent; daarvandaan de lokale treinen via Rome en Napels naar Paestum; en voor het laatste stuk is er een bus. Het is nogal een Keulse reis om in Paestum te komen, dus ga liever naar Leiden nu Paestum naar ons is gekomen.

Lees verder “Achilleus, Memnon, Paestum en de Samnieten”

De evocatio van Koningin Juno

Koningin Juno (Villa Giulia, Rome; © Wikimedia Commons | gebruiker Giuseppe Savo)

In het zuiden van het historische centrum van Rome ligt de heuvel Aventijn. Het is tegenwoordig een rustige woonwijk waar betrekkelijk weinig oudheidkundig bodemonderzoek is verricht. Het is echter zeker dat in de buurt van de huidige kerk van Santa Sabina (een van de mooiste kerken van Rome) de oudste tempel heeft gestaan voor de godin die de Romeinen Koningin Juno noemden. Van oorsprong was zij een Etruskische godin die Uni heette; ze gold als zuster en echtgenote van Aplu ofwel Apollo.

Dit heiligdom was aan deze godin beloofd door de Romeinse veldheer Marcus Furius Camillus, toen deze aan het begin van de vierde eeuw v.Chr. op het punt stond de Etruskische stad Veii in te nemen. De Romeinse geschiedschrijver Titus Livius heeft daarover het volgende te vertellen:

Toen trad de gezagvoerder, na de vogeltekenen te hebben waargenomen, naar buiten en gaf de soldaten de order zich te wapenen. “Onder uw leiding, Pythische Apollo,” sprak hij, “en bezield door uw goddelijke almacht, ga ik nu voorwaarts om de stad Veii te vernietigen; aan u wijd ik een tiende van de buit. En u, Koningin Juno, die nu in Veii woont, smeek ik om, wanneer wij hebben gezegevierd, met ons mee te gaan naar onze stad, die spoedig ook de uwe zal zijn en waar een tempel, uw verheven grootheid waardig, u zal ontvangen.”noot Livius 5.21.1-3; vert. F.H. van Katwijk-Knapp.

Lees verder “De evocatio van Koningin Juno”

De munten van Paestum

Poseidon op een munt uit Paestum (© Nationale Numismatische Collectie, Amsterdam)

Volgende maand, op 25 april om precies te zijn, beginnen in het Rijksmuseum van Oudheden (Leiden) twee exposities. De ene is gewijd aan de Romeinse villa’s in Limburg. Hier, in een uit het zuiden geïmporteerd ondernemingstype, werd het geld verdiend dat de Romeinen uitgaven aan de militaire periferie. Het is een ingewikkeld onderwerp, waar ik nog eens over zal bloggen. Ik ben in elk geval benieuwd.

De naam Paestum

De andere tentoonstelling is gewijd aan de Zuid-Italische stad Paestum, waarover ik op deze plaats al eens eerder heb geschreven. Destijds leek het mij een leuk idee om drie tussenkopjes te gebruiken om de drie bewoningsfasen aan te duiden. Die namen kende ik uit een oudheidkundige encyclopedie en zijn gebaseerd op de muntopschriften. De Griekse kolonie heette Poseidonia, “Poseidonstad”; toen de Lucaniërs (een Italisch volk) de stad rond 410 v.Chr. hadden overgenomen, noemden ze haar Paiston; en de Romeinen maakten daar Paestum van. Ruurd Halbertsma, die de expositie organiseert, vertelde me echter dat het niet klopte. Ook encyclopedieën verouderen.

Lees verder “De munten van Paestum”

Paestum

De tempel van Athena in Paestum

Ten zuiden van Napels ligt de grote baai van Napels, met in het westen de Tyrrheense Zee, in oosten de Vesuvius, en in het zuiden het schiereiland van Sorrentino en het eiland Capri. Wie nog iets zuidelijker gaat, komt in Salerno en, nog even verder, in Paestum. In het Grieks heette het Poseidonia, “stad van Poseidon”: geen onlogische naam voor een havenstad. De stad lijkt rond 600 v.Chr. te zijn gesticht door Griekse kolonisten uit de omgeving van de Ionische Zee. Ze waren niet de eerste mensen, want de verering voor diverse godinnen gaat terug op inheemse culten.

Poseidonia

Het lijkt erop dat het plattegrond met langwerpige woonblokken dateert van vrij kort na de stadstichting. Zeg maar de zesde eeuw v.Chr.. Het plattegrond kent een opvallende scheiding van religieuze, bestuurlijke en residentiële delen.

Lees verder “Paestum”

De Romeinse expansie (of zoiets)

Een ruiter uit Capua (Altes Museum, Berlijn)

Ik liet u in mijn reeks over het handboek van De Blois en Van der Spek, Een kennismaking met de oude wereld, vorige week achter met de constatering dat ik me wat ongemakkelijk voelde bij de uitdrukking “Romeinse expansie”. Wat Rome onderscheidde van andere steden, was alleen dat het succes had. De eenwording van Italië onder Romeins gezag lijkt echter niet te verklaren vanuit intern-Romeinse factoren. Het kan althans niet komen vanuit een krijgszuchtiger mentaliteit, want alle antieke staten hielden rekening met oorlog. Het had vermoedelijk ook niet te maken met een beter leger, want voor zover bekend gebruikten alle Italische legers vergelijkbare uitrustingen. Romes netwerk van bondgenoten was evenmin uniek. De Etrusken waren verbonden in een statenbond en de Samnieten vormden een federatie.

Gedachtenexperiment

Ik wil een gedachtenexperiment doen. We nemen als speelbord Italië in gedachten, met alle steden en stammen als spelers. Elk daarvan krijgt een aantal kengetallen, die corresponderen met het agrarische oppervlak (en dus bevolkingsomvang); verder voor toegang tot handelswegen. Deze getallen bepalen de kracht waarmee een staat zijn beleid kan uitvoeren. De relatie tot de buren kunnen we bepalen aan de hand van andere factoren: een punt erbij als er economische banden zijn of als er etnische verwantschappen zijn. Dus 0, 1 of 2. Is die 2, dan ontstaat een bondgenootschap. Als er conflicten zijn tussen twee steden, trekken we een punt af.

Lees verder “De Romeinse expansie (of zoiets)”

De Romeinse Republiek

De Fasti Capitolini, de lijst van magistraten van de Romeinse Republiek (Rome, Capitolijnse Musea)

In het handboek waarin ik elke week controleer of mijn kennis nog actueel is, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek, zijn we aangekomen bij de Romeinse Republiek. In mijn blogjes over de IJzertijd en het martiale karakter van de Romeinse samenstelling liep ik vooral vooruit op het eerstejaars-werkcollege, waarin docenten het handboek aanvullen, bevragen, corrigeren, contextualiseren. Vandaag heb ik meer algemene opmerkingen: zaken waarover ik deze week weinig nieuws in het handboek las en die ik ook niet kan aanvullen, bevragen, corrigeren of contextualiseren.

Een complexe samenleving

We kennen de Romeinse samenleving eigenlijk pas na pakweg 300 v.Chr., maar we kunnen reconstrueren dat er in de oudere fase aristocraten (“patriciërs”) waren. Ze claimden (althans in later tijd) afstamming van legendarische helden en dus, indirect, ook van de goden. De Blois en Van der Spek attenderen er terecht op dat die claim ook in Griekenland gangbaar was. De rest van de bevolking gold als plebejers, en die konden rijk of arm zijn. De “standenstrijd” die in de vijfde en vierde eeuw plaatsvond, gaf rijke plebejers toegang tot de hoogste ambten, waarbij deze rijke plebejers vaak samenwerkten met arme plebejers, die andere klachten hadden over het aristocratische bestuur. Zij wilden schuldendelging en land.

Lees verder “De Romeinse Republiek”

Een geschiedenis van Syracuse (slot)

Het Romeinse amfitheater van Syracuse

[Dit is het slot van een zesdelige reeks over de geschiedenis van de voornaamste stad van het antieke Sicilië, Syracuse. Het eerste stukje was hier en een landkaartje is daar.]

Verres

Een van de beruchtste uitzuigers was een gouverneur genaamd Gaius Cornelius Verres. Hij had de provincie nog meedogenlozer belast dan zijn voorgangers. In de zomer van 70 v.Chr. riepen de Sicilianen de hulp in van een onbekende advocaat, een zekere Marcus Tullius Cicero. Verres nam de beste advocaat van zijn tijd in de arm, Quintus Hortensius Hortalus. Een juridisch gevecht begon.

Lees verder “Een geschiedenis van Syracuse (slot)”