Toerist in Valencia (1)

Iberisch beeldje van een ruiter (Prehistorisch Museum, Valencia)

De hogesnelheidslijn die onlangs zo negatief in het nieuws was, bracht ons in twee uur vanuit Madrid naar Valencia. Ik wist weinig meer over die stad dan dat de Cid er had gewoond, dat de Heilige Graal werd bewaard in de kathedraal, dat er een wetenschapsmuseum was en dat er een paar jaar geleden een beruchte moordzaak was. Ik moest opzoeken dat het ooit de hoofdstad was geweest van een Iberisch volk, de Edetaniërs.

De Iberiërs

Wie meer over hen wil weten, moet absoluut naar het Prehistorisch Museum, dat een weergaloos mooie en grote collectie heeft. Die begint met de eerste mensen en loopt dan door vele millennia en langs diverse soorten homo naar de Romeinse tijd. De informatie is actueel – ik zag de Denisova-mens netjes genoemd – en wordt gepresenteerd in twee talen, in het Spaans en in het Valenciaans. Het was een prachtig museum maar het was uitgestorven. We waren letterlijk de enige bezoekers.

Lees verder “Toerist in Valencia (1)”

Het Ware Kruis (1)

Helena (Capitolijnse Musea, Rome)

In het jaar 326 bezocht Helena, de moeder van Constantijn de Grote, het Heilig Land. Haar zoon had haar kort daarvoor de rang van augusta gegeven, wat je zou kunnen vertalen als “keizerin”, al betekent het niet dat ze beleid kon maken, uitvoeren of controleren. Ze had echter wél toegang tot de keizerlijke schatkist en kon daardoor het initiatief nemen tot bouwprojecten. In Betlehem legde ze de eerste steen voor de Geboortekerk, in Jeruzalem voor een kerk op de Olijfberg. Een van de aanwezigen was bisschop Eusebios van Caesarea, die enkele jaren later in zijn Leven van Constantijn verslag deed van het bezoek en de werkzaamheden.noot Eusebios, Leven van Constantijn 3.41-42.

Kruisvinding

Wat hij daarbij niet vermeldt, is dat Helena bij die gelegenheid het Ware Kruis zou hebben gevonden: het kruis waaraan Jezus dood zou zijn gemarteld. Christenen hebben de vondst eeuwenlang herdacht met het feest van de Kruisvinding.

Lees verder “Het Ware Kruis (1)”

Paleoproteomics

Karthaagse munt uit Iberië; dankzij paleoproteomics is vast te stellen welke olfantensoort dit is (British Museum)

Ik heb al vaker geblogd over bioarcheologische onderwerpen, zoals het DNA-onderzoek en het isotopenonderzoek. Over antieke eiwitten (proteïnen) heb ik het echter nog niet gehad, maar die zijn wel de moeite waard. Het is bijvoorbeeld mogelijk om in antiek aardewerk na vele eeuwen nog sporen te vinden van bijvoorbeeld zuivel. Zo kunnen onderzoekers uitspraken doen over de toenmalige voeding, wat weer kan leiden tot inzicht in de toenmalige volksgezondheid. Ook zijn uitspraken mogelijk over antieke ziektes. Een team uit Nottingham is er bijvoorbeeld in augustus 2023 in geslaagd om oeroude antistoffen te identificeren in het tandglazuur van iemand die ooit afweer had opgebouwd tegen het virus dat de ziekte van Pfeiffer veroorzaakt.

De monsters zijn niet alleen uit tandglazuur te nemen, maar ook uit botmateriaal, tandsteen, keramiek, textiel, perkament en papyrus. Een van de voordelen van dit type onderzoek, dat wel wordt aangeduid als paleoproteomics, is dat eiwitten opvallend goed bewaard blijven. Eitwitonderzoekers kunnen daardoor dieper het verleden in dan bijvoorbeeld hun collega’s die zich bezighouden met antiek DNA.

Lees verder “Paleoproteomics”

Koolstofdatering: Reiniging

De lijkwade van Turijn, waar beschuldigingen zijn gedaan van fouten bij de koolstofdatering

Vervuiling wordt vóór een koolstofdatering opgespoord met de microscoop, een standaardprocedure. Bij de lijkwade van Turijn is bijvoorbeeld gekeken naar de hoeveelheid roet in het doek. In 1532 is het doek namelijk het slachtoffer geweest van een brand. Niet alleen brandden gesmolten druppels zilver gaten in het textiel, mogelijk was er ook roet in het doek neergeslagen. Wellicht zou de koolstof uit dat roet de datering kunnen beïnvloeden. Misschien wel met een eeuw, misschien zelfs twee. Alle te onderzoeken vezels zijn dus onder de microscoop doorgegaan, waarbij bleek dat er nauwelijks roet aanwezig was.

Koolstofdatering: de AAA-reiniging

Monsters worden vooraf schoongemaakt. De standaardbehandeling is het afwisselend baden in een zuur, een base en weer een zuur: de AAA-behandeling (acid-alkali-acid; in de praktijk zoutzuur en natriumhydroxide). Het zuur lost ingespoelde kalk op, de base verwijdert ingespoelde organische zuren, zoals humus. De laatste zuurbehandeling dient om het monster weer neutraal te krijgen.

Lees verder “Koolstofdatering: Reiniging”

Lijkwadegeleuter en wetenschap

Mocht u nog betwijfelen dat sommige onderzoekers kierewiet zijn en ten onrechte gelden als wetenschappers, dan krijgt u vandaag het bewijs. Onder het mom van wetenschap zijn vrijwilligers gekruisigd op de wijze waarop degene is gestorven die staat afgebeeld op de Lijkwade van Turijn.

A comprehensive evaluation was performed of the totality of blood flows found on the Shroud to determine which flows occurred during the alleged crucifixion process and which were of a postmortem nature.

De resultaten worden hier (p.573 [[dode link]]) aangekondigd. Met dit onderzoek kon worden vastgesteld, zo lezen we, dat het bloed, zoals te zien op de Turijnse lijkwade, zich heeft gedragen zoals dat van een levensechte kruisiging. Cliffhanger uit de aankondiging: “conclusions were obtained that appear to support the hypothesis of Shroud authenticity in some new and unexpected ways”.

Nou nou nou.

Lees verder “Lijkwadegeleuter en wetenschap”

Meer lijkwadegeleuter

Crucifix uit 1304, ruwweg even oud als de Lijkwade van Turijn; de makers wisten niet hoe de Romeinen iemand kruisigden (Keulen, St. Maria im Kapitol).

Een gewelddadige dood is meestal een onsmakelijke affaire, waarover je niet moet schrijven. Dat wordt voyeurisme. Als het gaat om kruisigingen, de wrede executiemethode die de Romeinen tot in perfectie (lees: zo langdurig mogelijk) ontwikkelden, moet je helemaal je mond houden. Het was nog veel erger dan de Bobben Smalhout dezer wereld u uitleggen. In feite zijn zulke artikelen een aantasting van het recht op een onverstoord sterven en niet ten onrechte heeft Raymond Brown, de auteur van een belangrijk boek over de Bijbelse lijdensverhalen, opgemerkt dat hij zulk onderzoek misplaatst vindt en hoopt dat er een einde komt aan zoveel smakeloosheid.

Helaas is er de lijkwade van Turijn, die altijd weer opduikt, zelfs als er geen nieuws is. U kent de problematiek: op een in Turijn bewaard stuk textiel staat een fotonegatieve afbeelding van een gekruisigde man. Is dit het doek waarin Jezus begraven is geweest? Het antwoord is een oorverdovend nee: er is C14-onderzoek gedaan en het weefsel dateert uit 691±31BP. Dat wil zeggen dat er, na ijking aan de jaarringcurve, 68% kans is dat het textiel is vervaardigd tussen 1273 en 1288. Er is 95% kans dat het is vervaardigd tussen 1262 en 1312, met nog een piepkleine kans dat het stamt uit het derde kwart van de veertiende eeuw.

Dat is het einde van de discussie. Er zijn insinuaties dat de laboratoria hun werk niet goed hebben gedaan, maar dat zijn precies dat: insinuaties. Ze worden steeds weer gedaan door mensen die een complicatie verzinnen die ze niet zouden hebben verzonnen als het niet was om de lijkwade als geloofsvoorwerp te redden van de wetenschap. Ze verzinnen voor elke oplossing een probleem. Ik ga daar nu niet op in want ik blijf niet aan de gang. Mijn aanleiding is dat de lijkwade in de sociale media de ronde weer doet, ook al gaat het om kwakonderzoek van vijf jaar geleden.

Lees verder “Meer lijkwadegeleuter”

Lijkwadegeleuter

lijkwade

Oké, de Lijkwade van Turijn is weer eens in het nieuws. Het voorwerp wordt weer tentoongesteld en dus keren oude berichten terug. Dit bericht werd ineens weer overal op de sociale media geciteerd. Het helpt dat het komkommertijd is, want dan is er ruimte voor iedereen die iets geks beweert. Bijvoorbeeld dat de Lijkwade niet middeleeuws is maar stamt uit de Oudheid. Toch zijn de feiten onveranderd dezelfde:

  • De kans dat de lijkwade is geweven tussen 1273 en 1288 is 68%;
  • de kans dat het doek stamt uit 1260-1390 is 95%;
  • in middeleeuws Andalusië werden afvallige moslims soms gekruisigd (bijvoorbeeld met een varken en een hond), dus er waren anatomisch correcte lijken voorhanden;
  • zweet of ietwat zurig vocht laat een afdruk achter op textiel die, als ze enige tijd blijft liggen, duidelijk zichtbaar wordt. Ga naar de sportschool, werk u in het zweet, druk een witte handdoek op uw gezicht, laat die een maand twee ongewassen liggen en, presto, u heeft een zelfportret.

We kunnen de lijkwade dus gewoon namaken en er is weinig mysterieus aan het voorwerp. Einde verhaal, zou je denken.

Lees verder “Lijkwadegeleuter”

Het proactieve Lijkwade-stukje

De Lijkwade van Turijn

Het voorjaar begon dit jaar al in de winter en de traditionele paashoax is ook veel te vroeg. In de week voor Pasen is er altijd wel een wetenschapper die zichzelf aan exposure en de pers aan bladvulling helpt met een sappig nieuwtje over Jezus. Het zijn doorgaans niet de beste onderzoeksresultaten die zo publiciteit krijgen. Zeg maar gerust dat elk Jezusbericht in de aanloop naar Pasen een hoax is.

Zo werd eens aangekondigd dat “de” wetenschap had geconcludeerd dat Judas Jezus niet kon hebben verraden. Twee jaar geleden was er de claim dat Jezus een hermafrodiet kon zijn geweest. Het jaar ervoor mochten we lezen dat Jezus het Laatste Avondmaal niet op (witte) donderdag zou hebben gevierd maar een dag eerder. Allemaal academici van het tweede echelon, allemaal kul, allemaal slim getimed, allemaal in de media, allemaal schadelijk voor de echte wetenschap.

Lees verder “Het proactieve Lijkwade-stukje”