Gestolen papyri, een samenvatting (2)

De nachtwacht van Oxyrhynchos heeft een verzoek aan de politie. Grenfell en Hunt zorgden ervoor dat ook musea buiten Oxford beschikking kregen over delen van hun materiaal. Daarom is dit verzoekschrift te zien in de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis in Brussel

[Dit is het tweede deel van een overzicht van wat bekend is over de handel en handelingen van papyroloog Dirk Obbink. Het eerste deel is hier.]

Prijsopdrijving

Over de gang van zaken rond het Marcusfragment begrijpen we iets meer dankzij de zojuist genoemde verklaring van Daniel Wallace. Obbink wilde deze tekst verkopen aan een van de instellingen rond de Amerikaanse verzamelaar Steve Green, die een eigen collectie heeft waarvandaan hij vondsten doneerde aan een eigen bijbels museum om te profiteren van de belastingaftrek. Door Wallace te laten verklaren dat het fragment stamde uit de eerste eeuw, dreef Obbink de prijs op.

Het cruciale punt is dat Wallace zich daarvoor leende. Elke eerstejaarsstudent weet namelijk dat hij zijn vingers niet moet branden aan oudheden met een onduidelijke herkomst (vakterm: zonder gedocumenteerde provenance). Zulke dingen kunnen vals zijn en hebben dus wetenschappelijk geen waarde; wetenschappelijke belangstelling heeft geen nut, behalve dat het de verkoopprijs opdrijft. Nogmaals: elke student weet dit na het eerstejaarscollege wetenschapsleer en -ethiek. Waarom Wallace de gedragscodes negeerde, is een nog onopgelost raadsel, al heeft hij het fatsoen gehad zijn fout toe te geven.

De aandacht concentreert zich daardoor niet op Wallace maar op Obbink, die dus een Marcus-fragment uit de Oxyrhynchos-collectie stal om te verkopen aan de Green-collectie. In de loop van 2019/2020 is vastgesteld dat de EES 120 fragmenten kwijt is en dat Steve Green niet de enige koper is geweest. Het leidde tot Obbinks royement bij de Association Internationale de Papyrologues, tot aangifte, arrestatie en verhoor. En toen gebeurde er even niets.

Rechtszaak

Het bericht waarmee ik het vorige stukje opende meldt dat eenentwintig fragmenten zijn teruggevonden in Greens bijbelse museum en nu teruggaan naar Oxford. Aangezien er nog een half miljoen onuitgegeven fragmenten zijn, is het geen echt nieuws dat er nog wat terugkomen. De crux is dát het naar buiten wordt gebracht. Dit bewijst dat er inmiddels conclusies zijn en dat suggereert weer dat er onderzoek is afgerond. We mogen dus verwachten dat de rechtszaak tegen Obbink nu snel van start zal gaan.

Ik wijs nog even op dit eerdere stuk, waarin ik inga op oudheden die Green en zijn museum aan Egypte teruggeven. Daarbij zit een papyrus die, als we Obbink mogen geloven, hoort bij de gedichten van Sapfo die hij uit een kartonnage zou hebben gehaald. Zoals gezegd is de herkomst feitelijk onbekend.

Tot slot

Nog twee dingen. Eén: de uitgave van papyri met onduidelijke herkomst, of het nu Marcus of Sapfo is, is volstrekt onprofessioneel. Het gebeurt echter vaker; zie ook de Artemidorospapyrus, fragmenten uit de Dode-Zee-rollen en het zogenaamde Evangelie van de Vrouw van Jezus. Collegiale controle had deze verspilling van tijd, intellect en geld behoren te verhinderen. Er is echter geen collegiale controle. Een Obbink kan profiteren van het amateurisme van de Wallaces.

Het falen is dus institutioneel. En dat is het zorgwekkende.

Twee: classici en bijbelwetenschappers hebben het nu weleens over “the material turn”, waarmee ze bedoelen dat ze het materiële aspect van hun teksten inmiddels belangrijk meer waarderen en niet meer alleen kijken naar wat er staat geschreven. Met andere woorden, ze erkennen nu dat archeologen verstandige dingen zeggen. Dat dit een recent inzicht zou zijn, een turn in het debat, is echter een rookgordijn. Grenfell en Hunt wisten dit al in 1896. Bijbelwetenschappers en classici hebben een eeuw lang hun vingers in de oren gestoken om niet te luisteren naar deskundigen. Nogmaals: hun falen is institutioneel en zorgwekkend.

[Als u meer wil weten over vervalsingen, lees dan mijn boekje Bedrieglijk echt. Dit stuk wordt gereblogd op #GrondslagenNet, de groepsblog van archeologen, classici en oudhistorici.]

Gestolen papyri, een samenvatting (1)

Een mummie-kartonnage (Archeologisch Museum, Zagreb)

Je verwacht het niet: opnieuw blijken uit Oxford verdwenen papyri in New York te zijn. U leest er hier meer over. Hieronder is een overzicht van de stand van zaken waar de dagelijkse lezers van deze blog weinig nieuws in zullen vinden.

Achtergrond

In 1896 begonnen de Britse oudheidkundigen Bernard Grenfell (1870-1926) en Arthur Hunt (1871-1934) met de opgraving van Oxyrhynchos, een antiek stadje aan een wetering langs de Nijl. Ze deden dit met het expliciete doel antieke teksten in situ te vinden. Zolang oudheidkundigen niet wisten waar een tekst vandaan kwam, konden ze namelijk ook niet weten of die echt was. Dat is sindsdien niet veranderd; papyri zijn simpel te vervalsen en ook met koolstofdateringen en spectrometrie is niet vast te stellen dat zo’n snipper een authentieke tekst bevat. Na een jaar of tien hadden Grenfell en Hunt ongeveer een half miljoen snippers, die worden beheerd door de Egypt Exploration Society (EES) in Oxford. In de afgelopen eeuw zijn ruim 5000 fragmenten uitgegeven.

Lees verder “Gestolen papyri, een samenvatting (1)”

Obbink nog eens, om het allemaal op een rijtje te hebben

Marcus (miniatuur van de Armeense miniaturist Momik; Noravank)

Het nieuws dat de van diefstal verdachte Oxford-papyroloog Dirk Obbink is gearresteerd, is alweer een week oud. Ik blogde hier over de arrestatie en daar over de beschuldigingen. Ik heb het met diverse mensen besproken – ik word nog eens handig met teleconferencing – en krijg vooral twee soorten reacties. De eerste is samen te vatten als: “net goed; die boef hoort achter tralies.” Dat mag dan bevredigend zijn voor het rechtsgevoel maar het corpus aan wetenschappelijke informatie wordt niet beter als een fraudeur wordt bestraft.

De andere reactie in dat iemand als onschuldig geldt tot zijn schuld wettig en overtuigend is bewezen. Dat is waar en heb ik zelf ook ergens opgeschreven, maar dit verheven principe is slechts van belang voor de rechtszaak. Voor de wetenschap draait het om de gedragscodes, die ervoor moeten zorgen dat wetenschap ook in de praktijk is wat ze idealiter is: controleerbaar. Gehannes met papyri zonder gedocumenteerde provenance voldoet niet aan de transparantie-eis.

Lees verder “Obbink nog eens, om het allemaal op een rijtje te hebben”

Papyrologie: update (3) Dirk Obbink gearresteerd

Sapfo, door de Brygos-schilder (Antikensammlung, Munchen)

De Britse politie heeft, zo schrijft The Guardian, de Amerikaanse papyroloog Dirk Obbink gearresteerd op verdenking van diefstal van papyri en verhoord. Het is al sinds het najaar bekend dat hij ervan wordt verdacht aan Amerikaanse verzamelaars papyri te hebben verkocht die het eigendom waren van de Egypt Exploration Society (EES), de stichting die toeziet op de uitgave van ongeveer een half miljoen papyri – groot en klein – uit de Egyptisch-Romeinse stad Oxyrhynchos. Obbink lijkt de prijs te hebben willen opdrijven door van een van de te verkopen fragmenten, bekend als Eerste-eeuwse Marcus, een erg vroege datering te geven. Ik behandelde de materie afgelopen november hier.

Al eerder had de EES Obbink van zijn taken ontheven wegens betrokkenheid bij de handel in de Sapfo-papyri. Over de provenance van deze papyri, d.w.z. de herkomstverklaring die garandeert dat ze geen vervalsing zijn en die noodzakelijk is om aan wetenschappelijk onderzoek te kunnen beginnen, heeft Obbink de afgelopen zes jaar verschillende tegensprekende verklaringen afgegeven. Over de authenticiteit schermde hij met koolstofdateringen (alsof vervalsers geen antieke papyrus zouden gebruiken) en andere niet-overtuigende argumenten, terwijl laboratoriumtests die zouden kunnen bewijzen dat het in elk geval niet om een slechte vervalsing gaat, bij mijn weten ontbreken.

Lees verder “Papyrologie: update (3) Dirk Obbink gearresteerd”

Meer over Obbink

Een fragment uit de Handelingen van de Apostelen (tweede of derde eeuw; Neues Museum, Berlijn). Voor het goede begrip: hiermee is niets verdachts aan de hand.

“The shit hits the fan”, zullen ze wel zeggen in Oxford en Washington. Het bewijs dat Oxford-classicus Dirk Obbink papyri heeft gestolen en dat het Museum of the Bible in Washington die heeft geheeld, is inmiddels geleverd. Voor het goede begrip van de ernst van de affaire twee punten.

  1. Momenteel worden enkele christelijke papyri onderzocht maar de zaak lijkt breder. Van de Sapfo-papyri, eveneens ontdekt door Obbink, is al sinds 2014 bekend dat er dingen verkeerd zijn (hier het stuk dat ik in 2016 schreef in Skepter).
  2. Als de problemen al vijf jaar zichtbaar zijn, moeten Obbinks collega’s die hebben herkend en hebben laten doorwoekeren. De affaire gaat in feite niet slechts over één man of één specialisme, maar over het falende zelfreinigend vermogen van de wetenschap.

Hieronder eerst een samenvatting en daarna het nieuws.

Lees verder “Meer over Obbink”

Als een wetenschap kapot gaat

Een mummie-kartonnage (Archeologisch Museum, Zagreb)

Dit is een zelfstandig vervolg op een stukje dat ik eerder schreef over het papyusfragment dat bekendstaat als eerste-eeuwse Marcus. U hoeft het niet eerst te lezen want het stukje van vandaag staat op zichzelf, maar als u het eerdere stukje toch leest, hebt u weer even paraat waarom papyri zonder geldige provenance wetenschappelijk van nul en generlei waarde zijn, dat een eerste-eeuws fragment van het Evangelie van Marcus niet bleek te zijn wat het leek, dat de vooraanstaande Oxford-geleerde Dirk Obbink lijkt te hebben gelogen en gestolen, dat een grote Amerikaanse collectie  (de Green Collection) heeft opgetreden als heler en dat Oxford een onderzoek instelt.

Wat is het nieuws? Per e-mail verneem ik dat Obbink nu is “suspended” van de Association Internationale de Papyrologues. Dat is een heel harde en gelukkig zeldzame maatregel, die een halve eeuw geleden voor het laatst is genomen (in 1972 om precies te zijn). Zo’n besluit neemt zo’n organisatie niet lichtvaardig en zéker niet als het gaat om iemand die werkelijk vooraanstaand is. Nu is “vooraanstaand” natuurlijk zo’n flauw compliment dat eigenlijk niks betekent, ongeveer zoals Wim Kan alle bewindspersonen “zéér bekwaam” noemde, maar Obbink is echt wel iemand. Ik heb lang geleden al eens geschreven over zijn ontdekking van een enorme lap van een tragedie van de joodse auteur Ezechiël. Wat nu gebeurt is ongeveer hetzelfde als wanneer een club een Nobelprijswinnaar royeert. Er moet verdraaid overtuigend bewijs zijn.

Lees verder “Als een wetenschap kapot gaat”

Een oud Marcusfragment?

Voorbeeld van een mummie-kartonnage. Deze werd vanmorgen aangeboden op eBay.
Voorbeeld van een mummie-kartonnage. Deze werd vanmorgen aangeboden op eBay.

Een jaar of twee geleden kondigde de Amerikaanse geleerde Craig Evans, hoogleraar nieuwtestamentische studies, aan dat hij een fragment van het evangelie van Marcus had gevonden dat dateerde uit het laatste kwart van de eerste eeuw n.Chr. Dat was bepaald een sensatie, want dit evangelie wordt gedateerd tussen 65 en 75. Een tekst uit het laatste kwart van de eerste eeuw staat dus zeer dicht bij het manuscript van de auteur.

De vondst werd op een bijzondere wijze bekend gemaakt: met een filmpje waarin een vriendelijke heer uitlegt hoe hij een mummie-kartonnage (zeg maar het papier-maché-gedeelte van een mummie) heeft losgeweekt en de Griekse teksten had bemachtigd. “Dat mogen we doen,” zo voegde hij toe, “want dit is ons eigendom.” Hier vindt u meer van dat fraais.

Lees verder “Een oud Marcusfragment?”