Het ontstaan van XI Claudia

Inscriptie voor een soldaat van het Elfde Legioen, die vocht in Aktion (Museo nazionale della civiltà romana, Rome)

Rome is niet gebouwd op één dag en is niet gebouwd door keizers of consuls. Het Mediterrane wereldrijk is ontstaan door de integratie van de diverse regionale economieën en kreeg een Romeins uiterlijk doordat er altijd legionairs waren die bereid waren te strijden voor consuls of keizers. Wat betekent dat de geschiedenis van de Mediterrane economie en Romeinse regimentsgeschiedenis belangrijk zijn. Wat weer betekent dat we het vandaag gaan hebben over het Elfde Legioen, dat een eeuw na zijn oprichting de bijnaam Claudia zou krijgen.

Een eerste begin

(U zult in een moment weten waarom “eerste begin” voor één keer geen pleonasme is.) Het was een van Romes oudste legioenen. Toen Julius Caesar in 58 v.Chr. besloot niet vanaf de Povlakte naar Dacië te trekken, maar in plaats daarvan Gallië binnen te vallen, rekruteerde hij twee extra eenheden: het Elfde en het Twaalfde. Caesar vermeldt het Elfde in zijn beschrijvingen van de strijd tegen de Nerviërs, en het legioen zal zeker ook hebben deelgenomen aan andere beroemde campagnes, zoals de belegeringen van Bourges en Alesia.

Tijdens de Tweede Burgeroorlog nam het Elfde deel aan Caesars invasie van Italië en verbleef het enige tijd in Apulië. In het voorjaar van 48 v.Chr. vocht het bij Dyrrhachion en enkele maanden later bij Farsalos. In 45 werd het legioen ontbonden. Caesar vestigde de veteranen in Bovianum in Centraal-Italië, dat sindsdien Bovianum Undecumanorum heette, het Bovianum van het Elfde.

Een tweede begin

In 42 v.Chr. werd dit legioen opnieuw samengesteld. Caesars erfgenaam Octavianus had troepen nodig en Caesars veteranen dienden maar wat graag voor de jongeman. Het herstelde Elfde diende in de dubbele slag bij Filippoi (42 v.Chr.), waarin Octavianus en Marcus Antonius de moordenaars van Caesar versloegen, en keerde naar Italië terug, waar het een opstand bij Perugia onderdrukte. Waarschijnlijk vocht het ook tijdens de campagnes van Octavianus bij Sicilië tegen Sextus Pompeius, de zoon van Pompeius de Grote, die de voedselvoorziening van Rome bedreigde.

Misschien kreeg de Elfde op dit moment al een ​​bijnaam. We weten dat het Tiende in deze jaren de bijnaam Fretensis kreeg. Maar als dit zo is geweest, weten we niet welke bijnaam dat kan zijn geweest. Legioensbijnamen lijken op dit moment overigens zeldzaam te zijn.

In 32 v.Chr. brak oorlog uit tussen Octavianus en Marcus Antonius, die een jaar later culmineerde in de zeeslag bij Aktion, waarin Octavianus zijn tegenstander versloeg en de alleenheerschappij verwierf. Het Elfde Legioen lijkt zich opvallend eervol te hebben gedragen, want verschillende veteranen lieten op hun grafstenen weten dat ze erbij waren geweest in Aktion. Vanaf nu was Octavianus alleenheerser en zoals bekend diende hij zich aan onder de naam Augustus.

XI Claudia op de Balkan

Hij stuurde het Elfde naar de Balkan, waar het bijna een eeuw bleef. De oorspronkelijke basis is onbekend, maar na de herschikking van de Romeinse strijdkrachten na de ramp in het Teutoburgerwoud (september 9 na Chr.) verbleef het Elfde aan de Dalmatische kust bij Burnum (het huidige Kistanje). Het deelde die basis met het Zevende Legioen. De legionairs moeten op verschillende plaatsen werkzaam zijn geweest, zoals in de provinciehoofdstad Salona, achter het moderne Split. Een onderafdeling verbleef in Trilj-Gardun, en andere mannen legden wegen aan, waarmee ze het binnenland openden voor economische ontwikkeling

Het legioen was nog steeds in Burnum toen de gouverneur van Dalmatië, Lucius Arruntius Camillus Scribonianus, in 42 na Chr. in opstand kwam tegen keizer Claudius. De soldaten van het Zevende en Elfde maakten echter onmiddellijk een einde aan deze opstand en verwierven zo de eretitel Claudia Pia Fidelis, “loyaal en trouw aan Claudius”. Het Elfde had zijn blijvende bijnaam verworven: XI Claudia.

Dakpan van XI Claudia uit Burnum (Archeologisch Museum, Zadar)

XI Claudia tijdens het Vierkeizerjaar

Rond 58 vertrok VII Claudia uit Burnum. XI Claudia bleef achter aan de Dalmatische kust, waar het wordt genoemd ten tijde van de zelfmoord van keizer Nero in de zomer van 68.

De nieuwe keizer was de oude Galba, die in januari 69 in de problemen kwam toen de commandant van het leger van Germania Inferior, Vitellius, in opstand kwam. Meteen riep een rijke senator genaamd Otho zichzelf eveneens uit tot keizer. Galba werd op het Forum gelyncht en nu moest elk legioen kiezen tussen Otho en Vitellius. Net als het Zevende en het Veertiende koos XI Claudia de zijde van Otho, en rukte het op naar Italië. Bij Cremona kwam het tot een veldslag tegen Vitellius’ troepen, die die dag de overwinning boekten. De zegevierende keizer Vitellius strafte zijn tegenstanders niet en beval slechts hun terugkeer naar Dalmatië.

Het legioen koos nu de kant van een nieuwe pretendent, Vespasianus In een tweede veldslag bij opnieuw Cremona, nog steeds in 69, behaalde het de overwinning, waarmee het einde van de regering van Vitellius werd ingeluid. In het volgende jaar maakte het Elfde deel uit van het expeditieleger waarmee generaal Cerialis de Bataafse Opstand onderdrukte. Vervolgens werd het overgeplaatst naar de oude basis van XXI Rapax, Vindonissa, het huidige Windisch, in Germania Superior. In Dalmatië werd het Elfde afgelost door IIII Flavia Felix.

Er is veel archeologisch bewijs voor het verblijf van XI Claudia in Windisch. Zo weten we van baksteenbakkerijen in Rupperswil en van wachtposten langs de weg naar de Alpen. De soldaten waren ook actief bij bouwwerkzaamheden in het moderne Baden-Baden. XI Claudia vocht in 73/74 op de oostelijke oever van de Rijn en in 83 nam het deel aan de oorlog tegen de Chatten onder leiding van keizer Domitianus.

[Wordt vervolgd]

Deel dit:

Een gedachte over “Het ontstaan van XI Claudia

Reacties zijn gesloten.