Lodewijk de Heilige in Karthago

Lodewijk de Heilige (Karthago)

Een week of drie, vier geleden blogde ik over de Zevende Kruistocht. De Franse koning Lodewijk de Heilige boekte in Egypte aanvankelijk succes, werd daarna verslagen, raakte in krijgsgevangenschap, werd vrijgekocht en concentreerde zich vervolgens op het versterken van de havensteden van het Koninkrijk Jeruzalem. Dat gebeurde allemaal tussen 1248 en 1254. In 1270 trok Lodewijk, zesenvijftig jaar oud, opnieuw ten strijde.

De Achtste Kruistocht

Het was urgent het Heilig Land te verdedigen. De Mammelukse sultan Baybars was bezig de christelijke steunpunten in de Landen van Overzee een voor een uit te schakelen. Desondanks was de eerste bestemming van de Achtste Kruistocht de stad Tunis. We hebben geen idee waarom, al biedt Lodewijks biechtvader een aanwijzing: Lodewijk zou hebben gemeend dat sultan Muhammad I al-Mustansir – hij behoorde tot de Hafsidische dynastie waarover ik al eens blogde – zich wilde bekeren tot het christendom. Zo iemand zou een extra steun kunnen zijn voor het eigenlijke werk in het oosten. Toen dat niet zo bleek te zijn, was het Franse leger al slaags geraakt met het Hafsidische en was er geen weg terug.

Lees verder “Lodewijk de Heilige in Karthago”

Lodewijk de Heilige in Sidon

Lodewijk de Heilige begraaft de doden in Sidon: afbeelding uit het getijdenboek van Johanna van Évreux.

Binnenkort verzorg ik in Amsterdam een cursus over de Kruistochten. Een van de personen die dan aan bod zal komen, is de Franse koning Lodewijk de Heilige of, als u z’n koninklijke serienummer wil gebruiken, Lodewijk IX. In de jaren vóór zijn expeditie naar het Heilig Land was de situatie van de Kruisvaardersstaatjes sterk verbeterd. Keizer Frederik II had tijdens de Zesde Kruistocht (1227) Jeruzalem in handen weten te krijgen en in de daarop volgende jaren hadden westerse troepen, profiterend van de verdeeldheid van de Arabische heersers, het Koninkrijk Jeruzalem nog wat verder vergroot.

Deze terreinwinst werd echter in één klap ongedaan gemaakt door de aankomst van een voordien onbekend leger uit het Verre Oosten. Tot de vele Turkse groepen in Centraal-Azië behoorden ook de Chorasmiërs in het huidige Oezbekistan en Iran, maar hun staat was onder de voet gelopen tijdens de Mongolenstorm. Een deel van het Chorasmische leger was naar het westen getrokken en had zich verbonden met de sultan van Egypte, die deze soldaten aanspoorde Jeruzalem in te nemen. In 1244 verwoestten ze de stad. De christelijke leiders en de emir van Damascus keerden zich nu tegen de Egyptische en Chorasmische troepen, maar werden vlakbij Gaza zo totaal verslagen dat er feitelijk geen christelijk leger meer was in het Koninkrijk Jeruzalem. Dat was eind 1244 gereduceerd tot enkele havensteden, en zou zich nooit meer herstellen.

Lees verder “Lodewijk de Heilige in Sidon”

Geneeskunde bij de Kruisvaarders

De Arabische diplomaat en schrijver Usama ibn Munqidh (1095-1188) was de neef van een vooraanstaande Syrische heer. Zelf diende hij op verschillende missies. Zijn autobiografie toont dat er in de tijd tussen de Eerste en de Tweede Kruistocht aanzienlijke samenwerking was tussen de diverse partijen. Zo stuurde zijn machtige oom eens de christelijke arts Thabit naar een van de leiders van de Kruisvaarders. Die deed sarcastisch verslag van de lokale geneeskunde.


Thabit was pas tien dagen weg toen hij alweer terugkeerde. We zeiden: “Die patiënten heb je snel genezen zeg!”

Lees verder “Geneeskunde bij de Kruisvaarders”

Een oorkonde van Lodewijk de Heilige

Zegel van Lodewijk de Heilige

In 1187 veroverde Saladin de stad Jeruzalem en sindsdien ging het van kwaad tot erger voor de Kruisvaardersstaten in het Nabije Oosten. Keizer Frederik II wist weliswaar in 1229 het christelijk gezag over Jeruzalem te herstellen, maar in 1244 ging de stad voorgoed verloren. Koning Lodewijk de Heilige was een van de leiders van de Zevende Kruistocht, die probeerde Jeruzalem te heroveren, maar die uitliep op een catastrofe.

In 1250 bevond de koning zich in Akko, waar hij probeerde zijn verslagen leger te herorganiseren. Hij ontving ook een gezantschap van de Maronieten, de christenen uit het Libanongebergte, die zich al een tijdje presenteerden als westerse katholieken in een Grieks-Orthodoxe en islamitische wereld. Dat maakte hen tot geschikte bondgenoten voor de Kruisvaarders en leverde hen westerse bescherming tegen andere groepen in het gebergte.

Lees verder “Een oorkonde van Lodewijk de Heilige”

Een bruiloft in middeleeuws Tyrus

Middeleeuwse bruiloft

In 1183 vertrok Ibn Jubair vanuit El-Andalus naar Mekka. De aanleiding voor zijn pelgrimage was een zwaar vergrijp: hij had een glas wijn gedronken. Op de terugreis bezocht hij ook Tyrus, waar hij een vrolijke bruiloft meemaakte. Hij noemt de priester niet die het huwelijk sloot, maar het moet Willem van Tyrus zijn geweest.

***

Een verleidelijk werelds schouwspel dat het verdient om hier te worden vermeld, was de bruiloftsstoet die we op een dag zagen bij de haven van Tyrus. Alle christenen, mannen en vrouwen, hadden zich verzameld en stonden in twee rijen voor de deur van de bruid. Men bespeelde trots trompetten, fluiten en alle muziekinstrumenten, totdat zij trots tevoorschijn kwam, samen met twee mannen die haar rechts en links begeleidden alsof ze haar verwanten waren.

Lees verder “Een bruiloft in middeleeuws Tyrus”

Nog eens: de val van Tyrus

De kerk van Willem van Tyrus

Onlangs blogde ik over de val van Tyrus: hoe het leger van het Koninkrijk Jeruzalem de belangrijke havenstad wist te bemachtigen. De auteur van de Damascuskroniek, Ibn al-Qalanisi, oordeelde dat zowel de landsheer van Tyrus, de Fatimidische kalief, als de Seljukische emir Toghtekin van Damascus, die had toegezegd de stad te zullen verdedigen, tekort hadden geschoten. Uiteindelijk hadden de verdedigers zich moeten overgeven. Ze mochten op 8 juli 1124 de stad met hun roerende goederen verlaten.

Hetzelfde verhaal is te vinden bij Willem van Tyrus (ca.1130-ca.1185), die later aartsbisschop was in de stad en een beroemde kroniek van de Kruistochten heeft geschreven. De Nederlandse vertaling is van Gust de Preter en is hier in haar geheel te downloaden.

Lees verder “Nog eens: de val van Tyrus”

De val van Tyrus

De toren waarlangs de verdedigers van Tyrus de stad verlieten

Een van de belangrijkste bronnen over de Kruistochten is de zogeheten Damascuskroniek, samengesteld door de Arabische auteur Ibn al-Qalanisi (1070-1160). Die beschrijft hoe de Kruisvaarders, nadat ze Jeruzalem in 1099 hadden ingenomen, zich wendden tegen de havensteden waar ze, op hun weg naar het Heilig Land, in ijltempo aan voorbij waren gegaan. Toen de Kruisvaarders eenmaal vaste grond aan de voet hadden, keerden ze zich alsnog tegen deze steden. Ik vertelde al over de inname van Tripoli in 1109.

In 1124 stonden de legers van het Koninkrijk Jeruzalem voor de muren van Tyrus – lees hier hoe die eruit zagen. De Fatimidische kalief in Egypte was niet in staat iets te ondernemen en droeg de verdediging over aan de Seljukische atabeg van Damascus, emir Toghtekin. Qalanasi laat duidelijk merken dat de Arabische leiders onvoldoende deden om Tyrus te redden.

Lees verder “De val van Tyrus”

Tripoli in 1047

De laat-middeleeuwse fontein in de Vrijdagsmoskee van Tripoli

Nasir Khusrau, die eigenlijk Abu Mu’in Hamid al-Din Nasir ibn Khusrau ibn Harith al-Qubadiyani al-Marvazi heette en leefde van 1004 tot ca. 1080, was een Perzische dichter en filosoof. Hij was ook een ismaïli, wat betekent dat hij behoorde tot een destijds belangrijke sjiitische groep. Ik blogde daar al eens eerder over. In 1046, vertrok Nasir Khusrau vanuit zijn geboortestad, ergens in het noorden van het huidige Afghanistan, voor een reis naar Mekka. Hij ging verder naar Egypte, waar destijds een ismaïlisch kalifaat bestond, de Fatimiden. In Nasir Khusraus Safarname, “het boek der reizen”, doet hij verslag van zijn zevenjarige tocht.

In 1047 trok hij door wat nu Libanon heet. Zijn beschrijving is niet alleen waardevol omdat de auteur, net als zijn oudere tijdgenoot Ferdowsi, een van degenen was die het Perzisch als spreektaal propageerde, maar ook omdat hij vertelt hoe het Nabije Oosten er kort voor de Kruistochten uitzag. Zo beschrijft hij de stad Tripoli, die jarenlang werd belegerd door Raymond van Saint-Gilles en pas in 1109 werd ingenomen. De beschrijving van de stadsmuren en de ribats (een soort klooster-kastelen) maakt wel duidelijk waarom.

Lees verder “Tripoli in 1047”

De Europese canon (6-10)

Priester Hendrik, een van degenen die de rechten van de Hollandse boeren hielp overbrengen naar oostelijk Europa

Voilà: de derde aflevering van de reeks over de Europese canon. Nu we de Late Oudheid en de verantwoording hebben gehad, kunnen we beginnen met de Volle Middeleeuwen.

Democratisch bestuur

Periode: vanaf ca. 1000

Alternatieven: Althing, Magna Carta, Staten-Generaal, Defensor Pacis.

Het principe was simpel, daar in de landen langs de Noordzee: wie water deert, die water keert. Dat gaf iedereen een verantwoordelijkheid in de landverdediging en dus een stem. Nu was dat wat bewerkelijk en daarom kwamen er waterschappen en hoogheemraadschappen. Het was het begin van de representatieve democratie. Later namen de bewoners van de Lage Landen hun rechten mee naar het oosten, toen ze voorbij de Elbe nieuwe gronden ontgonnen.

Lees verder “De Europese canon (6-10)”

Een Europese canon

Cartoon, gezien in het Huis van de Europese Geschiedenis (Brussel)

Het is vandaag de Dag van Europa. Er zal ongetwijfeld wat officieels gebeuren dat me, ofschoon ik me wel degelijk verbonden voel met iets dat groter is dan Nederland, niet wezenlijk interesseert. Toch leek het me leuk er even aandacht aan te besteden – en wel door een lijstje te maken van zaken die de diverse mensen in Europa verbinden. Het is natuurlijk al eerder gedaan, door de onvergetelijke Pieter Steinz (Made in Europe), maar hij gooide een hele kaartenbak om en bood zo méér dan we konden behappen.

Uiteraard is Europa ondefinieerbaar, al liggen sommige thema’s voor de hand: het Vaticaan, de Académie des sciences, het Britse Parlement en de Preußische Kriegsakademie lijken me onbetwistbaar deel uit te maken van de institutionele kern. Turkije en Rusland liggen in de periferie maar horen er zowel geografisch als cultureel bij. Verschijnselen als stadsvorming, migratie en het neoliberalisme horen weliswaar bij Europa maar zijn ook daarbuiten te vinden. Ik zou niet zo snel een temporele afbakening kunnen geven, maar ik denk dat het moment waarop de eenheid van Latijnse taal en de Romeinse cultuur de pluriformiteit van de IJzertijdtalen en -culturen verving, een redelijk startpunt is.

Lees verder “Een Europese canon”