Traditionskern

Frankische mantelgesp (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

Ik ben al weken bezig met het lezen van de Getica van de Byzantijnse auteur Jordanes, een tekst over de geschiedenis van de Goten waarvan onlangs een mooie en goed ontvangen becommentarieerde vertaling is verschenen van de hand van de Gentse oudheidkundigen Peter Van Nuffelen en Lieve Van Hoof. Er is een hoop over te zeggen, zoals dat de tekst teruggaat op een ouder origineel. Of dat ze begint met verhalen over de vroege geschiedenis van de Goten, die ooit hadden gewoond op “Scandza”, een eiland tegenover de Weichsel, onder leiding van een koning Berig. Er volgen beschrijvingen van migraties naar en langs de Weichsel naar Skythië, waar ze leefden onder een koning Filimer, en vervolgens naar Mysië, Thracië en Dacië. Daarvandaan barstten de Visigoten en Ostrogoten later het Romeinse Rijk binnen.

Oorsprongsgeschiedenis

Dit is een oorsprongsgeschiedenis waarvan we er meer kennen. Een ander voorbeeld is de Geschiedenis van de Franken van Gregorius van Tours. En weer een ander voorbeeld is de Geschiedenis van de Langobarden van Paulus de Diaken. En of het nu gaat om Goten, Franken of Langobarden, ze bewegen allemaal van de randen van de aarde naar de Mediterrane wereld. We hebben diverse van zulke geschiedwerken en ze bevatten allemaal dezelfde curieuze mengeling van bijbelse geschiedenis, citaten uit Griekse en Romeinse auteurs, én eigen tradities van de volken.

Het is verleidelijk te denken dat die eigen tradities voldoende betrouwbaar zijn om aan te nemen dat de Gotische volken werkelijk uit Scandzia (ofwel Scandinavië) via noordelijk Polen richting Oekraïne zijn gemigreerd. Daar zijn ook wel wat archeologische aanwijzingen voor, maar evengoed heten de Goten in onze Romeinse bronnen aanvankelijk geen Goten maar Skythen of Geten – dit laatste was de naam van een Thracisch volk. De stammen die in de vierde eeuw op de Balkan opereren, staan bekend als  Thervingers en Greuthungers.

Flexibel en fluïde

De simpele waarheid is dat zo’n stam een flexibele en fluïde federatie was. Een charismatische leider, zoals de Fritigern die de slag bij Adrianopel won, kon mensen van velerlei herkomst verenigen, maar na de dood van zo’n man kon de coalitie even vrolijk weer uit elkaar vallen. In Fritigerns geval was de nieuwe leider Alaric, die niet alleen de leider was van zo’n federatie maar tevens een Romeinse generaal. Na enkele omzwervingen en leiderschapswisselingen vestigden de Visigoten zich in Castilië. In de loop der tijden was de samenstelling van de federatie veranderd: er waren mensen afgehaakt op de Balkan, in Italië, in Aquitanië, in Catalonië, en er waren in al die landen mensen bij gekomen, zoals weggelopen slaven en soldaten die een Alaric dienden omdat hij tevens Romeins generaal was.

Wat is, in deze context, een Goot, Frank of Langobard? De leiders van deze groepen hadden titels als “koning” en Romeinse magistratenfuncties, maar zouden wel gek zijn geweest als ze zich presenteerden als de leiders van alleen één stam. Ze hadden alle mensen nodig die onder hen dienden. Childeric en Clovis waren dus wel koningen, maar niet van de Franken. Pas vanaf de zesde eeuw worden de geschiedenissen geschreven die ik noemde: geschiedwerken waarin de bonte schare volgelingen met terugwerkende kracht wordt opgevat als Franken, als Goten, als Langobarden. Als etnische eenheden zijn dit dus laatantieke terugprojecties.

Traditionskern

Dat doet ons twijfelen aan de verhalen over de oertijd. Misschien zijn die volkomen fictief. Misschien is dat echter ook wat overdreven. Op dit punt is het begrip Traditionskern relevant.

Het komt erop neer dat elk van de federaties – het kan ook gaan over de Hunnen of de Avaren of de Mongolen of whatever – een klein en liefst stabiel centrum had van mensen die erkend werden als de kern van de groep. Zij bewaarden het collectieve geheugen van de federatie. De oorsprongsmythologie dus, heldensagen, verhalen over verhuizingen en herinneringen aan heldendaden. Alles mondeling en dus maar gedeeltelijk betrouwbaar doorgegeven tot het in de zesde eeuw op schrift werd gesteld. Het lidmaatschap van deze kerngroep was open: je was een Hun als je werd erkend als een Hun en je werd erkend als een Hun als je in staat was je te gedragen als een Hun.

Wat is een volk, eigenlijk?

Als we er zo naar kijken, begrijpen we hoe enerzijds zo’n federatie voortdurend van samenstelling kon veranderen maar er toch continuïteit in was. We weten wat een volk eigenlijk was. Destijds althans, want ik zou het niet graag op het heden los laten. De aanname dat er kern-Nederlanders zouden zijn vind ik onprettig, al hebben we natuurlijk voldoende cultuurmandarijnen die denken de beschaving te belichamen.

Maar voor de Oudheid hebben we minimaal vat op iets dat voorafgaat aan de fase vóór de optekening van de tradities. Als Gregorius vertelt wie de Franken waren, geeft hij de niet per se betrouwbare tradities weer die op dat moment circuleerden.

En soms herkennen we in die Traditionskern iets wonderlijks. De Goten hadden van Skythië naar het Romeinse Rijk kunnen migreren om te voldoen aan het stereotype dat zo’n stam van de randen van de aarde naar het centrum van de beschaafde wereld was gekomen. Maar Jordanes en zijn bron laten de Goten eerst van de ene rand van de aarde, Scandzia, naar de andere trekken. Dat zou heel wel een betrouwbare kern achter de Traditionskern kunnen zijn.

Tot slot

Tot slot: het woord Traditionskern kan iets vrijer worden gebruikt, bijvoorbeeld voor personen als Siegfried. Natuurlijk heeft die geen draak gedood, maar er moet ooit een man met die naam zijn geweest over wie verhalen werden verteld. Dat trok meer verhalen aan, en nog meer verhalen. Het oorspronkelijke verhaal kan vergeten zijn geraakt. Maar ergens achter de Siegfried-traditie moet een Oer-Siegfried zijn geweest, van wie we weten dat hij heldensagen aantrok.

Maar dit is dus een andere betekenis van het woord Traditionskern. Het heeft meestal betrekking op de herinneringen én de groep herinneringsdragers in een fluïde groep laatantieke migranten, die later, toen ze uitgemigreerd waren, een eigen naam kregen en die terugprojecteerden op eerdere generaties migranten.

[Dit stuk wordt gereblogd op #GrondslagenNet, de groepsblog van archeologen, classici en oudhistorici.]

36 gedachtes over “Traditionskern

  1. Frans Buijs

    Wat is een Frank of Goot etc? Nou, die kerngroep moet natuurlijk ook dezelfde taal hebben gesproken. En wie daarbij wou horen, zou toch iets van die taal moeten leren om zich verstaanbaar te maken.

    1. Dat is maar de vraag. Sinds de negentiende eeuw beschouwen we in West-Europa beheersing van de taal als een van de criteria: één volk, één taal. Dat is een krachtig idee geweest dat bijvoorbeeld de eenheid van België serieus onder druk heeft gezet. Maar het is maar één mogelijk criterium. Het is niet irrelevant, want het helpt bij de communicatie, maar van de Franken, Hunnen en Avaren is bekend dat ze diverse talen spraken.

      1. Huibert Schijf

        Ik denk dat meertaligheid nog steeds van belang is. Zo ontmoette ik ooit een vrouwelijke studente van Marokkaanse afkomst die een rijker Nederlands sprak dan sommige Nederlanders. Alleen bij het schrijven van haar scriptie moest ze een beetje geholpen worden met de schrijftaal. Met haar moeder sprak ze Berbers, en Arabisch sprak ze ook redelijk. Zulke meertaligheid heeft de toekomst.

      2. Dirk Zwysen

        Voor de eerste flaminganten konden Frans en Nederlands in België perfect naast elkaar bestaan. Het is het franstalige verzet hiertegen dat de Vlaamse Beweging radicaliseerde en zo België ondergroef.

  2. “Daarvandaan barstten de Visigoten en Ostrogoten later het Romeinse Rijk binnen.”

    Nounou, wat een beeldspraak. je zíet het Romeinse Rijk bijna wankelen. 😉

  3. FrankB

    “Wat is, in deze context, een Goot, Frank of Langobard?”
    Een volgeling van een bepaalde leider. Lekker tautologisch, want met politiek, religie, cultuur en etniciteit heeft dit antwoord maar heel weinig tot helemaal niets te maken. Opgemerkt zij dat veel later voor de Mongolen onder leiding of in navolging van Dzjenghis Khan hetzelfde geldt.

  4. “En of het nu gaat om Goten, Franken of Langobarden, ze bewegen allemaal van de randen van de aarde naar de Mediterrane wereld. ”

    Sommigen groepen zouden ook zeker in dit rijtje thuis horen, zoals de Vandalen, Sarmaten en na hun de Alanen, maar ze assimileerden voordat de hun eigen geschiedenis konden schrijven. Van bijvoorbeeld de Bourgondiërs hebben we alleen de mythologie (in de vorm van het Nibelungenlied).

    Maar soms weten we meer – van de Angelsaksen kennen we de mythologie en de geschiedschrijving, die heel duidelijk maakt dat er helemaal geen kennis bestond. De monnik Bede beschrijft in de vroege 8ste eeuw wat hij dacht dat de historie was, maar heel duidelijk blijkt dat er een kennisgat bestaat van meer dan een eeuw. De mythes van de diverse ‘scheepslandingen’ zijn leuk voor de folklore, maar het feit dat bede alles van de Britse monnik Gildas (6de eeuw) moet lenen geeft aan dat er bij de Angelsaksen zelf geen kennis over hun aankomst in Engeland bestond.

    1. FrankB

      “….. naar de Mediterrane wereld”
      Tja, nergens in de wijde omtrek viel zoveel rijkdom te halen.

      “soms weten we meer”
      “dat er een kennisgat bestaat”
      Dit kan ik niet meer volgen.
      Feit is dat Brittannië een periode kent waarover we geen geschreven informatie hebben (de wanhopige brief aan Aetius is de uitzondering die dit bevestigt).

      “dat er bij de Angelsaksen zelf geen kennis over hun aankomst in Engeland bestond.”
      “Zoals de Vandalen, Sarmaten en na hun de Alanen” en bv. de Bourgondiërs zelf ook geen kennis meer hadden over hun aankomst in hun respectievelijke leefgebieden, maar door een andere oorzaak?
      Alweer, het is mij niet duidelijk welk punt u probeert te maken. Ik begrijp zelfs niet of u nou probeert tegen te spreken of aan te vullen.

      1. “Tja, nergens in de wijde omtrek viel zoveel rijkdom te halen.”
        Dat was een quote van Jona. 😉

        “Dit kan ik niet meer volgen.”
        Nogmaals dan. Er bestaan qua bronnen drie soorten groepen die in het West-Romeinse rijk terechtkomen – degene waarvan we een ontstaansmythe kennen met een duidelijk tussenbron (zoals Bede), degene waarvan we die mythes kennen maar niet de tussenbron (zoals Jordanes en Gregorius) en de groepen waar geen auteur iets over geschreven heeft omdat ze al geassimileerd waren.

        Van Jordanes en Gregorius weten we niet wat ze geweten hebben, omdat we hun bron niet kennen. We weten dus niet of ze het kennisgat zelf met mythen gevuld hebben, of dat ze een bron aanhalen die dat gedaan heeft, of dat er kennis was die als mythe is neergezet (zoals in het geval van ‘Scandza’ waar we niet weten of het een fabel of een echte herinnering was).

        In het geval van Bede weten we dit wel, omdat we de bron hebben die hij gebruikt. Buiten deze bron (Gildas) voegt Bede namelijk niets toe dat dezelfde soort mythes als Gregorius en Jordanes. De Angelsaksen hadden dus geen kennisoverdracht over hun aankomst in het Romeinse Rijk, en in mijn opinie versterkt dat de mening dat de Franken en de Goten dat ook niet hadden. Ik zou de Bourgondiërs bij deze tweede groep rekenen ook al kennen we de auteur niet.

        De Vandalen, Sarmaten en de Alanen hebben zelfs geen latere schrijver gehad die hun mythes konden opschrijven dus zij komen er helemaal karig af.

        Ik spreek tegen en vul aan.

  5. “Maar Jordanes en zijn bron laten de Goten eerst van de ene rand van de aarde, Scandzia, naar de andere trekken. Dat zou heel wel een betrouwbare kern achter de Traditionskern kunnen zijn.”

    Of helemaal niet. Jordanes schrijft een werk dat de claims van de koning(en) in zijn tijd moet versterken, en het is daarom heel goed mogelijk dat hij a) het helemaal verzonnen heeft, b) zijn bron het helemaal verzonnen heeft of c) alleen de familie van de koning relatief recent uit Scandinavië was gekomen.

    1. FrankB

      Dan wil ik wel graag weten waarom Jordanes van het stereotype “van de randen van de wereld naar de gebieden aan de Middellandse Zee” afweek. Met empirische bevestiging, op de één of andere manier.
      Dat laat onverlet dat JonaL’s “betrouwbare kern” eveneens empirische bevestiging behoeft.

  6. Rob van Dam

    “Als we er zo naar kijken, begrijpen we hoe enerzijds zo’n federatie voortdurend van samenstelling kon veranderen maar er toch continuïteit in was. We weten wat een volk eigenlijk was. Destijds althans, want ik zou het niet graag op het heden los laten.”

    Waarom?

    “De aanname dat er kern-Nederlanders zouden zijn vind ik onprettig, (…).”

    Waarom?

  7. Robbert

    Traditionskern:
    “Maar ergens achter de Siegfried-traditie moet een Oer-Siegfried zijn geweest, van wie we weten dat hij heldensagen aantrok.”
    Kun je bij de Saul-, David- en Salamo-traditie van de Bijbel, ook stellen dat er er een Oer-Saul, -David en -Salomo hebben bestaan?

    1. Jacob Krekel

      Misschien wel een oer-David, als een soort hoofdman in de buurt van Sion, maar van David’s rijk ontbreekt ieder archeologisch spoor, en dat niet omdat ze niet gezocht hebben. Maar een oer-Mozes, of een oer-Agamemnon? Het is toch ook nergens voor nodig dat er een oer-Pietje Puk bestaat. De menselijke fantasie is groot genoeg om een mooi verhaal te verzinnen, en vaak doet de vraag of dat ook gebeurd is het verhaal onrecht.

        1. Jacob Krekel

          Als er op die Paasmorgen niets gebeurd was, dan hadden wij nooit van Jezus gehoord. We hadden waarschijnlijk niet eens bestaan omdat de geschiedenis dan totaal anders was gelopen.
          En als er vervolgens op Pinksteren weer ook niets gebeurd was, waardoor de jezusbeweging zich razendsnel naar alle windstekeen verspreidden, dan was die jezusbeweging na 70 nC verdwenen en had alleen het farizeese jodendom overleefd

        2. FrankB

          “hoe zit het met de opstanding”
          Dat levert een probleem op met de biologie en wetenschap heeft nu eenmaal de vereiste consistent te zijn. Het religieuze antwoord is dan “wonder en daar heeft wetenschap niets over te zeggen”. Alleen heeft wetenschap de vervelende gewoonte alles te onderzoeken wat in onze natuurlijke werkelijkheid plaatsvindt en zich van dat religieuze antwoord niets aan te trekken.
          Het antwoord van JacobK deugt methodologisch niet. Want het antwoord is op elke gebeurtenis van toepassing waar wetenschap (nog?) geen antwoord op heeft. Mijn favoriete voorbeeld is supergeleiding bij relatief hoge temperatuur. Ik moet de eerste nog tegenkomen die daar ingrijpen van Hogerhand aan verbindt.

          1. Jacob Krekel

            Er zijn sommige domeinen waar wetenschap een primaat heeft, maar niet in alle. In het verstaan van een verhaal b.v. Als je het verhaal vraagt: ben jij echt gebeurd, dan bloost het en zegt: waarom wil je dat eigenlijk weten. Ben ik zo niet mooi genoeg? Die vraag is dodelijk voor het verhaal.
            We weten zeker dat Napoleon en Andrei Bolkonski elkaar nooit op hte slagveld van Austerlitz hebben ontmoet. Maa rdat maakt hun gesprek niet minder belangwekkend, of dat nou methodologisch deugt of niet.

            1. Robbert

              Aha, Jacob Krekel, het is mij duidelijk. Opstanding, uitstorting van de heilige geest en hemelvaart zijn mooie verhalen die mensen aan elkaar vertelden, aanpasten, doorvertelden etc. en uiteindelijk op schrift stelden. inderdaad, “de menselijke fantasie is groot genoeg om een mooi verhaal te verzinnen”.
              We moeten vervolgens niet verder vragen of het gebeurd is, “die vraag is dodelijk voor het verhaal”. Laten er nu mensen zijn die dat wel doen!
              Zelf heb ik daar weinig behoefte aan. In onze tijd weten we: onze fantasieen en verhalen gebeuren in onze hersenen en werken uit op mensen. Zo’n inzicht doet voor mij niets af aan het verhaal.
              Het doet in ieder geval niets af aan de historische betekenis van deze verhalen, zodat wij, inderdaad, nu bestaan en ons over deze fantasieen en verhalen en hun uitwerking kunnen verwonderen.

    2. “Maar ergens achter de Siegfried-traditie moet een Oer-Siegfried zijn geweest, van wie we weten dat hij heldensagen aantrok.”

      Zelfs dat weten we niet 100% zeker. In bijvoorbeeld het geval van de ontwikkeling van de Koning Arthur saga weten we dat aan deze figuur ook verhalen van heel andere personen gekoppeld werden, net zoals we dat weten van de verhalen rond de historische Koning Alfred van Wessex. Dus misschien was er een oer-Siegfried die heel andere dingen deed, of misschien was Siegfried een van de helden die aan iemand anders gekoppeld werden en die vervolgens de naam ook overnam.

      Maar voorlopig vertel ik als ik in Xanten ben dat Siegfried daar geboren is, net buiten de noordelijk poort 😉

  8. jpcahendriks

    Ik zou het woord ‘koning’ voor deze periode zoveel mogelijk vermijden als ik jou was, Jona! We vinden weliswaar in Latijnse teksten woorden als ‘rex’ en ‘reges’, maar waarschijnlijk meer omdat de Romeinen zelf ook niet wisten hoe ze zo iemand moesten aanduiden. Een ‘koning’ zoals wij dat opvatten was het in ieder geval niet. Veel meer de leider van een bepaalde groep. Waarbij noch de aard, noch de omvang en noch de samenstelling van die groep goed bekend is. Pas in de latere middleeuwen zien we teksten waar we met enig recht ‘rex’ kunnen vertalen als ‘koning’, maar om dat voor deze periode te doen lijkt me een anachronisme.

    1. Jacob Krekel

      Ik denk dat je Theodoric rustig een koning kunt noemen en de Amalen een koninklijk geslacht. Een probeleem bij de opvolging van T was dat er voor diens dochter Amalasuintha na de dood van Eutharic geen koninklijke partner meer beschikbaar was, zodat zij regent voor Athalarik moest worden en na diens dood haar toevlucht moest nemen tot een onbetrouwbare neef.

    2. FrankB

      “Een ‘koning’ zoals wij dat opvatten was het in ieder geval niet.”
      Klopt. Begrippen hebben nu eenmaal de neiging van betekenis te veranderen, dubbele betekenis te hebben, enz. U zegt vast ook wel eens dat u vandaag weinig energie hebt. Strikt natuurkundig genomen is dat flauwekul.
      Dus totdat u een beter woord hebt (“leider” is te vaag) moeten we het toch maar op ‘koning’ houden, met de toevoeging (die JonaL keurig geeft) dat dat heel wat anders was dan de 21e eeuwse lintjesknipper, die weer heel iets anders is dan de Middeleeuwse koningen.

    3. “We vinden weliswaar in Latijnse teksten woorden als ‘rex’ en ‘reges’, maar waarschijnlijk meer omdat de Romeinen zelf ook niet wisten hoe ze zo iemand moesten aanduiden. ”

      Sterker nog, de Romeinen gebruiken in de vijfde eeuw zelfs voor hun eigen keizer het woord ‘rex’.

  9. Jacob Krekel

    Ik heb ooit met veel plezier, maar ook met huiver Gregorius van Tours gelezen. Het Frankische rijk dreigde door het Frankische erfrecht voortdurend uit elkaar te vallen en dan moesten de erfgenoamen hun toevluchgt nemen tot methoden waarvoor ze nu excuses zouden moeten aanbieden. Game of Thrones verbleekt erbij. Maar Gregorius duidt ze dat niet euvel. Als een koning (jzeker, koning) een bisschop slecht behandelt, dan deugt hij niet, maar G ziet heel goed het belang van het bewaren van de eenheid van het Rijk en dan mag er heel veel.
    Ik denk dat hier weinig aan verzonnen is.

  10. Willem Kranendonk

    ‘Stam’, ‘volk’, ‘coalitie’, ‘federatie’: we hebben definities nodig om ze van elkaar te kunnen onderscheiden en met elkaar te vergelijken. De benaming van het steeds kenmerkende type leiderschap gaat daarmee gepaard. En als er een ontwikkeling van het ene type samenleving naar een volgend blijkt te bestaan, kunnen in een procestheorie ook overgangs- en mengfasen beter worden begrepen, dunkt me.

  11. Adriaan Gaastra

    Zou Clovis toen hij de Lex Salica uitvaardigde, niet al enig idee hebben gehad dat hij koning van de Franken was? Ik denk het eigenlijk wel. Wie of wat hij precies onder die Franken van wie hij koning was, verstond? Dat is inderdaad moeilijk in negentiende-eeuwse of hedendaagse concepties vangen. Visigotische koningen voeren ook al heel snel de titel rex gothorum.

    1. FrankB

      “enig idee hebben gehad dat hij koning van de Franken”
      Ja, want Clovis heeft ongetwijfeld begrepen dat hij macht kon uitoefenen.
      Nee, want hij kon ongetwijfeld niet weten dat zijn 21e eeuwse collega’s in Europa zich vooral met lintjes knippen zouden bezig houden.

    2. Ja natuurlijk want Clovis kwam niet net uit Drenthe aanlopen, hij en zijn voorganger kwamen vanuit de Romeinse traditie naast hun Frankische traditie. Dus aangezien ze zich zoveel mogelijk probeerden te identificeren als natuurlijke opvolgers van de lokale Romeinse machthebbers zullen Clovis en de zijnen zich naast ‘Rex Romanorum’ zich zeker als ‘Rex Francorum’ hebben gezien en gepresenteerd.

Reacties zijn gesloten.