Het antieke Jemen

Een dromedaris uit Jemen (Institut du monde arabe, Parijs)

Ik ben nog nooit in Jemen geweest. En ik denk dat het ook niet meer zal gebeuren. Dus dit blogje gaat over een gebied dat ik niet ken uit eigen waarneming. Het is echter ook een gebied dat hoort bij de oude wereld, zelfs al lag het aan de uiterste grens, waar het Mediterrane handelsnetwerk aanknoopte bij het netwerk rond de Indische Oceaan. Dat maakte het antieke Jemen belangrijk.

Het was een vanouds welvarend gebied. Zó welvarend dat de Grieken en Romeinen het aanduidden als het Gelukkige Arabië. Het is te hopen dat de bewoners dat nooit hebben gehoord, want het is bekend dat zij zich niet beschouwden als Arabieren. Om te beginnen woonden de Jemenieten in steden en waren ze landbouwers; ze waren, anders dan althans een deel van de Arabieren, geen nomaden. En ze spraken geen Arabisch. Die taal, die rond 1000 v.Chr. werd gesproken in zuidelijk Syrië en Jordanië, verspreidde zich in de IJzertijd naar het zuiden, maar vooralsnog niet naar Jemen.

Lees verder “Het antieke Jemen” →

Aelius Gallus in Jemen

De eerste van de twee in het geciteerde artikel genoemde inscripties (© Mission archéologique franco-italienne de Tamna)

In het jaar 30 v.Chr. annexeerde Octavianus, de latere keizer Augustus, Egypte. Het werd geen normale Romeinse provincie maar gold als het persoonlijke domein van de heerser, bestuurd door een prefect. De eerste, Cornelius Gallus, kennen we ook als dichter; zijn opvolger Aelius Gallus is bekend om een als mislukt te boek staande expeditie naar het Gelukzalige Arabië, het huidige Jemen. Deze vond plaats in 26-25 v.Chr. Na zijn terugkeer organiseerde Aelius Gallus een tocht tegen het Nubische koninkrijk Meroë, en toen die niet het beoogde succes had opgeleverd, riep Augustus hem terug.

Aan Aelius Gallus’ Arabische veldtocht danken we een goede beschrijving van het westen van wat nu Saoedi-Arabië heet, overgeleverd in het aardrijkskundeboek van Strabo. Het doel lijkt te zijn geweest de Wierookroute te verkennen en verdragen te sluiten, al meldt Strabo dat Aelius Gallus ook vermoedde dat er veel edelmetaal en edelstenen wachtten in het diepe zuiden. De bewoners van het Middellandse Zee-gebied betaalden immers fors voor de wierook en wisten niet beter of de bewoners van de Jemenitische koninkrijkjes gaven dat nergens aan uit. Er moesten dus enorme bedragen liggen.

Lees verder “Aelius Gallus in Jemen” →

De wierookroute (1)

Wierookbrander (Musée national de Carthage)

Aan het einde van de zevende eeuw v.Chr. bezong de Griekse dichteres Sapfo de bruiloft van Andromache en Hektor. In dit gedicht (fr.44) noemt ze enkele geurstoffen, waaronder wierook, die ze aanduidt met het arabisme libanos. Ze gebruikte het leenwoord, dat bijdroeg aan een sfeer van exotische luxe, zonder toelichting: haar publiek wist wat wierook was en daaruit kunnen we afleiden dat de geurstof in Griekenland niet zeldzaam meer was. Dat blijkt ook uit het feit dat vanaf de achtste eeuw steeds meer wierookbranders en -altaren in gebruik kwamen.

Lees verder “De wierookroute (1)” →