De mythe van Adonis

De bron van de rivier de Adonis

Hoewel uitgeverij Athenaeum in de jaren negentig heeft geprobeerd de Grieks-Romeinse auteur Lucianus van Samosata (ca.125 – ca.180) onder de aandacht van het grote publiek te brengen, is zijn oeuvre nooit echt aangeslagen. En dat is jammer, want het is een grappige auteur met een brede belangstelling. Wie De ontmaskering van de charlatans nog kan bemachtigen, zal meer dan eens bulderen van de lach om de manier waarop Lucianus afrekent met religieuze oplichters. Of beter: wat hij beschouwt als oplichters. Die nuance doet echter niet af aan ons leesplezier.

In De Syrische godin is Lucianus serieuzer van toon. Hij verkent de religie van de Levant, die hem vreemd is, maar die hemt desondanks (of juist daarom) fascineert. In mijn onlangs begonnen reeks blogjes met vertaalde teksten over Libanon, mag de volgende beschrijving van de eredienst in Byblos niet ontbreken – en eerlijk gezegd vraag ik me af waarom ik dit verhaal pas nu online plaats.

Lees verder “De mythe van Adonis”

Het altaar van Machnaqa

Het altaar in Machnaqa

Machnaqa – je spreekt de /q/ in het Libanees niet uit – is een klein dorp op de westelijke hellingen van het Libanongebergte, halverwege de aloude heilige stad Byblos en de bronnen van de Adonisrivier bij Afqa. Pelgrims die de rivier volgden, passeerden Machnaqa. Er staat nog altijd een oud altaar, waarbij u eigenlijk moet denken aan een lage toren. Zie boven. Altaren als deze stonden vaak op bergtoppen en dat is ook hier het geval. De vakterm is “high place of worship”.

Zoals andere cultusplaatsen was ook Machnaqa omgeven door een grote, rechthoekige omheining (de “temenos”, om nog een jargonterm te gebruiken). We weten niet welke godheid hier vereerd is geweest, maar de grote omvang van de omheining suggereert dat er veel bezoekers konden zijn. Dat suggereert een zekere populariteit. Adonis is een plausibele kandidaat, want die werd zowel in Byblos als Afqa vereerd en de naam Machnaqa betekent zoiets als “plaats van rouw”, wat past bij de mythe over de gestorven en herlevende godheid.

Lees verder “Het altaar van Machnaqa”

Byblos’ pelgrimsweg naar Afqa

De Romeinse weg door de Jabal Moussa

Ik heb geen idee hoeveel pelgrims in de Romeinse tijd Byblos bezochten om de Dame van Byblos en Adonis te vereren. Ik heb nog minder idee van het aantal dat verder reisde de bergen in, maar het was voldoende om een weg voor ze aan te leggen. Een deel daarvan is nog te zien in het natuurreservaat dat bekendstaat als Jabal Moussa, de Mozesberg. Nog wat verderop was bij het huidige Afqa de bron van de rivier de Adonis, waarover we al eens een filmpje toonden.

Lees verder “Byblos’ pelgrimsweg naar Afqa”

De heilige weg naar Byblos

De “colonnaded street” naar Byblos

Wie van Beiroet naar Jbeil komt, zal vermoedelijk parkeren op een een paar jaar geleden aangelegd terreintje met een modern trappenhuis, en dan verder wandelen richting Kruisvaarderskasteel. Het pad naar de oude stad bestaat uit een lang, smal parkje met links en rechts wat pilaren.

Er is ook Romeins plaveisel te zien. Misschien hebt u het ook wel eens ergens anders gezien en dan weet u dat er altijd enorme geulen in te zien zijn, uitgesleten door karrenwielen die hier tientallen jaren lang elke dag overheen zijn gekomen. Gek genoeg ontbreken ze in Byblos en dat bewijst dat deze weg alleen door voetgangers is gebruikt. Het was de processieweg naar de heiligdommen van Adonis en de Dame van Byblos.

Lees verder “De heilige weg naar Byblos”

De haven van Byblos

Links de dichtsgeslibde zuidelijk haven van Byblos

De trouwe lezers van deze blog weten het: medio oktober begint in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden een expositie over Byblos en met David Kertai maakte ik het publieksboek. Byblos is interessant omdat het feitelijk de eerste wereldhaven is. Dankzij de rivier de Adonis, waarover ik afgelopen maandag blogde, was het eenvoudig cederhout uit de Libanonbergen naar de Levantijnse Zee-kust te brengen. Overigens is “eenvoudig” hier zéér relatief. Bijlen waren in de Bronstijd vrij klein. Bovendien voert ook een Adonis nog niet zo simpel boomstammen met zich mee.

Dat gezegd zijnde: Byblos exporteerde het hout naar Egypte en groeide uit tot een internationale haven. Maar waar legden de schepen aan? Even een kengetal: een zeevarend schip was al gauw een meter of veertig lang. De boot die is opgegraven bij de piramide van Khufu meet 43½ meter. Het Egyptische Verhaal van de Schipbreukeling noemt schepen met een lengte tussen de 54 en 63 meter.

Lees verder “De haven van Byblos”

Adonis: mythe en rivier

De waterval bij Afqa, bron van de rivier de Adonis.

We moeten het eens over Adonis hebben. Maar u weet het: oudheidkundigen hebben altijd te weinig informatie. Dataschaarste is wat de oudheidkunde onderscheidt van andere wetenschappen. Leren denken over wat je weten kunt als je te weinig gegevens hebt, is de voornaamste vaardigheid die het vak biedt. En vaak weet de oudheidkundige helemaal niets. Of bijna niets.

Romeinse mythe

Zoals bij de mythe van Adonis. De naam is onmiskenbaar Semitisch – Adon betekent zoiets als “heer” – maar over de oudste, Fenicische mythe valt weinig te weten. We moeten tot de Romeinse tijd wachten eer we een bron hebben. Dat is de dichter Ovidius, die leefde aan het begin van onze jaartelling. In zijn Metamorfosen vertelt hij dat Adonis een knappe jager was die de aandacht trok van de godin Venus. Tot haar verdriet doodde een everzwijn haar minnaar, uit wiens bloed de anemoon was ontstaan.

Lees verder “Adonis: mythe en rivier”

Libanees dagboek: Adonis achterna

Nahr Ibrahim

Elke oudheidkundige weet het: ’s werelds eerste ingenieurs waren ezels. Toen de Romeinen wegen door de bergen aanlegden, waren ze slim genoeg om de routes te volgen die ezels al eeuwen gebruikten. We volgden er zaterdag een paar in het natuurpark Jabal Moussa. Hier wilden we een Romeinse weg en een paar Romeinse inscripties zien, waarover ik zondagmorgen zal bloggen. Het is allemaal gelukt en we kregen er de net bloeiende pioenrozen bij, maar ik moet u bekennen dat ik de bergwandeling zwaar vond.

Adonis

Indrukwekkend was het wel: het landschap was prachtig en het heeft iets te lopen over een oeroude Romeinse bedevaartsweg. In de Romeinse tijd stonden in Byblos namelijk de heiligdommen van Adonis en Afrodite, terwijl Adonis ook werd vereerd bij de bron van de naar hem vernoemde rivier. De antieke Adonis heet tegenwoordig overigens Nahr Ibrahim. In het stroomgebied van de rivier waren overal heiligdommen gewijd aan dit koppel en we mogen ons voorstellen dat mensen van Byblos naar de bron wandelden en terug.

Lees verder “Libanees dagboek: Adonis achterna”

Libanees dagboek: Byblos

De antieke haven van Byblos, of beter, het gebied er vlak voor. De eigenlijke aanlegplaats lag rechts maar is verzand.

De tweede dag in Libanon volgde op de tweede nacht in dat land – en wat heb ik slecht geslapen. De oorzaak daarvan was de generator naast onze kamer. Slecht uitgerust begonnen we aan de dag, maar dat mocht de pret niet drukken van het weerzien met Françoise en Elie, over wie ik al eens eerder heb geschreven. Er viel een hoop bij te praten. De rit naar Jbeil, het antieke Byblos, vloog voorbij.

Byblos

Waarom Byblos? Ik schreef al dat het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden een expositie over de antieke havenstad organiseert. Er waren al eerder exposities over bijvoorbeeld Petra, Karthago en Nineveh. Je zou Dorestad, dat onderdeel is van de vaste collectie, kunnen toevoegen aan dit rijtje. Byblos illustreert hierbij hoe lastig het concept stad is, want het gaat om een haven met tempels en een paleis. We kennen ook de koninklijke graven en de graven van de aristocratische families. De huizen van de gewone mensen zijn echter slecht bekend, terwijl er vissers, boeren, houthakkers en stuwadoors moeten zijn geweest.

Lees verder “Libanees dagboek: Byblos”

De vuurtoren van Byblos

De torentempel van Byblos

Byblos is een havenstad in Libanon. En niet zomaar een havenstad. Achter de stad begint het Libanongebergte, beroemd om de cederbomen. Het hout was geliefde koopwaar want het is relatief licht en krimpt of rot nauwelijks. Dat maakt het eenvoudig te bewerken. Elke sigarenroker weet dat het stukje cederhout waarmee je een sigaar aansteekt, heerlijk ruikt. Tot slot: de stammen zijn dertig meter lang, recht en sterk, wat ze ideaal maakt om enorme balken, masten en kielen van te produceren. Het enige nadeel is dat je zo’n boom, eenmaal gekapt, zo heel mogelijk in een haven moet zien krijgen. Laat er bij Byblos nou net een fijn riviertje zijn, de Wadi Ibrahim, ooit bekend als de Adonis.

Doordat Byblos van alle Levantijnse havens het gunstigste lag voor de export van cederhout, was het al rond 3000 v.Chr. een belangrijk centrum voor de internationale handel. Grote schepen – in Egypte aangeduid als ‘Byblosschepen’ – vervoerden behalve hout ook hars, olie en andere waardevolle producten. Een monumentale muur, tempels en een paleis maakten de bezoekers duidelijk dat Byblos een belangrijke stad was.

Lees verder “De vuurtoren van Byblos”