Zosimos’ staatsleer

De oude goden waren voor Zosimos reëel (detail van de Elgin Marbles, British Museum)

Ik heb op deze plek al eens eerder verteld over Zosimos, de Byzantijnse auteur die in feite de eerste historicus is geweest van de Val van het Romeinse Rijk. Aan het begin van de zesde eeuw beschreef hij hoe het wereldrijk werd bedreigd, hoe de bestuurders – de keizers Constantijn en Theodosius voorop – fout op fout stapelden en zo vrij baan gaven aan de barbaren.

Barbaren die eigenlijk zo heel barbaars niet waren. Een Alaric, die in 410 Rome belegerde, wilde vrede en bood alleszins redelijke voorwaarden aan de stad die hij blokkeerde, maar de burgers wezen die af. Als ze hun eed nooit te capituleren nou bij de goden hadden afgelegd, zeiden ze, hadden ze mogen rekenen op de goddelijke mildheid, maar ze hadden gezworen bij de keizer en dat was natuurlijk iets anders. Door dit antwoord werd de plundering van Rome onafwendbaar en voor Zosimos was dit het beste bewijs dat wie de oude goden verliet, alleen kon afstevenen op het allerergste.

Lees verder “Zosimos’ staatsleer”

Wat zijn heidenen?

Apollo, Minerva en Mercurius: vierde-eeuws reliëf uit Lauterbourg (Straatsburg, Palais Rohan)

Als het goed is, is vandaag Het visioen van Constantijn in de boekhandels aangekomen, het boek dat ik maakte met Vincent Hunink en dat gaat over de vraag hoe een heidens visioen kon veranderen in een christelijke legende. U bestelt het hier (levert landelijk) of bij uw plaatselijke boekhandel en hieronder hebt u een stukje uit de inleiding.

***

De bekering van Constantijn betekende – wat er ook gebeurd moge zijn – het einde van het heidendom. Maar wie waren die heidenen eigenlijk? Het begrip komt uit de joods-christelijke wereld, waarin alle niet-medegelovigen over één kam werden geschoren, hoewel de niet-joden en niet-christenen zichzelf nooit definieerden als heidenen.

Ze vereerden de goden van hun eigen stad en van de Romeinse staat. Ook betoonden ze eer aan de keizer. Sommige volken hadden eigen godheden – zo hadden de Egyptenaren hun Isis, de Galliërs hun Grannus en de Bataven hun Magusanus – en daarnaast hadden bepaalde beroepsgroepen eigen culten. Over dit bonte geheel werd verschillend gedacht, maar niemand noemde zichzelf heiden. In Het visioen van Constantijn gebruiken we het woord alleen omdat het nu eenmaal ingeburgerd is. Dat bewijst overigens eens te meer in welke mate het in de vierde eeuw doorgebroken christendom het latere denken blijft beïnvloeden.

Lees verder “Wat zijn heidenen?”

Onbegrijpelijk glas

cenchreai_glass_mosaic_mus_isthmia4
Glasmozaïek uit Kenchreai (museum van Isthmia)

In het museum van Isthmia fotografeerde ik het bovenstaande mozaïek, dat is opgegraven in Kenchreai, de noordelijke haven van Korinthe. Het leuke is dat het volledig is gemaakt van glas. Mozaïeken van steentjes waren in Griekenland bekend sinds de vijfde eeuw v.Chr., glas was al eeuwen bekend, en mozaïekleggers gebruikten al stukjes gekleurd glas om kleuren te krijgen die ze niet konden krijgen door steentjes te leggen, zoals purper en turquoise. Dat je ook grote stukken glas op maat kon snijden en bij het inlegwerk kon gebruiken, moet echter iets nieuws zijn geweest toen rond 500 n.Chr. iemand het bovenstaande maakte.

Althans, dat vermoed ik. Ik ken namelijk geen oudere voorbeelden. Je moet echter voorzichtig zijn als je enige argument is gelegen in de afwezigheid van andere voorbeelden. Maar wanneer de methode ook ontwikkeld zij, het mozaïek dateert van rond 500.

Lees verder “Onbegrijpelijk glas”