Euripides

Euripides (Ny Carlsberg Glyptotek, Kopenhagen)

In eerdere stukjes heb ik het gehad over Aischylos en Sofokles, twee grote Atheense tragici. Van hen zijn tweemaal zeven toneelstukken over. Met Euripides, de derde treurspeldichter uit het rijtje, zijn het er niet minder dan achttien. Ik zal straks uitleggen hoe dat zo is gekomen, mar eerst iets over de man en zijn oeuvre.

Kluizenaar

Hij debuteerde in 455 v.Chr. en was niet werkelijk succesvol. Hij won maar vier keer de jaarlijkse toneelwedstrijd ter ere van Dionysos en verliet op hoge leeftijd zijn vaderstad om in Macedonië te gaan wonen. Daar is hij in 406 overleden. Waar Aischylos zich erop beroemde een rol te hebben gespeeld in de slag bij Marathon – naar verluidt zou Marathonstrijder het enige woord op zijn graf zijn geweest – en waar Sofokles de Atheense wetten had helpen herschrijven in een crisissituatie, koos Euripides voor een meer teruggetrokken leven. De kluizenaar zou een grote persoonlijke bibliotheek hebben gehad – de oudste privécollectie boeken waarvan we weten.

Lees verder “Euripides”

Aischylos

Aischylos (Neues Museum, Berlijn)

Een man die gemarteld wordt. Niet even, maar zijn leven lang. Laat het gewoon even op je inwerken wat dat betekent. Je kunt je er geen voorstelling van maken. Maar dit is wel de stof van de Griekse mythologie: Prometheus, geketend aan een rots, die elke dag wordt aangevallen door een adelaar die zijn lever eruit rukt. En morgen gebeurt dat opnieuw. En overmorgen.

Over de helse straffen van Ixion en Tantalos zullen we het niet hebben. Maar dit is de stof van de Griekse mythologie. Die wel meer fraais heeft, zoals verkrachtingen door zwanen en stieren. Of door kentauren op je bruiloft. Myrrha die haar vader dronken voert om er seks mee te hebben. Oidipous die zichzelf de ogen uitsteekt. Niobe die al haar kinderen voor haar ogen vermoord ziet worden. Medeia die haar kinderen doodt. Erysichthon die zijn eigen kannibaal is. Herbergier Prokroustes die al zijn gasten doodt. Kronos die zijn kinderen opeet. Er zijn trigger warnings gegeven bij minder.

Lees verder “Aischylos”

Katharsis

Romeinse toneelmaskers (Museum van Sousse)

Bij een tragedie zien we op het podium een afgeronde reeks serieuze handelingen met een zekere lengte, waarbij elegante taal wordt benut die functioneel is toegesneden op de delen van het stuk en de handelingen niet worden beschreven maar uitgevoerd, met als doel door middel medelijden en angst van die emoties te zuiveren. Tot zover is de definitie – meer een opsomming van kenmerken – redelijk duidelijk, maar de vraag is wie er wordt gezuiverd.

Of misschien was dat de vraag en is er inmiddels een antwoord dat ik niet ken. Het was eind jaren tachtig, toen ik bij de vorige week overleden professor Schenkeveld een literatuurtentamen deed over alle stukken van Aischylos, Sofokles, Euripides en Ezechiël, wel een kwestie. Had die zuivering, de katharsis, betrekking op een personage dat tot inzicht kwam of op het publiek?

Lees verder “Katharsis”

WvdK | Euripides over een Grieks huwelijk

Medea doodt haar kinderen (Antikensammlung, München)

In mijn reeks vertaalde bronnen, hier gepresenteerd in het kader van de Week van de Klassieken, vandaag een stukje dat ik, anders dan de eerdere stukjes, niet aan de datum kan ophangen. Het is meer algemeen geldig: een beschrijving van een Grieks huwelijk. Het fragment komt uit de tragedie Medeia van Euripides, een van de allerklassiekste teksten van een van de allerklassiekste auteurs. Ik durf de plot daarom wel bekend te veronderstellen: Medeia is naar Griekenland gekomen om te trouwen, maar door haar echtgenoot verstoten. De enige manier waarop ze nog wraak kan nemen is het doden van haar eigen kinderen. Voordat ze die wanhoopsdaad ten uitvoer brengt, maakt ze duidelijk wat het huwelijksleven voor haar inhield.

Of het representatief is, weet ik niet. Ik zou denken dat veel huwelijken weliswaar waren gearrangeerd, maar dat ze daarom niet per se ongelukkig waren. Dat vermoeden baseer ik echter op niet meer dan enerzijds de twee gearrangeerde huwelijken die ik ken (maar je kunt de eenentwintigste eeuw niet vergelijken met de Oudheid) en anderzijds de aanname dat mensen niet met elkaar kunnen samenleven als er niet minimaal enige sympathie is. Dat laatste is natuurlijk een ongeldige redenering: je zegt in feite “het is niet zo want ik geloof het niet”. Daarmee kun je rector magnificus worden aan de universiteit van Groningen maar dat maakt het nog niet tot een geldige redenering.

Lees verder “WvdK | Euripides over een Grieks huwelijk”

Theseus voor de rechter

Hippolytos en Faidra: mozaïek uit Pafos.

In de Griekse en Romeinse tijd trouwden meisjes zo rond hun vijftiende. Vaak waren hun echtgenoten aanzienlijk ouder, misschien wel tien jaar. Indien het voor de man om een tweede huwelijk ging, kon het dus gebeuren dat de zoon des huizes even oud was als zijn stiefmoeder. Je kunt je een voorstelling maken van de aantrekkingskracht die zo’n jonge man en jonge vrouw op elkaar kunnen hebben uitgeoefend. Ze vormt de achtergrond van een tragedie van de Atheense toneeldichter Euripides uit 428 v.Chr., de Hippolytos.

De plot is ongeveer dat Hippolytos, de zoon van Theseus, een geweldige jager is die uitsluitend offert aan Artemis en zo de jaloezie opwekt van Afrodite. Die zorgt ervoor dat Theseus’ tweede echtgenote, Faidra, verliefd wordt op haar stiefzoon. Omdat ze een vrouw van eer is, besluit ze het geheim te houden, maar het lekt uit en Hippolytos reageert kwaad, waarop Faidra zelfmoord pleegt – maar niet na op een schrijfplankje te hebben geschreven dat Hippolytos haar heeft willen aanranden. Als Theseus dit leest, vervloekt hij zijn zoon, die inderdaad om het leven komt.

Lees verder “Theseus voor de rechter”

Klassieke literatuur (4): toneel

Het theater van Dionysos in Athene, waar veel van de overgeleverde toneelstukken in première zijn gegaan.
Het theater van Dionysos in Athene, waar veel van het overgeleverde toneel in première is gegaan.

[Bij mijn mail zat een tijdje geleden de vraag welke klassieke teksten en vertalingen ik mensen zou aanraden. In deze onregelmatig verschijnende reeks zal ik een persoonlijk antwoord geven, waarbij leesplezier voorop staat. Wie zich er echt in wil verdiepen, kan het beste aan een universiteit bij een collegereeks. Voor de Latijnse literatuur is er Piet Gerbrandy’s Het feest van Saturnus. Voor de Griekse en christelijke literatuur is zo’n boek er niet. Vandaag behandel ik het toneel.]

De Grieken kenden twee soorten twee toneel: de tragedie en de komedie. De komedies zijn, om redenen die ik zo meteen zal uitleggen, wat vergeten geraakt, maar de tragedies worden nog volop gespeeld. Dat wil zeggen: enkele ervan, want de Rhesos van Euripides is onspeelbaar. Om die reden neemt men ook wel aan dat het stuk niet van die tragicus is: het is zo anders dan de rest van zijn stukken. Maar ja, wat weten we nu eigenlijk over Grieks toneel, als we het moeten doen met tweeëndertig tragedies en elf hele en zes halve komedies?

Lees verder “Klassieke literatuur (4): toneel”

Aristoteles over David Bowie

De “Ludovisi Aristoteles” (Museo Altemps, Rome)

Eén van de meest antieke ideeën waar ik de meeste moeite mee heb, is Aristoteles‘ axioma dat dingen een natuurlijke vorm zouden hebben. Als dat betekent dat een eikel kan uitgroeien tot een eik, heb ik er geen moeite mee, maar het wordt lastiger als de filosoof in de Poetica de toneelstukken van zijn eigen tijd beschouwt als datgene wat altijd de bedoeling is geweest, en de grote tragici van de vijfde eeuw typeert als niets meer dan stappen in de richting van wat het altijd al had moeten zijn.

Voor het moderne gevoel is de vorm van het toneel een afgeleide van de inhoud. Heb je een plot die met twee acteurs kan, dan neem je er twee, zoals in Heijermans’ Brand in de Jongejan; heb je er vier nodig, zoals Sofokles in Oidipous in Kolonos, dan neem je er vier. Er bestaat geen natuurlijke eis dat het er drie zouden moeten zijn.

Lees verder “Aristoteles over David Bowie”