
In 101 na Chr., dertig jaar na aankomst in Windisch, werd XI Claudia, waarover het vorige blogje ging, overgeplaatst naar Brigetio (Szöny) in Pannonia Inferior gestuurd. Van hieruit moet het legioen hebben deelgenomen aan de Dacische Oorlog van keizer Trajanus (101-106).
Vóór 114 werd het legioen opnieuw overgeplaatst, en wel naar Durostorum in Moesia Inferior, het huidige Silistra. Hier, niet ver van de delta van de Donau, zou de eenheid drie of vier eeuwen blijven. De rekruten waren steeds vaker jonge mannen uit het nabijgelegen Thracië.
De tweede eeuw
Een van de taken was de bewaking van de Krim, waar verschillende van oorsprong Griekse steden lagen, die zich onder Romeinse bescherming hadden geplaatst. De legioenen van de Beneden-Donau waren bij toerbeurt verantwoordelijk voor deze buitenpost. Verschillende inscripties getuigen van de aanwezigheid van soldaten van XI Claudia, I Italica en V Macedonica. Tot de andere activiteiten van het legioen behoorden de bouw van een fort in Draschna in de Karpaten en bureaucratische werkzaamheden in de provinciehoofdstad Tomis (het huidige Constanța).
Ten tijde van keizer Hadrianus werd een onderafdeling van XI Claudia naar Judea gestuurd om de messiaanse opstand van Bar Kochba (132-136) te onderdrukken. Dit was een van de moeilijkste oorlogen die Rome ooit heeft gevoerd.
Toen de gouverneur van Pannonia Superior, Lucius Septimius Severus, in april 193 tot keizer werd uitgeroepen, sloot het Elfde zich onmiddellijk bij hem aan. In een bliksemcampagne marcheerde hij op Rome, maar onze eenheid nam daaraan niet deel: Durostorum lag te ver van Italië. Het speelde echter wel een rol in de volgende campagne van Severus: tegen zijn rivaal Pescennius Niger in Syrië. Met de soldaten van I Italica belegerde XI Claudia Byzantion, forceerde de bergpas die bekendstaat als de Cilicische Poort en vocht bij Issos. Het is waarschijnlijk dat de manschappen van het Elfde ook deelnamen aan de campagnes van Severus tegen het Parthische Rijk, die culmineerden in de verovering van Ktesifon (198).
Derde eeuw
Tijdens het conflict tussen keizer Gallienus (260-268) en zijn Gallische rivaal Postumus steunde het XI Claudia eerstgenoemde, waarvoor het eretitels kreeg als Pia V Fidelis V (“vijf keer trouw en loyaal”) en Pia VI Fidelis VI. Van verschillende andere legioenen weten we dat de eretitels doornummerden tot zevenvoudige trouw en loyaliteit, maar dat is niet het geval bij het Elfde. We weten niet waarom zijn loyaliteit en trouw slechts zes keer werden erkend. Ook weten we niet welke keizer deze kwaliteiten voor de tweede, derde en vierde keer heeft geprezen.
In 273 waren soldaten van XI Claudia (en nog vier andere legioenen) betrokken bij de aanleg van wegen in het huidige Jordanië, zoals blijkt uit een inscriptie uit Qasr el-Azraq. In 295 vocht een mobiele onderafdeling in Egypte, en drie jaar later vocht een andere onderafdeling in Mauretanië. Het is allemaal redelijk gebruikelijk: soortgelijke dingen zijn over andere legioenen te vertellen.
Late Oudheid
In 302 werd een zekere Julius, een legionair van XI Claudia, in Durostorum doodgemarteld, omdat hij een christen was. Een andere man, Hesychius, was de volgende legioensoldaat die om identieke redenen werd gedood.
En daarmee verdwijnt het legioen eigenlijk uit de geschiedenis. We weten dat het aan het begin van de vijfde eeuw nog steeds de Beneden-Donau bewaakte bij Durostorum. Welke rol het speelde toen de Gotische troepen de Donau overstaken en hoe het heeft gevochten in de slag bij Adrianopel (378) is onbekend. Wat er daarna is gebeurd, is ook niet bekend, maar het is geen al te gekke gok dat het strijdend ten onder is gegaan toen weer eens een groep “barbaren” probeerde de Donau over te steken, of dat het is verdwenen bij een reorganisatie van de Romeinse strijdkrachten.
Zelfde tijdvak
Sacro egoismojuni 18, 2014
Klassieke literatuur (8): welsprekendheidnovember 8, 2019
Shapur IIoktober 22, 2016

Razend interessant, bedankt Jona.
We kunnen ons nauwelijks voorstellen hoe immens het rijk is geweest. Je kon letterlijk van Spanje naar Jeruzalem of de Krim worden overgeplaatst, dit alles in één en hetzelfde land!
“We weten dat het aan het begin van de vijfde eeuw nog steeds de Beneden-Donau bewaakte bij Durostorum. ”
Ja en nee. Al vanaf de late derde eeuw maar zeker tijdens de eerste helft van de vierde eeuw werden de oude legioenen opgedeeld en in delen verplaatst naar andere delen van het rijk. Eerst in gelijke helften (waarschijnlijk seniores en iuniores genoemd), maar daarna ook in kleinere delen met de omvang van een dubbelcohort of een cohort. We hebben daar geen goed overzicht van, maar we zien dat sommige legioenen als grote (halve) eenheden in de mobiele veldlegers (comitatenses) terechtkomen, terwijl andere in kleinere delen langs de grenzen blijven (limitanei). Als klasse zijn ze altijd lager dan de garde-eenheden die later worden opgesteld (palatini), maar ook lager dan de vanaf Diocletianus nieuw opgestelde (kleinere) legioenen. Soms werden eenheden wel naar de veldlegers werden gepromoveerd, maar dan als ‘pseudo-comitatenses’.
Delen van het Elfde (Undecimani) bestonden in elk geval nog steeds aan het begin van de vijfde eeuw toen de Notitia Dignitatum werd opgesteld.
Hieronder twee links van de website van de onvolprezen Luke Ueda Sarson uit Japan:
http://lukeuedasarson.com/NDundecimani.html
http://lukeuedasarson.com/NDundecimaniWest.html