Misverstand: De menora

De Menora, zoals afgebeeld op de Ereboog van Titus op de Velia in Rome (Museum für Abgüsse Klassischer Bildwerke, München)

Misverstand: De menora is in het Vaticaan

De Visigoten plunderden in 410 de stad Rome en in 455 deden de Vandalen het nog eens over. Ze namen veel kunstvoorwerpen mee, waaronder de tempelschat die Titus in 70 uit Jeruzalem had meegenomen. De moslimlegers die in 711 Toledo innamen, troffen daar de tafel met de toonbroden aan die de Visigoten hadden meegenomen uit Rome. De Vandalen namen de menora, de beroemde zevenarmige kandelaar mee naar Karthago. Toen de Byzantijnse generaal Belisarius die stad in 534 veroverde, nam hij het eeuwenoude voorwerp mee naar Constantinopel.

De menora staat dus niet in een van de kelders onder het Vaticaan, zoals men in Italië al een jaar of vijftien lijkt te denken. Het gerucht kreeg vleugels toen paus Benedictus XVI in mei 2009 Israël bezocht, en twee ultraorthodoxe joden eisten dat hij zou worden gearresteerd en vastgehouden tot de menora werd teruggegeven. De rechter wees het verzoek onmiddellijk af – helaas onder verwijzing naar de immuniteit die de paus als staatshoofd genoot, en niet met een beroep op het gezonde verstand.

Lees verder “Misverstand: De menora”

Byzantijnse krabbel (5): menora

De menora (links) en de tafel met de toonbroden (rechts) op de ereboog van Titus in Rome

Nadat de Romeinen in het jaar 70 na Chr. Jeruzalem hadden ingenomen, brachten ze de beroemde zevenarmige kandelaar naar Rome. De menora werd, samen met andere cultusvoorwerpen uit de tempel, neergezet in de Tempel van de Vrede. Na een brand in 192 werden de voorwerpen, of wat daarvan nog over was, misschien overgebracht naar een andere plek in de stad, maar dat is niet helemaal zeker. In elk geval waren de tempelschatten dankbare voorwerpen voor plunderaars. De Visigoten namen in 410 de Tafel met de Toonbroden mee terwijl de Vandalen zich in 455 ontfermden over de menora, die ze overbrachten naar Karthago.

In 534 veroverde de Byzantijnse generaal Belisarius die stad en de zevenarmige kandelaar was een van de voorwerpen die hij meenam. De geschiedschrijver Prokopios schrijft in zijn Geschiedenis van de Vandaalse Oorlog 4.9 dat het voorwerp door Constantinopel werd meegedragen tijdens Belisarius’ triomfantelijke intocht. Het zal hebben geleken op het reliëf hierboven, dat toont hoe de menora, na te zijn meegenomen uit Jeruzalem, in triomf door de straten van Rome werd gedragen.

Lees verder “Byzantijnse krabbel (5): menora”

De Visigoten

Een altaarsteun uit Córdoba (Archeologisch museum, Córdoba)

Een kleine twee weken geleden maakten archeologen van de Amsterdamse Vrije Universiteit bekend dat er bij Lienden gouden munten waren gevonden die nieuw licht wierpen op de wijze waarop de Frankische koning Childerik de macht in het noordwesten van het Romeinse Rijk had kunnen overnemen. De Romeinse keizer Majorianus had – vermoedelijk over de twee schijven van generaal Aegidius en een Frankische heerser als Childerik – rond het jaar 460 goud betaald om een Frankisch leger voor zich te winnen en daarmee de Romeinse macht in Gallië te herstellen. Ik beschreef hier en daar hoe het latere Frankische koninkrijk is gegroeid uit het netwerk dat de Romeinen bij die gelegenheid met hun goud versterkten.

De Frankische staat is dus te beschouwen als voortgekomen uit het Romeinse Rijk. Net als het Byzantijnse Rijk. Net zoals de continuering van de Romeinse cultuur in de halfwoestijn van Libië waarover ik al eens schreef. En net als het koninkrijk dat een van oorsprong Visigotische groepering stichtte op het Iberische Schiereiland. Het verhaal van deze groep is soms parallel en soms tegengesteld aan dat van de Franken.

Lees verder “De Visigoten”