Een geschiedenis van Syracuse (2)

Medousa (Museo archeologico regionale Paolo Orsi, Syracuse)

[Dit is het tweede deel van een zesdelige reeks over de geschiedenis van de voornaamste stad van het antieke Sicilië, Syracuse. Het eerste stukje was hier en een landkaartje is daar.]

De Archidamische Oorlog

In het zevende boek van de Historiën last Herodotos een lange uitweiding in over de macht van Syracuse. Hij kan die hebben geschreven voor een publiek in Athene, dat rond het midden van de vijfde eeuw belangstelling begon te krijgen voor Sicilië. Zuidelijk Italië lag vanouds in de invloedssfeer van Korinthe en Sparta, maar in 444 v.Chr. stichtte Athene er een nieuwe stad: Thourioi. Herodotos zelf verhuisde er misschien ook naartoe.

Het bleef daar niet bij. Ik beschreef al eens hoe Athene zich in 433 verbond met Korkyra (Korfu) en begon te kijken naar de steden rond de Ionische Zee. Dat vormde een aanleiding tot de Archidamische Oorlog (431-421), waarin Sparta, Korinthe, Thebe en enkele Zuid-Italische steden het opnamen tegen Athenes Delische Zeebond. Tussen 427 en 424 opereerde een vloot uit Athene in het verre westen. Sommige steden sloten zich daarbij aan.

Lees verder “Een geschiedenis van Syracuse (2)”

Een geschiedenis van Syracuse (1)

Tempel van Apollo (Syracuse)

Ik schreef twee weken geleden dat wie schrijft over het verleden van Griekenland, zich al snel gedwongen ziet zich te concentreren op Athene en Sparta. Athene, omdat daarover de meeste bronnen zijn; Sparta omdat het als Athenes aartsrivaal opduikt in diezelfde bronnen. Wat ook een rol moet spelen, is dat die twee steden liggen binnen de grenzen van het huidige Griekenland.

Het probleem is: wie de bronnen als leidraad neemt, is geen historicus, maar vat de bronnen samen. Dit is geen kritiek op het handboek waarop ik ’s donderdags pleeg te bloggen, Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek. Of beter: het is wel een kritische constatering, maar ik weet niet hoe het beter zou kunnen. Ik ben deze reeks gaan schrijven omdat ik intellectueel verkeer in een impasse en ik schrijf dus niet omdat ik het allemaal wél weet. Los daarvan: handboeken zijn bedoeld om gehakt van te maken bij de bijbehorende werkcolleges. Desondanks is het aardig om, na Kyrene, ook een andere stad te behandelen waarvoor doorgaans weinig aandacht is: Syracuse, de belangrijkste stad op Sicilië. Voor u verder gaat: een handig landkaartje is hier.

Lees verder “Een geschiedenis van Syracuse (1)”

Spartacus en Crassus

Crassus (Louvre, Parijs)

[Laatste stukje over de slavenopstand van Spartacus. Het eerste was hier.]

Crassus commandant

In Rome trad een nieuwe bevelhebber aan: Marcus Licinius Crassus. De verslagen consulaire legioenen schijnen in de buurt van Ancona te zijn achtergebleven, en Crassus gaf hun commandant Mummius opdracht zich in het zuiden bij hem te voegen. Hij mocht geen contact met de vijand maken. Mummius meende echter een goede gelegenheid te zien het probleem zelf op te lossen, bond de strijd toch aan en werd verslagen. Crassus was woedend en meedogenloos in zijn straf: decimatie. Elke tiende soldaat moest door zijn kameraden worden gedood. De legionairs moesten weten dat ze meer hadden te vrezen van hun commandant dan van de slaven en gladiatoren. Dit is een van de zeer weinige bekende gevallen van decimatie.

De Cilicische Piraten

In de winter van 72/71 kwam Spartacus aan in de teen van Italië, waar hij Thourioi innam. Dit was de enige keer dat hij zijn mensen in een stad vestigde. Het doel lijkt te zijn geweest Sicilië te veroveren. Op dat eiland waren in het recente verleden verschillende grote slavenopstanden geweest, met leiders die zich tot koning hadden uitgeroepen.

Lees verder “Spartacus en Crassus”

Een zilverstuk uit Syracuse

Dekadrachme uit Syracuse (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Over Griekse munten, zoals deze uit Syracuse, heb ik eigenlijk nog maar zelden geblogd. Daarin moet rap verandering komen, want ze zijn altijd interessant, ze zijn vaak mooi en ze kunnen niet vaak genoeg worden tentoongesteld. Ooit hadden we in Nederland een Koninklijk Penningenkabinet, waarin talloze Griekse munten waren opgenomen. Als student kon je er vrij makkelijk terecht. De collectie is in 2007 echter samengevoegd met die van De Nederlandse Bank en het Nederlands Muntmuseum, waardoor één Muntmuseum ontstond. Het was in Utrecht. De loop kwam er echter niet in en in 2013 viel het doek. Zodat je in een de meest kapitalistische landen ter wereld momenteel nergens kunt zien wat mensen doen met geld en wat geld doet met mensen.

Autonomie

Die laatste zin (het programma van het Geldmuseum) geeft aan waarom Grieks geld zo interessant is. Het functioneerde destijds niet helemaal hetzelfde, al waren de functies op zich dezelfde. Munten dienden ook toen om mee te betalen en als oppotmiddel. Er is bovendien een vergelijkbare wereld van afbeeldingen. De Marianne op het Franse dubbeltje en de bondsadelaar op de Duitse euro hebben dezelfde functie als de roos, de bij en de schildpad op de munten van Rhodos, Efese en Aigina: alle symbolen benadrukken het eigene van degene die de munten sloeg.

Lees verder “Een zilverstuk uit Syracuse”

De Siciliaanse Expeditie (6)

De Latomia dei Cappuccini, waar de Atheense krijgsgevangenen moesten werken

[Dit is het slot van een zesdelige reeks over de Siciliaanse Expeditie waarmee Athene probeerde Syracuse te onderwerpen. Het eerste deel is hier.]

Thoukydides, hieronder opnieuw geciteerd in de vertaling van M.A. Schwartz, doet verslag van de totale ondergang van Athenes Siciliaanse Expeditie.

De door Nikias gecommandeerde Atheners haastten zich voort naar de rivier de Assinaros; zij hoopten in de eerste plaats dat zij, als zij die over waren, minder te lijden zouden hebben van de voortdurende aanvallen van de vele ruiters en het andere krijgsvolk; bovendien waren zij uitgeput door vermoeienis en dorst. Zodra zij bij de rivier waren, wierpen ze zich zonder enige orde erin; ieder wilde het eerst er over; de vijanden zaten achter hen aan en bemoeilijkten de overtocht. Gedwongen in dichte drommen voort te gaan, vielen zij over elkaar en vertrapten elkaar; sommigen vonden meteen de dood, doorboord door hun eigen speren en verward in hun bagage; anderen, in elkaar verstrikt, werden met de stroom meegesleurd. De Syracusanen stonden langs de steile oever en schoten van bovenaf op de Atheners, die gulzig dronken in de bedding en elkaar verdrongen. De Peloponnesiërs daalden af in de stroom en slachtten hen die in de rivier waren grotendeels af. Het water werd dadelijk vertroebeld, maar toch werd het, met bloed en vuil vermengd, gedronken en werd er door de meesten om gevochten. Eindelijk, toen de lijken bij massa’s op elkaar lagen in de rivier en het leger deels in het water, deels, voorzover het ontkwam, door de ruiterij was vernietigd, gaf Nikias zich over aan Gylippos.

Lees verder “De Siciliaanse Expeditie (6)”

De Siciliaanse Expeditie (5)

Grafmonument van een hopliet (Archeologisch Museum, Peiraieus)

[Dit is het voorlaatste deel van een zesdelige reeks over de Siciliaanse Expeditie waarmee Athene probeerde Syracuse te onderwerpen. Het eerste deel is hier.]

Nu de verslagen Atheners hun vertrek uitstelden, konden de Syracusanen hun geluk niet op. Onmiddellijk blokkeerden ze de ingang van de Grote Haven. Hun tegenstanders deden een wanhopige poging uit te breken, maar in de zeeslag bleken de Atheense triëren geen partij meer te zijn voor die van Syracuse. Voor de Atheners was nu bijna alles verloren, want ze hadden zelfs geen schepen meer om naar huis te varen. Het enige wat erop zat was proberen hun basis in Katana te bereiken. En dus marcheerden ze langs de rivier de Anapos landinwaarts, in de hoop zich een weg door het laaggebergte te kunnen banen. De afwezigheid van cavalerie bleek nu fataal. Thoukydides heeft een huiveringwekkende beschrijving van de ondergang van de Atheners, hier geboden in de vertaling van M.A. Schwartz.

Lees verder “De Siciliaanse Expeditie (5)”

De Siciliaanse Expeditie (4)

Model van een triëre (Allard Pierson, Amsterdam)

[Dit is het vierde stukje in een zesdelige reeks over de Siciliaanse Expeditie waarmee Athene probeerde Syracuse te onderwerpen. Het eerste deel is hier.]

Op dat moment arriveerde de Spartaanse officier Gylippos met versterkingen uit de Peloponnesos. Ook hij bestormde de Hoogten, marcheerde om de nog onvoltooide Atheense muur en bereikte Syracuse, waar het moreel snel verbeterde. Onmiddellijk begonnen de Syracusanen met de bouw van een nieuwe dwarsmuur, waarmee de Atheners moest worden belet hun stellingen te voltooien. Nikias begreep hoe kritiek de situatie was: zou deze dwarsmuur worden voltooid, dan hielden de Syracusanen hun aanvoerlijn open. Terstond zond hij er troepen op af, maar die werden overvleugeld en verslagen door de Syracusaanse cavalerie.

Voor de Atheners was dit het begin van het einde. De Syracusanen voltooiden hun dwarsmuur, Gylippos beveiligde de verdere weg naar het westen door Labdalon in te nemen en de inheemsen liepen over naar Syracuse.

Lees verder “De Siciliaanse Expeditie (4)”

De Siciliaanse Expeditie (3)

Syracuse

[Dit is de derde aflevering uit een zesdelige reeks over de Siciliaanse Expeditie waarmee Athene probeerde Syracuse te onderwerpen. Het eerste deel is hier.]

Syracuse bestond uit twee delen. De oude stad lag op een eiland dat aan alle zijden was omgeven door onderzeese rotsen, die een landing met schepen onmogelijk maakten. Ook op het vasteland lag een stadswijk, die in het westen werd begrensd door een moeras terwijl in het noorden een oneffen, rotsachtige hoogvlakte lag die bekendstond als de Hoogten. In de winter ommuurden de Syracusanen een deel daarvan. Bestorming was onmogelijk, want voordat de aanvallers de muur zouden bereiken, moesten ze over allerlei rotsen klauteren, waarbij ze een makkelijk doelwit waren voor boogschutters.

Het zwakke punt in de muur was gelegen op de plek waar de rotsen wat minder steil afliepen en overgingen in het moeras. (Het theater dat hier was uitgehouwen is nog altijd te zien.) Dit was de plaats waar Nikias en Lamachos in de lente van 414 aanvielen. Ze landden bij Leon, bestormden het rotsplateau over een van de weinige begaanbare hellingen en bouwden een enorm, cirkelvormig fort tegenover het zwakke punt in de Syracusaanse verdedigingsmuur. Een tweede fort, Labdalon, zorgde ervoor dat ze de helling naar het plateau bleven beheersen. De aanval maakte in een klap duidelijk dat de Atheense strijdmacht nog onverminderd gevaarlijk was.

Lees verder “De Siciliaanse Expeditie (3)”

De Siciliaanse Expeditie (2)

Alkibiades (Capitolijnse Musea, Rome)

[Dit is het tweede deel van een zesdelige reeks over de Siciliaanse Expeditie waarmee Athene probeerde Syracuse te onderwerpen. Het eerste deel is hier.]

De Atheense vloot die in de zomer van 415 v.Chr. uitvoer telde uiteindelijk nog vierendertig triëren meer dan waarom Nikias had gevraagd – ruim het dubbele van waartoe de Atheners aanvankelijk hadden besloten. Zo was de beperkte operatie veranderd in een onderneming zonder weerga die, als ze succes zou hebben, Athene zou maken tot de machtigste staat in het Middellandse Zeegebied, maar als ze zou falen, zijn positie als machtigste staat van Griekenland in gevaar bracht. Het was een immense strijdmacht, maar evengoed zou blijken dat het voor elke oorlog op Sicilië noodzakelijke legeronderdeel ontbrak.

Nog nooit was er een tocht ondernomen verder van huis en met groter verwachtingen van een toekomstige uitbreiding van de nu aanwezige macht. Toen de schepen bemand waren en alles was ingescheept wat zij op hun reis moesten meenemen, werd met de trompet stilte geblazen en werden de voor het vertrek gebruikelijke gebeden uitgesproken, niet op elk schip afzonderlijk, maar allen tezamen spraken zij de woorden van de heraut na. Mengvaten werden gevuld het gehele leger langs gedragen en uit gouden en zilveren bekers werd door de manschappen en officieren geplengd. (Thoukydides 6.32.1; vertaling M.A. Schwartz.)

Lees verder “De Siciliaanse Expeditie (2)”

De Siciliaanse Expeditie (1)

Thoukydides (Mozaïek uit Gerasa, nu in het Altes Museum, Berlijn)

Wat was de allerbelangrijkste gebeurtenis uit de Griekse geschiedenis? De Atheense geschiedschrijver Thoukydides wist het: de mislukte expeditie van zijn landgenoten naar Sicilië.

Het was bij mijn weten de belangrijkste gebeurtenis uit de Griekse geschiedenis, omdat ze voor de overwinnaars even schitterend verliep als voor de verliezers rampzalig. Zij zijn immers op overweldigende wijze verslagen en hadden de zwaarste verliezen geleden. Het was zogezegd een nationale ramp: leger, vloot, ja wat niet al, was verloren gegaan. En van al die mensen is maar een handjevol thuisgekomen. (Thoukydides, Peloponnesische Oorlog 7.87.5-6; vert. Hein van Dolen)

Deze woorden uit het geschiedwerk van Thoukydides gelden als hét klassieke voorbeeld van de stijlfiguur die bekendstaat als bathos: na drie plechtige volzinnen volgt op de plaats waar je de ronkende conclusie zou verwachten een zinnetje in spreektaal dat, doordat het de verwachting doorbreekt, bevreemdend overkomt. Vaak is dat komisch bedoeld, maar niet bij de serieuze Thoukydides. Zijn wending in stijl illustreert de wending in de oorlog. Toen hij de geciteerde woorden schreef, vermoedelijk in 411 v.Chr., meende hij dat de mislukte Atheense aanval op Sicilië een keerpunt was geweest in het al langer spelende conflict met Sparta. (Ik blogde al eerder over de aanloop naar de oorlog bij Sybota, over de Archidamische Oorlog van 431-421 en over de slag bij Mantineia in 418.) De Atheense verliezen waren, althans volgens Thoukydides, te groot geweest en toen het conflict met Sparta opnieuw oplaaide (de Dekeleïsche Oorlog, 413-404) zou Athene vroeg of laat bezwijken. Vandaar: de Siciliaanse expeditie was de belangrijkste gebeurtenis uit deze oorlog en de hele Griekse geschiedenis.

Lees verder “De Siciliaanse Expeditie (1)”