Koningin Kahina

Moskee in Annaba

[Zesde van zeven blogjes over de arabisering van de Maghreb. Het eerste was hier.]

Met de val en verwoesting van Karthago, waarover ik schreef in het vorige blogje, kwam een einde aan de Byzantijnse aanwezigheid in Ifriqiya. Als er al verder naar het westen al vlootsteunpunten zijn geweest, zijn die snel daarna opgegeven. Alleen rond de Straat van Gibraltar heerste nog de al genoemde exarch Julianus, die feitelijk een post-Romeins staatje voor zichzelf was begonnen tussen het Rijk van Toledo en de Berbers van het huidige Marokko. De Byzantijnen waren dus feitelijk verdwenen, maar hun Berber-bondgenoten waren er nog, en zij zetten de strijd tegen de Arabische veroveraars voort.

Kahina

Hun leider was koningin Kahina. Rond haar bestaat een hoop legendevorming: ze was een tovenares, een profetes wier voorspellingen opvallend vaak uitkwamen, een feministe, voorbeeld voor het verzet tegen koloniale mogendheden (lees: Frankrijk), heldin in het Berber-verzet tegen de Arabieren, Afrikaanse heerseres, joodse verzetsstrijder. Dat laatste gaat terug op een opmerking van de veertiende-eeuwse geleerde Ibn Khaldun, maar de meeste hedendaagse geleerden vermoeden dat ze een christelijke Berber-prinses was die haar positie tevens te danken had aan het feit dat ze getrouwd was geweest met een van de laatste Byzantijnse bestuurders.

Lees verder “Koningin Kahina”

Hoe bouw je een aquaduct?

Zaghouan, begin van het aquaduct van Karthago

Je denkt dat je dingen weet en dan weet je het toch niet. In het museum van de Pont du Gard, het grote aquaduct bij Nîmes, pikte ik ooit op dat het verval van een Romeins aquaduct 1% bedroeg. Tien meter per kilometer dus. Zou de hellingshoek groter zijn, zo leerde ik daar, dan zou het water zich dieper en dieper in de bodem slijten, zodat uiteindelijk lekkages ontstonden. Zou de hellingshoek echter geringer zijn, dan deed de vloeistof er te lang over om zijn bestemming te bereiken en kwam er uiteindelijk bedorven water uit de kraan.

Dat leek me duidelijk.

Lees verder “Hoe bouw je een aquaduct?”

Faits divers (8)

Bou Karnin, de heilige berg van de Karthagers

In de reeks faits divers deze keer: een boekpresentatie en meer Tunesië.

Oudheidkunde is een wetenschap

Het is een algemeen erkende waarheid dat op een planeet met een eindig oppervlak, een eindig aantal inwoners en een eindig aantal blogs, er slechts één blog kan zijn met de leukste volgers. Het is een even algemeen erkende waarheid dat dit de Mainzer Beobachter is. Een derde algemeen erkende waarheid is dat dit niet berust op toeval. Deze blog heeft immers de interessantste medeauteurs, die de volgers inspireren tot de interessantste reacties.

Ja, die reacties. Ik heb er de afgelopen twaalf jaar veel van geleerd. Niet alleen heeft u, altijd vriendelijk, mijn stommiteiten gecorrigeerd, maar u heeft me hier – en nog vaker via de mail – laten zien waar de feitelijke vragen zitten. Me mede daarop baserend publiceer ik volgende maand Oudheidkunde is een wetenschap, over de innovatie in de oudheidkundige disciplines.

Lees verder “Faits divers (8)”

Waterreservoir

Malga-waterreservoir (Karthago)

Zoiets had ik dus nog nooit gezien: het enorme waterreservoir van het Romeinse Karthago. De plek heet naar een niet langer bestaand dorpje Malga en het gaat om vijftien enorme, buisachtige ruimtes. Ze zijn ongeveer acht meter in doorsnede en ruim honderd meter lang. Met wat tussenmuren is het geheel zo’n 130 meter breed.

Gebouwd ten tijde van keizer Hadrianus (r.117-138) is dit het einde van het Zaghouan-aquaduct, dat hemelsbreed zestig kilometer ten zuiden van Karthago begint en een capaciteit had van 50.000-60.000 kubieke meter water per dag. Dat is vrij veel maar er was ook veel water nodig om Karthago te voeden, een stad waar – volgens een misschien wat hoge schatting – in de tweede eeuw na Chr. zo’n 400.000 mensen woonden. Dit reservoir diende als verdeelstation én als voorraad, voor als er eens te weinig water zou zijn in de bronnen.

Lees verder “Waterreservoir”