Het proactieve Kerststukje

Kerststalletje in Beiroet

Als een misverstand over de Oudheid er eenmaal is, gaat het nooit meer weg. Wie de Oudheid goed wil uitleggen, moet dus niet alleen zo accuraat mogelijke informatie verspreiden maar er ook voor zorgen dat misverstanden niet ontstaan. Is het daarvoor te laat, zoals vaak het geval is, dan moet hij zien de verspreiding te bemoeilijken.

Zoals vandaag. Binnenkort is het namelijk kerstmis en de christelijke feestdagen zijn altijd een moment waarop de media snelle kopij zoeken, journalisten niet verder kijken dan hun neus lang is en er nogal wat onzin de wereld in wordt gepompt. Wellicht helpt dit stukje de schade in de perken te houden.

Heeft Jezus überhaupt wel bestaan?

Niets uit het verre verleden is helemaal zeker, maar bij een normale toepassing van de historisch-kritische methode is het antwoord ja. U leest er hier meer over.

Lees verder “Het proactieve Kerststukje”

Jona naar Nineveh

Jona en de grote vis (Sarcofaag, Römisch-Germanisches Zentralmuseum, Mainz)

U gelooft me vast niet, en ik zou het ook niet doen, maar het is toch echt waar: het was pas toen ik een week of vijf geleden een groep rondleidde door de Nineveh-expositie in het Rijksmuseum van Oudheden dat ik me realiseerde hoe koddig het eigenlijk was dat iemand met mijn voornaam probeert Nineveh onder de aandacht te brengen.

Het Bijbelboek Jona gaat over een profeet die er weinig zin in heeft in de hoofdstad van het Assyrische Rijk te gaan verkondigen dat die door God zal worden “omgekeerd”. Jona vlucht. Hij daalt af naar de kust en daalt in de haven af naar een schip. (In feite loop je natuurlijk over een loopplank het schip op, maar de schrijver speelt een spelletje.) Eenmaal op zee steekt een storm op, Jona legt uit dat dit is omdat hij Gods wil niet heeft uitgevoerd en de zeelieden werpen hem naar beneden, de zee in. Richting dodenrijk. De volgende neerwaartse beweging brengt de onwillige profeet in de maag van een grote vis.

Lees verder “Jona naar Nineveh”

Livius Nieuwsbrief | December 2017

Dit is de 147e aflevering van de Livius Nieuwsbrief met nieuws over de Oudheid. Bijna 6800 abonnees ontvangen de nieuwsbrief elke maand gratis; voor adreswijzigingen en afmeldingen volstaan uitsluitend mailtjes naar nieuwsbrief@livius.nl.

Jona Lendering (redactie)

======================================

LIVIUS’ EIGEN NIEUWS

Traditioneel vindt u hier een greep uit het Liviusaanbod. Voor het moment vragen we alleen uw aandacht voor de leuke reis naar Cyprus. De cursussen vindt u onderaan dit mailtje.

De val van Nineveh plus: welke talen spraken de mensen in de Oudheid in Nederland? (En in het verlengde daarvan: de boeken van Tony Riches.) In de reeks museumstukken: Taparet , de Leeuwenjacht van Assurbanipal en Aion.

Lees verder “Livius Nieuwsbrief | December 2017”

Vervalste Dode Zee-rol-fragmenten

Twee snippers van de Dode Zee-rollen met daarop de tekst van Prediker (Jordan Museum, Amman). Om misverstanden te vermijden: deze fragmenten zijn afkomstig uit een gecontroleerde opgraving en hebben wetenschappelijk wél betekenis.

Het is al honderd keer gezegd: oude teksten hebben dan en slechts dan wetenschappelijk belang als ze afkomstig zijn uit een gecontroleerde opgraving. Een vervalsing is immers niet in het lab te herkennen, zoals elke student leert in zijn eerste jaar en de rest van de mensheid weet sinds het schandaal van het Evangelie van de Vrouw van Jezus.

Hoe belangrijk het is ook naar dit simpele inzicht te handelen, blijkt uit de gang van zaken rond de Green Collection, die op grote schaal gestolen oudheden opkocht voor een Bijbelmuseum in Washington (dat overigens afgelopen maand open ging). De verzamelaars, een rijke Amerikaanse familie met een christelijke achtergrond, kregen de FBI achter zich aan en hebben inmiddels ingestemd met een schikking voor het door hen gepleegde culturele misdrijf. Over enkele stukken die door de handen van deze verzamelaars zijn gegaan, heerst echter nog altijd onduidelijkheid.

Lees verder “Vervalste Dode Zee-rol-fragmenten”

Kwakgeschiedenis: Daar is Colin Humphreys weer

Jozua op een gevelsteen bij het Joods Historisch Museum (Nieuwe Amstelstraat 32)

Ach ja, Colin Humphreys. Die wil zó graag dat de Bijbel letterlijk waar is. Kwam al eens op de proppen met een krankzinnige theorie over het Laatste Avondmaal, waarbij hij de informatie negeerde waarover de evangeliën het onderling eens zijn en waarbij hij datgene overnam waarover ze elkaar tegenspreken. Normaal gesproken lach je dat weg, en dat doet dan ook iedereen die ze allemaal op een rijtje heeft. Maar ja, Humphreys werkt aan een universiteit en dus is er altijd wel een of andere domme journalist die het toch gelooft. Zoals destijds Het Parool. Ik heb er hier over geschreven.

En nu heeft hij de theorie opgerakeld die Hezi Yitzhak c.s. eerder dit jaar naar buiten brachten over Jozua en de slag bij Gibeon. Dit keer is het de website Scientias die er met open ogen invloog. Omdat het gewoon een herhaling van zetten is van wat al in januari in het nieuws was, herhaal ik mijn stukje uit januari ook maar. Heb ik het ook eens gemakkelijk.

Lees verder “Kwakgeschiedenis: Daar is Colin Humphreys weer”

Nineveh, die grote stad

Stele van Sanherib uit Nineveh (Archeologisch museum, Istanbul)

Nineveh werd gesticht door de Assyrische koning die in onze taal Sanherib wordt genoemd, wat een weergave is van de Hebreeuwse versie van die naam. In het Engels wordt hij meestal Sennacherib genoemd, een vorm die teruggaat op de Griekse weergave van dezelfde naam. Beide geven hetzelfde Assyrisch woord weer, Sîn-aḫḫe-eriba, “de god Sin heeft de broers vervangen”. Anders gezegd: Sanheribs ouders, koning Sargon en koningin Atalia, hadden al minimaal twee zonen moeten begraven. Het herinnert ons aan de kindersterfte in voorindustriële samenlevingen.

Sanherib volgde zijn vader in 704 v.Chr. op en zette op sommige punten een heel ander beleid in. Zo gaf de nieuwe vorst de door Sargon gestichte hoofdstad Dur Šarrukin (Khorsabad) op en verplaatste hij de residentie naar Nineveh, waar hij het “paleis zonder gelijke” bouwde. Het was ruim twaalf hectare groot en had ruim tachtig vertrekken. De stèle hierboven, die ik fotografeerde in het fenomenale archeologische museum van Istanbul, beschrijft de stichting van de nieuwe hoofdstad.

Lees verder “Nineveh, die grote stad”

Nehemia

Geen enkele steen in Jeruzalem kan met zekerheid worden geïdentificeerd als onderdeel van de muur van Nehemia. In de oostelijke muur van het Tempelterras is echter een verschil aan te wijzen tussen herodiaans steenwerk (links van de rode pijl) en ouder steenwerk (rechts). Dit laatste lijkt op het Perzische steenwerk uit Sidon en Byblos. Het kan echter ook jonger zijn en dateren uit de hellenistische tijd.

Eerder dit jaar schreef ik een paar stukjes over Perzië in de Bijbel. Het eerste deel was hier. Ik heb één aspect laten liggen omdat ik er even wat literatuur op wilde naslaan: de rol van Nehemia, over wie ik schreef in het vierde deel van de reeks. Nehemia was werkzaam aan het hof van koning Artaxerxes I Makrocheir (r.465-424), die hem in zijn twintigste regeringsjaar (dus in 446 v.Chr.) naar Jeruzalem liet gaan om daar de stadsmuren te herbouwen.

Dat bracht Nehemia in conflict met Sanballat van Samaria, met Tobia van Ammon en een Arabier die Gesem wordt genoemd en die we ongetwijfeld moeten plaatsen in de wijde omgeving van Petra. Ook zou Nehemia maatregelen hebben genomen om de stad opnieuw te bevolken en dwong hij naleving af van de Wet van Mozes. Schuldendelging was één van de maatregelen en een huwelijkspolitiek was een andere: de bewoners van Jeruzalem kregen opdracht om, als ze als jood erkend wilden blijven worden, alleen met joden te trouwen. Sommige huwelijken lijken inderdaad ten einde te zijn gekomen.

Lees verder “Nehemia”