Archaïsch Italië en het vroegste Rome

Oriëntaliserende kunst uit Italië: edelsmeedwerk uit de Bernardini-tombe bij Palestrina (Villa Giulia, Rome)

Ergens rond 300 v.Chr., nadat het in de slag bij Sentinum de macht van zijn Italische rivalen had gebroken, maakte Rome zijn opwachting in de geschiedenis. Een middelgrote hellenistische staat. In de loop van de derde eeuw bevocht Rome zich echter een plek onder de grootmachten. Eerst versloeg het koning Pyrrhos, vervolgens brak het de macht van Karthago, daarna verenigde het Italië in een slecht gedocumenteerde strijd tegen binnenvallende Galliërs, weer later viel het de Balkan binnen en veroverde het Andalusië. Dat laatste in de Tweede Punische Oorlog ofwel de oorlog tegen Hannibal.

Daarvóór, in de vijfde en vierde eeuw, was Rome een van de vele Italische stadstaten. En dáárvoor, in de zesde eeuw, regeerden koningen. Daar weten we heel weinig van, al staat vast dat de Karthagers rond 500 v.Chr. Romes gezag over enkele Latijnse havensteden erkenden. Maar wat daaraan voorafgaat, is even legendarisch als pakweg de heerschappij van Theseus over Athene. Wat doe je daarmee, als je De Blois of Van der Spek heet en Een kennismaking met de oude wereld schrijft?

Lees verder “Archaïsch Italië en het vroegste Rome”

De stichting van Rome

Nijlpaard op een munt die Philippus Arabs sloeg ter herdenking van het duizendjarig bestaan van Rome (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

Het was in de IJzertijd niet ongebruikelijk dat mensen woonden op heuveltoppen en de vallei van de Tiber was geen uitzondering. Ook voor Rome is het gedocumenteerd: we weten dat er boeren woonden op de toppen van de Palatijn, Velia, Capitool en Quirinaal. Dat de Romeinen later dachten dat hun stad was gesticht door herders, is nog maar een eerste vergissing. Dat de stad was gesticht op 21 april is een volgend misverstand, ingegeven door het feit dat de Romeinen zich niets primitievers konden voorstellen dan herders en de herders in Latium op die dag een oud lentefeest vierden.

Wat in feite gebeurde is dat in de late negende eeuw v.Chr. de heuveltopdorpjes begonnen samen te werken. Een echo klinkt door in een opmerking van de Romeinse taalkundige Festus, die het woord Septimontium, “zevenheuvelenfeest”, moet verklaren en zegt dat

op zeven plaatsen offers werden gebracht: op de Palatijn, op de Velia, op de Fagutal, in de Subura, op de Germalus, op de Caelius, op de Oppius en op de Cispius.

Lees verder “De stichting van Rome”

Fietsen naar Thessaloniki: Via Appia

Terras van de Dianatempel van Aricia

De Romeinen bouwden de Via Appia in de laatste jaren van de vierde eeuw v.Chr. om Latium te verbinden met de Griekse steden van Campanië, zeg maar het achterland van het huidige Napels. Op de landkaart is dat een kaarsrechte lijn. Voorbij Campanië kronkelt de weg door de Abruzzen naar de havenstad Brindisi in de hak van Italië. Vanuit Rome leent het begin van de Via Appia zich uitstekend voor een bezoek: antiek plaveisel, oude grafmonumenten, catacomben, een kasteel, een villa. Er is een bushalte waarvandaan je terug kunt naar de stad, maar je kunt ook fietsen huren in Rome. Ik was er twee keer eerder geweest en beide keren had ik verder willen gaan langs de eindeloze weg. Nu had ik die mogelijkheid dan wel.

De Via Appia

De eerste kilometers gingen over antiek plaveisel maar na verloop van tijd nam eigentijdse functionaliteit het over van het monumentenbeleid en was de weg geasfalteerd. Ik begreep ineens hoe het Amerikaanse leger in juni 1944 over de Via Appia had kunnen oprukken van Anzio naar Rome en waarom ze uiteindelijk links- en rechtsaf waren gezwenkt. Zo fietsend bereikte ik de Albaanse Berg, de dode vulkaan ten zuidoosten van Rome waar de moderne weg even afwijkt van zijn antieke voorganger. Ik bekeek de krater, waarin het Albaanse Meer ligt, en fietste verder naar een tweede kratermeer, het Meer van Nemi.

Lees verder “Fietsen naar Thessaloniki: Via Appia”

Janus

Janus (Rome, Palazzo Massimo)
Janus (Rome, Palazzo Massimo)

Ik heb nu drie stukjes geschreven over de manier waarop we de Romeinen kennen: archeologie, vergelijkingen met andere volken, geschreven teksten. Het blijft echter lastig. Neem Janus, de god met het dubbele gezicht. Hij stond op de oudste Romeinse munten, bronsstukken van ruim drie ons die in geen enkele museumcollectie ontbreken. Elke keer als de Romeinen een offer brachten, begonnen ze met het aanroepen van Janus. Pas daarna deden ze het eigenlijke offer. Als titel had hij divom deus, wat heel oud Latijn is voor “god der goden”. Kortom, een beroemde god.

Lees verder “Janus”

Tweelingen

Grieks-Latijnse inscriptie ter ere van de Tweelingen uit Lavinium (Nationaal Museum, Rome).

Lavinium, het huidige Pratica di Mare, was een havenstadje in Latium, het gebied in Italië waarin Rome ligt. In de late zesde eeuw v.Chr. was hier een heiligdom, waar dertien altaren zijn opgegraven. Het hierboven afgebeelde stukje metaal was met twee nagels aan een van die stenen monumentjes vastgemaakt. Er staat, van rechts naar links, op te lezen

Castorei Podlouqueique
Qurois

Lees verder “Tweelingen”