De Oise

De Oise

Dankzij een vriendelijke lezer van deze blog kan ik een week passen op een huis ergens – eh, ja, “in the middle of nowhere” is misschien de beste manier om het te zeggen. Er is een spoorwegstation in de buurt maar ik heb er uiteindelijk voor gekozen de trein te nemen naar Namen, daarvandaan de Maas langs te fietsen naar Dinant, Givet en Fumay, verder te gaan over de Ardennen naar Rocroi (ja, van de veldslag) en tot slot door te fietsen naar het dorpje waar ik nu ben. Het heet Watigny. Het is anderhalve dag rijden, het is hier echt nergens, het is daar dus middenin, en het is mooi.

Hierboven ziet u het beekje achter het huis. Het is de bovenloop van de Oise, die ontspringt in Henegouwen. Ze stroomt achter mijn oppashuis langs, bereikt Guise en Compiègne, en mondt uiteindelijk ergens ten westen van Parijs uit in de Seine.

Lees verder “De Oise”

Wallonië: de ronde om Vlaanderen

(klik=groot)

Vandaag eens een persoonlijk stukje over mijn reis door Wallonië. Door familieomstandigheden kwamen mijn Curaçaose familieleden over naar Nederland. Ze trokken tijdelijk in mijn Amsterdamse huisje. Omdat dat een tweekamerwoning is, werd het wat druk en dus besloot ik anderhalve week naar Wallonië te gaan. Ik moest later dit jaar sowieso die kant op, dus het was eerder een vervroegde studiereis dan een onverwachte vakantie, hoewel het natuurlijk ook dat laatste was.

Het begon dus met vakantie. Zoals de trouwe lezers van deze blog zich herinneren, heb ik afgelopen zomer een huisje kunnen huren in Gemmenich, aan de Belgische kant van de Vaalserberg, en daar hebben mijn vriendin en ik een weekend doorgebracht. Eindelijk hadden we de gelegenheid eens een bezoekje te brengen aan het museum van Kelmis, de hoofdstad enige stad in het voormalige Neutraal Moresnet. U hoeft er niet speciaal voor om te reizen, maar als u in het Land van Herve komt, is het wel een toevoeging.

Lees verder “Wallonië: de ronde om Vlaanderen”

Waterbeheer in Henegouwen

De scheepslift van Strépy-Thieu

Gisteren ging een lang gekoesterde wens in vervulling: ik zag de scheepslift van Strépy-Thieu. Na een knap vermoeiende fietstocht over de slagvelden van Fleurus en langs Liberchies was ik uitgeput aangekomen in La Louvière; uitgerust en wel ging ik vrijdag in een lichte regen op pad naar de bestemmingen die ik wilde aandoen: de Espace Gallo-Romain van Aat, de Archéosite van Aubechies (een soort Archeon) en uiteindelijk Doornik. Even ten noordwesten van La Louvière lag het kanaal-aquaduct dat een voorspel vormde voor het eigenlijke werk.

Eerst even dit: Henegouwen, met name het gebied dat Borinage heet, vormt een oud industrieel centrum. Om het te verbinden met de Schelde en de Samber/Maas, zijn allerlei kanalen aangelegd. (Willem I dankte er zijn bijnaam “kanalenkoning” aan.) Eén van die kanalen is het Centrumkanaal, waarvan de aanleg voor de vroege negentiende eeuw nog te moeilijk was: het moest namelijk een hoogteverschil van bijna honderd meter overbruggen. Pas toen het mogelijk was scheepsliften in plaats van sluizen te bouwen, was de aanleg mogelijk. Koning Leopold II opende het Centrumkanaal in 1888.

Lees verder “Waterbeheer in Henegouwen”

De Romeinse Maas

De Maas bij Chokier

De vallei van de Maas, Mosa in het Latijn, vormde het kerngebied van de Romeinse aanwezigheid in het noorden van Gallië, Gallia Belgica. Ik heb het dan met name over het gebied tussen pakweg Namen en Maastricht, waar een heel gevarieerde economie moet hebben bestaan. Maar eerst iets over de rivier zelf.

Een bron over een bron

De Maas wordt verschillende keren in de bronnen genoemd, hoewel meestal in het voorbijgaan. En soms ook gewoon onjuist. Julius Caesar is de eerste die er iets meer over zegt en dat is meteen onjuist: hij schrijft dat de Maas ontspringt in de Vogezen, maar in feite liggen de bronnen westelijker, niet ver van Domrémy, het dorpje waar eeuwen later Jeanne d’Arc geboren zou worden en haar visioenen zou krijgen. Vermoedelijk verwarde Caesar de Mosa met de Mosella, het Maasje ofwel de Moezel.

Lees verder “De Romeinse Maas”