De tempel van Isis in Rome

Maquette van de tempel van Isis in Rome (Koninklijke Musea voor kunst en geschiedenis, Brussel)

De sterke verhalen over de Isiscultus, die ik in mijn vorige stukje noemde, bewijzen dat de godin niet onomstreden was. Althans aanvankelijk. Dat veranderde toen Vespasianus eind 69 na Chr. na een burgeroorlog het keizerschip bemachtigde. Men vertelde dat hij in Alexandrië met steun van de Egyptische goden een lamme had doen lopen en een blinde had doen zien. Bovendien was zijn zoon Domitianus tijdens de laatste gevechten van het burgerconflict aan de dood ontsnapt door zich aan te sluiten bij een groep Isisvereerders. U las er hier meer over.

Eerst bevorderde Vespasianus de cultus in Rome en na een grote stadsbrand in 80 herbouwde Domitianus haar tempel grootser dan ooit. Vanaf toen behoorden Isis en Serapis tot de populairste goden in Rome. Afgaande op dateerbare inscripties van niet-magistraten, waren de Egyptische goden geliefder dan de Romeinse Jupiter, Juno en Minerva. Ook keizer Hadrianus sympathiseerde met de cultus, maar de grootste vereerder zou Septimius Severus zijn, die zijn portret liet modelleren op dat van Serapis. Van de keizers Commodus en Caracalla is bekend dat ze verkleed als Anubis deelnamen aan de processies.

Lees verder “De tempel van Isis in Rome”

Interview met Eric Moormann

[Vandaag gaan de musea weer open, dus ook het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. Dat daar een Domitianus-expositie is te zien, veronderstel ik bekend bij de vaste lezers van deze blog. Een van de organisatoren was Eric Moormann, de onlangs met emeritaat gegane hoogleraar Klassieke Archeologie van de Radbouduniversiteit in Nijmegen. Ik stelde hem een paar vragen.]

Er zijn in de eerste twee eeuwen van onze jaartelling zestien keizers die echt hebben kunnen regeren. Waarom kies je Domitianus voor een expositie?

Hij was de laatste van de tweede keizerlijke dynastie van het Romeinse Rijk, de Flaviërs, maar is minder bekend dan zijn lotgenoot Nero, de laatste keizer van het Julisch-Claudisch huis. Allebei waren ze volgens de elitaire bronnen uit die tijd superslecht, zoals je kunt verwachten aan het einde van een dynastie. De omverwerping moet immers gerechtvaardigd. Toch is er veel te zien en te vertellen over Domitianus. Ook wetenschappelijk is hij lang ondergewaardeerd gebleven. Daarbij blijf ik even in de eerste eeuw. Marcus Aurelius zou ook een goede keizer zijn om een tentoonstelling aan te wijden.

Lees verder “Interview met Eric Moormann”

Domitianus (16): Het reliëf van de Haterii

Het reliëf van de Haterii (Vaticaanse Musea, Rome)

Het reliëf van de Haterii! Dit is een van de bekendste afbeeldingen uit de Oudheid. Elk boek over Romeinse bouwkunde bevat er wel een plaatje van. Ik weet niet of ik het eerder heb gezien of dat het me vertrouwd voorkwam door de vele boeken waarin het is afgebeeld. Hoe dat ook zij, het is nu niet in de Vaticaanse Musea maar op de door de lockdown vooralsnog verborgen expositie over de Romeinse keizer Domitianus (r.81-96) in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden.

Het reliëf, dat op een graf aan de Via Labicana heeft gestaan, toont enkele gebouwen die de aannemersfirma van Quintus Haterius Tychicus heeft neergezet. Van links naar rechts zijn dat de ereboog voor de tempel van Isis, een Colosseum dat zijn bovenste verdieping nog niet had, de boog voor Domitianus’ broer Titus, een ereboog met een beeld voor de godin Roma, en de tempel van Jupiter Stator die naast de Titusboog heeft gestaan.

Lees verder “Domitianus (16): Het reliëf van de Haterii”

Domitianus (15): Het Capitool

Lamp met afbeelding van de Jupitertempel op het Capitool (Allard Pierson, Amsterdam)

In het jaar 80 werd Rome getroffen door een grote brand. Cassius Dio schrijft:

Juist toen keizer Titus in Campanië was om de catastrofe in ogenschouw te nemen die dat gebied had getroffen, verspreidde een grote brand zich over grote delen van Rome. De vlammen verteerden de tempel van Serapis, de tempel van Isis, de Saepta, de tempel van Neptunus, het Badhuis van Agrippa, het Pantheon, het Diribitorium, het theater van Balbus, het theater van Pompeius, de Porticus van Octavia met alle boeken, en tempel van Jupiter op het Capitool en alle omliggende tempels. De ramp leek geen menselijke, maar een bovennatuurlijke oorsprong te hebben.

Dit keer geen vervolging dus van een groep menselijke zondebokken. Toen Domitianus een jaar later de macht van zijn broer overnam, erfde hij een verwoeste stad. Dat bood hem een mogelijkheid om een enorm deel van de stad te herbouwen. Het gaat om de vlakke zone binnen de bocht van de Tiber. Het heette destijds het Marsveld (Campus Martius) en is het deel van Rome dat altijd bewoond is gebleven. De gebouwen van Domitianus zijn allemaal vervangen door Barokgebouwen. (De meeste van de heuvels waarop Rome is ontstaan, zijn in de Middeleeuwen verlaten. Ze zijn pas weer in gebruik genomen toen na 1870 woonruimte nodig was voor de ambtenaren van het nieuwe koninkrijk Italië.)

Lees verder “Domitianus (15): Het Capitool”

Domitianus in Leiden (2)

Domitianus als farao

[Tweede deel van een stuk over de Domitianusexpositie in het Rijksmuseum van Oudheden. Het begin was hier.]

Van de vijfentwintig bruikleengevers aan de Domitianusexpositie zijn er tien Italiaans en ik vermoed dat die samen twee derde van de voorwerpen leveren. Er zijn ook veel stukken waarvoor je anders naar het Getty-museum in Malibu moet reizen. De tentoonstelling legt een zekere nadruk op de toenmalige sculptuur, waar heel verrassende keuzes bij zijn. Uit Benevento komt het portret van Domitianus als farao. Voor het eerst zag ik vondsten bij elkaar uit Castel Gandolfo, waar een keizerlijke villa was, en mede door een artikel in het PALMA-boek realiseerde ik me dat dit landgoed reconstrueerbaar was.

Lees verder “Domitianus in Leiden (2)”