Oorlog in Sicilië (3)

Een Amerikaanse hospik in actie tijdens de strijd op Sicilië

[Dit is het laatste van drie stukjes over de Geallieerde verovering van Sicilië. In het eerste deel vertelde ik over de planning  en in het tweede beschreef ik hoe de opmars vastliep, maar hoe in Italië desondanks Mussolini werd afgezet. Een landkaart je is hier.]

Strijd rond de Etna

De oorlog op Sicilië kwam nu steeds meer in handen van de Duitsers, die zich ingroeven rond de Etna, en de Amerikanen, die aan de noordkust van Sicilië door middel van een reeks landingen steeds achter de Duitse linies wisten te komen. Het bleek te werken, beter dan verwacht: niet alleen naderden de Amerikanen nu Messina, maar de Duitsers, die rond Centuripe (ten zuidwesten van de Etna) nog een sterke positie hadden, raakten nu geïsoleerd tussen de Amerikanen in het noorden, westen en zuidwesten, en de Britten in het zuiden. De Britten konden de druk op dit punt opvoeren en kwamen zo dan toch over de Gornalunga.

Lees verder “Oorlog in Sicilië (3)” →

Oorlog in Sicilië (2)

Britse soldaten in actie op Sicilië

[Dit is het tweede van drie stukjes over de Geallieerde verovering van Sicilië. In het eerste deel, hier, vertelde ik over de planning. Een landkaart je is hier.]

De weg naar Messina

In elke militaire operatie is de goede planning het eerste slachtoffer, en Operation Husky was geen uitzondering. De Britten bezetten Syracuse en deden er vervolgens drie dagen over om Augusta te bereiken, dat hemelsbreed vijftien kilometer noordelijker ligt. Over de volgende twintig kilometer deed men nog eens vijf dagen, en vervolgens liep men volledig vast bij de rivier de Gornalunga, waar de Duitsers, die in deze dagen de Italianen allerijl te hulp schoten, zich hadden ingegraven.

Catania werd vooralsnog niet bezet en de Britten konden zelfs niet dénken aan de opmars langs de Etna en de steile hellingen bij Taormina, allemaal hindernissen langs de weg naar Messina. Een commandoactie om een brug over de rivier te veroveren, mislukte. Het feit dat het Britse oorlogskerkhof zich hier nu bevindt, is een wrange herinnering aan het feit dat gedurende de weken dat er op Sicilië werd gevochten, de Britten meestentijds hier waren.

Lees verder “Oorlog in Sicilië (2)” →

Nieuwe grenzen

Kennedy’s spiekbriefje: “Ik bin ein Berliner”Vijftig jaar geleden was Kennedy in Berlijn en de media hebben aan het jubileum de nodige gemakkelijke stukjes gewijd. Ongetwijfeld zal over een paar maanden de moord op de Amerikaanse president worden herdacht met gratuite nabeschouwingen en het zoveelste boek over de moord in Dallas. Alles keert na een halve eeuw terug en wat ooit een tragedie was is nu bladvulling voor journalisten die elke uitdaging vermijden.

Het volgende citaat is ouder dan vijftig jaar. Het komt uit de toespraak die Kennedy hield toen hij de democratische nominatie aanvaardde, op 15 juli 1960. Natuurlijk is het mooipraterij, maar Kennedy had wel degelijk oprechte ambities. Zie zijn schitterende toespraak “We Choose to go to the Moon“, met daarin het cruciale zinnetje dat we dingen moeten doen “not because they are easy, but because they are hard”. Hetzelfde sentiment zit in Kennedy’s ambitie om een “new frontier” te openen.

Lees verder “Nieuwe grenzen” →

Oorlog in Sicilië (1)

Sicilië in 1944

Fall Gelb. Operatie Barbarossa. Overlord. Market Garden. De namen van de militaire operaties uit de Tweede Wereldoorlog zijn redelijk bekend. Operatie Husky heeft de publieke aandacht nooit op die manier gekregen, maar de Siciliaanse Campagne van 1943 – deze dagen zeventig jaar geleden – was wel degelijk belangrijk.

De Tweede Wereldoorlog was aanvankelijk in het voordeel van de As-mogendheden verlopen, maar in het najaar van 1942 hadden de Britten de Duitsers verslagen bij El-Alamein en meteen daarna liep het Duitse offensief in Rusland vast bij Stalingrad. In het voorjaar van 1943 bevrijdden de Geallieerden Noord-Afrika en vanaf dat moment lag het strategisch initiatief bij de Geallieerden, die het niet meer uit handen zouden geven tot Berlijn was ingenomen.

Lees verder “Oorlog in Sicilië (1)” →

Makkabeeën en methode (4)

Donald Rumsfeld

[Dit is het vierde deel van een artikel dat deze maand ook valt te lezen in Kleio. Het eerste deel is hier. In het voorafgaande heb ik gewezen op allerlei tegenspraken.]

Een verhaal vol tegenspraken – so what? Wordt de historicus daarmee niet altijd geconfronteerd? Inderdaad, maar dat is de pointe niet van dit stuk, dat in feite niet gaat over de Makkabeeënopstand maar over de omgang met strijdige bronnen.

Lees verder “Makkabeeën en methode (4)” →

Kennedy: Ich bin ein Berliner

(klik = groot)
Het aantekenbriefje van Kennedy (Kennedymuseum, Berlijn)

Een systeemkaart waarvan er dertien in een dozijn gaan, en waar met rode inkt iets op staat gekrabbeld: ik heb er honderden staan in een bakje op m’n bureau. De kaart op de foto hierboven zou er niet in opvallen. Trivialer kan het niet.

Maar het is wel degelijk het spiekbriefje dat president Kennedy in 1963 gebruikte tijdens zijn beroemde toespraak in Berlijn. Ik fotografeerde het in het Kennedymuseum dat ligt bij de Amerikaanse ambassade en hét symbool van Koude Oorlog: de Brandenburger Tor.

Lees verder “Kennedy: Ich bin ein Berliner” →

Handelaren in angst

Het Laatste Oordeel op een wandschildering uit het Bachkovo-klooster (Bulgarije)

Misschien bleef mijn aandacht erbij hangen omdat ik afgelopen vrijdag een lezing heb verzorgd in de Vondelbunker: een schuilplaats uit de Koude Oorlog. Bij een atoomaanval zouden enkele tientallen mensen hier veiligheid moeten kunnen vinden. Het had iets klungeligs allemaal: de toiletten, de kale ruimte, de waterzuivering, de fiets-hometrainers waarmee de zuurstof moest worden ververst wanneer de dieselvoorraden op zouden zijn. Dit had niets te maken met het doorstaan van een nucleaire aanval. Wie hier overleefde, zou de doden benijden. Dit was de volkomen waanzin van de Koude Oorlog.

Maar het kan altijd waanzinniger. Ik meende dat eigenlijk niemand het einde van de Maja-kalender, die ergens dit jaar zal aflopen, serieus nam. Ik meende  dat het zoiets was als de sport-, society- en lifestyle-bijlagen van de kranten: de journalisten pretenderen dat het nieuws is en de lezers veinzen er belang in te stellen, terwijl iedereen weet dat het bladvulling is, alleen om de tijd te doden. Maar dat meende ik verkeerd.

Lees verder “Handelaren in angst” →

Ochtend in Aleppo

Aleppo, 5 november 2008

De foto hierboven is geen truc. Ik maakte hem in de Syrische stad Aleppo, in de ochtend, op de dag waarop Obama tot president werd gekozen. Ik was zeer vroeg wakker en omdat ik mijn reisgenoot niet wilde wekken, ging ik in de lobby van het hotel om daar wat te schrijven. Er stond een TV en ik zag de gracieuze rede waarmee de verslagen presidentskandidaat McCain de nieuwe president feliciteerde, en luisterde even later naar Obama’s aanvaardingstoespraak, die ik uitgesproken zwak vond.

Lees verder “Ochtend in Aleppo” →

Alan’s War

Er bestaat een discussie over het aantal soldaten dat tijdens een gevecht daadwerkelijk in staat is te schieten. Dat schijnt een betrekkelijk laag percentage te zijn, al is die conclusie niet onomstreden en misschien wel onjuist. Toch zijn er tijdens de Tweede Wereldoorlog soldaten geweest die nooit vuurcontact hebben gemaakt, bijvoorbeeld omdat ze laat in de oorlog werden opgeroepen, in de eerste maanden van 1945 op non-actief stonden omdat hun tanks zoek waren, en het front pas bereikten toen het Derde Rijk al grotendeels was ingestort.

Zo’n soldaat was Alan Cope, en je zou niet onmiddellijk hebben verwacht dat zijn oorlogsherinneringen een fascinerend boek over de Tweede Wereldoorlog opleverden. Dat is echter wel het geval, zelfs al gebeurt er dus weinig in Alan’s War van de Franse striptekenaar Emmanuel Guibert. (Het verscheen vanaf 2000 als La guerre d’Alan; sinds 2008 is er een Amerikaanse vertaling.)

Lees verder “Alan’s War” →

De affaire-Golb (5)

Een van de Dode-Zee-rollen: 4QTestimonia, met teksten over de messias (Jordan Museum, Amman)

[Dit is het laatste deel van een korte serie rond de moeizame omgang met de Dode Zee-rollen; het eerste deel is hier.]

Het meest trieste aan de zaak is misschien dit: waar geen ouder, waar ook ter wereld, afwezig zal willen zijn als een kind voor de rechter verschijnt, was Norman Golb in geen velden of wegen te bekennen toen Raphael zich in de rechtszaal verantwoordde. Had vader Golb misschien zelf iets te verbergen? Ja. Tijdens de zaak kwam uit dat hij, anders dan hij eerder had gezegd, had geweten van de activiteiten van zijn zoon.

Dat verandert de zaak grondig: kon aanvankelijk worden gezegd dat het ging om een doorgeslagen individu, er blijkt nu een academicus bij betrokken. Het is nu niet langer een civielrechtelijke zaak, het gaat nu ook om wetenschapsethiek, en het is gênant de werkgever van Golb Sr, de universiteit van Chicago, zich stil houdt. Het minste wat de universiteit had kunnen doen is een onderzoek aankondigen en een excuus maken aan degenen die door een medewerker zijn belasterd. Zoals in de affaires Guttenberg, Guggler, Stapel, Vonk en Poldermans.

Lees verder “De affaire-Golb (5)” →