De gladiatoren van Halikarnassos

Gladiatrices op een reliëf uit Halikarnassos (British Museum, Londen)

Het bekende, hierboven afgebeelde reliëf van de twee vrouwelijke gladiatoren Amazon en Achillia (te zien in het British Museum te Londen) en een ander, even beroemd reliëf, dat van de secutor Hilaros, komen allebei uit Bodrum, het antieke Halikarnassos. Het zijn echter niet de enige gladiatorenreliëfs uit deze stad. Tijdens mijn bezoek aan het kasteel van Bodrum, waar ook het Archeologisch Onderwater Museum is gevestigd, zag ik nog vijf andere reliëfs waarop gladiatoren of gladiatorenwapens zijn te zien. Ze staan allemaal buiten, verspreid over een tuin waar ook andere stèles en zuilfragmenten zijn te zien. Helaas stond nergens een bordje met informatie over vindplaats en datering.

Vijf gladiatoren uit Halikarnassos

Het eerste reliëf dat ik tegenkwam, was van een zogeheten scissor ofwel, in het Grieks, een arbelas, die in zijn linkerhand geen schild draagt maar een mes in de vorm van een lunula (halve maan). Het valt niet uit te maken of hij een maliënkolder, een lorica squamata of alleen een tunica draagt. Dit reliëf heeft dezelfde dimensies als de reliëfs van Amazon en Achillia en van Hilaros. Ook staat hij in dezelfde aanvalshouding als Amazon en Hilaros, maar zijn tegenstander ontbreekt.

Lees verder “De gladiatoren van Halikarnassos”

Gladiator II

(© 2024 Paramount)

Er is een nieuwe oudheidkundige film in de bioscoop, Gladiator II. Of, zoals de makers het niet ongeestig spellen, GladIIator. Deel één ben ik ooit samen met classica Simone Mooij wezen kijken en we liepen destijds de bioscoop uit met het gevoel dat de film precies dat bood wat ook de mensen destijds naar het amfitheater bracht: het geweld. En anders dan bijvoorbeeld de films van een Sam Peckinpah (Straw Dogs of Cross of Iron) had Gladiator daarover niets te melden. Het geweld was er en dat was dat. Dat is niet erg, maar de overeenkomst tussen Romeins en hedendaags amusement frappeerde Simone en mij.

En nu dus Gladiator II. Een journalist belde me gisteren met de vraag wat ik ervan vond. Nou daarvan vond ik niks, want ik had die film nog niet gezien en ik had er ook geen tijd voor. Maar had ik een quote? Nou nee, ook die had ik niet. Maar ik had wel een antwoord. Namelijk dat historici beter geen oordeel over historische films kunnen geven.

Lees verder “Gladiator II”

Het Colosseum (8): protest

Seneca was nooit in het Colosseum, maar protesteerde tegen de barbaarsheid (Neues Museum, Berlijn)

[Dit is het laatste van acht blogjes over het Colosseum in Rome. Het eerste was hier.]

Slechts weinigen protesteerden tegen de bloederige jachtpartijen, executies en gevechten in het Colosseum. Enkele christelijke auteurs ontrieden hun geloofsgenoten de gang naar het amfitheater omdat ze het vermaak als heidens beschouwden, wat iets anders was dan een veroordeling van het spektakel als zodanig. Bovendien werd hun raad in de wind geslagen: de al genoemde nieuwsgierigheid van een Alypius is representatief.

Seneca over gladiatoren

Daarnaast waren er filosofen die protest aantekenden tegen de onmenselijkheden, zoals Seneca, die overigens in 56 na Chr. zelf spelen had georganiseerd:

Lees verder “Het Colosseum (8): protest”

Het Colosseum (7): Commodus

Commodus als Hercules Romanus (Capitolijnse Musea, Rome)

[Dit is het voorlaatste van acht blogjes over het Colosseum in Rome. Het eerste was hier.]

Gladiatoren waren zó populair dat keizer Caligula eens vaststelde dat het volk hun meer eer bewees dan hem. Verschillende vorsten (Caligula, Nero, Titus, Hadrianus, Lucius Verus, Commodus, Didius Julianus, Caracalla, Geta) trainden daarom in de kazerne. Niet alleen cultiveerden ze zo een mannelijk imago, maar ook straalde zo iets van de reputatie van de gladiatoren af op hen. Welbeschouwd is het niet vreemd dat Commodus probeerde zijn populariteit op te vijzelen door het niet bij trainen te laten, maar ook in het openbaar op te treden als jager en gladiator.

Eerst presenteerde hij zich aan het volk als Romeinse Hercules. Bij officiële gelegenheden liep hij met een knots in de hand en een leeuwenhuid over het hoofd (zie boven). Hij kan goede redenen hebben gehad zich zo te profileren, want destijds gold de heerserscultus als middel om een etnisch heterogene samenleving te verenigen. Caligula en Domitianus hadden zich op soortgelijke wijze gepresenteerd.

Lees verder “Het Colosseum (7): Commodus”

Het Colosseum (6): populaire gladiatoren

Muziek zoals ook in het Colosseum uitgevoerd moet zijn (Villa Dar Buc Ammera)

[Dit is het voorvoorlaatste van acht blogjes over het Colosseum in Rome. Het eerste was hier.]

De meeste Romeinen waren dol op gladiatorengevechten. Velen gingen geheel op in deze demonstraties van mannelijkheid, kracht en onverschrokkenheid, zoals de Romeinse geschiedschrijver Tacitus aangeeft:

Hoeveel zijn er nog, die thuis over iets anders kunnen spreken? En waarover hoor je jonge mannen praten als je hun schoollokalen binnenloopt?noot Tacitus, Dialoog over de welsprekendheid 29.3.

Mannelijkheid, kracht en onverschrokkenheid: het waren de eigenschappen waarvan de Romeinen vonden dat zij er in royale mate over beschikten en er hun imperium aan dankten. Het bijwonen van gladiatorenshows gold als een manier om aan de dood te wennen, wat tijdens een veldslag van pas kwam. Weliswaar kwam ten tijde van keizer Tiberius de expansie van het rijk tot stilstand, maar de ideologie bleef bestaan. Konden de Romeinen hun stoerheid niet etaleren aan het front, dan konden ze hun onverschrokkenheid tonen door de dood in de arena gade te slaan.

Lees verder “Het Colosseum (6): populaire gladiatoren”

Het Colosseum (5): gladiatoren

Gladiatoren (Villa Dar Buc Ammera)

[Dit is het vijfde van acht blogjes over het Colosseum in Rome. Het eerste was hier.]

Ik vertelde in het derde blogje dat een dag in het Colosseum begon met jachtpartijen, vervolgde met executies en eindigde met gladiatoren. In de twee vorige blogjes beschreef ik de jacht en de executies. Nu is het tijd voor de gladiatoren.

Ooit, toen het geloof nog bestond dat de geesten van de doden gunstig werden gestemd met mensenbloed, offerden de ouden bij uitvaarten gevangenen of slaven van geringe kwaliteit, die voor dat doel werden aangeschaft.noot Tertullianus, De schouwspelen 12.2.

Deze theorie van de christelijke auteur Tertullianus wordt bevestigd door Nikolaos van Damascus. De hieronder geciteerde woorden veronderstellen dat de ziel van de gestorvene gezelschap krijgt van de gedode gladiator. Dat is althans de enige manier om te verklaren waarom iemand bij testament bepaalt dat zijn geliefden op leven en dood moeten strijden:

Lees verder “Het Colosseum (5): gladiatoren”

Het Colosseum (2): bezoekers

Het Colosseum

[Dit is het tweede van acht blogjes over het Colosseum in Rome. Het eerste was hier.]

De bouw van het Colosseum (de naam is niet authentiek) was vooral een politieke daad. Door het te bouwen op de plaats waar ooit het Gouden Huis van Nero had gestaan, begon Vespasianus de herinnering aan zijn voorganger uit te wissen. Maar al wilden Vespasianus’ bouwkundigen breken met Nero’s projecten, het lukte niet helemaal. De hoofdas van het amfitheater viel samen met de door Nero aangelegde Heilige Weg. Maar wellicht was dat tóch de bedoeling, want het Colosseum stond nu precies achter de tempel van de vergoddelijkte Julius Caesar. De nieuwe dynastie leek zo als het ware de vorige te overtreffen: een duidelijk signaal.

Dat werd opgepikt door de dichter Martialis, die debuteerde met een boek vol puntdichten over het amfitheater:

Waar nu de Colossus naar de sterren blikt,
daar stond ooit het huis van een boosaardig heer.
Rome was destijds door één huis ingepikt.
Middenin was toen het keizerlijke meer;
tegenwoordig staat het Colosseum daar.
Op de plaats waar nu de nieuwe Thermen staan
lagen de vertrekken van die moordenaar.
Iedereen kan nu naar bad en spelen gaan,
Rome is de stad van de Romeinen weer
en niet alleen van Romes heer.noot Martialis, De schouwspelen 2.

Lees verder “Het Colosseum (2): bezoekers”

Het Colosseum (1): de bouw

Het Colosseum

Ik kondigde een tijdje geleden aan dat ik het zou hebben over het Colosseum, het enorme amfitheater in het midden van Rome. Zo’n gebouw – ik bedoel een amfitheater – diende  voor jachtpartijen, executies en gladiatorengevechten en had, zoals de naam eigenlijk al aangeeft, het uiterlijk van een dubbel theater. Deze bouwvorm is ontstaan in Campanië, waar in de tweede eeuw v.Chr. op verschillende plaatsen zulke houten executieschouwburgen verrezen. Vanaf de tijd van Sulla werden ze opgetrokken uit steen, zoals dat van Pompeii. Rome deed vooralsnog niet mee aan deze mode, want daar bleef het Circus Maximus in gebruik voor gladiatorengevechten. Ook het Forum bleef ruimte bieden aan deze vorm van vermaak en nog ten tijde van Julius Caesar zijn daar onderaardse gangen aangelegd om wilde dieren naar hun dood te laten lopen.

In 34 v.Chr. begon een generaal van Octavianus, Titus Statilius Taurus, met de constructie van het eerste Romeinse amfitheater. Het moet op het Marsveld (Campus Martius) hebben gestaan en was waarschijnlijk niet zo groot, want onze bronnen vermelden dat Augustus zijn gladiatorenshows bleef organiseren in het Circus Maximus. Pas met de bouw van het Colosseum, waarmee in 71 na Chr. werd begonnen, kreeg deze vorm van amusement een eigen plaats.

Lees verder “Het Colosseum (1): de bouw”

Dikke gladiatoren (4): Besluit

Reliëf van twee gladiatoren uit Maastricht (Limburgs Museum, Venlo)

Als ik de vorige drie stukjes mag samenvatten: eerst was er de voorbarige aanname van de onderzoekers van de gladiatorenbotten uit Efese dat gladiatoren dik waren. Die belandde vervolgens in een tentoonstellingscatalogus die gepubliceerd werd voordat het onderzoek was afgerond. Daarna haalde het idee een archeologisch tijdschrift en daarvandaan verspreidde idee zich naar de blogosfeer en dus het algemene publiek. De eigenlijke onderzoeksresultaten kwamen nooit verder dan de wetenschappers.

Sommige blogartikelen, geschreven voor specialisten, verwijzen wél naar het laatste onderzoek, maar richten zich nog steeds op de theorie van dikke gladiatoren, en weerleggen de ideeën over de mollige strijders. Helaas hebben Kanz en Grossschmidt nooit expliciet vermeld dat de gladiatoren geen strikt vegetarisch of veganistisch dieet hadden, waardoor ze de moderne misvatting over gladiatoren ruim baan gaven.

Lees verder “Dikke gladiatoren (4): Besluit”

Dikke gladiatoren (3): Discussie

Gladiatoren op een beker uit Nijmegen (Valkhofmuseum)

Over de claim dat gladiatoren dik waren, zo onhandig naar voren gebracht en in wetenschappelijke literatuur nooit meer herhaald, ontspon zich een interessante discussie op de plek waar het publiek er kennis van neemt: het internet.

Verwoestende wapens

Om te beginnen was er Ben Millers blog over alles wat te maken heeft met schermen, “Out of this Century”. Daar analyseerde gastauteur David Black Mastro in 2010 de dikke-gladiator-theorie. Hij verwierp de aanname dat onderhuids vet een bescherming zou zijn tegen snijwonden, omdat dit “de verwoestende aard van antieke blanke wapens” zou negeren.

Lees verder “Dikke gladiatoren (3): Discussie”