De Tweede Sofistiek

Portret van een vertegenwoordiger van de Tweede Sofistiek (Archeologisch museum, Izmir)

In de donderdagse reeks naar aanleiding van het handboek van De Blois en Van der Spek, Een kennismaking met de oude wereld, komen we vandaag bij een wonderlijkste, leukste, intrigerendste en onverwacht belangrijkste aspecten van de Romeinse wereld.

Het was ook de tijd van de rondreizende redenaars, die in de Griekse steden volle theaters trokken met hun pronkredevoeringen over moralistische en historische thema’s. De Perzische oorlogen van 480-479 v.Chr. waren bij hen erg populair. De Griekse cultuur was sterk gericht op het bewierookte klassieke verleden van de vijfde en vierde eeuw v.Chr. Het Griekstalige publiek kende dat verleden goed en genoot van de variaties die de pronkredenaars in hun redevoeringen over historische onderwerpen aanbrachten.

Lees verder “De Tweede Sofistiek”

Troje is nooit veroverd!

Portret van een sofist, tijdgenoot van Dio van Prusa (Louvre, Parijs)

Het moet geweldig zijn geweest om mee te maken, zo’n avond in een Romeins odeon, als daar het optreden was van een sofist. Je kunt dat laatste woord vertalen als “concertredenaar”: een spreker die zijn publiek vermaakte met een mooie redevoering. Die kon gaan over een historisch onderwerp (“Leonidas spoort zijn manschappen aan te strijden tot de dood”) maar ook over een onzinonderwerp. Een voorbeeld daarvan is Synesios’ “Lof van de kaalheid”, waarvan ik de vertaling ooit online heb geplaatst. Een sofist kon dus de rol spelen van Spartaanse koning of van buutereedner, en alles wat daartussen zat, zoals politiek activist of filosoof.

De Trojaanse Redevoering van Dio van Prusa (Dion Chrysostomos, Dio Cocceianus, Guldenmond… kies maar een weergave) is het werk van een sofist die de rol aanneemt van een buutereedner die speelt dat hij een activist is die doet alsof hij geschiedkundige is. Dat klinkt complexer dan het is. Dio betoogt dat de Grieken er nooit in zijn geslaagd Troje in te nemen: een historisch ogende redenering die moet doorgaan voor lokaal politiek activisme maar feitelijk is bedoeld als vermaak.

Lees verder “Troje is nooit veroverd!”

Het odeon van Byblos

Het odeon van Byblos

Ach ja, het odeon van Byblos. Het is geen bijzonder gebouw. Elke hellenistische en Romeinse nederzetting van enige omvang had een stadsgehoorzaal. Je moet je er een dak boven voorstellen. Hier kon je, in een tijd waarin muziek niet elektrisch te versterken was, komen luisteren naar muziek. Het was ook de plek van het optreden van sofisten, mensen die we kunnen aanduiden als concertredenaars. Zo iemand betrad het podium, vroeg aan het publiek om een onderwerp, u en ik roepen iets dat goed onmogelijk is (“lof der kaalheid”) en de sofist improviseerde dan een toespraak.

Enfin. Het odeon van Byblos dus. Dertien in een dozijn. Het stond oorspronkelijk ergens anders, namelijk boven de Obeliskentempel. De archeologen hebben het daar weggehaald en hier opnieuw opgesteld, zodat ze het veel interessantere heiligdom konden opgraven. Dat hebben ze daarna ook verplaatst om opgraving van de L-vormige tempel mogelijk te maken.

Lees verder “Het odeon van Byblos”

Misverstand: Alexander de idealist

Alexander als wereldheerser (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

Misverstand: Alexander beoogde de eenheid van de mensheid

Een van de leukste antieke genres was de showrede, die enigszins vergelijkbaar is met de onzintoespraken die bij ons carnaval worden geïmproviseerd. Het was een oud genre: we weten dat Gorgias van Leontini al in de vijfde eeuw v.Chr. een lofrede hield op Helena van Troje, die volgens de meeste van zijn tijdgenoten niets anders was geweest dan een overspelige vrouw. Eeuwen later liet de Griekse publicist Ploutarchos (46-ca.122) zich uitdagen tot een redevoering over het geluk van Alexander de Grote. Daarbij zei hij onder meer:

Degenen die door Alexander werden onderworpen waren beter af dan degenen die hem ontsnapten, want aan het miserabele bestaan van de laatsten maakte niemand een eind, terwijl de overwinnaar de eersten, goedschiks of kwaadschiks, welvaart bracht. Als ze niet zouden zijn onderworpen, waren ze onbeschaafd gebleven. Als de filosofen zich erop laten voorstaan dat ze ruwe en ongevormde karakters beschaven en corrigeren, dan kan Alexander, die ontegenzeggelijk de woeste aard van talloze stammen heeft veranderd, beslist worden beschouwd als een heel groot filosoof.

Lees verder “Misverstand: Alexander de idealist”