De Maronitische Wereldkroniek (3) Theodosius II

Theodosius II (Bodemuseum, Berlijn)

[Dit is het derde van tien blogjes met de vertaling van de Maronitische Wereldkroniek. Een inleiding, literatuur en een waarschuwing de vertaling niet al te letterlijk te nemen, vindt u hier.]

Commentaar
De chroniqueur beschouwt de regering van keizer Theodosius II (r.408-450) als een christelijke bloeitijd. Hij behandelt deze tijd als één geheel, zonder veel aandacht voor chronologie.

Tijdens het bewind van Theodosius de Jongere verkeerden de kerken van de Romeinen in een onaantastbare positie. Onder de Perzen was er echter sprake van ernstige vervolging van de christenen, en vele heiligen zijn daar gekroond met de bekende smarten van het geloof.

Lees verder “De Maronitische Wereldkroniek (3) Theodosius II”

Het rijk van de Lydiërs

De Paktolos

De Lydiërs waren een IJzertijdvolk is het westen van wat tegenwoordig Turkije heet. Ik noem ze op deze blog regelmatig, maar heb nooit uitgelegd wie het nu eigenlijk waren. Dat moet maar eens veranderen.

Mira

Het land van de Lydiërs ligt aan weerszijden van de rivier de Hermos, waar ze hun hoofdstad Sardes bouwden op de plaats waar een ander riviertje zich met de Hermos verenigt: de Paktolos, die goudpoeder met zich meevoert. Met vruchtbaar land, water en goud was het succes van Sardes feitelijk al verzekerd. Al in de Bronstijd had hier een machtig koninkrijk gelegen, Mira, dat als hoofdstad Abasa had gehad, ofwel Efese.

Hoewel Mira aan het begin van de twaalfde eeuw v.Chr. – daar zijn de Zeevolken weer – verdwijnt uit de geschreven geschiedenis, is er aanzienlijke continuïteit tussen Mira en Lydië. De Lydische taal, die we kennen uit ongeveer honderd inscripties, is afgeleid van het Luwisch, dat in Mira de schrijftaal was geweest.

Lees verder “Het rijk van de Lydiërs”

De slag aan de Halys

De Halys

Stel je voor: het begint overdag ineens donker te worden. De natuur valt stil. Pas na enige tijd wordt het weer licht. Zonsverduisteringen zijn indrukwekkend, zeker voor mensen die niet weten dat het slechts een onschuldige maan is die voor een al even onschuldige zon langs trekt. Zoals de mensen in de Oudheid dus. Op 28 mei 585 v.Chr. gooiden doodsbange soldaten het bijltje erbij neer.

De Meden waren een Iraans volk, berucht om strooptochten in naburige gebieden. In feite vormden die strooptochten een fase van de Indo-Europese migraties: vanuit Centraal-Eurazië naar Iran en daarvandaan naar het westen.

Lees verder “De slag aan de Halys”

Thales van Milete (en Babylon)

Thales (Nationaal Museum, Beiroet)

Thales was een Griekse geleerde die in de zesde eeuw v.Chr. leefde in Milete. Van hem is de stelling dat alles uit water is ontstaan en daarom wordt hij wel natuurfilosoof genoemd. Omdat er nogal wat legenden over hem in omloop zijn heeft een commentator hem ooit vergeleken met de dertiende-eeuwse duizendkunstenaar Michael Scot, aan wie ook van alles en nog wat is toegeschreven. Thales’ tijdgenoten waren verbluft omdat hij de zonsverduistering van 28 mei 585 v.Chr. zou hebben voorspeld.

Hoezo, zonsverduistering?

Daar valt echter wel wat op af te dingen. Zelfs in Babylonië, waar de astronomen veel verder waren dan in het toenmalige Griekenland, kon men dit in de zesde eeuw niet. Natuurlijk, men wist dat er een patroon was in zons- en maansverduisteringen en wist op welke data ze mogelijk waren. De Babylonische astronomen waren echter niet in staat te voorspellen of ze een verduistering van de zon ook werkelijk zouden observeren. Zo lezen we op kleitabletten weleens dat een voorspelde zonsverduistering niet was doorgegaan. Moderne astronomen berekenen dan dat het schouwspel zichtbaar was op Groenland of Java of zo.

Lees verder “Thales van Milete (en Babylon)”

Factcheck: De slag bij Gibeon

De slag bij Gibeon op een gevelsteen bij het Joods Historisch Museum (Nieuwe Amstelstraat 32)

Bijbelverhalen zijn vaak zo verschrikkelijk mooi. Hier is er een die altijd tot de verbeelding spreekt: Jozua, de aanvoerder van de Hebreeën, trekt ten strijde tegen vijf Amoritische koningen, kort nadat hij het land van Israël is binnengetrokken.

Na een nachtelijke mars vanuit Gilgal deed Jozua een onverwachte aanval op de vijanden en Jahwe bracht hen voor Israël in verwarring. Zo brachten de Israëlieten hun bij Gibeon een zware nederlaag toe, achtervolgden hen de berghelling op naar Bet-Choron en bleven hen bestoken tot bij Azeka en Makkeda. Toen zij, vluchtend voor Israël, op de steile afdaling van Bet-Choron gekomen waren, liet Jahwe uit de hemel grote stenen op hen neerhagelen, die hen doodden. Dat duurde tot Azeka toe. Er stierven er meer door de hagelstenen dan de Israëlieten met het zwaard konden doden. (Jozua 10.9-11)

Hierna voegt de auteur iets toe dat hij lijkt te hebben ontleend aan een verder niet bekend Boek van de Rechtvaardige.

Lees verder “Factcheck: De slag bij Gibeon”

Kuifje en de mijnen van koning Salomo

Een jeugd zonder Kuifje is net een tikje minder leuk dan een jeugd met de jonge reporter, en ik vermoed dat althans de oudere lezers van deze kleine blog het bovenstaande plaatje wel herkennen. Inderdaad, het komt uit Kuifje en de Zonnetempel.

De titelheld en zijn vrienden Haddock en Zonnebloem zijn gevangen genomen door Inka’s en zullen levend worden verbrand, maar Kuifje weet dat er een zonsverduistering zal zijn, en speldt de Inka’s op de mouw dat de Zon de executies verbiedt. Het morbide verhaal wordt nergens te zwaar op de hand doordat professor Zonnebloem in de veronderstelling verkeert dat hij figurant is in een filmopname. Zijn van alle realiteitszin gespeende commentaar houd het verhaal prettig verteerbaar.

Lees verder “Kuifje en de mijnen van koning Salomo”