Begraven in een pot

Watervaten in Knossos (© Wikimedia Commons | Gebruiker Moonik)

Begraven in een pot. De oude Chauken deden dat met honden. Het doet mij denken aan het eerste fantasieverhaal uit de archeologie dat ik tegenkwam. In 1983 op Kreta. Natuurlijk bezocht ik het door Evans opgegraven ‘paleis’ van Knossos. Ik werd langs de ‘troon’ van de koning gevoerd, door de ‘badkamer’ van de koningin en langs de grote ‘voorraadvaten’, die onder een afdakje waren opgesteld, zodat je ze eerst naar voren moest kantelen om er wat uit te halen.

Om de dreigende verveling aan het strand te bestrijden kocht ik een boekje The Secret of Crete, geschreven door de Duitse geoloog H.G. Wunderlich. Hij was ook door ‘Knossos’ geleid en hem was opgevallen dat de trappen van de lichtst denkbare marmersoort waren gemaakt en niettemin vrijwel niet waren uitgesleten. Dat was toch merkwaardig in zo’n drukbezocht paleis van weleer.

Lees verder “Begraven in een pot”

De Trojaanse Oorlog (3)

Mykeense dolk met fotograaf (Nationaal Archeologisch Museum, Athene)
Mykeense dolk met fotograaf (Nationaal Archeologisch Museum, Athene)

[Dit kerstweekend blog ik over de Trojaanse Oorlog. De legendarische expeditie van een coalitie van Griekse krijgers die ergens in de dertiende eeuw v.Chr. de stad Troje innamen vormt een romantisch verhaal en het onderzoek brengt diverse subdisciplines samen: klassieke talen, oude geschiedenis, archeologie, hittitologie. Allemaal redenen om u dit kerstweekend te trakteren op een longread. Het eerste deel vindt u hier.]

Aan het begin van de twintigste eeuw ontdekte de Britse archeoloog Arthur Evans op Kreta het verband tussen het oude Nabije Oosten en Mykeens Griekenland. Het paleis van Knossos dat hij opgroef, leek in weinig op de Mykeense burchten, al was het ruwweg even oud. Het leek weer wél op de paleizen die waren gevonden in de Oriënt. Ook groef Evans kleitabletten op, het oosterse schrijfmateriaal bij uitstek.

Het bleek te gaan om twee soorten schrift, zakelijk aangeduid als Lineair-A en Lineair-B. Ik heb er al eens over geblogd. Aangezien er geen “twee-schriftige” teksten werden gevonden die in zowel zo’n lineair schrift als in een al ontcijferd schrift waren geschreven, bleven de nieuw ontdekte teksten onvertaalbaar. Het raadsel werd niet opgelost toen Carl Blegen, de man die (zoals we al zagen) in Troje had gegraven, in 1939 meer Lineair-B-inscripties vond, dit keer in Pylos op de Peloponnesos.

Lees verder “De Trojaanse Oorlog (3)”