
[Laatste van een reeks blogjes over Constantijn de Grote (r.306-337). Het eerste was hier.]
Ik vertelde in een eerder blogje al dat bisschop Eusebios de feestrede hield bij Constantijns dertigste regeringsjubileum. De toen gehouden toespraak vormde een basis voor het Leven van Constantijn, dat Eusebios in 339 publiceerde. Op dat moment regeerden Constantijns zonen, wier bewind was begonnen met het opruimen van de nodige verwanten. Burgeroorlog hing in de lucht en het was geen uitgemaakte zaak dat de christenvervolgingen definitief behoorden tot het verleden. Het is tegen deze achtergrond dat Eusebios het Leven van Constantijn schreef en de titelheld neerzette als voorbeeld voor toekomstige machthebbers. Zolang zij christelijk bleven konden ze rekenen op goddelijke steun.
Dat de biografie gedeeltelijk teruggaat op een lofrede betekent dat Constantijn vooraf met de bisschop van Caesarea heeft gesproken, zoals hij ook de Redenaar van 310 instructies had gegeven. Eusebios vermeldt zo’n gesprek en het is aannemelijk dat wat de bisschop schreef, de goedkeuring van Constantijn zelf heeft gehad.









Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.