Lafheid

Ik heb een slaapstoornis die bekendstaat als Delayed Sleep Phase Syndrome. Zeg maar dat ik een extreem nachtmens ben. Met een geestverwant maak ik weleens grappen dat we eigenlijk Ieren zijn, maar geboren in een Nederlands lichaam. Ongeveer zoals Arjan Ederveen ooit een sketch had over een Afrikaan die gevangen zat in het lichaam van een Drentse boer. Een grapje. Maar het zal je maar eens echt gebeuren, dat je lichaam niet is wie je denkt of voelt te zijn. Dat je een man bent in een vrouwenlichaam of andersom.

Als buitenstaander is mijn allereerste reactie dan vooral een nieuwsgierige: hoe ontstaat die ervaring? Voor wie het meemaakt, is die nieuwsgierigheid pas iets dat later komt: je zit gevangen. Ik ken twee mensen die daarom een geslachtsveranderingsoperatie hebben ondergaan. Beide begrijpen dat anderen niet meteen – sterker nog: nooit – zullen navoelen wat zij ervaren. Ze snappen ook dat er weleens een grap wordt gemaakt. Maar ze hopen vooral op wat sympathie.

Lees verder “Lafheid” →

Bij ons in het dorp (7)

Bewegende reclame

Ik ben ook maar een man. Als ik een schaars geklede vrouw zie, ben ik even afgeleid. Eén tel, misschien twee. Dat ik de enige niet ben, moge blijken uit het feit dat reclamemakers al sinds mensenheugenis suggestieve foto’s benutten om de aandacht te vestigen op hun producten. En het werkt. In elk geval trok de bovenstaande advertentie mijn aandacht lang genoeg om een seconde afgeleid te zijn. Toen ik had geconcludeerd dat ik de vrouw saai vond, lette ik weer op het verkeer rondom me.

O ja. Het was druk op deze kruising.

Tot zover de anekdotiek. Als je je aandacht er wél bij kunt houden, is het verkeer in Amsterdam al ingewikkeld genoeg. Het laatste wat we nodig hebben, is afleiding. Idealiter staat er geen reclame langs te drukke wegen. En zeker geen bewegende reclame, zoals in de lichtkast hierboven.

Lees verder “Bij ons in het dorp (7)” →

De Constantijnmeteoor

meteoor

Zoals de trouwe lezers van deze blog weten, verschijnt in april een boek van mijn hand over het visioen waarmee de weg van keizer Constantijn de Grote richting christendom begon. Vincent Hunink heeft de oudste tekst over die gebeurtenis, een redevoering uit het jaar 310, voor de gelegenheid vertaald. Ik neuzel nog wat om die vertaling heen en ik meende, naïef als ik ben, dat dit een onderwerp was waarbij ik me zou kunnen concentreren op datgene waarover u wil lezen.

Helaas is dat niet het geval. Iedereen vindt de Oudheid namelijk interessant en dat betekent dat er vrijwel geen onderwerp is waarover geen onzintheorie de ronde doet. En jawel, ook over het visioen van Constantijn is een onzintheorie: Constantijn heeft een meteoor zien neerkomen.

Eh?

Lees verder “De Constantijnmeteoor” →

Toptitels

Stel, je zit in een café waar alle gasten over alles hetzelfde zouden denken. Dan zou de conversatie snel ten einde zijn. Er zouden nooit kroegruzies ontstaan, maar meer voordelen kan ik zo snel niet bedenken. Als er geen verschillende visies, geen verschillende interesses, geen verschillende vooronderstellingen zijn, is er geen uitwisseling van ideeën en is een café eigenlijk nogal saai.

Zo zie ik het ook met onze cultuur. Als iedereen dezelfde belangstelling zou hebben, is de lol er snel vanaf. Hoe meer meningen en ideeën, hoe rijker een cultuur. Helaas heeft niet iedereen daar belang bij. Ik heb het eerder opgemerkt (en in die zin is dit stukje evenmin een bijdrage aan de variatie) maar de grootste vijand van een gevarieerd cultureel leven is een sinister en sluw sujet: uw boekhandelaar.

Lees verder “Toptitels” →

De roe

Willem Frederik Hermans in Amsterdam

Voor wie het mocht zijn vergeten: Willem Frederik Hermans was de belangrijkste Nederlandse schrijver uit de pakweg dertig jaar na de Tweede Wereldoorlog. Helaas heeft hij in zijn geboortestad Amsterdam nooit het respect gekregen dat hij verdiende. Omdat hij in de Apartheidjaren lezingen had verzorgd in Zuid-Afrika, verklaarde de gemeenteraad hem persona non grata. Ik meen me te herinneren dat er zelfs een voorstel heeft gelegen zijn boeken ook maar uit de openbare bibliotheken te halen.

Daar bleef het niet bij. Ik woon een paar blokken van de school waar Hermans ooit heeft leren lezen en schrijven en waar het “Manuscript in een kliniek gevonden” zich afspeelt. Die school is er nog altijd en om zout in de wonde te strooien heeft de gemeente die in haar oneindige sadisme vernoemd naar Annie M.G. Schmidt. Als Amsterdammer schaam ik me dood.

Lees verder “De roe” →

Een zegel uit Pylos

Zegel uit Pylos (foto © Jeff Vanderpool/University of Cincinnati)

Als iets te mooi is om waar te zijn, is het meestal niet waar. En simpele aforismen om informatie terzijde te schuiven, zoals in de vorige volzin, zijn meestal te simpel. Een voorbeeld is de bovenstaande gem: een gesneden steen die gebruikt werd als zegel. Gevonden in Pylos in het graf van iemand die rond 1450 v.Chr. moet zijn overleden.

U leest hier en daar waarom dit te mooi is om waar te zijn. Het lijkt eigenlijk wat te gedetailleerd om met vijftiende-eeuwse technieken te zijn gemaakt. Misschien, zo oppert een van de betrokkenen, had de maker een oogafwijking waardoor hij op korte afstand scherper zag dan andere mensen. Je zou ook kunnen overwegen dat het voorwerp een vervalsing is, ware het niet dat het afkomstig is uit een gecontroleerde opgraving.

Lees verder “Een zegel uit Pylos” →

De wikipedisering van het erfgoed

Jan van Goyen, De Waal bij Nijmegen (met kasteel)

Zomaar twee dingen die op het oog niets met elkaar hebben te maken. Eén: in Nijmegen bestaan plannen om de donjon te herbouwen van het kasteel dat ooit op het Valkhof heeft gestaan. Twee: er is geprotesteerd tegen het standbeeld van Jan Pieterszoon Coen in Hoorn, omdat die een vertegenwoordiger is van het Nederlandse kolonialisme.

Beide kwesties speelden betrekkelijk kort geleden en over beide horen we niet voor het eerst. Bij het Hoornse standbeeld staat al een paar jaar een bord met de tekst dat de waarden van Coen niet die zijn van onze eigen tijd en zolang ik me kan herinneren zijn er Nijmegenaren geweest die een kasteel willen hebben. De een wil een monument weg hebben, de ander wil een monument erbij hebben, en allebei vertegenwoordigen ze iets dat ik zou willen aanduiden als de Wikipedisering van het verleden.

Lees verder “De wikipedisering van het erfgoed” →

Kwakgeschiedenis: Daar is Colin Humphreys weer

Jozua op een gevelsteen bij het Joods Historisch Museum (Nieuwe Amstelstraat 32)

Ach ja, Colin Humphreys. Die wil zó graag dat de Bijbel letterlijk waar is. Kwam al eens op de proppen met een krankzinnige theorie over het Laatste Avondmaal, waarbij hij de informatie negeerde waarover de evangeliën het onderling eens zijn en waarbij hij datgene overnam waarover ze elkaar tegenspreken. Normaal gesproken lach je dat weg, en dat doet dan ook iedereen die ze allemaal op een rijtje heeft. Maar ja, Humphreys werkt aan een universiteit en dus is er altijd wel een of andere domme journalist die het toch gelooft. Zoals destijds Het Parool. Ik heb er hier over geschreven.

En nu heeft hij de theorie opgerakeld die Hezi Yitzhak c.s. eerder dit jaar naar buiten brachten over Jozua en de slag bij Gibeon. Dit keer is het de website Scientias die er met open ogen invloog. Omdat het gewoon een herhaling van zetten is van wat al in januari in het nieuws was, herhaal ik mijn stukje uit januari ook maar. Heb ik het ook eens gemakkelijk.

Lees verder “Kwakgeschiedenis: Daar is Colin Humphreys weer” →

Uitgeput, volstrekt uitgeput

Ik werd vanmorgen om zes uur gewekt. Onbestemde geluiden in de achtertuin. Het geluid hield later op, maar ik was klaarwakker. Nog even blijven liggen, maar de slaap kwam niet meer: even later begonnen bouwvakkers te werken met schaafmachines.

Wat een mooie dag beloofde te worden, was zo in één klap naar de gallemiezen. Als ik niet voldoende heb geslapen, sta ik uitgeput op. Ik zal de hele verdere dag geen energie meer hebben. De belangrijke afspraak die ik had met mijn moeder, heb ik uitgesteld, om de doodeenvoudige reden dat ik niet ook nog ruim een uur in de trein kan zitten. “Uitgeput” en “geen energie” drukken niet precies uit hoe leeg ik vandaag ben.

U zou kunnen zeggen dat dit niet normaal is. En dan geef ik u gelijk. U zou ook kunnen zeggen dat ik eens met een dokter moet gaan praten. En ook dan geef ik u gelijk: het is het besluit dat ik vandaag heb genomen. U zou bovendien kunnen zeggen dat ik me aanstel en dan geef ik u geen gelijk. Het probleem is reëel.

Het heeft overigens niets te maken met decibellen. Zó luid zijn schaaf-, boor- en vlakschuurmachines op vijftien of twintig meter niet, althans als je je ramen sluit en oordoppen in doet. Dat geldt trouwens ook voor die andere bron van ergernis: de gesprekken die me in de trein lam slaan, zijn op zich niet bijzonder luid.

Lees verder “Uitgeput, volstrekt uitgeput” →

Via Horta

Een paar jaar geleden heeft de gemeente Houten een stadswijk aangelegd met de naam Castellum, wat Latijn is voor kasteeltje. Met deze naam wordt een verband gelegd met de Romeinse aanwezigheid in dit gebied. Leuk is dat de wijk ook de vorm heeft van een kasteel. Toevallig kwam ik er onlangs doorheen fietsen en het zag er best aardig uit. Houten is sowieso prettig aangelegd.

Ik kreeg echter koude rillingen van de straatnamen. Zoals in wel meer steden gebeurt, zijn in Houten de diverse stadswijken herkenbaar aan een eigen type straatnaam. Ten noorden van Castellum eindigen alle namen op -spoor (“Hollandsspoor”, “Mijnspoor”), ten noordwesten op -bouw (“Landbouw”, “Tuinbouw”). In Castellum kozen de naamgevers voor poorten, grachten, tempels en straten, wat werd gecombineerd met woorden voor Romeinse dingen, zoals toga en tunica. Als ze nou gewoon hadden gekozen voor een Togapoort of Tunicastraat, was er niets aan de hand geweest. De vier achtervoegsels zijn echter gelatiniseerd (Porta, Fossa, Cella en Via) en het probleem is dat het geen Latijn is wat zo ontstaat. Het is zoiets als “allez votre corridor”: elk woord is weliswaar Frans, maar dat maakt het nog geen Franse zin.

Lees verder “Via Horta” →