Misverstand: Bevroren Rijn

Als ik de Rijn moest oversteken, nam ik deze brug bij Mainz. Ik weet niet meer waar ik deze penning heb gefotografeerd.

Misverstand: De barbaren staken in 406 een bevroren Rijn over

Het Romeinse Rijk bleef niet eeuwig bestaan, al is niet precies duidelijk waardoor het in West-Europa verdween. Er wordt al een eeuw of twee, drie over gediscussieerd en het einde van het debat lijkt nog niet in zicht. Eén factor wordt echter steeds opnieuw genoemd: de invallen van barbaarse stammen. Die raakten weliswaar snel geassimileerd, maar de dreiging was van tijd tot tijd zeer reëel.

Zo staken op de laatste dag van 406 de Vandalen, Sueben en Alanen de Rijn over. Het Romeinse leger dat de grens had moeten verdedigen, was op dat moment niet op volle sterkte omdat veel troepen in Italië waren om te vechten tegen een andere groep barbaren, die al eerder een inval hadden gedaan. Een jaar later brak er tussen de Romeinen ook nog eens een burgeroorlog uit. De Vandalen, Sueben en Alanen konden vrijwel ongehinderd Gallië onder de voet lopen.

Lees verder “Misverstand: Bevroren Rijn” →

Opnieuw: de bevroren Rijn

De Rijn bij Bonn

Vorig jaar blogde ik op oudejaarsdag over een bekend onzinverhaal, namelijk dat op 31 december 406 de Germaanse Vandalen en de Iraanse Alanen de bevroren Rijn zouden zijn overgestoken. Die oversteek heeft plaatsgevonden, dat staat vast. Ook lijdt het weinig twijfel dat dit het begin van het einde is geweest van Romeins Gallië. Alleen, dat de Rijn bevroren is geweest, dat is dus nergens te vinden in de antieke bronnen. Een (gelukkig onschuldig) staaltje nepnieuws van de soort waar de oudheidkunde al jaren mee kampt.

Gibbons Rijn

Waar komt zo’n verhaal, dat u zó kunt vinden op het internet of in Fik Meijers Macht zonder grenzen, [NOOT] nou vandaan? In mijn vorige stukje schreef ik dat ik vermoedde dat de achttiende-eeuwse oudhistoricus Edward Gibbon, de auteur van Decline and Fall of the Roman Empire, degene was die het misverstand de wereld in had geholpen. Die wordt namelijk nogal vaak kritiekloos overgeschreven. Achttiende-eeuwse wetenschappers kun je immers gewoon geloven, aangezien er de afgelopen twee-en-een-halve eeuw niets is toegevoegd aan de wetenschap. Maar waar heeft Gibbon het vandaan?

Lees verder “Opnieuw: de bevroren Rijn” →

De vijfde eeuw (7)

Zegelring van Childerik (replica; Römisch-Germanisches Zentralmuseum, Mainz)

[Een tijdje geleden blogde ik enkele keren over de Late Oudheid. Een van degenen die reageerden, John Messemaker, zegde toe zijn gedachten over het onderwerp op een rijtje te zetten. Van dat stuk verscheen het eerste deel hier.]

Na de dood van Honorius in 423 werd in het Westen Ioannes de nieuwe keizer, maar deze werd niet erkend in het Oosten. Daar wilde men de zesjarige Valentinianus III op de troon plaatsen, een neef van de Oost-Romeinse keizer Theodosius II.

Een kleine burgeroorlog tussen Oost en West was het gevolg. De Oosterse commandant Aspar versloeg Ioannes, die werd gedood. Drie dagen later trok een leger Hunnen onder leiding van de West-Romeinse generaal Aetius Italië binnen en viel daar de Oost-Romeinse troepen aan. Na verschillende onbesliste gevechten kwam Galla Placidia, de moeder en regentes van Valentinianus III, tot een schikking met Aetius, die werd benoemd tot opperbevelhebber van Gallië en zijn Hunnen naar huis stuurde.

Lees verder “De vijfde eeuw (7)” →

De vijfde eeuw (6)

Honorius op een gouden medaillon, gevonden in Velp (Valkhof Museum, Nijmegen)

[Een tijdje geleden blogde ik enkele keren over de Late Oudheid. Een van degenen die reageerden, John Messemaker, zegde toe zijn gedachten over het onderwerp op een rijtje te zetten. Van dat stuk verscheen het eerste deel hier.]

In 401 viel Alarik met zijn Tervingi Italië binnen, maar Stilicho sloeg de aanval af. Doordat zijn soldaten zich vooral onledig hielden met het plunderen van het Tervingische kamp, wist Alarik te ontsnappen, maar hij moest zich terugtrekken uit Italië. Dit was Stilicho’s “finest hour”. Enkele jaren later versloeg hij ook de binnenvallende Goth Radagaisus en maakte hij diens volk tot slaven.

Stilicho’s val-in-slow-motion begon rond 406. Grote groepen Vandalen, Sueben en Alanen staken de Rijn over en plunderden en brandschatten zowat alle steden langs de weg Trier-Boulogne, om vervolgens zuidwaarts te trekken. In Brittannië raakten de uit Gallië en Germanië afkomstige troepen zó verontrust dat ze huiswaarts wilden keren. Om dat doel te bereiken keerden ze zich tegen keizer Honorius en Stilicho en riepen ze Constantinus III uit tot hun keizer.

Lees verder “De vijfde eeuw (6)” →

De vijfde eeuw (3)

De Frigidus

[Een tijdje geleden blogde ik enkele keren over de Late Oudheid. Een van degenen die reageerden, John Messemaker, zegde toe zijn gedachten over het onderwerp op een rijtje te zetten. Van dat stuk verscheen het eerste deel hier.]

Keizer Gratianus werd in 359 geboren en wed acht jaar later door zijn vader, keizer Valentinianus I, gekroond tot medekeizer. De belangrijkste reden dat de negentienjarige Gratianus in 378 niet met zijn leger aanwezig was bij de Slag van Hadrianopolis, waardoor een ramp wellicht te voorkomen was geweest, is dat hij opgehouden was door schermutselingen met onder andere Alanen. Na de slag ging hij ertoe over diverse plunderaars te rekruteren voor zijn leger en daarbij ging hij niet alleen zo ver dat hij een groep Alanen tot lijfwacht maakte, nee, de keizer ging zelfs publiekelijk gekleed in “Skythische” outfit. Net als zijn lijfwacht ging hij dus gekleed zoals de overwinnaars van Hadrianopolis.

Omdat Gratianus nogal wat weerstand opriep, voerde Magnus Maximus in 383 een putsch uit. De legitieme keizer werd op de vlucht gearresteerd door zijn generaal Merobaudes en aan  Maximus overgedragen, die zijn rivaal terstond doodde. Ondanks de mislukking van Gratianus’ regering vertelt de Romeinse militaire auteur Vegetius nog iets positiefs over hem, namelijk dat hij de laatste keizer was die zijn infanterie nog borstplaten en helmen liet dragen.

Lees verder “De vijfde eeuw (3)” →

Factcheck: de bevroren Rijn

Als ik de Rijn moest oversteken, nam ik deze brug.
Als ik de Rijn moest oversteken, nam ik deze brug.

Het is 31 december en sommige zaken zijn vandaag voorspelbaar. Vanavond vuurwerk. Een oudejaarsconferentie. Rijen bij de oliebollenkramen. En ergens schrijft iemand dat twee stammen, de Germaanse Vandalen en de Iraanse Alanen, op 31 december 406 de bevroren Rijn overstaken. Voilà, de bijdrage van dit jaar.

Het Romeinse leger dat de grens had moeten verdedigen, was die oudejaarsdag niet op volle sterkte omdat veel troepen in Italië waren om te vechten tegen een andere groep invallers. Het geluk lachtte Vandalen en Alanen toe: tussen de Romeinen brak burgeroorlog uit. Versterkt met nog andere Germaanse groepen konden ze Gallië vrijwel ongehinderd onder de voet lopen.

Lees verder “Factcheck: de bevroren Rijn” →

Zijderoute

De Bibi Khanum-moskee in Samarkand

Ik beken dat ik er altijd moeite mee heb, met al die Centraal-Aziatische volken die je, als je je bezighoudt met de Oudheid, geacht wordt te herkennen. Het begint al in het tweede millennium v.Chr., toen de sprekers van de Indo-Europese talen uitzwermden: de Indiërs, de Iraniërs, de Hittieten, de Armeniërs, de Thraciërs, de Grieken, de Italiërs, de Kelten, de Germanen en dan mis ik er nog een paar. Dat uitzwermen duurde tot ver in het eerste millennium.

Op de steppe zelf woonden de Skythen en de Saken, van wie de Griekse onderzoeker Herodotos zegt dat het verschillende volken zijn maar die volgens moderne onderzoekers vreselijk veel op elkaar leken. We kennen ze ook als Sogdiërs, terwijl de Chinezen hen aanduiden als de Sai of de Saklai. Uit de Perzische en Griekse bronnen kennen we diverse Skythisch/Sakische volken: de Sakā haumavargā of Amyrgische Saken (de haoma-drinkende Saken), de Sakā tigrakhaudā of Orthokorybantiërs (puntmutsdragende Saken), de Pausiken ofwel Apā Sakā (water-Saken), de Māh-Sakā of Massageten (zonne-Saken), de Sakā paradrayā (Saken van overzee ofwel Skythen).

Lees verder “Zijderoute” →