Eise Eisinga (4)

Het Planetarium van Eise Eisinga

[Laatste deel van Truus Pinksters beschouwing over Sandra Langereis’ boek Machineman. De tijden van Eise Eisinga (2024). Het eerste deel was hier.]

Maar in de herfst van 1802 kwam aan al deze democratische ontwikkelingen plompverloren een einde: op bevel van consul Napoleon werd in Nederland de klok geheel teruggedraaid: de in 1795 naar huis gestuurde jonkers konden de oude oligarchie overal ongehinderd in ere herstellen.

Eise probeert zich dan, natuurlijk gedesillusioneerd, maar ondanks alles toch energiek nuttig te maken in de moeilijke wereld van de politiek. Hij keert terug naar het bestuur van zijn woonplaats Franeker. Nu niet gekozen, maar van hogerhand benoemd.

Lees verder “Eise Eisinga (4)”

Hunebed van de dag: D45 (Emmerdennen)

Hunebed D45 bij Emmen (Emmerdennen)

Voor het op drie na zuidelijkste hunebed in Nederland, hunebed D45, zijn we weer in Emmen. Dit is echt de hunebeddenhoofdstad van ons land, want je kunt hier twaalf trechterbekergraven zien: beginnend bij D47 en D46 in een oostelijke nieuwbouwwijk, fiets je naar D45 (waarover zo meteen meer), en dan verder naar het drietal D38-D39-D40 op het Emmerveld ten noorden van de stad, waarna je over de grote weg teruggaat naar D41. Hier ga je de es op, heen en weer naar D42, waarna je terugkeert en je weg zuidwaarts vervolgt naar het langgraf D43. Neem dan, even na de grote kruising, de Westenescherstraat en je komt bij het kleine D44, om te eindigen bij D51 en D50. Daarvandaan kun je nog naar de Papeloze Kerk D49, maar je kunt ook naar Emmen terugfietsen, een hotel nemen en de volgende dag naar de dierentuin gaan.

Hunebed D45 is een van de interessantere. Het is om te beginnen flink groot: 18½ meter lang en 4½ meter breed. De kransstenen zijn er nog. Maar het is vooral de plaats die het bijzonder maakt. Hunebedden.nl legt uit:

Lees verder “Hunebed van de dag: D45 (Emmerdennen)”

Hunebed van de dag: D27 (Borger)

Hunebed D27 naast het Hunebedcentrum in Borger

Het is niet vreemd dat hunebed D27 weleens aangeduid is geweest als “de onbesuisde steenhoop”. Het op vijfentwintig na zuidelijkste hunebed in Nederland heeft namelijk een lengte van 22½ meter en een breedte van ruim vier meter. Dat maakt het het het grootste hunebed in eigen land. Een van de dekstenen weegt twintig ton. De bouwers van de hunebedden waren voor geen kleintje vervaard maar dit moet ook voor hen een joekel zijn geweest. Lodewijk Napoleon, de eerste koning van Nederland, bracht in 1809 een bezoek aan dit monument.

De Groningse dichteres Titia Brongersma heeft het monument al in 1685 onderzocht. Na wat spitwerk vond ze mensenbotten. Daarover zouden we graag meer willen weten omdat skeletmateriaal in de Drentse bodem zeldzaam is. Later heeft Caspar Reuvens, als eerste directeur van het Rijksmuseum van Oudheden ook de eerste wetenschappelijke archeoloog van Nederland, er nog eens een blik op geworpen. Het schijnt vast te staan dat er nog in de Bronstijd crematies in dit hunebed zijn bijgezet, dus ik neem aan dat er op enig moment urnen zijn opgegraven. Ik heb echter niet kunnen achterhalen wanneer dat is geweest, al vermeldt Hunebedden.nl de vondst van nog meer menselijk botmateriaal.

Lees verder “Hunebed van de dag: D27 (Borger)”

Canon van Apeldoorn

Er schijnen twee levensfasen te zijn waarin mensen belangstelling hebben voor het verleden. De eerste is als we jong zijn, want dan zijn verhalen over vroeger vreemd en spannend. Vraag een achtjarige wat zijn/haar favoriete schoolvak is en het antwoord is geschiedenis. De tweede fase begint na je veertigste of vijftigste. Historici zeggen weleens dat dit is omdat mensen dan zelf een beetje geschiedenis beginnen te krijgen. De latere belangstelling is dan minder gericht op het vreemde en spannende, maar vloeit voort uit je herinnering. Dat dorp van toen, het is voorbij.

Dit was natuurlijk psychologie van de kouwe grond, maar het zou verklaren waarom ik pas de laatste jaren belangstelling krijg voor de geschiedenis van Apeldoorn, hoewel ik er toch ben opgegroeid en historicus ben geworden. Hoe dat ook zij: het kwam goed uit dat ik maandagmiddag, toen ik mijn krant ging kopen, bij de plaatselijke boekhandel Nawijn & Polak de Canon van Apeldoorn zag liggen, het net verschenen boek dat Sander Hurenkamp wijdde aan de geschiedenis van zijn geboorteplaats.

Lees verder “Canon van Apeldoorn”

Brief aan de Koning

Het Paleis op de Dam: het stadhuis van Amsterdam

Majesteit,

Vandaag bestaat Amsterdam 740 jaar. U bent genoeg historicus om te weten dat zo’n datum vaak wat gekunsteld is – uw eigen residentie vierde in 1998 een verzonnen 750-jarig bestaan – maar daarom gaat zo’n gebeurtenis nog niet onopgemerkt voorbij. De burgers van uw hoofdstad zullen vandaag wel iets van het jubileum meekrijgen.

U verkeert in de positie de dag onvergetelijk te kunnen maken. U hoeft slechts in het openbaar op te merken dat u het eens met uw ministers zult hebben over de teruggave van het Amsterdamse stadhuis aan de Amsterdammers. Daarna mag de overdracht nog duren tot uw hoofdstad 750 jaar oud is, maar u hebt zich met dit gebaar verzekerd van de blijvende sympathie van de Amsterdamse bevolking.

Lees verder “Brief aan de Koning”

Bilderdijk

Ik heb net De gefnuikte arend gelezen, de biografie van Willem Bilderdijk die Rick Honings en Peter van Zonneveld hebben geschreven. Het is een wat stroef boek, dat wel een beeld geeft van de mens Bilderdijk, maar waarin zijn ideeënwereld er wat bekaaid vanaf komt. Dat laatste is de opzet van de auteurs: ze zijn er niet op uit zijn intellectuele prestaties uit te meten maar willen het verhaal van zijn leven vertellen.

En dat doen ze, in groot detail, doorspekt met leuke citaten en strikt chronologisch. Na zijn moeizame jeugd, zijn succesvolle debuut als dichter en zijn studententijd komt het verhaal pas echt op gang als Bilderdijk werkzaam is als advocaat. Het is de patriottentijd, waarin de Verlichtingsideeën doorbraken en stadhouder Willem V terrein verloor, tot hij door de Pruisen werd hersteld. Bilderdijk bleef – en dat was ongebruikelijk voor iemand met zijn opleiding – een echte Oranjeklant, die de stadhouder volgde toen deze in Engeland in ballingschap ging.

Lees verder “Bilderdijk”