Exorcisme

Genezing van een blinde (Catacombe van Petrus en Marcellus, Rome)

Ooit dineerde ik in Griekenland bij een familie thuis en toen het tijd werd af te ruimen, nam ik het tafellaken om het vanaf het balkon uit te kloppen. Mijn gastvrouw kwam ietwat lacherig op me af: “Dat hoeft niet, kruimels in de tuin trekken boze geesten aan”. Het was mijn eerste kennismaking met het Mediterrane volksgeloof in geesten. Een geloof dat ook in de oude wereld is gedocumenteerd. Bisschop Synesios van Kyrene, een heel geleerd en rationeel man, was er zeker van dat een moordenaar zich het beste kon aangeven om zich te laten executeren, opdat zijn geest niet zou blijven rondspoken. Ik neem zonder bewijs aan dat het geloof in geesten sinds de Oudheid via de Middeleeuwen en Nieuwe Tijd continu aanwezig is geweest.

Alledaags antiek exorcisme

Dat ook Jezus boze geesten uitdreef, lijkt me een feit. Wat daarbij de empirische werkelijkheid is geweest, is niet belangrijk. Ik wil u best wel trakteren op wat obligaat gegemeenplaats over dat geesten niet bestaan en dat mensen met een geestelijke ziekte wellicht rust vonden bij Jezus’ charismatische persoonlijkheid, en wie weet is dat waar, maar aangezien de betrokkenen al een millennium of twee dood zijn, is het opstellen van een medische status nogal lastig. Ik laat die vraag, even onbeantwoordbaar als oninteressant, verder onbesproken. Wat te weten valt, is alleen dat zijn tijdgenoten dachten dat Jezus geesten kon uitdrijven.

Lees verder “Exorcisme”

De Syro-Fenicische vrouw

Maaltijd met hond (Nationaal Museum van Bosnië, Sarajevo)

Iedereen wel eens een antieke bron leest, ontwikkelt voorkeuren. Sommige auteurs blijven je boeien, sommige verhalen blijven je intrigeren. Zoals deze passage uit het Evangelie van Marcus 7.24-30 (NBV21).

Exorcisme

Jezus vertrok naar de omgeving van Tyrus. Daar nam hij zijn intrek in een huis, en hoewel hij niet wilde dat iemand dat te weten zou komen, lukte het hem niet onopgemerkt te blijven. Integendeel, er kwam al meteen een vrouw die over hem gehoord had naar hem toe, en zij viel voor zijn voeten neer. Ze had een dochter die door een onreine geest bezeten was. Deze vrouw was van Syro-Fenicische afkomst en geen Jodin; ze smeekte hem om bij haar dochter de demon uit te drijven. Hij zei tegen haar: “Eerst moeten de kinderen genoeg te eten krijgen; het is niet goed om het brood voor de kinderen aan de honden te voeren.”

De vrouw antwoordde: “Heer, de honden onder de tafel eten toch de kruimels op die de kinderen laten vallen.”

Hij zei tegen haar: “Omdat u dit zegt … Ga naar huis, de demon heeft uw dochter al verlaten.”

En toen ze thuiskwam, lag haar kind op bed en bleek de demon verdwenen te zijn.

Lees verder “De Syro-Fenicische vrouw”

MoM | Het criterium van de gêne

Kleio, de beschermgodin van de historische wetenschappen, op een mooi mozaïek uit Jerash (Altes Museum, Berlijn).

De geschreven informatie uit de oude wereld is altijd te fragmentarisch, veel te fragmentarisch. De voornaamste reden is dat de mensen destijds niet schreven voor ons. Ze schreven nooit op wat ze vanzelfsprekend vonden. Een tweede reden waarom onze informatie zo fragmentarisch is, is dat zo veel geschreven teksten verloren zijn gegaan. Wat hadden we graag naast Plato’s woorden over Sokrates ook het rapport van de beul gelezen!

De koning als alcoholist

Omdat de informatie zo fragmentarisch is, is het moeilijk die te beoordelen. Gelukkig zijn er wat vuistregels, zoals het “criterium van de gêne”. Als een antieke auteur laat merken zich ongemakkelijk bij bepaalde informatie te voelen, is aannemelijk dat het iets is dat hij niet negeren kon. Dat wekt de indruk dat het betrouwbaar is. Een simpel voorbeeld: een van de biografen van Alexander de Grote, Aristoboulos, oordeelde dat de koning zo veel dronk omdat hij graag bij zijn vrienden was. Dat suggereert vrij sterk dat Alexander dronk als een tempelier.

Lees verder “MoM | Het criterium van de gêne”