Tranen om het Valkhof

Gezichtsmasker van een Romeinse helm (Valkhofmuseum, Nijmegen)

Een jaar of zo geleden begeleidde ik een vriendelijke Duitse journalist die een stuk wilde schrijven over Nederland in de Romeinse tijd. Op zijn laatste dag belde hij me vroeg in de ochtend wakker: hij wilde eerder op weg gaan, het was nog ver naar Beieren, en hij zou om half tien al langsgaan in het Valkhofmuseum in Nijmegen. Dat was wat problematisch omdat de conservator, die had beloofd de man te zullen rondleiden, niet aanwezig kon zijn voor elf uur. Ik beloofde de journalist dat ik zo snel mogelijk naar Nijmegen zou sporen en dat ik hem in de tijd dat hij te vroeg voor zijn afspraak was, zou rondleiden over het Valkhof (met zijn mooie Ottoonse kapel voor Sint-Nicolaas). Dan had hij dat alvast gezien en kon hij na het museumbezoek meteen verder. Vanuit de trein belde ik de conservator, die zich daarna werkelijk alle moeite getrooste om de onverwacht vroeg aankomende gast een vervroegde rondleiding te geven.

Wat ik maar zeggen wil: de mensen van het Valkhofmuseum zijn verschrikkelijk aardig. Met de mogelijke uitzondering van het Multatulihuis ken ik in Nederland geen vriendelijker museum. Een museum bovendien met een fenomenale collectie Romeinse voorwerpen. (Hier zijn mijn foto’s, en zie verder hier en daar.) Wie in Nederland van de Oudheid houdt – en dat zijn er tienduizenden – heeft een zwak voor het Valkhof, en ik was dan ook geschokt toen ik gisteren in het NRC Handelsblad las over de moeilijkheden in het museum. Er waren al eerder berichten over problemen, maar nu het onder de kop “Ondergang dreigt voor Museum Het Valkhof in Nijmegen” werd uitgespeld, zonk pas echt bij me in hoe precair de situatie is.

Lees verder “Tranen om het Valkhof”

Stedelijke rechten

Agrippa, de stichter van Nijmegen (Altes Museum, Berlijn)

Ik had er eigenlijk niet over willen bloggen, maar het onderwerp dook in vier dagen drie keer op: wat is de oudste stad van Nederland? Die vraag leeft nogal in Maastricht (dat ooit toeristen lokte met de slagzin “Maastricht staat op zijn Romeinse verleden”), in Nijmegen (dat elk decennium een ander stichtingsjaar heeft en in Tongeren (waar alle bewijs bestaat uit een inscriptie die niemand ooit heeft gezien).

De eeuwige negentiende eeuw

Als ik het goed zie, is het in feite een negentiende-eeuws discussie. Zoals de trouwe lezers van deze blog weten, is er te weinig informatie over de oude wereld en spelen de vooronderstellingen van de oudheidkundige een belangrijke rol bij de interpretatie van de schaarse data. Dat is de aard van het vak, maar als je niet oppast neem je de vooronderstellingen van je voorgangers over. En dat lijkt hier te zijn gebeurd: in de negentiende eeuw ging men ervan uit dat er zoiets was geweest als Romeins stadsrecht, zoals dat in de Middeleeuwen ook had bestaan.

Lees verder “Stedelijke rechten”

Wij Batavieren (2)

Karel van Egmont

Gisteren heb ik geschreven over het wonderlijke gegeven dat de Hollanders zich in de late zestiende eeuw begonnen te associëren met de Batavieren, zoals men destijds de Bataven noemde. De parallel die ze trokken tussen de eigen opstand tegen Spanje en de Bataafse Opstand tegen Rome, is bizar omdat ze immers een uiteindelijke nederlaag impliceert. Een eervolle nederlaag, zeker, maar een nederlaag. Ik opperde dat de Hollanders deze keuze maakten omdat er een model klaarlag.

Geldenhouwer

Dat is gevormd door de Nijmeegse humanist Gerard Geldenhouwer (1482-1542), die in 1530 een Historia Batavica publiceerde die in 1541 werd herdrukt. Daarin benadrukte hij (terecht) het Germaanse karakter van de Batavieren, claimde hij (terecht) dat Nijmegen hun hoofdstad was geweest en benadrukte hij (minder terecht) de continuïteit met het hertogdom Gelre.

Lees verder “Wij Batavieren (2)”

Nijmegen, de limes en de scepsis

De bovenloop van het Nijmeegse aquaduct op het terrein van Museumpark Orientalis
De bovenloop van het aquaduct in Nijmegen op het terrein van Museumpark Orientalis

Ik heb al eens eerder geschreven over de aquaductenaffaire in Nijmegen. Samengevat komt die erop neer dat enkele Nijmegenaren er niet zo gelukkig mee waren dat de gemeente het Romeinse aquaduct – herkenbaar als een verzameling meertjes, kanaaltjes en een dijk – beter wilde ontsluiten voor bezoekers. Sommige mensen in Nijmegen betwijfelden of er wel een aquaduct was geweest en een van hen wees erop dat er geen Romeinse vondsten waren gedaan. Die waren, zo zei hij, nodig om te concluderen dat er sprake was van een Romeins aquaduct.

Nijmegen in het nieuws

De zaak kreeg bekendheid toen Sjors van Beek erover schreef in De groene Amsterdammer en de dagbladen er ook aandacht aan besteedden. Toen de Radbouduniversiteit weigerde een uitspraak te doen over de wetenschappelijkheid van het rapport waarin was geconcludeerd dat de verzameling meertjes, kanaaltjes en dijk een aquaduct was geweest, knalde de zaak verder naar het LOWI, het Landelijk Orgaan Wetenschappelijke Integriteit. Toen vervolgens ook de Nijmeegse Rekenkamer twijfel uitsprak, waren de rapen helemaal gaar. De gemeenteraad ging uiteindelijk niet in op de kritiek.

Lees verder “Nijmegen, de limes en de scepsis”

Opnieuw Aquilius

Medaillon van Aquillius van VIII Augusta (Valkhofmuseum, Nijmegen)

Een tijdje geleden blogde ik over het medaillon dat u hierboven ziet. Het voorwerpje is gevonden op het Kops Plateau in Nijmegen en ik vertelde dat deze vermoedelijk het eigendom is geweest van een centurio – eigenlijk: een primus pilus, de oppercenturio – Gaius Aquilius die ook door de Romeinse historicus Tacitus wordt genoemd.

De identificatie is belangrijk. De aanwezigheid van een centurio uit het Achtste Legioen Augusta – zie de inscriptie; dat het gaat om een centurio, blijkt uit het vishaakje > links op de derde regel – op het Kops Plateau werpt namelijk nieuw licht op het Romeinse beleid vóór de Bataafse Opstand. Tacitus, die causaliteit uitsluitend plaatst op individueel niveau, presenteert het alsof de opstand ontstond door toedoen van Julius Civilis, die de onrust door rekruteringspraktijken voor zijn eigen doeleinden benutte. Vervolgens was de Romeinse reactie inadequaat door – opnieuw een op individuen gebaseerde analyse – falend leiderschap. (Dat de troepensterkte met 75% was afgenomen, lijkt Tacitus niet te deren.)

Lees verder “Opnieuw Aquilius”

Aquaduct

nijmegen_aquaduct_orientalis1
De bovenloop van het aquaduct op het terrein van Museumpark Orientalis

1.

In het oosten van Nijmegen ligt een oud Romeins aquaduct. De vijver, de geulen en de drie dammen zijn goed vergelijkbaar met antieke waterleidingen als die in Dorchester en Tongeren, maar er zijn weinig concrete vondsten gedaan. Hout, het materiaal waarmee de eigenlijke waterloop was gebouwd, is nu eenmaal vergankelijk en kan niet meer worden opgegraven.

Het is daarom begrijpelijk dat er een stevige discussie is losgebarsten of de vijver, geulen en dammen wel door de Romeinen zijn aangelegd. Aanvankelijk waren het sceptische burgers die vragen stelden; later kwamen daar journalisten bij; daarna gaf de Nijmeegse Rekenkamer advies; tot slot oordeelde de Nijmeegse politiek dat er geen reden was tot twijfel. De affaire interesseert me, maar niet om de vraag of er werkelijk een aquaduct is geweest. Voor zover we weten, was het er. Voor zover we weten, is de kritiek onterecht. Daarom is de scepsis zo boeiend. De Nijmeegse archeologen betalen namelijk voor fouten die niet zij hebben gemaakt.

Lees verder “Aquaduct”

Jeruzalem en Nijmegen

Het borstpantser van een standbeeld van Vespasianus uit het Libische Sabratha toont een Victoria, een geboeide Jood en een Bataaf, gezeten op enkele inheemse schilden.
Het borstpantser van een standbeeld van Vespasianus uit het Libische Sabratha toont een Victoria, een geboeide Jood en een Bataaf, gezeten op enkele inheemse schilden.

In 68 pleegde keizer Nero zelfmoord en kwam de oude senator Galba aan de macht. Volgens de Romeinse historicus Tacitus zou iedereen het erover eens zijn geweest dat Galba een capabel heerser was als hij niet zou hebben geheerst, en dat is niet alleen mooi gezegd maar ook waar: Galba verspeelde in minder dan geen tijd al zijn krediet en werd in januari 69 geconfronteerd met een tegenkeizer, Vitellius, die vanuit het Rijnland bliksemsnel oprukte naar Italië.

Toen zijn legioenen daar aankwamen, was Galba al dood: in Rome had Otho de macht gegrepen en zijn voorganger laten lynchen. De Rijnlegers maakten korte metten met de troepen van Otho voordat deze versterkingen van de Beneden-Donau had ontvangen, de verslagen keizer pleegde zelfmoord en Vitellius kon beginnen aan zijn regering. Al onze bronnen oordelen negatief over hem maar kunnen niet verbergen dat hij als eerste mensen uit de ridderstand aanstelde als ministers en daarmee een einde maakte aan de door velen als misstand ervaren rol van vrijgelatenen. Vitellius had de visie om een van Romes betere keizers te zijn.

Lees verder “Jeruzalem en Nijmegen”

Rehabilitatie van een Romein

Medaillon van Aquillius van VIII Augusta (Valkhofmuseum, Nijmegen)

Indolent, decadent, inefficiënt, incompetent: dat waren, volgens de Romeinse historicus Tacitus, de voornaamste kwaliteiten van de Romeinse generaal Hordeonius Flaccus. En hij was nog jichtig ook. Niet bepaald de ideale man om de Rijngrens te verdedigen, zeker niet op een moment waarop driekwart van de troepen naar Italië was getrokken om daar Vitellius te helpen aan het keizerschap. Tot overmaat van ramp kwamen in de late zomer van 69 de Bataven in opstand, een half-geromaniseerde stam in de Betuwe.

Tacitus vertelt hoe de opstandelingen de Romeinse forten langs de Neder-Rijn een voor een innamen en plunderden, een gebeurtenis die archeologisch wordt bevestigd: alle bekende versterkingen hebben een brandlaag die rond 69 valt te dateren. Gelukkig was er een centurio, Aquilius, die erin slaagde de overlevende Romeinse soldaten te verzamelen, omvormde tot een strijdgroepje en zich een weg terugvocht naar de veiligheid van Batavodurum, het huidige Nijmegen.

Lees verder “Rehabilitatie van een Romein”