De Kariërs

De kust van Karië

Het huidige Griekenland geldt als het moederland van de Grieken, maar vanouds woonden er Grieken aan de overzijde van de Egeïsche Zee. Van noord naar zuid heetten die de Aioliërs, Ioniërs en Doriërs. Die laatsten woonden naast de Kariërs, een volk dat al in de Bronstijd staat vermeld in Hittitische teksten en dat een eind vorige eeuw ontcijferde Anatolische taal sprak. Na de instorting van het Bronstijdsysteem en de slecht begrepen Vroege IJzertijd is Homeros de eerste die ze weer vermeldt: de Kariërs waren bondgenoten van de Trojanen en ze woonden rond Milete.noot Homeros, Ilias 2.867ff. Dat is wat noordelijker dan we zouden verwachten, maar het kan zijn dat Homeros authentieke informatie bewaart uit de Late Bronstijd. In de tussentijd waren namelijk de Frygiërs vanuit Europa overgestoken naar Anatolië en er waren wat verschuivingen.

De banden tussen de Kariërs en de Grieken waren nauw. Herodotos, geboren in de Karisch-Griekse stad Halikarnassos (Bodrum), is een voorbeeld: zijn vader droeg de Karische naam Lyxes.

Lees verder “De Kariërs”

De Nijl (2)

Langs de Nijl

Ik blogde gisteren al over de Nijl, de grootste rivier uit de oude wereld, en beschreef toen de loop vanaf de bronnen tot aan de zee. Vandaag wat andere aspecten.

Overstroming

Zowel de Blauwe Nijl als de Atbarah, die ik gisteren noemde, ontspringen in het hoogland van Ethiopië, waar in de vroege zomer zware moessonregens vallen. Dit water stroomt noordwaarts en veroorzaakt de beroemde, vijf maanden durende overstroming van de Nijl. De oude Egyptenaren vergeleken deze vloed met de chaos van de oertijd.

Omdat ze de bronnen van de Nijl niet kenden, vroegen Griekse bezoekers zich af wat de oorzaak van dit fenomeen kon zijn. Herodotos noemt verschillende theorieën. Dat de noordenwind het water terugblaast, zoals Thales van Milete had beweerd, was onzin:

Lees verder “De Nijl (2)”

Nubië in het Drents Museum

Koning Senkamanisken met de dubbele uraeus-slang, die symbool staat voor de heerschappij over Nubië én Egypte

Nubië is de naam die meestal wordt gebruikt voor de antieke culturen van pakweg het huidige Soedan en het zuidelijkste deel van het huidige Egypte. Je zou het ook kunnen omschrijven als het gebied tussen Aswan en Khartoum.

Er zijn in Nubië ruwweg vier fases aan te wijzen: de Kerma-cultuur (vanaf pakweg 2400 v.Chr.), een periode waarin Nubië werd bestuurd door een Egyptische onderkoning (tijdens het Egyptische Nieuwe Rijk), de Napata-cultuur (ca.1000 – ca.300 v.Chr.) en de Meroïtische periode (ca. 300 v.Chr. – ca. 300 na Chr.). Een aantal factoren maakt dat we meestal naar Nubië kijken als een soort appendix van Egypte. Eén reden is dat het ten tijde van het Egyptische Nieuwe Rijk ook werkelijk een buitengebied van Egypte was. Een andere reden is dat het noordelijkste deel van Nubië, ofwel het zuiden van Egypte, heel erg grondig is onderzocht toen de Aswandam werd aangelegd en het Nasser-stuwmeer kwam te ontstaan. De onderzoekers waren daar, in Zuid-Egypte, het meest in de Egyptische cultuur geïnteresseerd.

Lees verder “Nubië in het Drents Museum”

Romeinen in Nubië

Relief van Amanitenmemide van Nubië, die regeerde vlak voor de Romeinen naar Nubië kwamen. Egyptische artistieke invloed is duidelijk maar het ronde hoofd, de grote ogen en de gespierde ledematen zijn kenmerkend voor de kunst van Meroë. (Neues Museum, Berlijn)

Eén van mijn lievelingsverhalen uit de oude wereld is dat van Hanno de Zeevaarder, een Karthaagse ontdekkingsreiziger die de westelijke kust van Afrika heeft verkend. Hij beschrijft een geheimzinnige kust waar hij fluiten en tamtams hoort, hij ziet in de nacht een rivier van vuur die wij kunnen identificeren als een uitbarsting van Mount Cameroon en uiteindelijk levert hij strijd tegen een vervaarlijke stam die hij aanduidt als de Gorilla’s. Een soort Mungo Park dus maar dan zonder het geweld tegen de plaatselijke bevolking. U leest het beknopte verslag hier.

Een even goed avonturenverhaal is dat van enkele Romeinse officieren die, begeleid door soldaten van de keizerlijke garde, in het jaar 61 door keizer Nero werden uitgezonden om te zoeken naar de bronnen van de Nijl. We vinden hun verslag in de Vragen over de natuur (6.8.3) van de senator Seneca, een hoveling van Nero, die de expeditie presenteert als zuiver wetenschappelijk onderzoek. Dat kan heel goed waar zijn. Een andere bron, Plinius de Oudere (Natuurlijke Historie 6.184), meent dat er vooral militaire motieven waren en dan zou het eerste doelwit Nubië zijn geweest. Koning Amanikhabale van dat land verleende echter alle medewerking, dus in elk geval één direct betrokkene heeft het militaire aspect niet herkend. Voor een militaire verkenning reisden de officieren bovendien wel erg ver. Van de andere kant: het een sluit het ander natuurlijk niet uit.

Lees verder “Romeinen in Nubië”