Marcus Antonius grijpt in

Marcus Antonius (Koninklijke bibliotheek van België, Brussel)

Als ik u zeg dat het 27 maart was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Gaius Julius Caesar en Publius Servilius Isauricus consuls van Rome waren, en als ik dat voor u omreken naar 16 februari 48 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?” Maar de aflevering van vandaag gaat niet over Caesar. Onze held is Marcus Antonius.

Caesars kolonel, die na 44 v.Chr. een leidinggevende rol zou vervullen in de republiek, was drieëndertig jaar oud. Hij had zijn sporen verdiend bij operaties in de Levant en had Caesar bijgestaan in de oorlog tegen de Eburonen en bij de belegering van Alesia. Als volkstribuun had hij ervoor geijverd dat Caesar vanuit zijn provincie naar het consulaat mocht dingen. Toen de Tweede Burgeroorlog eenmaal was uitgebroken, had Caesar hem benoemd tot commandant in Italië.

Lees verder “Marcus Antonius grijpt in”

Caesar in Orikon

Een van de torens van Orikon

Als ik zeg dat het 7 januari was en toevoeg dat het was in het jaar waarin Gaius Julius Caesar (voor de tweede keer) en Publius Servilius Isauricus consuls waren, en als ik dat omreken naar wat wij 1 december 49 v.Chr. noemen, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

Hij was bezig een bruggenhoofd te bouwen in wat nu Albanië heet.

De schepen die hem hadden overgevaren – zoals gezegd: te weinig – voeren meteen terug naar Brindisi om de rest van legioenen en de ruiterij over te zetten. Deze operatie liep echter weinig succesvol. De plaatselijke commandant van de Senaatstroepen, Marcus Calpurnius Bibulus, had vernomen van Caesars oversteek en voer uit om de terugvarende transportvloot te onderscheppen. (Deze Bibulus was in 59 v.Chr. Caesars collega-consul geweest.) Bibulus wist dertig schepen te bemachtigen en liet ze met bemanning en al in brand steken. Een nogal drastische methode om Caesars zeelieden af te schrikken. Vervolgens versterkte hij alle havens, in de hoop een eventuele tweede aanvalsgolf vóór te zijn.

Lees verder “Caesar in Orikon”

Lucanus over Caesars oversteek naar Albanië

Romeins oorlogsship (quadrireme) op een munt uit Patras (Museum für antike Schifffahrt, Mainz)

Als ik u zeg dat het 4 januari was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Gaius Julius Caesar (voor de tweede keer) en Publius Servilius Isauricus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 28 november 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag morgen 2069 jaar geleden?”

Hij was bezig met de overtocht van de Adriatische Zee. Kort daar voor was hij aangekomen in Brindisi in de hak van Italië en zoals we al zagen waren daar meer manschappen dan zomaar mee te nemen waren op de schepen – waarvan er te weinig waren. Desondanks waagde hij zich aan de oversteek. Op 5 januari (29 november 49) zette hij voet aan wal in Palasë in het huidige Albanië.

Lees verder “Lucanus over Caesars oversteek naar Albanië”

Caesar in Brindisi

De haven van Brindisi

Als ik u zeg dat het 22 december was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 17 november 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag morgen 2069 jaar geleden?”

Caesars troepen

Hij kwam aan in Brindisi in de hak van Italië. Hij was uit Rome vertrokken op wat wij 8 november 49 v.Chr. noemen en na een reis over de Via Appia bereikte hij op de tiende dag de havenstad waarvandaan hij de Adriatische Zee wilde oversteken. Hijzelf schrijft in zijn Aantekeningen bij de Burgeroorlog (in de vertaling van Hetty van Rooijen):

Lees verder “Caesar in Brindisi”

Caesar in Rome

Het Forum van Caesar in Rome

Als ik u zeg dat het 2 tot en met 12 december was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar 28 oktober tot en met 7 november 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

Hij was, na beëindiging van de muiterij van het Negende Legioen, vanaf Placentia naar Rome gereisd, waar hij zich als dictator had aangediend en verkiezingen had georganiseerd. Immers, het nieuwe jaar naderde en er moesten nieuwe consuls zijn. Dat hij zelf kandidaat was, is niet verbazingwekkend: de Tweede Burgeroorlog was immers uitgebroken nadat Caesar was verboden zich in absentia kandidaat te stellen. Dat de volksvergadering hem benoemde, is evenmin verbazingwekkend. Hij deelde het hoge ambt met Publius Servilius Isauricus. Het volgende jaar zou dus dat zijn van G. Julius Caesar (voor de tweede keer) en P. Servilius Isauricus.

Lees verder “Caesar in Rome”

Muiterij tegen Caesar

Romeinse soldaten, iets later dan die van Caesar (Musée et théâtres romains, Lyon)

Als ik u zeg dat het november was, als ik toevoeg dat het was in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren, en als ik dat omreken naar oktober 49 v.Chr. op onze kalender, dan weet u dat u bent beland in een nieuwe aflevering van de reeks “Wat deed Julius Caesar vandaag 2069 jaar geleden?”

En het antwoord is: een toespraak houden in Placentia, het huidige Piacenza op de Povlakte. Het verhaal wordt verteld door Appianus, van wie ik al eerder schreef dat het een van de beste historici is uit de oude wereld. In de vertaling van John Nagelkerken begon het Negende Legioen, dat na de gevechten bij Ilerda terug was gezonden naar de Povlakte,

te muiten en gaf het de officieren er de schuld van dat de expeditie zo traag verliep en dat de soldaten niet de vijf minae kregen die Caesar hun als beloning had toegezegd toen ze nog in Brundisium waren.

Lees verder “Muiterij tegen Caesar”

De slag bij de Hondenkoppen (2)

Kynoskefalai ofwel Hondenkoppen

[Tweede deel van een stuk over de Tweede Macedonische Oorlog, ofwel het conflict tussen het Romeinse legioen en de Macedonische falanx. Het eerste deel was hier.]

De afwijzing van de voorwaarden was voldoende om de Volksvergadering alsnog te laten instemmen met de oorlogsverklaring. De Tweede Macedonische oorlog was een feit en eind 200 staken de legioenen de Adriatische Zee over. De eerste Romeinse generaal bracht Filippos voldoende kleine nederlagen toe om te bewerkstelligen dat de Aitolische steden in het westen, waarmee Rome na 215 al had samengewerkt, zich opnieuw aansloten bij Rome.

In het volgende jaar opende Filippos onderhandelingen. Hij bleek bereid tot flinke concessies. Maar de nieuwe Romeinse generaal, Titus Quinctius Flamininus rook bloed en stelde hogere eisen: Filippos moest maar beginnen met de evacuatie van Thessalië, een Grieks gebied dat al anderhalve eeuw door de Macedoniërs werd bestuurd. Hij moet hebben geweten dat dit onaanvaardbaar was. De oorlog werd hervat.

Lees verder “De slag bij de Hondenkoppen (2)”

De slag bij de Hondenkoppen (1)

Filippos V, verliezer in de slag bij de Hondenkoppen (Numismatisch Museum, Athene)

Toen Hannibal de veldslag bij het Trasimeense Meer had gewonnen, gaf hij zijn manschappen opdracht de wapenrustingen aan te trekken van de gesneuvelde legionairs. Het staat vast dat hij bij een latere veldslag, die bij Zama, zijn soldaten opstelde in de voor de Romeinse legioenen typerende drievoudige slaglinie. Anders gezegd: hij nam aspecten over de Romeinse manier van oorlogsvoering. Die was dan ook superieur, zoals bleek tijdens de Tweede Macedonische Oorlog, waarin de tot dan toe onverslaanbaar geachte Macedonische falanx het onderspit dolf.

In 200 v.Chr. brak voor de tweede keer oorlog uit tussen Rome en Macedonië. Sinds koning Filippos V in 215 een verdrag met Hannibal had gesloten waren de relaties niet al te best en na de Tweede Punische oorlog stuurden sommige Romeinse politici aan op een campagne aan de overzijde van de Adriatische Zee. De grote vraag is waarom zij dat deden. Een vredesverdrag was ook in de Oudheid een vredesverdrag en Filippos had de bestaande overeenkomst niet geschonden.

Lees verder “De slag bij de Hondenkoppen (1)”

Caesar in Rome: de “Rechtsfrage”

Caesar (Palazzo Altemps, Rome)

Ik liet u gisteren achter met de Senaatsvergadering die Marcus Antonius buiten de stad Rome had georganiseerd op de kalenden van april van het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls waren – 3 maart 49 v.Chr. op onze kalender, vandaag 2069 jaar geleden. In zijn Burgeroorlog 1.32 beschrijft Caesar de toespraak die hij bij die gelegenheid zou hebben gehouden. Daarin vertelt hij wat zijn beweegredenen waren geweest om de Tweede Burgeroorlog te ontketenen.

Uiteraard zijn de volgende woorden te lezen in de context van zijn propagandistische geschiedwerk, maar het zou een samenvatting kunnen zijn van wat op de dag feitelijk is gezegd. De vertaling is van de onlangs overleden classica Hetty van Rooijen.

Lees verder “Caesar in Rome: de “Rechtsfrage””

Caesar in Rome

Senatoren, iets na de tijd van Caesar (kopie van de Ara Pacis, Vaticaanse Musea, Rome)

Het was 31 maart in het jaar waarin Marcellus en Lentulus consuls van Rome waren – 2 maart 49 v.Chr. op onze kalender, vandaag 2069 jaar geleden. Maar de consuls waren niet in Rome, ze waren gevlucht. Toen Julius Caesar de Rubico was overgetrokken en er geen steun bleek te zijn voor de officiële vertegenwoordigers van de republiek, waren ze eerst naar het zuiden van Italië getrokken en vervolgens de Adriatische Zee overgestoken. Caesar had ze achtervolgd, had niet kunnen vermijden dat ze ontsnapten, had legers gerekruteerd en had door middel van de Lex Roscia de verdere rekruteringsbasis verbreed. Sinds 14 november 50, de dag waarop hij de Rubico was overgestoken, had de veroveraar van Gallië ongeveer 1500 km afgelegd.

Terug in Rome

En nu, op onze tweede maart, kwam hij over de Via Appia aan in Rome. Tien jaar daarvoor was hij voor het laatst in de stad geweest, als consul; sindsdien had hij Gallië veroverd en een deel van de daar verworven buit bestemd om het stadscentrum van Rome te renoveren. Naast het Forum Romanum had hij voor 600 miljoen sestertiën de grond gekocht om een tweede forum te bouwen. De stad waar hij aankwam, was zo een andere dan de stad die hij had verlaten. Ook hijzelf was veranderd. Hij was niet langer een oud-consul die blij mocht wezen zijn loopbaan te mogen voortzetten in een redelijk belangrijke provincie. Hij commandeerde een groot, getraind leger.

Lees verder “Caesar in Rome”