
Het was 22 maart in het jaar waarin Julius Caesar zonder collega het consulaat bekleedde (45 v.Chr.). En na die constatering weet de trouwe lezer van deze blog genoeg: het is weet tijd voor het feuilleton “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” En u kunt ook wel vermoeden dat we verder gaan met de gebeurtenissen na de slag bij Munda.
Caesars mannen hadden met moeite gezegevierd en hadden de nacht doorgebracht op het slagveld, niet omringd door een muur van houten staken, zoals gewoonlijk, maar door een wal van buitgemaakte wapens en de lijken van de gesneuvelden. Uit de woorden van de auteur van De Spaanse Oorlog zouden we kunnen afleiden dat Munda als geheel werd omgeven door zo’n menselijke palissade.
Bovenop werden op zwaardpunten afgehakte hoofden van vijanden gerangschikt, allemaal naar de stad gekeerd. Deze uitstalling moest door haar aanblik de vijanden angst aanjagen, en ze tegelijk door een wal insluiten. Nadat ze zo de stad hadden omringd met speren en spiesen afkomstig van de lijken van de vijanden, begonnen de Galliërs haar te bestormen.noot
Met de Galliërs zijn door Caesar in Gallië gerekruteerde soldaten bedoeld. Dat kunnen ruiters zijn, maar ook de legionairs van V Alaudae en VI Ferrata. De ontering van afgehakte hoofden kwam in het Romeinse leger vaker voor, zie het plaatje hierboven.

De gebroeders Pompeius
Ondertussen reisde Gnaeus Pompeius Junior, de aanvoerder van het verslagen leger, naar Carteia (bij Gibraltar), waar hij rond 24 maart aankwam. Hij was gewond en moest zich laten verplaatsen in een draagkoets. Zijn aanwezigheid betekende dat Caesar ook naar het zuiden zou komen.
Sextus Pompeius, de broer van Gnaeus, was de commandant geweest van twee legioenen in Córdoba. Hij had inmiddels vernomen van de nederlaag van zijn broer en vertrok uit de Andalusische hoofdstad aan het hoofd van de cavalerie. Hij zal hebben gehoopt zich bij zijn broer Gnaeus te kunnen voegen, maar dat zou anders lopen.
Córdoba
De door Sextus Pompeius achtergelaten stad was verdeeld tussen een bevolking die vóór Caesar was en twee legioenen die van hem niets te verwachten hadden. Wie ook niets van Caesar mocht verwachten was Titus Quinctius Scapula die, zoals we al zagen, Caesars gouverneur Gaius Trebonius had verdreven.
Scapula riep zijn slaven en vrijgelatenen bijeen, liet voor zichzelf een brandstapel oprichten, de meest uitgelezen maaltijd serveren en de fraaiste kleden uitspreiden. Zijn slaven schonk hij ter plaatse geld en zilver. Zelf gebruikte hij daarop de maaltijd en begoot zich herhaaldelijk met hars en nardus. Op het allerlaatste moment gaf hij orders aan een slaaf en de vrijgelatene die zijn minnaar was geweest: de een moest zijn keel doorsnijden en de ander moest de brandstapel aansteken.noot
Caesar arriveerde op 21 maart bij Córdoba, vond de brug over de Guadalquivir bezet door soldaten van het leiderloze garnizoen, stak de rivier dus maar ergens anders over en sloeg het kamp op. In de stad braken gevechten uit tussen de achtergelaten legionairs en de stedelijke bevolking, die Caesars mannen binnenliet. De wanhopige garnizoenssoldaten wisten niet beter dan de stad in brand te steken maar werden overmeesterd en afgeslacht.

Er zouden 22.000 doden zijn gevallen, vooral onder de door Sextus Pompeius vrijgelaten slaven. Zij wisten dat hun het kruis wachtte: de normale straf voor een opstandige slaaf. Caesar liet inderdaad alle bewapende vrijgelatenen doden en verkocht de rest. In de middag van 22 maart, vandaag 2069 jaar geleden, was hij meester van de Andalusische hoofdstad.
[Wordt vervolgd. Een overzicht van de reeks #RealTimeCaesar is hier.]
Zelfde tijdvak
De vuurtoren van Alexandriëoktober 13, 2023
Het testament van Caesarseptember 13, 2025
Glanum: kleinood in de Alpillesseptember 19, 2025

“De ontering van afgehakte hoofden kwam in het Romeinse leger vaker voor, zie het plaatje hierboven.”
Ik heb eerder begrepen dat deze praktijken juist worden toegeschreven aan Romeinse soldaten met een Gallische achtergrond..
“Er zouden 22.000 doden zijn gevallen, vooral onder de door Sextus Pompeius vrijgelaten slaven. Zij wisten dat hun het kruis wachtte: de normale straf voor een opstandige slaaf. Caesar liet inderdaad alle bewapende vrijgelatenen doden en verkocht de rest. ”
Dat is mij niet helemaal duidelijk – kregen ze bij hun ‘geld en zilver’ ook een wapen? Anders begrijp ik dat oordeel niet. En werden die twee opstandige legioenen (een 10.000) sterk) ook gedood?
Als ik als slaaf een zak geld kreeg en mij een wisse dood wachtte, zou ik het hazenpad kiezen.. Hispania is groot.