De niet zo grote volksverhuizingen

(klik=groot)

Het landkaartje hierboven circuleert in allerlei varianten op het internet. Het is ook te vinden in allerlei boeken. Steeds opnieuw een akelig grote hoeveelheid pijlen, die allemaal staan voor een akelig grote hoeveelheid barbarenstammen die West-Europa bedreigen. Dat beeld is de akelige erfenis van het akelige negentiende-eeuwse idee, alleen nog verdedigd door de Leidse historicus Rutte, dat het West-Romeinse Rijk ten onder zou zijn gegaan ten gevolge van de Grote Volksverhuizingen.

Niemand gelooft dat nog. Daarvoor hebben serieuze historici, van Pirenne tot Meier, voldoende serieus onderzoek naar gedaan. Maar dat kaartje blijft terugkomen. Het heeft nu eenmaal het voordeel van de eenvoud. Het klopt echter voor geen meter. Voor geen centimeter zelfs.

Gelijktijdigheid

Fout één is dat, door de pijlen op één kaart te plaatsen, het lijkt alsof al die invasies gelijktijdig zijn. Dat is niet het geval. De olijfgroene stippellijn van de Oostzee naar Oekraïne dateert (als er al sprake is van deze vroeg-Gotische migratie!) uit de tweede eeuw na Chr. De Langobardische inval in Italië begon in 568 en eindigde (volgens dit kaartje) tot 774.

Immigratie versus emigratie

De volgende fout is dat er nul aandacht is voor migratie uit het Romeinse Rijk weg. Daar zijn echter wel aanwijzingen voor. We weten bijvoorbeeld dat er in de vijfde eeuw nogal wat nestoriaanse christenen zijn geëmigreerd naar het oosten. Ze vestigden zich in Irak en langs de Zijderoute. Een generatie later vertrokken nogal wat monofysieten richting Armenië, Arabië en Nubië.

Het oosten

Waarmee we in feite constateren dat het Byzantijnse oosten onderbelicht blijft. Dat is de derde fout. Als we de Langobardische migratie als eindpunt aanvaarden, zouden minimaal enkele aanvallen van de Hunnen en Avaren op het Laat-Romeinse Oosten getoond moeten zijn.

Federalisering

Sprekend over de Hunnen: het is vooral de Romeinse auteur Ammianus Marcellinus die hen presenteert als degenen die een dominoreeks in werking zetten. Helemaal onjuist is het niet. Net als de Avaren is er sprake van een groep mensen die uit Centraal Eurazië aankwamen. Maar ze pakten onderweg andere volken op. De stammen waren onderworpen aan een proces van federalisering. De donkerblauwe pijl kan beter in de Oekraïne beginnen dan op de rand van de landkaart.

Wie migreerde er?

Waarmee we in feite zijn aangekomen op het cruciale vijfde punt: wie migreerden er nou eigenlijk? Het waren vaak lokale groepen die een eindje opschoven tot ze nieuw land hadden gevonden om te bewerken. Alleen een elite, die al even fluïde was, bewoog wat verder. Als we in de loop der decennia een stam- of volksnaam over een landkaart zien bewegen, is het hooguit die elite. Slechts een doodenkele Vandaal die vertrok van de Oder is via de Rijn, Gallië, de Pyreneeën en Andalusië aangekomen in wat nu Tunesië heet. Hij had gezelschap gekregen van weggelopen slaven, actieve of gedemobiliseerde soldaten, verarmde boeren en nog zo het een en ander. Pas eind zesde eeuw kregen die groepen de namen waaronder ze bekend zijn geworden.

Push & pull

Laatste punt: de pijlen suggereren dat de kracht uitgaat van het migrerende volk. Zij bewegen voorwaarts. Maar het kan ook andersom zijn. Zouden we in het Nabije Oosten de pijlen van de zevende eeuw hebben getoond, dan ging het om Arabieren en verwante volken die het machtsvacuüm binnen werden gezogen dat was ontstaan na een vulkaanuitbarsting in 536, hongersnoden, de Justiniaanse epidemie en de enorme Byzantijns-Perzische Oorlog. Om nog maar te zwijgen over de Arabieren die Mesopotamië en Perzië binnen werden gezogen, waar men wel de islam wilde aanvaarden maar niet het kalifaat, en dus de familie van Mohammed aantrok. Allemaal niet aan te geven door middel van pijlen.

Summa summarum: laat deze akelig misleidende landkaart voortaan maar achterwege.

23 gedachtes over “De niet zo grote volksverhuizingen

  1. Een groot deel van het Hunnische ‘pijltje’ is een militaire aanval, geen ‘migratie’. En het rondje dat de Visigoten (‘Westgoten’, auw!) door Spanje maken is hilarisch.

    En dan laat zo’n kaartje ook nog alle ‘binnenromeinse’ verhuizingen achterwege. Zoals de Britten richting Bretagne. Of de Alanen. Of de Franken die van Drenthe naar Frankrijk verhuizen. Net zo stapsgewijs als bijvoorbeeld de Goten, maar pijltjes ho maar! 😉

    1. Rob Duijf

      “En dan laat zo’n kaartje ook nog alle ‘binnenromeinse’ verhuizingen achterwege. Zoals de Britten richting Bretagne.”

      De Romeinen trokken zich begin vijfde eeuw terug uit het toen Galloromeinse Armorica. Onder druk van de Saksen, Angelen en andere Noordgermaanse stammen die vanaf de vijfde eeuw het Romeinse machtsvacuüm in Brittannië opvulden, vestigden de Britten, een Keltische stam uit Cornwall en Wales zich pas in de zesde eeuw in Armorica. Ze noemden het Bretagne, dat Klein-Brittannië betekent.

      Dat kun je m.i. geen ‘binnenromeinse’ verhuizing noemen.

      1. Sowieso kun je echt niet stellen dat ‘de Romeinen zich terugtrokken uit Ar(e)morica’. De Romeinen trokken zich ook nooit terug uit Brittannië, generaties van slechte schoolboekjes ten spijt.
        De contacten tussen Cornwall en Gallië waren tijdens (en voor) de Romeinse tijd altijd al goed geweest, en volgens de huidige stand van kennis waren er al Britten tijdens de vierde maar zeker de vijfde eeuw die naar het continent verhuisden. Ja, een ‘binnen Romeinse verhuizing’. Maar ook als je wilt aannemen dat dit niet zo was, is het een omissie, waar wel de Langobarden nog tot in de achtste eeuw gevolgd worden.

        Waarom er in hemelsnaam ooit is aangenomen dat de migranten uit (het latere) Wales ook deze route volgden ‘onder druk van de Saksen, Angelen en andere Noordgermaanse stammen die vanaf de vijfde eeuw het Romeinse machtsvacuüm in Brittannië opvulden’ is mij een raadsel. Aangezien Wales pas onder die druk kwam te staan vanaf de 8e eeuw en pas na de Normandische verovering van Engeland voor het eerst écht bedreigd werd, is die ‘Angelsaksische druk’ natuurlijk kul.

        Geen idee waarom je de Britten “een Keltische stam uit Cornwall en Wales” noemt. Komt dat van de een of andere slechte website?

        1. Rob Duijf

          OK. Dat Romeinen zich zouden hebben teruggetrokken uit Bretagne en Brittannië is een ongelukkige omschrijving mijnerzijds. Rome trok er zijn handen van af, zou een betere omschrijving zijn. Ze lieten Brittannië en Bretagne aan hun lot over.

          Dat de contacten tussen Brittannië en Gallië voor en tijdens de Romeinse tijd goed waren, staat buiten kijf.

          “Aangezien Wales pas onder die druk kwam te staan vanaf de 8e eeuw (…) is die ‘Angelsaksische druk’ natuurlijk kul.

          Bij de Angelsaksische verovering van het Zuidoosten van Brittannië in de zesde eeuw werden bloedige veldslagen geleverd. In de belangrijke Slag bij Bedcanfort in 571 werden Romano-Britten door de Angelsaksen verslagen. Bij de stichting van de verschillende Angelsaksische rijken in de zevende eeuw werd de Romano-Britse bevolking verder naar Wales en Cornwall teruggedrongen.

          De periode na het begin van de zesde eeuw is de tijd waarin de grote migratie naar Bretagne op gang kwam en gedurende twee eeuwen plaatsvond. Daaronder waren veel Keltisch-Ierse christenen.

          ‘Geen idee waarom je de Britten “een Keltische stam uit Cornwall en Wales” noemt. Komt dat van de een of andere slechte website?’

          Zoals gezegd werd de van oorsprong Keltisch Romano-Britse bevolking door de Angelsaksische expansie naar Wales en Cornwall teruggedrongen, van waaruit de grote emigratie plaatsvond. Die emigranten – die zichzelf als Britten zagen – gaven hun nieuwe land de naam Bretagne.

          De Bretonse taal – ‘Brezhoneg’ – is verwant aan de Britse talen Cornisch en Welsh. Tijdens mijn lange vakantie in 2019 in Bretagne heb ik me mogen onderdompelen in de Bretonse cultuur en ik kan je verzekeren dat de Britse roots van de ‘Breizhi’ diep geworteld zijn.

  2. Dieter Verhofstadt

    Dit is inderdaad een hardnekkig beeld, dat bij deze geïnteresseerde leek aanwezig is en (dus) vermoedelijk bij vele net iets minder geïnteresseerde leken ook. Er is natuurlijk het groeiende aantal leken die geen enkel benul hebben van het Romeinse Rijk of de instorting daarvan.

    Ik amendeer:
    1. Dat de invallen gelijktijdig zouden plaatsgevonden hebben, heb ik nooit gedacht en het kaartje geeft toch een tijdsbestek of jaartal mee aan desbetreffende pijl.
    2. Dat ze werden veroorzaakt of vergemakkelijkt door de implosie van het Romeinse apparaat, wist ik.

    Een van mijn grootste historische inzichten verkreeg ik in “De ontdekking van Frankrijk”: een land met staatsgrenzen zoals we dat nu kennen en vooral de totale regering van zijn inwendige, is een mentaal beeld dat men niet zomaar kan overzetten op andere tijdsgewrichten. De Romeinen met hun heirwegen, hun schatting en administratie vanuit lokale centra, vormden een vroeg model van die homogene staat, maar na de val fragmenteerde dat opnieuw tot kleine machtscentrumpjes. Met name de Hunnen of later de Vikingen, raasden over het land en plunderden het, maar brachten het niet echt onder langdurige controle (of dat is toch mijn beeld als geïnteresseerde leek).

    Je uitleg over de elite is wél nieuw voor me. Er zijn twee zaken die ik er minder goed aan begrijp: 1) heeft de elite niet net minder reden om verder te migreren dan een verarmd plebs? Zie latere migraties naar de VS. 2) er is toch een wezenlijke impact geweest van de volksverhuizingen op de taal? Hoe kan die er gekomen zijn als de migraties eigenlijk schokgolfjes waren met enkel een kleine elite die doorstroomde?

    Heel interessant allemaal!

    1. FrankB

      “Dat ze werden veroorzaakt”
      Ik vermoed al een tijdje sterk dat causaliteit ivm de Volksverhuizingen een niet gerechtvaardigde vereenvoudiging is wegens terugkoppelingseffecten met tal van factoren.

      1) Wel als de elite eveneens relatief arm is (vergeleken met het te plunderen/veroveren gebied) en militaire successen nodig heeft om zijn machtspositie te behouden.
      2) om te profiteren neemt het gewone volk gewoonten en taal van de nieuwe elite (deels) over.

  3. FrankB

    “Als we de Langobardische migratie als eindpunt aanvaarden”
    Dat heb ik nooit goed begrepen, want maar een paar jaar later (als we 774 nemen) kwamen de Noormannen en Vikingen.

    “laat deze akelig misleidende landkaart voortaan maar achterwege”
    Mijn zegen heb je. Als kind – toen ik hem voor het eerst zag – dacht ik er niet over na. Toen ik er over na begon te denken begreep ik steeds minder wat de kaart nu eigenlijk zei. Splits hem iig op per volk. Dan hoef ik mijn ogen niet meer te pijnigen om jaartallen te ontcijferen.
    Al geeft ook dat een vertekend beeld, want behalve de roemruchte vijf (Vandalen Oostgoten, Westgoten, Franken en Lombarden) is er nog een hele reeks stamverbanden.
    Nog een misleidend aspect is dat deze kaartjes enorme aantallen suggereren. De binnenvallende Germanen waren echter altijd een kleine minderheid tov de lokale bevolkingen.

  4. Theo de Graaff

    Ik vind het kaartje wel erg overzichtelijk omdat het bewegingen van allerlei volken/stammen/groepen door de eeuwen heen weergeeft. Het mist wel wat cruciale migraties. De Franken hadden er in ieder geval wel bij gemogen.

    Alleen de elite migreert: dit is wel erg schematisch. Als een volk/stam/groep een gebied verovert en zich daar vestigt, zullen ze daar de elite vormen. De ene keer zullen ze de meerderheid uitmaken, de andere keer een (kleine) minderheid. Wanneer deze elite verder migreert, kan het een kleine groep zijn of een grote.

    Bij de Hunnen en Avaren zeg je dat ze een federatie vormden door andere groepen aan zich te binden en mee te nemen. Dit is in tegenspraak tot wat je bij de elite meldt. Volgens mij waren het allemaal federaties: Goten, Vandalen, Langobarden en, niet te vergeten, Franken en Saksen.

    1. Ben Spaans

      De Alamannen (‘Allemannen’ toch?) waren een federatie die nooit veel (en niet heel ver) gemigreerd lijkt te hebben, ze waren blijkbaar meer van de ‘invallen’ (rooftochten)?
      Ze staan ook niet op het kaartje aangegeven.

    2. “Ik vind het kaartje wel erg overzichtelijk omdat het bewegingen van allerlei volken/stammen/groepen door de eeuwen heen weergeeft. ”

      Dat is nu juist het punt. Die ‘bewegingen van allerlei volken/stammen/groepen door de eeuwen heen’ bestonden helemaal niet.

  5. Robbert

    Wie kan uitleggen uit hoe een taal emigreert?
    De migranten namen hun talen mee, minstens ten dele. Als ze dat deden lijkt “alleen de elite” ook wat simpel. Ook als Jona de elite al uitbreidt met groepjes ongeregeld. Die elites zullen niet vlotjes hun taal op grote overwonnen groepen overgebracht kunnen hebben. En als vooral moeders van invloed zijn op de taalontwikkeling van hun kinderen, zullen er vele moeders moeten mee-emigreren.

    1. “De migranten namen hun talen mee, minstens ten dele. Als ze dat deden lijkt “alleen de elite” ook wat simpel. ”

      Afhankelijkheid.
      Als voorbeeld het huidige Engeland:
      De pre-Romeinse Britten spraken voornamelijk een Keltische taal.
      Na de Romeinse verovering werd door velen uit gemak Latijn geleerd, want de elite sprak dat en voor alle overheidszaken (en vergeet het schrift niet) en handel was dat gewoon heel praktisch. Latijn werd niet opgelegd, en de bevolking bleef ook Brits spreken naast Latijn. Hoe hoger op de sociale ladder, hoe meer Latijn.

      Dat Brits komt weer even op als hoofdtaal als het Romeinse Rijk verzwakt, en het duurt tot in de late zesde eeuw voordat lokale elites een Germaanse taal spreken. Het proces herhaalt zich – Brits verzwakt in steeds kleinere marginale gebieden – helaas zien we door minder geschreven bronnen slecht hoe lang dit duurt. Maar ook nu weer: hoe hoger op de sociale ladder, hoe meer Angelsaksich.

      Die laatste is de volgende die aan de beurt is als de Normandiërs in de elfde eeuw Engeland over nemen. Er wordt dan trouwens nog steeds Brits gesproken buiten Cornwall, Wales: we weten dat in de Fens (wetlands) nog zo’n gebied heeft bestaan. En Latijn natuurlijk, beperkt tot de kerk en de hogere ambtenarij.
      De introductie van Franse woorden zijn weer aan de sociale ladder gelinkt: Sheep is Engels, mutton is Frans, etcetera. Het Frans slaagt er nu niet in om de volkstaal te worden, misschien ook wel vanwege de snelle breuk tussen Engeland en Normandië (Tenchebrai 1106) die de steun van de Engelse bevolking noodzakelijk maakte. Maar dat is mijn speculatie.

  6. Lolke Stelwagen

    Een stukje volksverhuizing vind ik meer dan andere verhuizingen tot de verbeelding spreken. En dat zijn de Friezen die vanaf ca 275 tot ergens in de vierde eeuw van de terpen verhuisden en welhaast zeker Franken werden. Dus uiteindelijk via de Betuwe in Belgie neerstreken en nog even later hun naam aan Frankrijk verbonden.
    De naam Frank verraad de overgang. Want Frank betekende tot ver in de vroege middeleeuwen hetzelfde als Fries. Namelijk “vrij”. Niet voor niets zeggen we “frank en vrij”. Bovendien verschijnen de Franken op het moment dat de Friezen verdwijnen….

    Bron oa Olivier van Renswoude van Taaldacht.nl
    “De drie meest aannemelijke duidingen verbinden de naam allen met de wortel *frī- ‘eigen, zelf’. Een voorname afleiding hiervan was *frijaz ‘eigen’, waarvan de betekenis zich enerzijds ontwikkelde tot ‘zijn eigen, zelf-beslissend’ (vanwaar ‘ongebonden’ zoals in Nederlands vrij), en anderzijds tot ‘als zijn eigen’ (vanwaar ‘bemind, geliefd’). Hoort de naam *Frīsijōz inderdaad bij deze wortel, dan is hij op drie wijzen op te vatten: 1) ‘de vrijen, ongebondenen’ 2) ‘elkaars eigenen’, oftewel ‘de gebroederlijken’; 3) ‘de beminden’. Ook gezien hun drang naar vrijheid en onafhankelijkheid door de eeuwen heen –men denke o.a. aan de Friese Vrijheid– tot vandaag de dag, lijkt het vooralsnog het meest aannemelijk dat de Friezen in naam de ‘vrijen, ongebondenen’ zijn.”

    En van de etymologiebank:
    “frank 1 bn. ‘vrij, vrijmoedig, brutaal’
    Mnl. in de vorm vranck(e) ‘vrij, veilig’ in hare juweele … vranck houden ‘haar juwelen veilig bewaren’ [1337-78; MNW], de arme lieden … liet hy vranc ende vry wechgaen ‘de arme lieden liet hij vrij en ongehinderd weggaan’ [1470; MNW], de betekenis ‘vrijmoedig, uitdagend; vijandig gezind’ blijkt uit het bw. vrankelik in vranclijc hi op hem reet ‘hij reed uitdagend op hem af’ [1460-80; MNW-R]; vnnl. vranck ofte vry ‘vrij, beschermd, veilig’ [1573; Thes.], vranck ‘vrij’ [1599; Kil.], In het Nieuwnederlands meestal frank.
    Hetzelfde woord als de naam van de Germaanse stam der Franken, in het Latijn als Francus ‘Frank’ sinds de 3e eeuw opgetekend. De betekenis ‘vrij’ komt voor het eerst voor in middeleeuws Latijn francus, in een decreet van Childebert II uit 596. Deze betekenis moet secundair zijn ontstaan door de tegenstelling tussen de Franken en de door hen onderworpen Galloromeinen die (vaak) lijfeigenen waren. In het Nieuwnederlands is het woord opnieuw ontleend aan of aangepast aan Frans franc ‘vrijmoedig, openhartig’ dat teruggaat op Oudfrans franc ‘vrij’ [ca. 1050; Rey], ook van personen ‘vrij, niet gebonden’ [1080; Rey], en van daaruit ook ‘vrij sprekend’ en zodoende ‘vrijmoedig, openhartig’ [15e eeuw; Rey].”

    Groeten, Lolke
    Afstammeling (voor een groot deel) van die Angelse Friezen die vanaf ca 400-425 Friesland herbevolkten.

    1. Rob Duijf

      ‘En dat (…) de Friezen (…) welhaast zeker Franken werden.’

      Waar blijkt dat uit?

      Dat Fries en Frank beide de betekenis ‘vrij’ hebben, mag duidelijk zijn. Maar suggereer je hier nu dat Frank voortkomt uit Fries en dat de Salische Franken dus eigenlijk Friezen zijn, dan wel dat Friezen hun stempel hebben gedrukt op de stamverbanden van Salische en Ripuarische Franken?

      1. Eens. Het klopt trouwens niet (helemaal) met die tijdschaal, want de naam ‘Frank’ in Romeinse bronnen komt eerder voor dan de late derde eeuw. Het is weliswaar een ‘label’, een verzamelnaam, maar dat betekent niet dat we zo maar kunnen stellen dat de friezen hun terpen verlieten en ineens in Drenthe en later aan de Rijn opduiken onder dezelfde naam.

        Ik sluit overigens niet uit dat zich onder de Frankische krijgers die als soldaat in Romeinse dienst traden, ook mannen uit het Friese gebied zijn geweest.

    2. “Afstammeling (voor een groot deel) van die Angelse Friezen die vanaf ca 400-425 Friesland herbevolkten.”

      De Angelen, Saksen, Jutten, Denen en Halfdenen die bezit namen van wat we nu Friesland (en Groningen, en Holland) noemen, kun je met de beste wil van de wereld geen ‘Angelse Friezen’ noemen. De bewoners van wat de Romeinen aanduidden met ‘Frisia’ hebben geen relatie met de groepen die er vanaf de vijfde eeuw langs en in trokken, op wat restbewoners na. Die Angelen waren geen Friezen, maar de huidige Friezen zijn (deels) wel Angelen. Of Saksen. Of Denen. Of Halfdenen. 😉

      1. Ben Spaans

        Wat moet men zich voorstellen bij een Halfdeen…?

        Je moet al die bewegingen niet beperken tot de vijfde eeuw n. Chr. met wat er voor en wat erna. De verspreiding van Keltisch sprekenden…De Kimbren, Teutonen en Ambronen…de verplaatsingen tijdens en door Caesar…in ‘Oosr-Europa’ ging het door tot wel in de 13e eeuw n. Chr….
        Toch?

  7. Lolke Stelwagen

    “Alleen een elite, die al even fluïde was, bewoog wat verder.”

    Dat is raar. Hoe werkt dat? Wat maakt elite? Een zwaard in de hand? Waren het niet leiders van een gebied met een soort samenwerking met de rest van die gebieds-bewoners? Hoe kan je dan je eigen volk verlaten en leider worden van een ander volk? Hoe zit het dan met die andere leiders? Dit model werkt alleen als er verschrikkelijk oorlog werd gevoerd of als alle elite een stukje verder doorschoof…..

    Ik snap dit model niet 🙂

    Groeten, Lolke
    Vrije Fries.

    1. Frans Buijs

      Als we de elite inderdaad even beschouwen als mannen met zwaarden kan het wel: een volk strijkt ergens neer en de mannen met zwaarden zwermen te paard uit om te gaan plunderen. (Ik heb de verleiding om te spreken over bebaarde barbaren met zwaarden op paarden weten te weerstaan. Of nou ja, bijna)

    2. “Wat maakt elite? Een zwaard in de hand? ”

      Ja maar niet alleen dat – elite wordt gevormd door sociaal overwicht dat voornamelijk stamt uit economisch overwicht. Een man of familie die machtig genoeg is om krijgers aan zich te binden (en te onderhouden) heeft daarmee weer maatschappelijk overwicht.
      Wil je als gewone man zekerheid van inkomen en veiligheid, dan verbind je je lot aan die man/groep, via economische en/of militaire wederdienst, en/of je familie middels kinderen aan hem te verbinden. Taaloverdracht komt dan ook heel snel.

      “Vrije Fries”
      Dat is maar hoe je het bekijkt. 😉

  8. GiuseppeC

    Onlangs heb ik het boek “Het Romeinse Rijk in infographics” gekocht. Is dat nu een miskoop geweest? Niet dat dit plaatje erin stond, maar als je onderwerpen in schema’s visualiseert dan heb je toch altijd wat verlies aan detail en nuance. Maar het zijn wel mooie overzichtelijke plaatjes.

Reacties zijn gesloten.