De Perzische Oorlogen

De zeestraat van Salamis, plaats van een zeeslag in de Perzische Oorlogen

Historici plaatsen de cesuur tussen de Archaïsche Periode en de Klassieke Tijd in de tijd van de Perzische Oorlogen. Daarmee bedoelen ze de twee Perzische expedities naar Griekenland van 490 en 480-479, hoewel de gevechtshandelingen zich uitstrekten over een langere periode. De betekenis ervan is niets minder dan de geboorte van de Griekse natie. Wie Griekenland Xerxes’ erfenis zou noemen, zit er niet zo heel ver naast.

Immers, lange tijd waren de diverse stadstaten en stammen verdeeld geweest. Als er al samenwerking had bestaan, was het omdat sommige steden zich rekenden tot de stam der Doriërs, Ioniërs of Aioliërs (wat zo’n stam ook geweest moge zijn), of dat men elkaar kende uit zogeheten amfiktyoniën. Dat waren losse netwerken om heiligdommen als Delfi te besturen. Men vereerde ook dezelfde goden, sprak dezelfde taal en las Homeros, en dat was zo’n beetje alles wat de Grieken verbond. Na de Perzische Oorlogen was daar de gedeelde herinnering aan de strijd tegen de grote koning bij gekomen.

Lees verder “De Perzische Oorlogen” →

Archaïsch, Klassiek en Hellenistisch

De “Ludovisi Aristoteles” (Museo Altemps, Rome)

Was het negende hoofdstuk van het handboek van De Blois en Van der Spek, Een kennismaking met de oude wereld, gewijd geweest aan de Archaïsche Periode, het tiende is gewijd aan de Klassieke Tijd. Waar komt dat onderscheid eigenlijk vandaan?

Aristoteles

Ik heb een deel van het verhaal al eens behandeld en u moet dat maar nalezen als u het in detail weten wil, maar het komt erop neer dat het allemaal komt door Aristoteles. Bioloog die hij was meende hij dat, zoals uit een eikel een eik groeien kon, alles vanuit een kiem tot wasdom kwam. De tragedie was simpel begonnen tot het uiteindelijk een natuurlijke vorm had bereikt. Alles streefde naar zo’n eindvorm – we spreken van een “doeloorzaak”. De filosofie was met denken over de natuur begonnen tot het zijn volmaakte eindvorm bereikte bij Aristoteles.

Lees verder “Archaïsch, Klassiek en Hellenistisch” →

De dood van Sokrates

De dood van Sokrates staat beschreven in Plato’s Faidon (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

[Een korte serie over de man die de Grieken en Romeinen aanduidden als de vader van de filosofie: de Athener Sokrates. Het eerste deel was hier.]

Elk kritisch persoon kan vroeg of laat op tegenstanders rekenen. Dus ook Sokrates. Op late leeftijd wordt hij aangeklaagd wegens blasfemie en het verpesten van de jeugd. Sokrates’ vrienden sporen hem vervolgens aan de stad te ontvluchten, maar Sokrates weigert. Zijn plaats is in Athene. In de rechtbank verdedigt hij zich door te betogen dat hij in goddelijke opdracht de zielen van zijn stadgenoten zuivert.

Wanneer hij ondanks zijn pleidooi door een krappe meerderheid wordt veroordeeld en zijn eigen straf mag voorstellen, beweert hij spottend dat zijn enige gepaste straf een staatspensioen is. Om het niet te bont te maken stelt hij vervolgens een zeer lage geldboete voor. Die arrogante toon komt hem duur te staan. Een grote meerderheid pleit nu voor de zwaarste straf: de gifbeker.

Lees verder “De dood van Sokrates” →

Sokrates als vroedvrouw

Sokrates (Nationaal Museum, Kopenhagen)

[Een korte serie over de man die de Grieken en Romeinen aanduidden als de vader van de filosofie: de Athener Sokrates. Het eerste deel was hier.]

In het werk van zijn leerling Plato, vergelijkt Sokrates zichzelf regelmatig met een vroedvrouw, het beroep van zijn moeder, dat zij uitoefende nadat zijn vader vroeg gestorven was. Sokrates verkondigt zelf geen waarheden, maar probeert als een filosofische vroedvrouw de mensen te helpen waarheden naar buiten te brengen.

Al aanwezige kennis

Tijdens zijn werk maakt hij geen onderscheid tussen rangen en standen. Ieder mens moet volgens hem in staat zijn om zijn verstand goed te gebruiken. Plato demonstreert dit in een van zijn dialogen door Sokrates een simpele ziel te laten ondervragen. Door hem vragen te stellen en hem daarmee kritisch aan het denken te zetten laat hij hem enkele wiskundige stellingen bewijzen.

Lees verder “Sokrates als vroedvrouw” →

Atheense democratie

De Atheense democratie wordt gekroond op een reliëf uit het Agoramuseum, Athene

De Atheense democratie. Het is zo’n onderwerp waar je als oudhistoricus niet aan kunt ontkomen. Verplicht nummer, ongeveer zoals James Bond een Martini moet bestellen. Het handboek van De Blois en Van der Spek, waarover ik op donderdag regelmatig blog, bevat dus ook een paragraaf. Ik denk te proeven dat de  auteurs die met tegenzin hebben geschreven.

Simpel samengevat is in Athene de macht van de adel op verschillende manieren overgedragen aan een breder gremium. Eerst tekende Drakon de wetten op. Rond 630 v.Chr. deed Kylon  een poging een tyrannie te stichten. Dat mislukte. (Misschien herinnert u zich dat drie jaar geleden enkele skeletten zijn gevonden van mogelijke slachtoffers.) Begin zesde eeuw waren er nieuwe wetten en hervormingen, dit keer op naam van Solon. Daarna vestigde Peisistratos een tyrannie en toen zijn zoon Hippias in 510 v.Chr. na een Spartaanse interventie was verdreven, gaf Kleisthenes extra bevoegdheden aan de Volksvergadering.

Lees verder “Atheense democratie” →

Anderen over Sokrates

Sokrates (Archeologisch museum, Zadar)

[Een korte serie over de man die de Grieken en Romeinen aanduidden als de vader van de filosofie: de Athener Sokrates. Het eerste deel was hier.]

We kennen Sokrates vooral via het werk van Plato, vooral diens vroege werk. Hierin zien we de filosoof als een horzel om zijn gesprekspartners heen zoemen, hen bestokend met zijn lastige vragen. Deze dialogen hebben vaak geen duidelijke conclusie.

Andere tijdgenoten beschrijven Sokrates als iemand die aansluit op het relativisme van de sofisten. De toneelschrijver Aristofanes schreef een komedie waarin Sokrates een jongen leert drogredeneringen te gebruiken om zijn vader te slim af te zijn. De publicist Xenofon pocht dat zijn leermeester hem geadviseerd zou hebben bij handel en beleggingen. Volgens Plato en latere schrijvers zou Sokrates echter alleen in morele zaken geïnteresseerd zijn geweest. Om materiële zaken zou hij niets hebben gegeven, en om handel en beleggingen al helemaal niet.

Lees verder “Anderen over Sokrates” →

Wie was Sokrates?

Portret van Sokrates, gemaakt door Lysippos (Nationaal Archeologisch Museum, Napels)

[Een korte serie over de man die de Grieken en Romeinen aanduidden als de vader van de filosofie: de Athener Sokrates. Het eerste deel was hier.]

Hij is vaak afgebeeld als een rondbuikige man, om aan te geven hoezeer Sokrates een man van de geest was en niet van het lichaam. Maar in werkelijkheid schijnt de filosoof een grote kerel geweest te zijn, met een gespierd lichaam dat vrijwel ongevoelig scheen voor honger, kou, dronkenschap en slaaptekort. Op dat lichaam stond een lompe lelijke kop, met een oog dat vreemd naar opzij kon draaien.

In zijn jonge jaren had hij als hopliet voor Athene in de oorlogen gevochten. Daarbij blonk hij uit door zijn uitzonderlijke moed en strijdlust.

Lees verder “Wie was Sokrates?” →

Sokrates’ Athene

Hardlopende hopliet (Nationaal Museum, Kopenhagen)

[Een korte serie over de man die de Grieken en Romeinen aanduidden als de vader van de filosofie: de Athener Sokrates.]

Athene versus Sparta

In de honderdvijftig jaar waarin Athene een democratie was en cultureel op haar hoogtepunt stond, was de stadstaat voortdurend in oorlogen verwikkeld. De grote rivaal was Sparta. De rivaliteit ging niet alleen om de macht in Griekenland. In de twee steden heersten verschillende culturen.

Sparta was gesticht door een Dorische stam die het schiereiland de Peloponnesos was binnengevallen en de plaatselijke bevolking aan zich had onderworpen. De Dorische beschaving gold destijds als streng en sober, en de Spartanen hadden deze eigenschappen verder gecultiveerd. De oorspronkelijke bewoners moesten het land  bewerken en de elite hield zich daarvan strikt gescheiden. Ze werkte niet, maar vormde het leger. Zij die er deel van uitmaakten, duidden elkaar aan als ‘gelijken’.

In de Dorische cultuur was het land gemeenschapsbezit. Spartanen nuttigden de maaltijden gezamenlijk, en de jeugd kreeg een training waarbij samen in barakken werd geslapen. In de Spartaanse cultuur namen vrouwen aan veel ‘mannelijke’ activiteiten deel.

De verschillen met Athene waren enorm. In Athene was de zogenaamde oikos de hoeksteen van de samenleving: een soort kruising tussen een gezin en een klein bedrijf, gevormd door het huishouden van een landbezitter die de scepter zwaaide over vrouw, kinderen, slaven en ander personeel. In Athene hadden de vrouwen minder rechten dan de mannen en ze verrichten ook andere werkzaamheden. En waar de Atheense cultuur werd gekenmerkt door grote bouwwerken, theaterstukken en continu debat, focuste de Spartaanse cultuur zich op soberheid en discipline, en vervaardigde ze geen blijvende bouwwerken.

Oorlogstijd

Twee steden die cultureel zoveel verschilden en tegelijkertijd de ‘wereldmacht’ moesten delen, die moesten haast wel met elkaar in conflict komen. En dat gebeurde dan ook. De oorlogen waren lang en meedogenloos. Om te overleven hadden de Atheners hun stad helemaal ommuurd. Lange muren verbonden de stad met de haven, die eveneens ommuurd was. Athene leefde dus niet meer van haar eigen land, maar was afhankelijk van de graanimport.

Dit waren roerige tijden waarin de Atheners regelmatig gevoelige nederlagen leden. Ook zorgden de oorlogen met Sparta voor politieke instabiliteit. Twee keer werd de democratie zelfs kortstondig vervangen door een oligarchie.

We wisten al dat de politiek in Athene smerig kon zijn, maar in deze tijden was het vaak ronduit bijltjesdag. Een en ander zorgde vanzelfsprekend voor een afbrokkelend vertrouwen in staatsmensen en hun adviseurs. Er was bovendien behoefte aan een moreel ijkpunt.

Die behoefte werd voor velen vervuld door de persoon van Sokrates.

[Wordt vervolgd. Deze reeks, geschreven door Kees Alders en oorspronkelijk gepubliceerd op de beëindigde website Grondslagen.net, was gebaseerd op het boek De wereld vóór God, dat een introductie biedt tot de filosofische stromingen van de oude wereld. Het hele boek is hier te bestellen.]

Griekse goden

Goden op het Schathuis van de Sifniërs (Delfi)

De Griekse religie behoort tot de beroemdste delen van de antieke cultuur. De namen van de goden en hun beleidsterreinen zijn algemeen bekend. Om die reden begrijp ik niet goed waarom het eerstejaars-handboek van De Blois en Van der Spek, Een kennismaking met de oude wereld, een overzichtstabel bevat. Wie heeft die nodig? Wie een letterenstudie gaat doen, weet wel dat Artemis gaat over de jacht en dat de zee ressorteert onder Poseidon. Een eerstejaars-handboek, dat dus wordt gebruikt in het onderwijs, dat het desondanks uitlegt, onderschat het niveau van de lezer. Dat is jammer. De didactische handeling komt er immers op neer dat je, als je iemand niet net bóven zijn niveau aanspreekt, dan toch aanspreekt óp zijn niveau.

Ter zake. De enorme bekendheid is wat problematisch. Althans, ik ervaar het als ingewikkeld. Naarmate ik langer met de Oudheid bezig ben, begrijp ik minder van de antieke religies. Vandaag dus een stukje over onduidelijkheden en onzekerheden, vooral ingegeven doordat ik almaar niet los kom van dat algemeen bekende standaardbeeld.

Lees verder “Griekse goden” →

Pompeius in Larisa

Gnaeus Pompeius, de verliezer in Farsalos (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Als ik u zeg dat het 2 sextilis was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Gaius Julius Caesar (voor de tweede keer) en Publius Servilius Isauricus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 22 juni 48 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Pompeius 2069 jaar geleden?”

Pompeius’ leger

Hij kwam aan in Larisa, de hoofdstad van Thessalië, die al was bezet door Metellus Scipio. In zijn Burgeroorlog vertelt Caesar dat Pompeius alle legioenen in één legerkamp samentrok en vanaf nu het oppercommando deelde met Scipio. Pompeius gunde zijn collega zelfs de eer dat hij de signalen liet trompetteren vanaf diens commandotent. Later zouden ze hun kamp verplaatsen in de richting van dat van Caesar bij Farsalos.

Deze vervolgt zijn verslag met een bijna pesterige beschrijving van de stemming in Pompeius’ kamp. Daar was men inmiddels huiden gaan verkopen voordat de beer was geschoten.

Lees verder “Pompeius in Larisa” →