De mythe van Adonis

De bron van de rivier de Adonis

Hoewel uitgeverij Athenaeum in de jaren negentig heeft geprobeerd de Grieks-Romeinse auteur Lucianus van Samosata (ca.125 – ca.180) onder de aandacht van het grote publiek te brengen, is zijn oeuvre nooit echt aangeslagen. En dat is jammer, want het is een grappige auteur met een brede belangstelling. Wie De ontmaskering van de charlatans nog kan bemachtigen, zal meer dan eens bulderen van de lach om de manier waarop Lucianus afrekent met religieuze oplichters. Of beter: wat hij beschouwt als oplichters. Die nuance doet echter niet af aan ons leesplezier.

In De Syrische godin is Lucianus serieuzer van toon. Hij verkent de religie van de Levant, die hem vreemd is, maar die hemt desondanks (of juist daarom) fascineert. In mijn onlangs begonnen reeks blogjes met vertaalde teksten over Libanon, mag de volgende beschrijving van de eredienst in Byblos niet ontbreken – en eerlijk gezegd vraag ik me af waarom ik dit verhaal pas nu online plaats.

Lees verder “De mythe van Adonis”

Op bezoek in Libanon (4)

Gezocht, dood of levend: de topbankiers van Libanon

Ik kwam op vrijdagavond aan in Libanon en heb sindsdien drie dagen doorgebracht in Beiroet, Zahlé en de Qadishavallei. Het is verbluffend hoeveel kleine karweitjes zich in zo korte tijd opstapelen. Die heb ik vandaag maar eens afgewerkt. Ook ging ik naar twee musea die open hadden moeten zijn, maar die gesloten bleken. Dat gebeurt wel vaker. Ik herinner me dat, toen de Libanese overheid in de coronacrisis de ambtenaren had toegestaan thuis te werken, ook de bewakers van een opgraving bij Sidon thuis waren, zodat we het terrein niet op konden. Op dat moment frustrerend maar welbeschouwd grappig.

Ik heb een bevriende archeologe gevraagd of zij duidelijkheid kon scheppen, dus wie weet komt het er morgen nog van. En anders heb ik een reden om terug te komen.

Verder heb ik wat losse aantekeningen. Dingen die me zijn opgevallen. Ik geef u geen garantie dat ze kloppen of op een of andere manier juist zijn: ik geef alleen maar door wat ik me heb laten vertellen en wat ik denk te hebben begrepen. Voor verificatie komt u zelf maar kijken.

Lees verder “Op bezoek in Libanon (4)”

Het heiligdom van Yanouh

De Romeinse tempel bij Yanouh

Een paar maanden geleden was ik voor het eerst in Yanouh. Er zijn in Libanon grotere cultusplaatsen, zoals in Faqra, Sfiré of Niha (om niet wéér Baalbek te noemen). Er zijn ook lieflijker gesitueerde sites, zoals Machnaqa of het bronnenheiligdom Afqa. Maar Yanouh is dan weer een van de meest interessante complexen.

Het ligt dus aan de weg van Byblos naar Afqa, van de Dame van Byblos naar Adonis. Hoewel de namen van die twee godheden in de loop der eeuwen veranderden, gaat de verering terug tot het vroege derde millennium v.Chr. De oudste vondsten in Yanouh dateren dan ook uit de achtentwintigste eeuw. Of het al een cultusplaats was, valt niet uit te maken. (De vraag of de grens tussen profaan en sacraal überhaupt te trekken valt in die tijd, laat ik maar even wat ze is).

Lees verder “Het heiligdom van Yanouh”

Het altaar van Machnaqa

Het altaar in Machnaqa

Machnaqa – je spreekt de /q/ in het Libanees niet uit – is een klein dorp op de westelijke hellingen van het Libanongebergte, halverwege de aloude heilige stad Byblos en de bronnen van de Adonisrivier bij Afqa. Pelgrims die de rivier volgden, passeerden Machnaqa. Er staat nog altijd een oud altaar, waarbij u eigenlijk moet denken aan een lage toren. Zie boven. Altaren als deze stonden vaak op bergtoppen en dat is ook hier het geval. De vakterm is “high place of worship”.

Zoals andere cultusplaatsen was ook Machnaqa omgeven door een grote, rechthoekige omheining (de “temenos”, om nog een jargonterm te gebruiken). We weten niet welke godheid hier vereerd is geweest, maar de grote omvang van de omheining suggereert dat er veel bezoekers konden zijn. Dat suggereert een zekere populariteit. Adonis is een plausibele kandidaat, want die werd zowel in Byblos als Afqa vereerd en de naam Machnaqa betekent zoiets als “plaats van rouw”, wat past bij de mythe over de gestorven en herlevende godheid.

Lees verder “Het altaar van Machnaqa”

Byblos’ pelgrimsweg naar Afqa

De Romeinse weg door de Jabal Moussa

Ik heb geen idee hoeveel pelgrims in de Romeinse tijd Byblos bezochten om de Dame van Byblos en Adonis te vereren. Ik heb nog minder idee van het aantal dat verder reisde de bergen in, maar het was voldoende om een weg voor ze aan te leggen. Een deel daarvan is nog te zien in het natuurreservaat dat bekendstaat als Jabal Moussa, de Mozesberg. Nog wat verderop was bij het huidige Afqa de bron van de rivier de Adonis, waarover we al eens een filmpje toonden.

Lees verder “Byblos’ pelgrimsweg naar Afqa”

De heilige weg naar Byblos

De “colonnaded street” naar Byblos

Wie van Beiroet naar Jbeil komt, zal vermoedelijk parkeren op een een paar jaar geleden aangelegd terreintje met een modern trappenhuis, en dan verder wandelen richting Kruisvaarderskasteel. Het pad naar de oude stad bestaat uit een lang, smal parkje met links en rechts wat pilaren.

Er is ook Romeins plaveisel te zien. Misschien hebt u het ook wel eens ergens anders gezien en dan weet u dat er altijd enorme geulen in te zien zijn, uitgesleten door karrenwielen die hier tientallen jaren lang elke dag overheen zijn gekomen. Gek genoeg ontbreken ze in Byblos en dat bewijst dat deze weg alleen door voetgangers is gebruikt. Het was de processieweg naar de heiligdommen van Adonis en de Dame van Byblos.

Lees verder “De heilige weg naar Byblos”

Byblos’ nymphaeum

Hygieia (Nationaal Museum, Beiroet)

Byblos had zichzelf, zoals ik in een eerder stukje uitlegde, met succes opnieuw uitgevonden. Het was niet langer de unieke eerste handelshaven van de Mediterrane wereld, het was een heilige stad. Er waren twee tempels: een voor Adonis (vermoedelijk een complex boven de aloude Obeliskentempel) en een tempel voor de Dame van Byblos, die inmiddels onder allerlei namen bekendstond.

Byblos ontving bedevaartgangers, die bij het betreden van het plateau waarop de tempels stonden langs een fontein kwamen. Of, zoals archeologen het noemen, een nymphaeum. Het is denkbaar dat de pelgrims zich hier ritueel wasten, zoals de joden in die tijd hun baden hadden en zoals in de wereld van de islam nog altijd gebruikelijk is. Ik ken echter geen bewijs voor zo’n ritueel in Byblos. De plek van het nymphaeum is echter wel opmerkelijk.

Lees verder “Byblos’ nymphaeum”

De colonnade van Byblos

De colonnade van Byblos

Zoals ik al eens opmerkte – ik ga niet opzoeken waar – was Byblos in de Romeinse tijd geen heel speciale stad. Of beter: het was niet meer de unieke handelshaven die het ooit, lang geleden was geweest. Toen had de stad cederhout geleverd aan de farao en die had geschenken gegeven aan de Dame van Byblos. Dat was uniek geweest, maar in de loop van de Bronstijd waren steeds meer steden handel gaan drijven. Byblos had concurrentie gekregen en was uiteindelijk overschaduwd.

De stad heeft zichzelf echter opnieuw uitgevonden. De Dame van Byblos was een eerbiedwaardige oude godin, die inmiddels niet meer alleen werd gelijkgesteld aan Hathor, maar ook aan de Syrische Astarte, aan de hellenistische Isis, aan de Afrodite van Cyprus en aan de Romeinse Venus. Haar mannelijke tegenpool, misschien vereerd in de vernieuwde Obeliskentempel, stond inmiddels bekend als Adonis en op munten stond “van de heilige stad”.

Lees verder “De colonnade van Byblos”

De L-vormige tempel van Byblos

De L-vormige tempel, met links achteraan de Obeliskentempel en rechts achteraan de haven.

Ruim tien jaar geleden bezocht ik Byblos voor de eerste keer. We hadden die ochtend een auto weten te huren – niet makkelijk, op Paaszaterdag – en reden nu noordwaarts. We hadden een wat melige bui en ik grapte dat ik vooral heel nieuwsgierig waarom een “Tempel met obelisken” zo heette. Een reisgenote echode terug “…of welke vorm een L-vormige tempel heeft.” Het is misschien niet het hoogtepunt van humor maar de herinnering is me bijgebleven.

Twee bouwfasen

De L-vormige tempel, tegenover de tempel van de Dame van Byblos gelegen aan het heilige meer, had helemaal geen L-vorm. Het was een gebouwtje met drie cultusplekken op een soort pleintje, met achteraan nog en vierde cultusplek. (Een cella, in  jargon.) Er was ook een langgerekt voorhofje. Dat was dat.

Het geheel dateert uit de eerste helft van het derde millennium v.Chr., dus zeg maar de tijd van de Sumerische stadstaten en de piramidenbouwers. Later werd er een klein gebouwtje aan toegevoegd, waar smeden metaal bewerkten. Dat gaf het vierkante complex de vorm die de Franse opgravers ertoe bracht het aan te duiden als de Temple en L.

Lees verder “De L-vormige tempel van Byblos”

Adonis: mythe en rivier

De waterval bij Afqa, bron van de rivier de Adonis.

We moeten het eens over Adonis hebben. Maar u weet het: oudheidkundigen hebben altijd te weinig informatie. Dataschaarste is wat de oudheidkunde onderscheidt van andere wetenschappen. Leren denken over wat je weten kunt als je te weinig gegevens hebt, is de voornaamste vaardigheid die het vak biedt. En vaak weet de oudheidkundige helemaal niets. Of bijna niets.

Romeinse mythe

Zoals bij de mythe van Adonis. De naam is onmiskenbaar Semitisch – Adon betekent zoiets als “heer” – maar over de oudste, Fenicische mythe valt weinig te weten. We moeten tot de Romeinse tijd wachten eer we een bron hebben. Dat is de dichter Ovidius, die leefde aan het begin van onze jaartelling. In zijn Metamorfosen vertelt hij dat Adonis een knappe jager was die de aandacht trok van de godin Venus. Tot haar verdriet doodde een everzwijn haar minnaar, uit wiens bloed de anemoon was ontstaan.

Lees verder “Adonis: mythe en rivier”