Het koninkrijk van de Thuringers

Christelijke helm uit Stöβen (Landesmuseum für Vorgeschichte, Halle)

Het koninklijk huis van de Thuringers, warover ik het in het vorige blogje had, gaat terug op ene Bisin, die rond het midden van de vijfde eeuw leefde. Die naam – niet per se een herinnering aan de persoon – keert eveneens terug in de middeleeuwse plaatsnamen Bisinstede en Bisiniburg, het huidige Beesenstedt en Bösenburg, niet ver van de Elbe, waar archeologen een nederzetting hebben gevonden die ze identificeren als de burcht van een edelman.

Bisin

Misschien was “Bisin” wel een titel, want we lezen bij Gregorius van Tours over een vorstin Besina of Basina, die eerst met Bisin was getrouwd, maar hem rond 461 zou hebben verlaten om te trouwen met de Frankische vorst Childerik.noot Gregorius van Tours, Geschiedenis van de Franken 2.12. Ze was de moeder van Clovis.

Lees verder “Het koninkrijk van de Thuringers”

Het Rijk van Toulouse (2)

Gesp uit de tijd van het Rijk van Toulouse (Musée de la romanité, Nîmes)

Het Rijk van Toulouse, waaraan ik mijn vorige blogje wijdde, was expansief. Aan de gebieden in Aquitanië die Theodorik I toegewezen had gekregen, voegden hij en zijn opvolgers het nodige toe. Ze hadden vooral belangstelling voor de Languedoc ofwel Narbonensis, waar ze toegang zouden krijgen tot de Middellandse Zee. Het was van begin af aan het beleid van de keizer (of wie er in Italië ook maar beleid maakte) om de verovering van de Languedoc te verhinderen, maar in 461 verwierf Theodorik II de voornaamste stad Narbonne desondanks toch. De Visigotische vorsten wisten bovendien de hand te leggen op andere delen van Zuidwest-Frankrijk.

Tegelijk speelden ze een belangrijke rol in de verdediging van het Romeinse Rijk tegen minder geromaniseerde volken, waarvan de Hunnen het opvallendst zijn: in 451 vochten Visigotische troepen op de Catalaunische Velden voor de Romeins generaal Aetius tegen Attila. Niet veel later steunde Theodorik II keizer Avitus (r.455-457) door op het Iberische Schiereiland te strijden tegen de Sueben, die zich moesten terugtrekken naar Galicië in het noordwesten. De les die de Visigoten leerden was dat Iberië klaar lag om te worden veroverd.

Lees verder “Het Rijk van Toulouse (2)”

De wereld van Clovis

Eerst een “disclaimer”: ik ben geen historicus, gewoon een lezer. Wat ik hier dus schrijf ten goede en kwade over De wereld van Clovis hoeft Jeroen Wijnendaele zich niet aan te trekken, wat hij zo al niet zal doen. Een recensie schrijf je vooral voor jezelf, als een samenvatting, en om je eigen gedachten nog eens te ordenen. De wereld van Clovis is zo’n recensie alvast meer dan waard.

Kriskras door Gallië

Tijdens de lectuur moest ik vaak terugdenken aan De ontdekking van Frankrijk van Graham Robb. Die was per fiets kriskras door Frankrijk gereden en had daarover een soort reisverslag geschreven, verrijkt met historische wetenswaardigheden over de streken die hij doortrapte. Die aanpak deed zeer chaotisch aan en ik vorderde traag in het werk. Het beeld over Frankrijk was eerder troebeler geworden dan helderder. Er was niet zoiets als een homogene hexagon die zich chronologisch of geografisch proper gestructureerd liet ontdekken, laat staan snel veroveren, in militaire of cognitieve zin. Dat was precies de boodschap die Robb wilde brengen en dus vroeg ik me af of hij die hermetische vorm gekozen had om de inhoudelijke kern kracht bij te zetten. Zo ja, dan was het een meesterwerk in de non-fictie.

Lees verder “De wereld van Clovis”

Faits divers (31)

Het amulet uit Frankfurt (© Leibniz-Institut für Archäologie in Mainz)

Een nieuwe aflevering van de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, met deze keer: boeken & vondsten. Want wat is oudheidkunde anders dan boeken & vondsten?

***

Boeken

Ik noem nog één keer het boek De wereld van Clovis van Jeroen Wijnendaele, waarover ik al een paar keer eerder blogde. Omdat ik meelezer ben geweest, kan ik het niet geloofwaardig recenseren. Als ik het prijs, prijs ik mezelf; als ik iets bekritiseer, steek ik een dolk in Wijnendaeles rug. Maar ik kan wel zeggen: dit is een belangrijk boek. Daarom schreef ik al dat de musea eens moeten nadenken over een expositie over de Late Oudheid en over de reden waarom de Germaanse volken de afgelopen kwart eeuw uit ’s Neêrlands collectieve geheugen zijn verwijderd.

Lees verder “Faits divers (31)”

Faits divers (30)

Een nieuwe aflevering van de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, met deze keer iets meer persoonlijke dingen dan ik zou willen. Maar eerst iets leuks.

***

Zwitserland

Ik heb weinig gelegenheid om te schrijven over Zwitserland, hoewel het toch een mooi land is met Keltisch en Romeins erfgoed. In de eerste eeuw v.Chr. botsten de Kelten en de Romeinen nogal eens gewelddadig. Eén van de gevechten was in 15 v.Chr. in het zuidoosten van Zwitserland, aan de weg vanaf de Povlakte naar de bovenloop van de Rijn. Een mooie website documenteert recent onderzoek naar de dodelijke efficiëntie van de Romeinse wapens.

Lees verder “Faits divers (30)”

De Franken van Nebisgast tot Elegast

Eindelijk, eindelijk, eindelijk: er is een nieuw boek over de Franken. Het heet De Wereld van Clovis. De Val van Rome en de Geboorte van het Westen en is geschreven door de Vlaamse historicus Jeroen Wijnendaele. Niet dat er helemaal nooit iets wordt gepubliceerd over de mensen die ik gemakshalve even “onze voorouders” zal noemen. We hebben bijvoorbeeld het boek van Luit van der Tuuk. Maar de Franken, die lange tijd toch golden als het begin van de Nederlandse identiteit, hebben het de laatste twintig jaar publicitair moeten afleggen tegen de Romeinen. Een boek over de Franken is daarom welkom.

En niet uit nostalgie naar een traditioneler geschiedbeeld. De Late Oudheid is belangrijk en krijgt de laatste tijd eindelijk de aandacht die ze verdient. Recent onderzoek leidt tot nieuwe inzichten, zoals de muntschat die in 2017 is ontdekt bij Lienden: nog in 461 had Rome invloed in het Nederlandse rivierenlandschap. De Franken zijn echter niet alleen wetenschappelijk “hot”, ze zijn ook belangrijk. De ondertitel van Wijnendaeles boek mag dan klinken als goedkope hype, al in de inleiding is duidelijk waarom ze accuraat is: Clovis schiep in een versnipperd politiek landschap een West-Europese eenheid – en dat ideaal is sindsdien blijven bestaan. En van idealen kan vormende werking uitgaan. Kortom, een belangrijk boek.

Lees verder “De Franken van Nebisgast tot Elegast”

Faits divers (27)

Obligaat Andalusisch plaatje

Een nieuwe aflevering in de reeks faits divers, met deze keer – nou ja, faits divers dus.

Papyrologie

Dit is dus gewoon leuk: in Egypte is in 2022 bij de opgraving van de antieke stad Filadelfeia (in de Fayyum) een papyrus gevonden met achtennegentig regels van twee tragedies van Euripides, Polyeidos en Ino. Meer informatie hier.

Of dit belangrijk nieuws is, is een kwestie van smaak. Het is dataverwerving, en dat is geen nieuws. Astronomen melden het ook niet als ze een ster hebben ontdekt. Dataverwerving is slechts een voorwaarde voor wetenschap. Dankzij deze achtennegentig zinnen zullen wel nieuwe inzichten ontstaan maar geen nieuwe soorten inzicht. Dit is normale, gestaag voortgaande wetenschap, geen nieuwe wetenschap.

Lees verder “Faits divers (27)”

De Europese canon (1-5)

Tijdens keizer Septimius Severus, wiens ereboog u hier ziet, bereikte het Romeinse Rijk zijn grootste omvang

Een tijdje geleden stelde ik een Europese historische canon voor van tweeënveertig vensters en nodigde ik u uit toevoegingen te doen en verbeteringen te suggereren. Tussen vandaag en de Europese verkiezingen van 6 juni zal ik in elf blogjes de uitkomst aan u presenteren: steeds vijf vensters en daarnaast een stukje waarin ik de keuzes verantwoord. Bedenk wel: een canon een didactisch hulpmiddel, geen in steen gehouwen waarheid. Een canon heeft meer te doen met wetenschapscommunicatie dan met wetenschap. Wie liever een canon van de geschiedwetenschap leest, vindt die hier.

Ter zake nu.

Het Romeinse Rijk

Periode: Tot de zesde eeuw / tot 1453

In het krachtige en welvarende Romeinse Rijk, dat rond 202 na Chr. zijn grootste omvang bereikte, woonde ongeveer een derde van de wereldbevolking. Hoe vitaal de toenmalige cultuur was blijkt wel uit het feit dat het imperium bleef bestaan tot 1453 (later meer) terwijl de voornaamste Romeinse talen – het Grieks, het Latijn en het Aramees – nog springlevend zijn.

Lees verder “De Europese canon (1-5)”

De desintegratie van het West-Romeinse Rijk

Keizer Marcianus (Bode-Museum, Berlijn)

De datum van 15 maart markeert twee beroemde politieke moorden: in 44 v.Chr. doorstaken Romeinse senatoren Julius Caesar en in 493 na Chr. wist Theodorik zijn rivaal Odoaker doormidden te hakken. De eerste gebeurtenis is bekender dan de tweede, en dat is welbeschouwd curieus. De uitschakeling van Caesar verlegde de loop van de geschiedenis niet. De in Spanje en Syrië voortslepende Tweede Burgeroorlog ging naadloos over in de volgende reeks conflicten. Het einde van Odoaker nam daarentegen een bron van onenigheid weg, waarna niets een periode van betrekkelijke voorspoed in de weg stond. Misschien was het niet meer dan een Sint-Michielszomer van de Romeinse cultuur, maar toch.

De verwaarloosde Late Oudheid

Aan de voorafgaande periode van onrust, zeg maar de vijfde eeuw, wijdt Een kennismaking met de oude wereld van De Blois en Van der Spek precies vier bladzijden. Aan de even onrustige eeuw tussen de Gracchen en de zeeslag bij Aktion besteden ze vierentwintig bladzijden. Het illustreert de nadruk die de handboekauteurs leggen op de eerste eeuw v.Chr., een periode die beter is gedocumenteerd dan de vijfde eeuw na Chr. Met die nadruk gaan ze niet wezenlijk anders te werk dan bij hun behandeling van het klassieke Griekenland: veel aandacht voor conflicten waarover bronnen zijn, verwaarlozing van belangrijke oorlogen.

Lees verder “De desintegratie van het West-Romeinse Rijk”

Gouden Vrouwen in Rhenen

Mijn laatste blogje in de Week van de Klassieken kan natuurlijk alleen maar gaan over de Late Oudheid. In het Engelse taalgebied is die periode (van pakweg Constantijn tot Karel) ook wel aangeduid geweest als “Dark Ages”, wat niet wilde zeggen dat het een deprimerende tijd was, maar dat onderzoekers beschikten over weinig geschreven bronnen. Lange tijd vormden die immers onze voornaamste bron van informatie.

Zo’n zwart gat trekt onderzoek aan. Dankzij formalistische analyses begrijpen we de weinige teksten beter, maar het is natuurlijk vooral de archeologie die ons verder helpt. Onderzoekers als Chris Wickham hebben de contouren geschetst van een tijdperk, “Late Antiquity”, dat door de bronnenschaarste weliswaar behoort tot de Oudheid, maar een heel eigen karakter heeft. Recente exposities waren “Gouden Middeleeuwen” in het Leidse Rijksmuseum van Oudheden en “Crossroads” in het Amsterdamse Allard Piersonmuseum. Ze benadrukten de internationale contacten en de rijkdom van de elite. Voor de gewone man kunt u terecht bij Erve Eme in Zutphen.

Lees verder “Gouden Vrouwen in Rhenen”