Herodes Agrippa I in Nederland

De Rijnmonding, waar Herodes Agrippa I de Noordzee zag

Je zou Herodes Agrippa I een avonturier kunnen noemen. Geboren in 11 v.Chr. als kleinzoon van Herodes de Grote, leek hij te zijn voorbestemd voor de heerschappij over een deel van het Joodse koninkrijk, ware het niet dat zijn vader in ongenade viel en werd geëxecuteerd. Evengoed kreeg hij een nette Romeinse opvoeding aan het keizerlijk hof, want de banden tussen het huis van Herodes en de Julisch-Claudische dynastie waren nauw.

Paladijn

In 37 benoemde zijn jeugdvriend Caligula hem tot koning van de Golanhoogte en het zuiden van wat nu Syrië is. Pas na een jaar besloot de nieuwbakken vorst zijn koninkrijkje te bezoeken: in juni 38 verliet hij Rome. Via Alexandrië kwam hij aan in zijn hoofdstad Panias.

Lees verder “Herodes Agrippa I in Nederland”

Tacitus’ Germanen (6)

Das schwimmendes Moor: buitendijks hoogveen

[Onder de onheilspellende titel In moerassen en donkere wouden heeft de Nijmeegse classicus Vincent Hunink vertalingen samengebracht van alle teksten die de Romeinse historicus Tacitus wijdde aan de Germanen.

Daarover valt een hoop te zeggen. Dit is het zesde van zeven stukjes, waarmee ik u wil verleiden dat boek te lezen. Het is namelijk echt interessante materie. En nee, ik krijg voor deze blogstukjes – net als voor mijn reeksen over de Historia Augusta en Het leven van Apollonius – geen commissie.]

Waarom las, zoals ik gisteren beschreef, Tacitus saltus als silva? Waarom beboste hij de Betuwe en veranderde hij de Waddenzee in een fjordenlandschap? Het heeft alles te maken met de wijze waarop de Grieken en Romeinen naar de wereld keken. Hoewel ze wisten dat de aarde een bol was, droeg hun wereldbeeld nog sporen van het oudere idee van een schijf. Middenin woonden zijzelf, in een land dat werd omgeven door de Middellandse Zee. Wie die overstak, kwam in Afrika, Azië of Spanje, en wie daarvandaan landinwaarts trok, kwam vroeg of laat bij de buitenzee of Oceaan, die de aardschijf omspoelde.

Lees verder “Tacitus’ Germanen (6)”

Nehalennia

Nehalennia (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)
Nehalennia (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

Ik dacht: laat ik er eens een Romeinse godheid tussendoor doen. En welk lid van de bonte club van antieke bovennatuurlijke wezens ligt dan meer voor de hand dan onze eigen Nehalennia?

Lange tijd was ze alleen bekend van enkele in 1647 ontdekte reliëfs uit Domburg, die allemaal bij een brand verloren zijn gegaan, op drie na. Twee daarvan zijn te zien in het Zeeuws Museum en de derde in de Brusselse Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis. Van de verloren reliëfs bestaan tekeningen. Daarnaast waren er ooit twee reliëfs in Keulen, maar die overleefden de oorlog niet. Steeds was een vrouw in een lange jurk afgebeeld, meestal gezeten op een troon, met een mand appels op schoot. Soms een hond erbij, vaak een scheepje. Dat was de godin Nehalennia dus. Meer wisten we niet.

Lees verder “Nehalennia”

Hamlet de Deen

Runen-inscriptie: gedenksteen voor koning Sigtrygg

Eergisteren bezochten we de oude Vikingstad die in Duitsland Haithabu en in Denemarken Hedeby wordt genoemd. Ik adviseer de eerste naam te gebruiken, omdat de Deense /d/ onuitspreekbaar is.

Stad op de istmus

Het gaat om een grote, vroegmiddeleeuwse stad, omgeven door een ringwal (kijk maar), gelegen op de Deense istmus. Dat is de plek waar de afstand tussen de Oostzee en Noordzee het kortst is. De bewoners van Haithabu gebruikten ossenkarren om schepen van de ene naar de andere zee te slepen. Hier ligt ook de enorme muur die het zuiden van Jutland moest beschermen tegen de Saksen in noordelijk Duitsland, de Danevirke. Haithabu lag dus strategisch.

Enkele Vikinghuizen zijn herbouwd en er is een erg mooi, zeker te bezoeken, rustig museum, waar onder andere de oude technieken worden uitgelegd en wordt getoond tot waar handel werd gedreven: Byzantium in het verre oosten en in het westen Dorestad en de Frankische gebieden. Karel de Grote kon een muntstelsel invoeren dankzij het zilver dat hij via de Vikinghandelaren verwierf uit het Abbasidische kalifaat van Bagdad. Helemaal in het verre westen waren de Engelse steden de handelspartners van Haithabu.

Lees verder “Hamlet de Deen”

Bij de Elbe

zollenspieker_elbe_1
De Elbe bij Zollenspieker

Gistermorgen vroeg stonden we aan de Elbe, niet ver ten zuiden van Hamburg. Het was een prachtige najaarsdag: de zon scheen zacht, er was nauwelijks wind, het was kraakhelder en het was heel stil. Het enige geluid kwam van het veerpontje dat een enkele auto overzette. Een groot schip voer langs. De golven klotsten zachtjes tegen de steiger. Je kon zien dat het getij van de Noordzee het peil van de rivier nog wat kon verlagen en hogen. Het was prachtig.

Dit is ongeveer de plaats waar in het jaar 6 na Chr. generaal Tiberius (de latere Romeinse keizer) met een enorm leger aankwam om oorlog te voeren tegen een stam waarvan de Romeinen daarvoor nog niet hadden gehoord, zo ver leefden ze van de Rijn: de Langobarden. De Romeinse vloot, die over de Noordzee was komen varen, voegde zich hier bij de landmacht. Een van de officieren, Velleius Paterculus, zou later herinneringen ophalen aan zijn bezoek aan de Elbe.

Lees verder “Bij de Elbe”

De slag bij Flevum/Velsen

velsen_port_gs
De Romeinse vlootbasis van Velsen (Graham Sumner)

Je kunt het je maar moeilijk voorstellen als je bij Velsen door de Wijkertunnel rijdt, maar hier ligt het oudst bekende slagveld van Nederland: het is de plaats waar de Romeinen in de zomer van 28 de Friezen versloegen. En andersom, want de Romeinse tactische zege zou uitpakken als een strategische nederlaag.

Ooit waren de relaties tussen de Romeinen en Friezen – dat wil zeggen: de bewoners van wat nu Noord-Holland en Friesland heet – buitengewoon hartelijk geweest. Omstreeks 15 v.Chr. hadden de Romeinen de legioenen waarmee ze Gallië hadden veroverd verplaatst naar de Rijn, om daarvandaan een agressieve Germaanse stam te bestrijden die leefde in het noordelijke Roergebied. Deze Sugambren werden van alle kanten aangevallen: vanuit Mainz in het zuiden, vanuit Xanten in het westen en vanaf 12 v.Chr. uit het noorden over de rivier de Eems. Om die te bereiken, moest de vloot van de Romeinen varen over nog onbekende wateren, waar ze tot hun schrik werden geconfronteerd met het in de Middellandse Zee onbekende verschijnsel van eb en vloed. De Friezen redden hen toen het leven.

Lees verder “De slag bij Flevum/Velsen”