Het vroegste Cilicië

De kust van het Rauwe Cilicië

De noodzaak van spellingsregels is verzonnen door mensen die dachten dat u en ik niets beters te doen hebben. Desondanks hanteer ik toch wel een paar principes. Regel één: gij zult niet invisibiliseren. We proberen immers een beetje inclusief te zijn. Ik probeer dus, al is het maar bij benadering, een naam weer te geven in een spelling die de taal van de betrokkene benadert. Homeros was een Griek en heette geen Homerus. Niet dat het altijd lukt een naam zelfs maar bij benadering correct weer te geven. Het wordt wat gek Julius Civilis aan te duiden als *Kivilaz. En een Latijnse naam geef ik aan in het Latijn. Appianus zal zijn naam zelf wel hebben geschreven als Appianos, maar ik houd het desondanks maar op Appianus.

Regel twee: sommige namen zijn te ingeburgerd. Zolang we niet al te veel invisibiliseren, moeten we die maar handhaven. Jezus, Plato, Hannibal, en Alexander Grote dus maar. De namen van de Romeinse provincies moeten ook maar zo blijven. Ik weet het: je zou Epeiros moeten schrijven, maar laten we het toch maar houden op Epirus. En ook liever Cilicië dan Kilikia. Waarmee ik eindelijk ter zake ben.

Lees verder “Het vroegste Cilicië”

Caesar en Deiotaros

Hellenistische of Romeinse soldaat uit Cappadocië (Archeologisch museum van Kayseri)

Als ik u zeg dat het 28 quintilis was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waaraan Fufius Calenus en Vatinius later als consuls hun naam gaven, en als ik dat omreken naar 16 mei 47 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

Even recapituleren: de Romeinse wereld wankelde. Caesar had weliswaar Pompeius verslagen in de slag bij Farsalos, maar vervolgens was Pompeius vermoord, zodat hij zich niet kon overgeven en er geen einde kon komen aan de Tweede Burgeroorlog. Het hielp niet dat Caesar in Alexandrië maandenlang van de wereld afgesneden was geweest. De senatoren die zich tegen Caesar verzetten, verzamelden zich in het huidige Tunesië. Ze hadden een superieure vloot. In Andalusië muitten de soldaten tegen een door Caesar aangestelde gouverneur. Meer muiterij dreigde in Campanië. De stad Rome was onbestuurbaar. De schrikkelmaan was overgeslagen, waardoor de kalender uit de pas liep met de seizoenen. Het betekende bovendien dat schuldenaars tien dagen minder tijd hadden om de jaarlijkse rente te betalen. Er waren geen consulverkiezingen geweest. In het huidige Turkije had Farnakes, de zoon van Mithridates VI Eupator, het koninkrijk Pontus en Bithynië onder de voet gelopen.

Lees verder “Caesar en Deiotaros”

Alexander in Cilicië

De Kydnos, waarlangs Alexander de Grote oprukte naar Tarsos

[Derde deel van een achttiendelige reeks over de slag bij Issos (6 november 333 v.Chr.), waarin de Macedonische koning Alexander de Grote de Perzische heerser Darius III versloeg en de ondergang van het Achaimenidische Rijk inluidde. Het eerste deel was hier.]

Alexander beschouwde de simpele inname van de Cilicische Poort, waarover ik gisteren blogde, later als een van de grootste meevallers uit zijn carrière. De verklaring was echter eenvoudig: de Perzen hadden de bergpas ontruimd. Aan de andere kant van het Taurusgebergte was de satraap (onderkoning) van Cilicië een val voor hem aan het opzetten. Alexanders biograaf Curtius Rufus schrijft:

De satraap verwoestte Cilicië te vuur en te zwaard om het voor de vijand tot een woestenij te maken. Hij vernietigde alles wat bruikbaar was om het gebied dat hij niet kon verdedigen onvruchtbaar en kaal achter te laten. (Geschiedenis van Alexander 4.3; vert. Daan Stoffelsen)

Lees verder “Alexander in Cilicië”

De Cilicische Poort

De Cilicische Poort

[Tweede deel van een achttiendelige reeks over de slag bij Issos (6 november 333 v.Chr.), waarin de Macedonische koning Alexander de Grote de Perzische heerser Darius III versloeg en de ondergang van het Achaimenidische Rijk inluidde. Het eerste deel was hier.]

De Koninklijke Weg was de eeuwenoude route van het westen van het huidige Turkije naar Babylonië. De Perzen hadden de weg verbeterd en serails gesticht. Uit Persepolis hebben we de vouchers over waarmee voorname reizigers hun voedselrantsoenen konden vragen. Het was over deze weg dat het Macedonische leger oprukte.

Het eerste doel was de rivier de Halys, de grens tussen het westen en oosten van Anatolië. Het was juli en zinderend heet, maar de oogst was al binnengehaald en de foerageurs konden graan bemachtigen in de dorpen langs de weg, waar de inwoners moeilijke tijden tegemoet gingen. Alles verliep voorspoedig. In het huidige Ankara aanvaardde Alexander de onderwerping van de Paflagoniërs, de bewoners van het gebied langs de Zwarte Zee. Hoewel te bezien stond of ze zich oprecht hadden onderworpen, hoefden de Macedoniërs voorlopig niet te vrezen voor een flankaanval op hun aanvoerlijnen. De weg was veilig en ze konden doormarcheren naar Cappadocië, het land voorbij de Halys.

Lees verder “De Cilicische Poort”