
[Dit is het vijfde van acht blogjes over het Colosseum in Rome. Het eerste was hier.]
Ik vertelde in het derde blogje dat een dag in het Colosseum begon met jachtpartijen, vervolgde met executies en eindigde met gladiatoren. In de twee vorige blogjes beschreef ik de jacht en de executies. Nu is het tijd voor de gladiatoren.
Ooit, toen het geloof nog bestond dat de geesten van de doden gunstig werden gestemd met mensenbloed, offerden de ouden bij uitvaarten gevangenen of slaven van geringe kwaliteit, die voor dat doel werden aangeschaft.noot
Deze theorie van de christelijke auteur Tertullianus wordt bevestigd door Nikolaos van Damascus. De hieronder geciteerde woorden veronderstellen dat de ziel van de gestorvene gezelschap krijgt van de gedode gladiator. Dat is althans de enige manier om te verklaren waarom iemand bij testament bepaalt dat zijn geliefden op leven en dood moeten strijden:
De Romeinen organiseerden het optreden van gladiatoren, een gewoonte die ze hadden overgenomen van de Etrusken, niet alleen bij volksfeesten en in theaters, maar ook bij feestmalen. Althans, bepaalde mensen nodigden vaak hun vrienden uit voor het eten, voor ander vermaak, maar ook om twee of drie paren gladiatoren te zien. Wanneer ze dan genoeg gegeten en gedronken hadden, riepen ze de gladiatoren binnen. En zodra iemands keel was doorgesneden, klapten ze daarover van plezier in hun handen. En zelfs heeft wel eens iemand in zijn testament bepaald dat de mooiste vrouwen die hij had gekocht een tweegevecht moesten leveren, en een ander dat jongens, zijn lievelingsknaapjes, dat moesten doen.noot
Etrusken en Campaniërs
We hebben Nikolaos’ woord voor de Etruskische herkomst van de gladiatorengevechten, maar er zijn nog andere aanwijzingen: iemand die verkleed ging als de Etruskische doodsdemon Charu sleepte de lijken van de gedode krijgers weg, en de naam van de eigenaar van een groep gladiatoren was lanista, een Etruskisch woord.
Afdoende zijn zulke argumenten niet. Even aannemelijk is – zoals Svenja Fabian-Grosser op deze blog al eens heeft verteld – dat de eerste beroepsvechters uit Campanië kwamen en dat hun bloedige activiteit is voortgekomen uit de Griekse boks- en worstelwedstrijden, waarbij het ook niet zachtzinnig toeging. Daarop duidt bijvoorbeeld dat Campaanse graven vanaf de vierde eeuw werden versierd met afbeeldingen van gladiatoren. Zulke schilderingen zijn momenteel te zien op de Paestum-expositie in het Rijksmuseum van Oudheden.

Ook zijn in Campanië de eerste amfitheaters gebouwd en zouden nog eeuwenlang sommige gladiatoren worden aangeduid als “Samnieten”, naar het buurvolk van de Campaniërs. Er valt dus niet alleen voor een Etruskische maar ook voor een Campaanse herkomst iets te zeggen.
Romeinse gladiatoren
Wat de herkomst echter ook zij: het is zeker dat in Rome in 264 v.Chr. de eerste gevechten plaatsvonden. Drie paar strijders vochten toen ter gelegenheid van een begrafenis. Algauw waren de Romeinen verslaafd aan het spektakel. In de late republiek waren er al voldoende gladiatoren in de stad om politici als lijfwacht te dienen.
Gladiatoren werden meestal gerekruteerd uit de beschikbare krijgsgevangenen en veroordeelden, maar zij waren niet de enigen. Want ook al waren gladiatoren hun leven niet zeker, het waren wel echte kerels en Romeinen die hun mannelijkheid wilden etaleren – vrijgelatenen, vrijgeborenen, ridders, zelfs senatoren – traden op in de arena. Er waren ook gladiatrices, waarover Svenja Fabian-Grosser al heeft geschreven. Het schandalige én aantrekkelijke van zulke optredens was niet zozeer dat er vrouwen in de arena stonden, maar dat het ging om leden van de elite. Hier werd de sociale hiërarchie, die op de tribunes zo punctueel in stand werd gehouden, omgekeerd.
Gladiatoren in opleiding
De gladiator volgde een opleiding bij een docent die doctor heette. Die zorgde ervoor dat ze zich konden specialiseren. Elke strijdwijze stelde andere eisen aan de krijgers. Zo was er de al genoemde Samniet, die een zwaard en een ouderwets, lang schild droeg. De murmillo droeg een andere helm maar was verder hetzelfde uitgerust. Thraciërs vochten met een kromzwaard en droegen een rond schild, terwijl retiarii probeerden hun tegenstanders in een net te vangen en met een drietand te doden. Laquearii en dimachaeri, strijders die waren uitgerust met lasso’s en met twee korte zwaarden, waren een innovatie uit de tweede eeuw na Chr. Andere gladiatoren waren opgeleid voor ruitergevechten of hadden geleerd te strijden vanuit strijdwagens. Het optreden van andabatae was komisch bedoeld: zij droegen helmen zonder kijkgaten en moesten dus in den blinde vechten.

Voor zover bekend waren er in Rome vier gladiatorenscholen. Een ervan, de Ludus Magnus, lag ten oosten van het Colosseum. De bakstenen ruïne is nog te zien tussen de Via Labicana en de Via S. Giovanni in Laterano. De aanwezigheid van een tribune suggereert dat het bekijken van de trainende gladiatoren een populair tijdverdrijf was, want er waren 3000 zitplaatsen. Hier kregen de gladiatoren op de avond voor hun optreden het galgenmaal geserveerd.
In de buurt stonden andere gebouwen die met het Colosseum te maken hadden, zoals de kazerne van de zeelieden die het zonnescherm boven het amfitheater bedienden, een gladiatorenziekenhuis, een opslagplaats voor de kunstig bewerkte wapens, een bouw- en opslagplaats voor decorstukken en natuurlijk een lijkenhuis.
Strijd
De redenaar die bekendstaat als Pseudo-Quintilianus beschrijft als enige antieke auteur de gevechten vanuit het perspectief van een gladiator. Ik blogde er al eens over en u moet het daar maar even teruglezen. Na een inspectie van de wapens begon de strijd. Meestal ging het om tweegevechten, bijvoorbeeld een Thraciër tegen een murmillo, al waren veldslagen tussen groepen gladiatoren niet uitzonderlijk.
De duels vonden plaats volgens zulke strikte regels dat we ze het beste kunnen beschouwen als rituele gevechten. Voortdurend zagen scheidsrechters erop toe dat de deelnemers aan het bloedige ballet zich hielden aan de voorschriften. Deden ze dat niet, dan wachtte hun de trage kruisdood en de zekerheid dat ze nog weken de prooi zouden zijn van honden en vogels. Gekruisigden werden zelden begraven en hun zielen zouden volgens de antieke geloofsopvattingen blijven spoken. Een gladiator had dus reden om sportief te vechten.
De gevechten gingen door tot iemand dodelijk was getroffen of het moment van missio. Dat was de militaire term voor ontslag, wat voor gladiatoren inhield dat de organisator hen terugstuurde naar de kazerne. Gevechten met missio waren gebruikelijker dan sine missione, al was het maar omdat het zonde van het geld zou zijn als na elke voorstelling de helft van de deelnemers was omgekomen. Meestal werd dus gestreden tot er bloed vloeide of een van de krijgers opgaf.
Dood
Als tot het bittere einde werd gevochten, brak vroeg of laat het moment aan waarop een krijger op de grond lag en zijn tegenstander hem met één stoot of slag kon doden. Ook voor het eindspel bestonden duidelijke regels. De verslagene diende degene die de show aanbood – in het Colosseum de keizer – genade te vragen door zijn hand op te steken of een knie te buigen. De keizer maakte daarop met een handgebaar zijn wensen kenbaar. Wim van Broekhoven heeft daarover al eens geschreven.
Wanneer de verslagen strijder moest sterven, diende hij zijn hoofd naar achteren te buigen, zodat de overwinnaar met één stoot zijn keel kon doorboren. Cicero had groot respect voor de moed waarmee gladiatoren hun dood aanvaardden, en uitte die bewondering in de onderstaande woorden:
Hoeveel klappen incasseren de gladiatoren niet, verlopen sujetten of barbaren die het zijn. Juist zoals zij die goed onderlegd zijn, willen zij liever een klap krijgen dan zich op een schandelijke manier daaraan onttrekken. Hoe dikwijls blijkt niet dat zij niets liever willen dan ofwel bij hun meester in de smaak vallen ofwel bij het volk. Zelfs als zij met wonden overdekt zijn, sturen zij nog iemand naar hun meester om te vragen wat hij van hen verlangt. Als die vindt dat het genoeg is, zijn zij bereid te sterven. Welke gladiator van zelfs maar middelmatige kwaliteit heeft ooit gekreund of een spier van zijn gezicht vertrokken? Wie is ooit tot zijn schande blijven staan of zelfs bezweken? Wie heeft ooit zijn nek ingetrokken als hij bezweken was en hemde genadesteek werd aangekondigd? Zoveel vermag oefening, voorbereiding en gewoonte.noot
Er zijn verschillende Romeinen bekend die, wanneer ze wisten dat ze vermoord zouden worden, hun keel aanboden en als een gladiator de doodsklap afwachtten: keizer Galba bijvoorbeeld en Cicero zelf.

Toegift
De gladiator die een duel had gewonnen, was nog niet zeker van zijn leven, want soms schreeuwde het publiek om meer en moest hij zich nogmaals bewijzen. Als hij tijdens de toegift werd verslagen, werd zijn leven meestal gespaard. Maar niet altijd:
Keizer Caracalla dwong een zekere Bato om op één dag met drie mannen achter elkaar een gevecht te leveren, en toen Bato door de laatste was gedood, eerde hij hem vervolgens met een prachtbegrafenis.noot

Om zeker te zijn dat de gladiator werkelijk was gestorven, werd hij gebrandmerkt. Op een brancard werd hij weggedragen. Ergens anders in de arena werd de overwinnaar bedolven onder het applaus der tienduizenden. Waarschijnlijk hoorde hij het met gemengde gevoelens aan: opgelucht over het feit dat hij de dag had overleefd, ontdaan over de dood van degene met wie hij in de kazerne lief en leed had gedeeld.
Zelfde tijdvak
Domitianus in Nijmegenmaart 14, 2020
Het christendom van Constantijn de Groteapril 10, 2022
Domitianus (12): Titusjanuari 5, 2022

Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.