Sint-Joris en de draak (1)

De draak van Sint-Joris te Beesel (Rik van Rijswick)

De draak hierboven, gemaakt door Rik van Rijswick, fotografeerde ik afgelopen zomer bij Beesel, dat u misschien kent van het draaksteken. Het is wel een tof beestje voor deze mooie zomerdag, want het is vandaag Sint-Joris. Maar wie was dat eigenlijk?

De Gulden Legende, de grote collectie heiligenlevens die Jacob van Voragine in 1260 publiceerde, noemt verschillende verhalen over de marteldood van christenen die Georgius hebben geheten, en ik sluit allerminst uit dat ze allemaal waar zijn omdat de naam destijds net zo gangbaar was als ons “meneer De Boer”. Het beroemdste verhaal is natuurlijk dat van zijn optreden als drakendoder, dat een variant is op het verhaal van de Griekse held Perseus. De christelijke legende is later weer door moslims opgepikt: zij noemen Perseus/Georgius Khidr, “de groene man”. In Jounieh bij Beiroet worden Khidr en Georgius samen vereerd; Khidrs graf is me ooit aangewezen in de citadel van Aleppo; en hij verschijnt aan u als u in Isfahan veertig dagen lang elke avond de stoep goed schrobt zonder u daarop te laten voorstaan.

Kortom, een volksverhaal waarvan er dertien in een dozijn gaan, maar omdat ik de legende eigenlijk eens wilde lezen, heb ik die maar eens opgezocht. Hieronder dus de tekst van een gedeelte uit de Gulden Legende, vertaald door Vincent Hunink. Maar eerst nog even dit: komt u vanavond naar Oog op de Oudheid in Leiden?

Lees verder “Sint-Joris en de draak (1)”

Siegfried, de MacGuffin

Hagen en Gunther (Alte Nationalgalerie, Berlijn)

Of we het nu hebben over de Ilias, over het Wilhelmus, over de eed van Von Stauffenberg c.s. of over Spiderman: steeds opnieuw vernemen we dat mensen die verkeren in een geprivilegieerde positie verplichtingen hebben. De homerische helden, Willem de Zwijger, de Duitse aristocraten en Peter Parker weten dat with great power also comes great responsibility. Maar wat als dat je eigen ondergang betekent?

Die vraag komt aan de orde in het tweede deel van het Nibelungenlied. Dat begint met een uitnodiging die koning Etzel stuurt aan de Bourgondiërs in Worms. Koning Gunther wil de invitatie aannemen, al was het maar om zo zijn zuster Kriemhild terug te zien, die met Etzel is getrouwd. Gunthers leenman Hagen geeft goede raad: zijn koning moet niet gaan, want Kriemhild zou weleens wraak kunnen nemen voor de moord op haar eerste echtgenoot, Siegfried. Hagen kan het weten: hij was de dader en handelde om de eer van zijn eigen koningin en van koning Gunther te redden.

Lees verder “Siegfried, de MacGuffin”

Manuscript met drakendoder

Middeleeuws Ovidius-manuscript (Vaticaanse Bibliotheek, Rome)

Scherp als uw ogen zijn en paraat als uw kennis van de Latijnse poëzie is, had u het bovenstaande natuurlijk terstond geïdentificeerd als de regels 27 tot en met 58 uit het derde boek (zie het cijfer bovenaan) van de Metamorfosen van Ovidius. Dat is het begin van een heel mooi verhaal dat ik hieronder aan u zal geven in de vertaling van Marietje d’Hane-Scheltema. Het manuscript is afkomstig uit de Vaticaanse Bibliotheek.

Het verhaal? Jupiter (zoals de Romeinen Zeus noemen) heeft van het strand bij de Phoenicische stad Tyrus – ik blogde er al eens over – het meisje Europa ontvoerd. Haar broer Cadmus gaat haar zoeken. Diens naam is overigens Semitisch: qedem betekent zoiets als “oosterling”. Hij belandt met wat vrienden in Griekenland en wil daar een stad gaan stichten. Hieronder leest u wat er toen gebeurde. Daarna, nog verder naar onder, nog een enkel woord over de slang in de boom.

Lees verder “Manuscript met drakendoder”

Hermes in Amsterdam

Hermes (Tropenmuseum)
Hermes (Tropenmuseum)

Amsterdam is de stad van dominees en kooplieden. Die laatsten hebben gezorgd voor een van de officieuze symbolen van de stad: de alom aanwezige Hermes, de Griekse god van de handel, kooplieden, dieven, boodschappers en reizigers. De godheid – door de Romeinen aangeduid als Mercurius – wordt meestal afgebeeld als een naakte jonge man met twee attributen: de herautenstaf en een gevleugelde helm. Het beeld hierboven maakt deel uit van de decoratie van het Tropenmuseum.

De beeldhouwers die de sculptuur verzorgden van de Beurs van Berlage hadden wat meer moeite met naaktheid en gaven Hermes een mantel over de schouders en een nogal onpraktisch ogende rok die, zo te zien, permanent met de arm moest worden opgehouden.

Lees verder “Hermes in Amsterdam”

Enuma elisj

Soms ontdek je een boek dat je al jaren had moeten kennen maar om een of andere reden niet bent tegengekomen. De Nederlandse vertaling van het Babylonische Scheppingsverhaal Enuma elisj is zo’n boek: terwijl ik het gedicht ken en tegelijk met vertaalster Selma Schepel gestudeerd moet hebben, kende ik dit in 2002 verschenen boek niet tot ik het aantrof in een antiquariaat.

Het verdiende beter dan de ramsj, want dit is een fijn boek. Deels doordat de antieke tekst interessant en belangrijk is, deels doordat Schepel verstandige redactionele keuzes heeft gemaakt. De enige keuze die, met de kennis van nu, verkeerd uitpakt, is dat ze de slisklank die bekendstaat als sjin, weergeeft als /sj/, zoals in de titel. Daarmee is een woord online, waar de internationale transcriptiesystemen overheersen, niet makkelijk terug te vinden, maar ik weet niet of dat in 2002 al voldoende duidelijk was. Maar verder is Schepels boek echt de moeite waard.

Lees verder “Enuma elisj”

Ringelingen en Nibelungen (2)

2x Suske en Wiske en de Ringelingenschat

[Dit is het tweede deel van een stuk over het klassieke Suske & Wiske-album. Het eerste is hier.]

Waar gaat De Ringelingenschat over? Suske, Wiske, tante Sidonia en Lambiek komen in het bezit van een drinkhoorn, en omdat ze er meer van willen weten, gaan ze op vakantie in Xanten. Daar blijkt de hoorn over wonderlijke krachten te beschikken, zodat het viertal belandt in de middeleeuwse stad. Lambiek, die inmiddels is voorzien van de geweldige naam Bikfried – het Vlaamse volksvoedsel is nooit ver weg – aanvaardt nu een betrekking als drakendoder, en het moet gezegd: hij brengt het er bepaald niet slecht vanaf.

De bewoners van Xanten zuchten ondertussen onder de belastingen die hun koning, Hagen Kartoffel (nog meer patat) von Ringeling, hun oplegt. Zo ontstaat de Ringelingenschat, die gestolen zal worden; vanzelfsprekend wordt deze misdaad uiteindelijk opgelost en worden de daders bestraft, waarna onze helden terugkeren naar hun eigen tijd.

Lees verder “Ringelingen en Nibelungen (2)”