De Grote Volksverhuizingen

Kaartje van de Grote Volksverhuizingen (uit het behandelde handboek)

Laten we er niet omheen draaien: het landkaartje van de Grote Volksverhuizingen dat Luuk de Blois en Bert van der Spek hebben opgenomen in Een kennismaking met de oude wereld, het handboek waarover ik op donderdag blog, kan écht niet. Twee hoogleraren oude geschiedenis behoren te weten hoe misleidend het is op één kaart volksbewegingen te tonen die zich voltrokken over een periode van een eeuw of vier, ja die mogelijk niet eens hebben plaatsgevonden. Ik beschreef de problematiek al eerder. Dit is het topografische equivalent van de zaken waarvoor de grafiekpolitie waarschuwt.

Het kaartje is natuurlijks slechts één aspect van de beschrijving die De Blois en Van der Spek geven van de Grote Volksverhuizingen. Ik denk echter dat ze dit keer onhandig omgaan met het dilemma waarvoor handboekauteurs zich bij elke zin gesteld zien: een handboek moet enerzijds de wetenschappelijke consensus samenvatten, want dat is wat de studenten moeten weten, maar moet anderzijds algemene noties weergeven, want dat biedt de studenten een aanknopingspunt. De Blois en Van der Spek hebben dit keer gekozen voor alleen het laatste. Het was mijns inziens beter geweest als ze, zoals ze deden in het hoofdstuk over het hellenisme, de algemene noties wel weergaven maar meteen schreven waarom die niet meer klopten.

Lees verder “De Grote Volksverhuizingen”

Assyrië!

De leeuwenjacht van Aššurbanipal (detail; British Museum, Londen)

Ik behoor tot degenen die pas als hij een afspraak heeft om met vrienden iets te ondernemen eraan denkt naar het museum te gaan. Het gebeurt eigenlijk nooit dat ik al weet dat er een leuke expositie is, dat ik die inplan en dat ik er dan vrienden bij uitnodig. De komende tentoonstelling in het Rijksmuseum van Oudheden, gewijd aan de Assyrische hoofdstad Nineveh, zou weleens de eerste keer kunnen zijn dat een expositie mijn agenda bepaalt in plaats van andersom. Ik zie er al bijna twee jaar naar uit.

Het is namelijk een belangrijke tentoonstelling. Het onzinnige negentiende-eeuwse sjabloon, waarin het oude Nabije Oosten wordt getypeerd als een wrede en in wezen religieuze cultuur en waarin Griekenland geldt als bakermat van het humanisme, wordt helaas nog altijd uitgedragen, hoewel het essentialistische karakter ervan allang is weerlegd. (Ik blog er nog over.) Is het voortleven van zo’n achterhaald idee al gênant, het is ook schadelijk: het maakt ons kwetsbaar voor manipulatie rond een veronderstelde “clash of civilizations” waarbij “het” westen, met humane waarden, staat tegenover “de” islam, die momenteel de rol krijgt toegewezen die eerder is gespeeld door het Ottomaanse Rijk, de Saracenen, de Sassaniden, de Parthen en de Perzen. Die rijken bouwden – en dat is wél een feit – voort op Assyrië, dat in de negentiende eeuw vaak als “wreed” werd getypeerd omdat de koningen de gewoonte hadden de afschuwelijkste gruwelijkheden af te laten beelden. (Uiteraard was in Griekenland alles peis & vree en wilden de Romeinen alleen maar wat ravotten.)

Lees verder “Assyrië!”

De invloed van het Roelandslied

Een gem met een kruisridder (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Het Roelandslied is een giftige tekst. Het typeert een werelds conflict als onderdeel van de grote kosmische strijd tussen goed en kwaad, waardoor er voor medemenselijkheid geen plaats meer is. Omdat moslims zijn gedemoniseerd, is kwaad doen aan een moslim iets goeds – en dan wordt zelfs wreedheid aanbevelenswaard. Het Nederlandse Roelandslied gaat hierin verder dan het Franse: in Thuroldus’ versie krijgt de verrader tenminste nog een rechtszaak voordat hij wordt gevierendeeld, in de Middelnederlandse wordt Guelloen afgevoerd om hem te coken (te verbranden).

Ik heb al verteld dat David Levering Lewis, de auteur van het boeiende boek God’s Crucible (2008), het Roelandslied omschreef als “a superordinate factor in the European sense of self and of otherness”. De tekst zou “one of the great constitutive myths of Christendom” zijn en een “foundational document”. Dat zijn deftige formuleringen die erop neerkomen dat Europeanen, te beginnen tijdens de Kruistochten, door deze tekst zijn beïnvloed. Toen ze moslims tegenkwamen, is het idee, werden die meteen beschouwd als “Untermenschen”. De compromisloosheid van de Kruisvaarders was dus gevormd door lectuur van het Roelandslied en soortgelijke teksten.

Lees verder “De invloed van het Roelandslied”

Het Franse Roelandslied

Ivoren hoorn (Musée de Cluny, Parijs)
Ivoren hoorn (Musée de Cluny, Parijs)

Ik heb gisteren en eergisteren geblogd over de mislukte Spaanse campagne van Karel de Grote en over de nederlaag die zijn achterhoede, beladen met de buit van Pamplona, leed in de pas van Roncevalles. Al heel vroeg moet iemand over die gebeurtenis hebben verteld dat Roeland heel dapper had gevochten en daardoor onsterfelijke roem had behaald. Als ik schrijf “al heel vroeg” bedoel ik “binnen enkele jaren”.

Zeven jaar later, in 785, waren de Franken namelijk begonnen aan een tweede oorlog in noordelijk Spanje. Dat had geleid tot de inname van Girona en hoewel het Umayyadische Emiraat van Córdoba terugvocht door bijvoorbeeld in 793 de Languedoc binnen te vallen, breidde de Frankische invloedssfeer in Spanje zich gestaag uit. In 795 werd het gebied formeel geannexeerd (de “Spaanse Mark”), waarna in 799 Pamplona en in 801 Barcelona vielen. In deze jaren moet het verhaal van Roelands ondergang, dat de Franken eerder zal hebben afgeschrikt dan bemoedigd, een nieuwe draai hebben gekregen: zeker, hij had een nederlaag geleden, maar de wijze waarop hij zich in die moeilijke situatie had gedragen, bewees wat een echte held was. (Een boek over de slag om Arnhem dat ik onlangs besprak illustreert dat dit nog altijd een manier is om te verbloemen dat soldaten hun taak niet konden uitvoeren.)

Lees verder “Het Franse Roelandslied”

Sidon

sidon-college_excavation
Opgraving te Sidon: complex uit de Vroege Bronstijd

Een paar weken geleden was ik in Sidon, waar een grote opgraving plaatsvindt, niet ver van een van de twee Kruisvaarderskastelen in deze Libanese havenstad. De opzienbarendste vondst tot nu toe is een massagraf dat vrijwel zeker behoort tot de soldaten die zijn gesneuveld toen de Saracenen de plaats in 1249 innamen. Koning Lodewijk de Heilige, die op dat moment in de omgeving verbleef maar te laat aankwam om een ramp te verhinderen, begroef de doden alvorens het kasteel te versterken.

Een vriendelijke archeologe, geboren in een Palestijns vluchtelingenkamp maar inmiddels in het bezit van een “green card” om haar loopbaan voort te zetten in de Verenigde Staten, leidde ons rond en legde uit hoe de ontwikkeling van de antieke stad op deze plaats perfect was te volgen, dwars door het immer fascinerende Chalcolithicum en de Vroege, Midden- en late Bronstijd. Uit de IJzertijd waren wat minder vondsten, maar de Griekse aanwezigheid was weer wel goed geattesteerd en uit de Romeinse tijd stamde een deel van de versterking van een fort.

Lees verder “Sidon”