Turkse TV (18) Cyprus

De vlaggen van Turkije en Turks Cyprus

Bir Zamanlar Kıbrıs, Cyprus: Towards Victory of Once Upon a Time in Cyprus is een gedramatiseerde weergave van de bezetting van Cyprus in de periode 1963-1974. De serie gaat over de conflicten op het eiland Cyprus en de ontwikkeling van het Cyprusprobleem. De serie omvat ook de agressieve activiteiten van de pro-Enosis Grieks-Cyprioten tegen de Turks-Cyprioten. Hoewel de naam van de serie in het eerste seizoen Once Upon a Time in Cyprus was, werd dit in het tweede seizoen veranderd in Cyprus: Towards Victory.

De première van de serie in Ankara werd ook bijgewoond door de Turkse vicepresident Fuat Oktay, de president van de Turkse Republiek Noord-Cyprus Ersin Tatar en de premier van de Turkse Republiek Noord-Cyprus Ersan Saner. De eerste aflevering van de serie behandelde de conflicten tussen Grieks-Cyprioten en Turks-Cyprioten vóór de vredesoperatie op Cyprus in 1974 en de Bloody Christmas schietpartijen. De schietpartijen vonden plaats in het district Famagusta en de gesloten regio Maraş in de Turkse Republiek Noord-Cyprus.

Lees verder “Turkse TV (18) Cyprus” →

De “tweede republiek” van Libanon

In zijn boek Beirut 2020. The Collapse of a Civilization, a Journal (2021) vertelt Charif Majdalani over de implosie van de Libanese Tweede Republiek, dat wil zeggen het bestuurlijk systeem dat ontstond na de Burgeroorlogen. In 1975 veranderden de politici in krijgsheren en in 1990 veranderden krijgsheren in politici, die Libanon bestuurden alsof het buit was die ze mochten verdelen. Eind september 2019 klapte het piramidespel en werden de protesten gewelddadig. Ik schreef al eerder over het boek van Majdalani, dat ik u buitengewoon aanraad.

***

In dertig jaar tijd werd het hele land het privéjachtgebied van een oligarchenkaste, die een relatie met de burgerij ontwikkelde die enigszins leek op die van een maffia. Men bood bescherming, garanties en kleine kansen aan iedereen die daarom vroeg, en belette elke vorm van toegang tot overheidsfunctionarissen, behalve dan middels het indienen van een smeekbede.

Lees verder “De “tweede republiek” van Libanon” →

Op weg naar de Chouf

Op weg naar de Chouf

Een van de allermooiste boeken over het moderne Midden-Oosten is From the Holy Mountain van William Dalrymple. Ik heb er al eens eerder over geschreven. Het gaat over hoe het christendom verdwijnt uit de regio waar het ooit is ontstaan. Maar Dalrymple heeft meer te vertellen. Bijvoorbeeld over zijn reis naar de Chouf, het zuidelijk deel van het Libanongebergte, waar de druzen wonen. Onderweg kwam hij door het sjiitische deel van Beiroet en maakte hij zich vrolijk over de Hezbollah-propaganda.

***

De weg naar de Chouf liep door de smerige zuidelijke buitenwijken van Beiroet. Dertig jaar geleden grensde deze weg aan Ouzayeh Beach, het Ipanema van het toenmalige Libanon, de favoriete uitgaansgelegenheid van tout Beiroet. Nu is het Hezbollah-gebied en een uitgestrekte sloppenwijk van schrootmetalen hutten. De strook tussen de weg en het inmiddels bijna onzichtbare strand is bezaaid met zulke hutjes, met goedkope restaurants en met vervallen bakkerijen.

Lees verder “Op weg naar de Chouf” →

Beiroet 1985

De sporen van de burgeroorlogen zijn langs de oude Groene Lijn in Beiroet nog steeds zichtbaar (hier en daar)

Het zal u niet zijn ontgaan dat Beiroet de afgelopen week is gebombardeerd en dat allerlei sji’itische doelen zijn getroffen. Ik ken de stad een beetje en heb Libanese vrienden. Ik volg het nieuws dus met belangstelling en bezorgdheid, al laten ze me weten dat zij en hun familieleden het goed maken.

Een tijdje geleden heb ik wat teksten over Libanon verzameld die ik hier in vertaling eens wilde aanbieden. Vandaag plaats ik dus maar eens een stukje uit Holidays in Hell (1988) van de onlangs overleden Amerikaanse journalist P.J. O’Rourke. Hij beschrijft het Beiroet van 1985, tijdens de Burgeroorlogen, met veel oog voor de absurditeit. En passant vermeldt hij dat de zuidelijke buitenwijken van Beiroet, waar ooit de soennitische middenklasse woonde, is overgenomen door sji’itische krakers. Dat is het deel van de stad dat afgelopen week onder vuur heeft gelegen.

Lees verder “Beiroet 1985” →

De Europese canon (46-50)

De luchtbrug naar Berlijn

Vandaag rond ik mijn reeks af over de Europese canon. We bereiken onze eigen tijd en zoals u al kon raden: het is nauwelijks nog Europese geschiedenis. Het oude werelddeel is meer dan ooit opgenomen in een grotere wereld.

De Koude Oorlog

Periode: Vanaf 1948

Alternatief: De Muur

De Verenigde Staten, met een kapitalistisch systeem, en de Sovjet-Unie, met een communistisch systeem, hadden in de Tweede Wereldoorlog de Europese democratieën gered. Italië was van partij gewisseld en bleef autonoom, maar Duitsland en Oostenrijk kwamen onder curatele. Een curatele die moeizaam was doordat de twee supermachten het vaak oneens waren. Eén van de punten waar de fricties konden escaleren was de gedeelde Duitse hoofdstad Berlijn.

Lees verder “De Europese canon (46-50)” →

Articulatiedebat (dank!)

Een niet-gemonetariseerde Palestijnse bruidskroon

Het heeft me, na mijn vraag naar literatuur over het articulatiedebat, vandaag niet aan reacties ontbroken. Dus nu even een even snel als welgemeend “dank u wel”. Dit soort reacties, dat is waarom een blog zo leuk is. Er blijkt behoorlijk wat literatuur te zijn die in elk geval mijn correspondenten relevant achtten.

Zoals ik al aangaf: dit was vooral in de jaren zeventig een discussieonderwerp en de overzichtsliteratuur die ik kreeg, is dan ook wat jonger. Afgezien van wat hieronder in de commentaren staat, kan ik u nu verwijzen naar een interview dat Paul van der Grijp had met de Franse antropoloog Maurice Godelier in het Sociologisch Tijdschrift 11/3 (1984) 473-493, waarin het thema kort aan de orde komt. P. Develtere legt de materie uit in een artikel over ontwikkelingssociologische modellen in het Tijdschrift voor Sociologie 6/3 (1985) 259-293.

Lees verder “Articulatiedebat (dank!)” →

Het articulatiedebat

Palestijnse bruidskroon uit Hebron (Rautenstrauch-Joest Museum, Keulen).

Kapitalisme is ook maar een economisch systeem. Er zijn andere opties. In de Bronstijd waren er grote paleizen, zoals dat in Mari of dat in Knossos, waar de boeren hun producten afdroegen. De koning gaf vervolgens elke onderdaan te eten vanuit zijn pakhuis. Dat heet een redistributie-economie. Uit de Oudheid kennen we ook steden waar de productie in handen was van slaven. Onvrijheid speelde later, in de Middeleeuwen, eveneens een rol in de feodale stelsels. Een stamsamenleving organiseert haar economie weer anders. Wat ik maar zeggen wil: er zijn allerlei economische systemen, die we aanduiden als configuraties of productiewijzen.

Evolutie en vrijheid

Het lijkt erop dat er een soort opvolging in zit, een evolutie. De vroege redistributie-economieën maakten plaats voor de klassieke slavernij, waaruit het feodalisme voortkwam, dat weer plaats maakte voor het kapitalisme. Bij elke stap was er meer vrijheid. Voor de vroegste marxisten gold deze opvolging van productiewijzen min of meer als dogma, waarbij de aanname was dat het volgende stadium de communistische heilstaat zou zijn. Het enige dat hier specifiek marxistisch aan is, is echter de aanname dat de motor achter de evolutie de klassenstrijd zou zijn. Een liberaal nam de spanning tussen individuen (“grote mannen”) als motor, maar dacht even evolutioneel.

Lees verder “Het articulatiedebat” →

Geliefd boek: De omweg naar Santiago

Hij was een jaar of achttien toen hij voor het eerst naar Spanje liftte, vroeg in de jaren vijftig van de vorige eeuw. El Generalisimo Francisco Franco en zijn fascistische kliek hadden het land nog stevig in hun greep, de wurgpaal was nog in gebruik en zou dat nog meer dan twintig jaar blijven. Spanje, die vreemde, onheilspellende, anachronistische tijdcapsule, liet Cees Nooteboom niet meer los, het greep hem bij zijn kladden. En aangezien hij schreef leverde ieder bezoek aan Spanje een nieuwe schat aan verhalen op.

In De omweg naar Santiago beschrijft Nooteboom een aantal zwerftochten uit de eerste helft van de jaren tachtig. Hij reist heel Spanje door en maakt je deelgenoot van zijn diepe kennis van het land en zijn geschiedenis, zijn fascinatie met de soms oeroude kerken en kerkjes in het achterland. Kerkjes die door hun barre omgeving lijken opgenomen, als bakens van een ongekende, barse tijd. De essentie van reizen, door zongeblakerde, uitgestorven landschappen met hier en daar het leven van een dorp of stad. Spanje is inmiddels flink veranderd en Nootebooms verhalen zijn soms zelf alweer een tijdcapsule geworden.

Lees verder “Geliefd boek: De omweg naar Santiago” →

De staalwoestijn (2)

Velsen

[Tweede deel van een stuk dat Saskia Sluiter schreef over haar boek De Staalwoestijn.]

Vervuiling

De werkgelegenheid uit het vorige blogje vormt is één kant van het verhaal. Een andere kant is de CO2-uitstoot van het bedrijf. Die is gigantisch: vorig jaar nog tussen de 11,4 miljoen ton (Tata Steel duurzaamheidsverslag 2021-2022) en 15 miljoen ton (Milieudefensie). Dat is ruim zeven procent van alle stikstofuitstoot in Nederland. Plus fijnstof, roet, looduitstoot, PAKS, zware metalen en ‘zeer zorgwekkende stoffen’ als vanadium en beryllium. Die zeer zorgwekkende stoffen zijn al in een minieme dosis supergiftig. In de rapporten staan ze vermeld als ZZS, want het ambtenarenjargon kronkelt zich in vele bochten om de werkelijke aard van dit soort gifstoffen niet expliciet te benoemen – de kool en de geit worden zorgvuldig gespaard.

Staal maken is een uiterst vervuilend proces en Tata is een supervervuiler. Het aantal kankergevallen in de IJmond ligt zo’n 25%, op sommige plekken zelfs 50% hoger dan gemiddeld, en dat is al vele jaren zo. Geen wonder dat er fel tegen het bedrijf wordt geprotesteerd. De kranten staan er bol van. Er staat een rechtszaak tegen Tata op de rol en het bedrijf heeft ook een schadeclaim van 1500 inwoners van Wijk aan Zee aan de broek hangen. De juridische messen worden zorgvuldig geslepen.

Lees verder “De staalwoestijn (2)” →

De staalwoestijn (1)

“Wat een gaaf thema, dat van die Staalwoestijn. Voel je vrij eens een blogje te schrijven om er reclame voor te maken.” Dat mailde Jona me. Zoiets laat je je geen twee keer zeggen natuurlijk. Deze blog gaat dus over mijn nieuwe boek: De Staalwoestijn. Verandering van een landschap, van Hoogovens tot Tata: een geschiedenis. In die geschiedenis is de Oudheid ver weg: 1815-2023 is moderne tijd en, naarmate het verhaal vordert, recent en hedendaags.

Ik woon in Velsen-Noord, waar vervuiling, rook en stoom van diverse pluimage je dagelijks de neus in waait. Tata, Vattenfall, papierfabriek Van Gelder, intensief wegverkeer, scheep- en luchtvaart: ze dragen er allemaal een flinke steen aan bij. De grootste boosdoener is echter het fabrieksconglomeraat van Tata Steel. Tegelijkertijd is Tata ook de grootste werkgever in het gebied en dat maakt dit een lastig probleem.

Lees verder “De staalwoestijn (1)” →