
Toen keizer Diocletianus zich in 305 na Chr. terugtrok in zijn nieuwgebouwde, schitterende paleis in Spalato (Split), kon hij terugkijken op een succesvol keizerschap van zo’n twintig jaar. De splitsing van het veel te grote, onoverzichtelijke rijk in twee delen was al een huzarenstukje, de monetaire hervormingen, hervormingen binnen het leger en daarmee samenhangende veranderingen in de totale rijksadministratie, droegen enorm bij aan zijn roem. Verder liet hij nog een gigantisch badhuis na aan de stad Rome, waarvan we nu nog de indrukwekkende resten zien, nabij het Stazione Termini. Diocletianus kon rustig boontjes en bloemen gaan kweken in zijn tuin in Split, zoals vaak beweerd wordt.
Een leven vol roem voor de boeg
Een keizer die het einde van zijn leven zonder moord of doodslag haalde mag je al een bijzonderheid noemen, maar dat kon alleen als hij voor 120% kon vertrouwen op zijn persoonlijke lijfwacht. En daar deed zich aan het eind van de derde eeuw een probleem voor: ondanks ook door Diocletianus gepropageerde vervolgingen van die rare christenen, die weigerden om de keizer als de belangrijkste vertegenwoordiger van de boven hen gestelde machten te vereren, was er een commandant van die garde die juist dat verfoeide geloof aanhing: Sebastianus.






Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.