Alexander de Grote in Babylon (4)

Zegel van een Babylonische priester (Louvre, Parijs)

[Laatste van vier blogjes over het verblijf van Alexander de Grote in Babylon. Het eerste was hier.]

De aankomst van de Macedoniërs in Babylon was dus een wetenschappelijke doorbraak zonder weerga, die de Griekse kennis van hemel en aarde aanzienlijk verrijkte. In schril contrast met deze glorieuze gebeurtenis staat het lot van de Babylonische vrouwen. Levend in de stad van Semiramis, over wie de Griekse mannen de geilste gedachtes hadden, ervoeren ze lijfelijk wat zoveel vrouwen in oorlogstijd hebben moeten ondergaan. Het meest schrijnende is het verwijt dat ze de verkrachting aan zichzelf hadden te wijten. Curtius Rufus geeft ze een trap na:

Geen van Alexanders steden is verdorvener in zeden, geen beter toegerust om bovenmatige gevoelens op te roepen en ervoor te bezwijken. Zolang er maar voor schanddaden wordt betaald staan ouders en echtgenoten toe dat hun kinderen en echtgenotes ontuchtige seks hebben met vreemdelingen. Vrouwen wonen daar ook drinkgelagen bij en hoewel ze aanvankelijk netjes gekleed gaan, ontdoen ze zich al gauw van hun bovenkleding. Ik geneer me tegenover mijn lezers te zeggen dat de Babylonische vrouwen zich vervolgens steeds verder onteren en zich uiteindelijk ontdoen van hun meest intieme kledingstukken. Dit walgelijke gedrag is niet alleen typerend voor courtisanes, maar ook voor getrouwde vrouwen en jonge meisjes, voor wie dit alles valt onder de noemer gezelligheid.noot Curtius Rufus, Alexander 5.1.36-38; vert. Daan Stoffelsen..

Lees verder “Alexander de Grote in Babylon (4)”

Alexander de Grote in Babylon (1)

Het paleis van Nebukadnezar in Babylon

Elke soldaat in het leger van Alexander de Grote had gehoord van de hoofdstad van het aloude koninkrijk Babylonië, een stad die weliswaar ruim twee eeuwen eerder door de Perzische koning Cyrus de Grote was veroverd, maar nog altijd een van de belangrijkste culturele centra op aarde was: Babylon!

Rijkdom

“In geen land ter wereld gedijt Demeters geschenk zo welig”, had de Griekse onderzoeker Herodotos van Halikarnassos geschreven, om te specificeren dat er wel twee- tot driehonderd keer zoveel graan werd geoogst als gezaaid. Dat was  grof overdreven, maar de reële vijftienvoudige opbrengst maakte de regio wel degelijk tot het welvarendste agrarische gebied van de oude wereld. De Babyloniër Berossos schreef trots:

Lees verder “Alexander de Grote in Babylon (1)”

Mozes van Chorene

Manuscript van de Geschiedenis van Armenië van Mozes van Chorene (Matenadaran, Yerevan)

Wie over het antieke Armenië wil schrijven, kan niet om Mozes van Chorene heen. In zijn Geschiedenis van Armenië beschrijft deze auteur het verleden van de oude natie vanaf legendarische tijden tot 439 na Chr. In dat jaar overleed Mozes’ (veronderstelde) leermeester Mesrop Mashtots, de monnik die het Armeense alfabet heeft geschapen.

De Geschiedenis van Armenië bestaat uit drie boeken. Het eerste bevat de vroegste geschiedenis, enkele Bijbelverhalen en vertellingen over de legendarische Hayk, de stichter van Armenië. Deze volksvertellingen zouden we zonder Mozes nooit hebben gekend. In het tweede boek lezen we over het ontstaan van Armenië als zelfstandig koninkrijk, over de hellenistische periode en over de opkomst van het christendom. Hierin is ook het verhaal opgenomen van de bekering van koning Trdat III en het optreden van Gregorius de Verlichter. Het derde boek bevat de geschiedenis van de verdeling van Armenië tussen het Romeinse en Sassanidische rijk en eindigt, zoals gezegd, met de dood van Mesrop Mashtots. In een epiloog lezen we over de droeve toestanden in het Armenië van Mozes’ eigen tijd.

Lees verder “Mozes van Chorene”

Semiramis

Een Assyrische koningin (Pergamonmuseum, Berlijn)

Eutropius, wiens door Vincent Hunink vertaalde Korte geschiedenis van Rome onlangs in de winkel is gekomen (full disclosure: ik schreef de inleiding), vermeldt ergens een keizerin Symiasera, waarmee hij Julia Soeamias bedoelt, een uit Syrië afkomstige heerseres. Ik denk dat de rare schrijfwijze geen toeval is. Eutropius wil een herinnering oproepen aan de legendarische oosterse heerseres Semiramis, een van de grote verzinsels uit de Oudheid.

De naam

Toegegeven, de náám Semiramis heeft bestaan. De echtgenote van de Assyrische koning Šamši-Adad V (r.824-811 v.Chr.) heette Šammuramat ofwel Semiramis. Toen haar man was overleden, was ze gedurende drie (misschien vijf) jaar regent voor haar nog minderjarige zoon Adad-Nirari III. De Assyrische legers voerden in deze jaren oorlog tegen de Meden in het oosten en tegen de stad Arpad in het westen. Business as usual dus, zij het dat de commandant een vrouw was of een door haar aangewezen generaal. Veel meer weten we niet over deze koningin, behalve dan dat ze in 787 v.Chr. nog in leven was.

Lees verder “Semiramis”