Pontius Pilatus (4) Jezus

Jezus voor Pilatus, zesde-eeuws handschrift

[Dit is het vierde van zes blogjes over Pontius Pilatus. Het eerste was hier.]

Van de diverse gebeurtenissen uit het gouverneurschap van Pontius Pilatus is de rechtszaak tegen Jezus natuurlijk het best geattesteerd en het beroemdst. Er zijn niet minder dan vier onafhankelijke verslagen: in chronologische volgorde zijn dat het evangelie van Marcus, de Joodse Oudheden van Flavius Josephus, het evangelie van Johannes en de Annalen van de Romeinse geschiedschrijver Publius Cornelius Tacitus. De lijdensverhalen van de evangelisten Matteüs en Lukas zijn afgeleid van dat van Marcus, maar bevatten informatie die authentiek zou kunnen zijn.

Jezus’ vergrijp

Op het eerste gezicht is het vreemd dat de Joodse leiders, met name de hogepriester Kajafas, Jezus overdroegen aan Pontius Pilatus. Natuurlijk had Jezus het komende Koninkrijk van God voorspeld, en ook had hij op het Tempelterrein de banken van de geldwisselaars omvergeworpen, maar eschatologisch gespeculeer en vandalisme waren geen redenen voor een executie. Wie in de joodse Tempel de regels overtrad, kreeg stok- of zweepslagen.

Lees verder “Pontius Pilatus (4) Jezus”

Het scheiden der wegen

Schema van het scheiden der wegen (klik=groot)

Het is niet voor het eerst dat ik schrijf over het scheiden van de wegen van joden en christenen. Voor negentiende-eeuwse christenen was dat simpel: er was een Oud Verbond en omdat de joden Jezus van Nazaret niet hadden erkend als messias, was er een Nieuw Verbond, waarin de joden als verbondsvolk waren vervangen door de christenen. En voor joden was het ook al simpel: christendom was monotheïsme voor de export, maar niet het onversneden echte spul. Beide groepen – de negentiende-eeuwse christenen en de negentiende-eeuwse joden – claimden het tempeljodendom als hun eigen erfgoed en meenden dat de andere religie zich van de rechte leer had afgesplitst.

De geschiedenis van het christendom werd lange tijd eigenlijk even simpel voorgesteld. Ooit was er een zuivere kerk geweest, waar links en rechts aftakkingen van waren, met één orthodoxe stroming die in een rechte lijn vanaf de apostelen ging naar het eigen kerkgenootschap.

Lees verder “Het scheiden der wegen”

De familie van Jezus

Nazaret

Vorige week schreef ik dat het een feit was dat Jezus enkele broers en minimaal twee zussen had, en ik had moeten zien aankomen dat mensen zouden vragen hoe ik dat wist. Nou, gewoon: dat staat in de Bijbel. De evangelist Marcus vermeldt ze

Toen de sabbat was aangebroken, gaf Jezus onderricht in de synagoge [van Nazaret], en vele toehoorders waren stomverbaasd en zeiden: “Waar haalt hij dat allemaal vandaan? Wat is dat voor wijsheid die hem gegeven is? En dan die wonderen die zijn handen tot stand brengen! Hij is toch die timmerman, de zoon van Maria en de broer van Jakobus en Joses en Judas en Simon? En wonen zijn zussen niet hier bij ons?”noot Marcus 6.2-3; NBV21.

Lees verder “De familie van Jezus”

De Panter, de “vader” van Jezus

Panter, de “vader” van Jezus (Römerhalle, Bad Kreuznach)

Ik noemde vorige week dat het wat curieus is dat Jezus in het Marcus-evangelie als “zoon van Maria” wordt aangeduid, terwijl het Lukas-evangelie aangeeft dat Jezus’ vader Jozef nog in leven was toen Jezus twaalf was. Je zou daarom hebben verwacht dat Jezus ook door Marcus “zoon van Jozef” genoemd werd. Misschien hebben de twee auteurs verschillende informatie ontvangen en heeft Lukas, die het evangelie van Marcus kende, de strijdigheid tussen diens en zijn eigen informatie niet herkend. Ik weet het niet.

Je kunt je voorstellen dat in het oude Judea, waar geruchten de gewoonste zaak van de wereld waren, ook allerlei lasterpraatjes circuleerden. En de vader van Jezus was daarvoor een goed doelwit. Waarom heette Jezus niet gewoon “zoon van Jozef”? Waarom beweerden zijn volgelingen dat Maria als maagd zwanger was geworden? En hoe liet die maagdelijkheid zich rijmen met het feit dat Jezus enkele broers en minimaal twee zussen had? Was Maria, toen Jezus al twaalf was of ouder, nog eens hertrouwd en kreeg ze de andere kinderen van een andere echtgenoot? Het gezin van Jezus was, hoe dan ook, een punt waarop critici het christendom konden aanvallen.

Lees verder “De Panter, de “vader” van Jezus”

Jezus in de Tempel

Schriftgeleerden in debat met een jonge Jezus (Acheologisch museum, Córdoba)

Een nieuwe zondag, een nieuw blogje over het Nieuwe Testament, en vandaag gaat het over een bekend verhaal. Hier is het.noot Lukas 2.41-51; NBV21.

Jezus’ ouders gingen jaarlijks voor het pesachfeest naar Jeruzalem. Toen hij twaalf jaar was, maakten ze weer hun gebruikelijke pelgrimstocht. Na afloop van het feest vertrokken ze naar huis, maar Jezus bleef in Jeruzalem achter zonder dat zijn ouders het wisten.

Dat vinden wij wat raar, want ouders hebben meestal een zesde zintuig waarmee ze precies weten waar Junior zich bevindt. De evangelist Lukas anticipeert op vragen door het uit te leggen:

Lees verder “Jezus in de Tempel”

VII. J.C. in Nijmegen

Museumpark Orientalis, Berg en Dal

Als ik schrijf dat het de Idus van maart was (de dag die nooit voorbijgaat), als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin onze held op de Zeven Heuvelen (op het Westerveld boven het Heilig Land in het rijk van Nijmegen) aan het kruis hing, met een steekwond toegebracht door Longinus in zijn zijde, en als ik dat voor u omreken naar “onze” Goede Vrijdag, dan weet u dat dit een gedichtje is in de reeks “Wat deed J.C. vandaag precies 1991 jaar geleden?”.

Lees verder “VII. J.C. in Nijmegen”

VI. J.C. in Katwijk

De Rijn bij Katwijk

Als ik schrijf dat het 15 maart was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin onze held genoot van een late avondmaaltijd in het onlangs opgegraven Romeinse legerkamp pal aan de oever van de Rijn in Katwijk, en als ik dat voor u omreken naar “onze” Witte Donderdag, dan weet u dat dit een gedichtje is in de reeks “Wat deed J.C. vandaag precies 1985 jaar geleden?”.

Lees verder “VI. J.C. in Katwijk”

IV. J.C. in Amsterdam

J.C. in het Amsterdamse Begijnhof

Als ik schrijf dat het rond het midden van de maand mesore was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin onze held domweg gelukkig was met zijn favoriete leerlinge in een bloemrijke Amsterdamse achterafstraat (hij wiens moeder haar moeder was), en als ik dat voor u omreken naar “onze” 22 juli, dan weet u dat dit een gedichtje is in de reeks “Wat deed J.C. vandaag precies 2002 jaar geleden?”.

Lees verder “IV. J.C. in Amsterdam”

III. J.C. in Blaricum

Justinianus kondigt de codificatie van het Romeins Recht aan (Librije, Zutphen)

Als ik schrijf dat het de derde maand was na de terugkeer van de Romeinen uit Egypte, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin onze held bij de aanvang van zijn openbare leven op de 156 meter hoge Tafelberg bij Blaricum onder de zuiderhemel het Romeins Recht uitlegde aan de ongelovige vissers van Huizen en Spakenburg, en als ik dat voor u omreken naar “ons” hoogfeest van de H.H. Petrus en Paulus, dan weet u dat dit een gedichtje is in de reeks “Wat deed J.C. vandaag precies 2000 jaar geleden?”.

Lees verder “III. J.C. in Blaricum”