Cicero (3): Eclecticisme

De Leidse “Cicero” (Rijksmuseum van Oudheden)

[Derde deel van een vijfdelige reeks over de wijze waarop de Romeinse senator Cicero de Griekse filosofie voor zijn landgenoten ontsloot. Het eerste deel was hier.]

Skeptisch platonisme

Als jongeman was Cicero filosofisch geschoold in het skeptisch platonisme, zoals ook Karneades had verdedigd. Het blijkt ook uit zijn werk. Niet voor niets schrijft hij in de vorm van pleidooien en dialogen. Alles wat hij beweert trekt hij ook weer in twijfel. Vooral bij de stoïcijnse veronderstelling dat alles wat verschijnt fundamenteel redelijk en goed is, zet hij zijn vraagtekens.

Daarbij pleit hij voor een pragmatische houding, en in die lijn is hij er niet vies van een beetje rondshoppen bij de verschillende Griekse filosofische stromingen. Elementen daaruit zet hij in waar hij ze toepasselijk acht. Dit zien we vooral in zijn grote, tweedelige werk over zijn ideale staat: De re publica en De legibus. Dit werk is het toppunt van eclecticisme.

Lees verder “Cicero (3): Eclecticisme”

Plato (9): Utopie in praktijk

Plato moet in het theater van Syracuse zijn geweest.

[Dit is de negende aflevering van een reeks over de Atheense filosoof Plato, die veel mensen vooral kennen om zijn zogenoemde ideeënleer, om de Platonische liefde en om zijn ideale filosofenstaat. Dat is echter wat misleidend. Plato’s filosofie is breder en gaat dieper.] 

Plato’s ideale staat, waarover we het gistermiddag hadden, kent geen dik wetboek. Als de algemene regels zouden worden opgevolgd, zijn er verder niet zoveel wetten nodig. In de perfecte harmonie kent iedereen immers zijn plaats, en daarom valt ook alles op zijn plaats. Aanvullende wetten zijn slechts kunstgrepen om onvolkomenheden in het systeem te compenseren. Plato zou beslist met een meewarige blik hebben gekeken naar onze wetboeken, algemene maatregelen van bestuur, regelingen op detailniveau en uitzonderingen daarop.

Plato in de praktijk

Voor de lezer die nu denkt ‘ho, ho, dat is wel heel simpel gedacht allemaal’: Plato was de eerste om zijn denkbeelden kritisch onder de loep te nemen. Hijzelf benadrukte al dat zijn model van de ideale staat slechts benaderd kon worden, nooit gerealiseerd. Hij zwakte zijn eisen in later werk ook af. Niet voor niets is een belangrijk later werk over de ideale staat getiteld De Wetten. In dit werk probeert hij een ideale route naar zijn ideale staat te beschrijven.

Lees verder “Plato (9): Utopie in praktijk”

Plato (8): De ideale staat

Plato (Glyptothek, München)

[Dit is de achtste aflevering van een reeks over de Atheense filosoof Plato, die veel mensen vooral kennen om zijn zogenoemde ideeënleer, om de Platonische liefde en om zijn ideale filosofenstaat. Dat is echter wat misleidend. Plato’s filosofie is breder en gaat dieper.] 

In de ideale staat van Plato worden alle talenten zo gerangschikt, dat ze het best tot hun recht komen. Ieder mens krijgt de rol waarvoor hij of zij het meest geschikt is. In deze staat wordt het bestuur niet democratisch gekozen. Ook afkomst, geslacht, geld of macht zijn voor de selectie van de bestuurders irrelevant. Of iemand tot het bestuur toetreedt, hangt louter en alleen af van het succes waarmee hij een lange lichamelijke en vooral geestelijke training heeft doorstaan. Deze geestelijke training duurt ongeveer tot het vijftigste levensjaar. Het is de meest pure vorm van aristocratie: het bestuur ligt bij een elite die is geselecteerd uit de beste mensen.
Lees verder “Plato (8): De ideale staat”

Griekse politicologie

Een beautycase (“pyxis”) versierd met paarden: een typisch aristocratisch voorwerp (Agoramuseum, Athene)

Bert van der Spek, samen met Luuk de Blois auteur van het handboek dat wij inmiddels zo goed kennen, wil nog weleens benadrukken dat Griekenland en Rome dienen te worden bestudeerd met het Nabije Oosten. Het is helaas nodig dit te benadrukken. De bijdragen van de Akkadisch- en Arabischsprekende culturen aan de westerse cultuur zijn nog altijd onderschat. Terwijl de Griekse creativiteit wordt overschat.

Dat wil vanzelfsprekend niet zeggen dat er nooit iets origineels gebeurde in Griekenland. Van der Spek attendeerde me er bijvoorbeeld eens op dat er nergens in de spijkerschriftliteratuur iets is gepubliceerd dat in de verte leek op de Politika van Aristoteles. Of, iets algemener, op het Griekse denken over staatsvormen. Zeg maar de politicologie.

Lees verder “Griekse politicologie”

Behistun en Herodotos

Darius (meer dan manshoog) en achter hem Xerxes (bijna een kop groter dan de rest van de aanwezigen) staan op het punt de representanten van de onderworpen volken te gaan ontvangen. De hoveling rechts kondigt het begin aan van het defilé. Links twee wachters, de koninklijke wapendrager en de opper-magiër, helemaal rechts nog twee wachters. (Nationaal Museum Teheran)

Met een oog op de laatste dagen van de Irantentoonstelling in het Drents Museum heb ik de afgelopen dagen geblogd over de inscriptie van Behistun: de sleutel om het spijkerschrift te ontcijferen, het model voor de beschrijving die Herodotos gaf van de staatsgreep van de Perzische koning Darius én een verhaal dat Herodotos heeft laten liggen.

Als u de twee voorafgaande stukken hebt gelezen, waarin ik vertelde over de burgeroorlog die uitbrak ná Darius’ staatsgreep, dan kunt u een vermoeden hebben waarom Herodotos er niet op inging: het is eigenlijk nogal saai – en dan heb ik het nog niet gehad over de eigenlijke inscriptie, die helemáál stereotiep is. Ik beken dat ik de amusementswaarde van Herodotos’ vertelling over Darius’ inname van Babylon aanzienlijk hoger vind dan het gortdroge verhaal uit de Behistuninscriptie. Dat zullen de Grieken ook wel hebben gevonden, want die zullen het verhaal van Zopyros hebben herkend als een knipoog naar het (ons alleen uit een uittreksel bekende) epische gedicht Ilioupersis. Daarin viel te lezen dat de Griek Sinon zich aandiende bij de Trojanen en hun op de mouw spelde dat ze het Trojaanse Paard moesten binnenhalen. (Vondels Vosmaer de Spie is een derde voorbeeld van dit motief.)

Lees verder “Behistun en Herodotos”